Een uitgave van de Heemkundekring m m. v de Gemeente Schijndel 2003



Dovnload 2.05 Mb.
Pagina82/121
Datum22.07.2016
Grootte2.05 Mb.
1   ...   78   79   80   81   82   83   84   85   ...   121

PAPENDIJK


Aen den Bors geheiten metten gemeinden naem Papendijck ene zijde Groot Ghasthuys van Den Bossche 1543 (RA 43 fol.72).

De dijk richting kerk of pastorie, mogelijk identiek aan Kerkendijk?


PAPENHEIDE

Papenheide N.1881; A 358 (b: 1.16.80).



De benaming 'paap' werd in de Middeleeuwen veelal gebruikt voor aanduiding van de pastoor van de parochie. Ook werd die 'persoen' genoemd. Landerijen die bezit waren van de pastoor resp. de pastorie werden al spoedig 'Papenland' genoemd vgl de Papenkampen aan de Steeg.
PAPENHOFSTAD

Een hofstad genaamd Papenhofstat 1316 (HGB).

De hofstad van de Paap of dorpspastoor.
PAPENKAMP(EN)

In Lobbenhoef beneven erve den convent of cloester des Abts van Berss genoempt gemeynlick sPapencampen by de kerck aldaer (deels Heeswijks grondgebied) 1581 (RA 54 fol.124v); twee stucken teulants met een houtboske ende een stuxken lants daar aan gelegen aent Oetelaer gemeijnlick genaemt de Papenkamp 1686 (RA 131 fol.173v); Papecampe 1740 (RA 155 fol.178); vier off vijff off ses karren hooijgewas op de Steegt genaamt den Papenkampke oostwaarts den Blakkencamp 1747 (RA 104 fol.122); verpachting van de vier Paapecampen leggende binnen den dorpe van Schijndel teijnen de Steegt 1789 (RA 356 z.f.); twee derde gedeelten in een houtbosch onder Schijndel aan de Breestraat, west de Papencamp, zuyd de Kerkkamp 1802 (RA 136 fol.81v); Papenkampen onder Weibosch 1816 (GA 141); drie percelen hooi- en weiland en een boschland onder Weibosch genaamd de Papenkampen N.1819; Papenkamp N.1898; E 137 - 147.

Vermoedelijk is hier de pastoor van Heeswijk bedoeld, waarvan diverse percelen onder sectie E lagen.

PAPENMUTS


Twee parceeltjes aen het Velthecken bij Peter Damen gelegen van ouds genaemt het Papenmuts 1709 (RA 148 fol.82v).

Een perceelsvormaanduiding misschien nl. de uiterlijke vorm van een pastoorssteek?


PAPENPAD

Den Broecsenacker aen sPapenpeyken 1450 (HGB); bouwland onder den Borne metten gemeijn name genoemt den Kerckac­keren of sPapenpat belent den gemeijnen wech totten gemeijnen Broexendijc 1571 (CvB).



Vgl. de naam Papenheide etc.; paap is een oudere benaming voor een rooms priester i.c. de pastoor van het dorp.
PAPENTIEND

In de Papethiende 1687 (RA 142 fol.167v); op d’Acker genaemt de Papethiende 1712 (RA 149 fol.23); aen de Langhegge in de Papetiende 1715 (RA 99 fol.45v); de Papentiend 1757 (JW); in de Papentiend 1783 (HH 153); Paapenthiendt aan den Binnenpadt 1802 (RA 181 fol.45); Papen­tiend onderWeibosch 1816 (GA 141); Papentiend 1832 (kad.); D 225 - 320; Papentiend 1833 (GA41); D 315 (b: 38.00); de Papentiend N.1835; D 254 (b: 09.00), 259 (hu: 01.38 ).



De tienden toebehorende aan de pastoor. Ook wordt gesproken van Pastoorstiend en Pepertiend, het gebied tussen de Markt en het Nederlands Hervormd Kerkje en verder richting Akkerstraat.
PAPETER

Seven ackerkens teulants aen malcanderen in den Aerdenburg genaemt Papeeter 1718 (RA 150 fol.39).

De dubbele ‘ee’ is verwarrend. Betreft het een spotnaam voor iemand die veel pap eet; is het een verwijzing naar de vruchtbaarheid van het perceel of heeft het iets te maken met de Paap of dorpspastoor? Of bedoelde men ‘pater’ te schrijven? Dubieus!
PARALELWEG

De Prelweg (vm).

De verbindingsweg tussen het voetbalveld van het oude Schijndel­terrein en de Koeveringsedijk; hij liep parallel aan de spoorlijn (vm 26). Op veel plaatsen kent men een Spoorlaan of Parallelweg.

PAS


Ex hereditatem van den Pas 1783 (HH 165d); item ex bonnario prati in magno manso Pasch 1783 (HH 165d).

Pas, in oudere vormen ‘pasch of pesch’ en verkleinwoord ‘peske’ is efgeleid van het lat.* ‘pascuum’= weide. Volgens Lindemans gaat het om een open weiland in een woest veld met hier en daar kleine bosjes en bomengroepen. Het mnl. pas of passe is ook doorgang, toegansweg, verbindingsgracht. In de laatste notitie gaat het om een grote hoeve met de naam Pas.




PASSEKAMP


Passchecamp 1545 (RA 43 fol.112).

Vermoedelijk de kampontginning bij de hoeve de Pas.


PASTOORSKOOP

Pastoorskoop (vm); (C) 2413, 2417.



Een nieuw perceel afkomstig van Dobbelsteen uit Heeswijk (vm.22)
PASTOORSTIENDE

De helft van een land in Pastoorstiend 1596 (RA 58 fol.80); in die Gemeyn Eckeren in Pastoirstiende 1608 (RA 61 fol.70v); uit een akker aan 't Wijbosch in Pastoorstiende 1634 (IS 45); anderhalf hont saetlants ondert Wijbosch in Pastoirsthiende 1662 (RvS 13); huijs met sijn aengelach met noch een stucxken lants in Pastoirs­thiende ontrent de Kercke gelegen groot twee hont 1662 (RvS 12); Pastorijethiende 1682 (RA 271); in de Pastorijethiende 1690 (RA 271 fol.53); een perceel teelland gelegen onder Lutteleijnde in Pastoorstiend 1807 (RA 300).



Het gaat hier om een tiendcomplex of tiendblok, deel uitmakend van de oude dorpsakker. Dat betrof dus meerdere percelen die gezamenlijk tiendplichtig waren. De 10e opbrengst in geld of natura kwam toe aan de pastoor of het kerkbe­stuur i.c. de kerkmeesters. Het complex noemde men ook Papentiend of Pepertiend.

PASTOOR VAN DOORN


Bosch op Meildoorn voor het perceel van Pastoor van Doorn 1910 (HB 1528 fol.6a) B 776.
PASTOORSWEI

Pastoorswei onder Weibosch 1816 (GA 141).



Eigendom van mijnheer pastoor of van het kerkbestuur.
PASTOOR VAN KESSELBOS

Pastoor van Kesselsbosch N.1897; A 1469 - 1474, 1517 (hh, og. we: 1.57.10).



Eigendom van de toenmalige pastoor van Kessel.

PASTORIE

Eenen acker groeslants vierdalff loopense onder Lutteleijnde in de Buunder ene zijde de Pastorije aldaer 1694 (RA 94 fol.97v); huysinge esthuys besloten hoff schoppe boomgaert ende annexe landerijen groot te samen met alle sijnen houtwasch ende gerechticheijt twe mergen gronde neffens de Pastorije 1695 (RA 94 fol.159v); in de Straat tegenover de Pastorije 1697 (RA 95 fol.92); het lant off braexken tegens over de Pastorije aende Putsteegde 1719 (RA 150 fol.115v); verpachtingen van de Pastorie in 1721 (RA 100 fol.121) en 1736 (RA 101 fol.104); een huis naast de Pastorie 1757 (RB 10 fol.239); de Pastorie aan de Heikant 1762 (RB 12 fol.374); voornemen van de regenten tot het bouwen van een nieuwe Pastorijhuysinge tot wooninge van den predicant alhier op twee ackerkens teullant in de Pastoirstiendt 1774 (RA 349 map 3); pertinente staat van de Roomsche Kerkschuur en pastoorswoning of pastoreele huysinge 1793 (RA 385 map 7).

Hier is bedoeld de pastorie behorende bij de schuurkerk en die van de predikant bij het huidige Hervormd Kerkje.
PASTORIJLAND

In de Larystraet Pastorijelant 1688 (RA 142 fol.183); in de Voorste Beemde ene zijde het Pastorijlant andere zijde seeckere Dijck toebehoorende de Kercke aldaer 1710 (RA 98 fol.42) – vgl. Kerkendijk.

Toebehorend aan de pastoor of pastorie of behorend tot het pastoorsambt.
PASTORIJTIEND vgl. Pastoorstiend
PATER

Den hoijcamp genoemt den Pater 1695 (RA 233.3); den Paeter 1701 (RA 234.3); eenen camp hoylants onder Elschot genaemt de Pater 1733 (RA 153 fol.148); een halven camp hooylands ontrent eenen halven mergen ter plaatse genaamt op de Steegt onder het Elschot genaamt de Paater 1747 (RA 104 fol.129v); de Pater in Elschot 1816 (GA 141); een perceel hooi- en weiland onder Elschot in Baksdijk genaamd de Pater 65 roeden N.1820.


PATERS­KAMP

Eenen hoycamp genoemt Paterscamp 1599 (RA 59 fol.146v); onder het Elschot genaemt Paterscamp 1688 (RA 92 fol.20); van huere vant Paterscampken 1623 (RA 66 fol.37); ex hereditatem in Elschot dictam Paterscamp op de Steegt 1783 (HH 88);



In eigendom (geweest) van een priester of pater.Gezien de vroege vermelding lijkt het niet te verwijzen naar de paters uit het Bossche Kruisbroedersklooster die pas na de val van Den Bosch tijdelijk in Schijndel kwamen wonen....of het moet zijn dat dat klooster al veel eerder bezittingen had in Schijndel.



1   ...   78   79   80   81   82   83   84   85   ...   121


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina