Eindverslag inspraak aanpassing Route Gevaarlijke Stoffen Overzicht van de gevolgde inspraakprocedure



Dovnload 65.21 Kb.
Datum24.08.2016
Grootte65.21 Kb.


RMW/MIL




Eindverslag inspraak aanpassing Route Gevaarlijke Stoffen




















Overzicht van de gevolgde inspraakprocedure.


Het besluit van de Raad d.d. 25 januari 2006, waarbij de nieuwe Route Gevaarlijke Stoffen in ontwerp werd vastgesteld conform routekaart A, is op 15 februari 2006 algemeen bekend gemaakt door plaatsing in de ‘Deventer Nu’ pagina’s van het huis-aan-huisblad Deventer Post. Daarbij is aangegeven dat belanghebbenden hun zienswijze over het ontwerp schriftelijk of mondeling konden inbrengen in de periode van 16 februari tot en met 29 maart 2006. In dat kader zijn de stukken actief naar 24 betrokken overheidsorganen en belangenroepen toegestuurd. Voorts is op 28 februari 2006 in sport- en recreatiecentrum De Scheg een hoorzitting gehouden, waar het besluit is toegelicht door de wethouder Milieu en gelegenheid is gegeven voor het inbrengen van mondelinge zienswijzen.




Ingekomen telefonische opmerkingen.

  • op 15 februari 2006 vraagt de heer Kool van de bewonersvereniging Kamille/Sleutelbloem of alle bewoners van de wijk hierover persoonlijk een brief ontvangen hebben

  • op 16 februari 2006 bericht de heer Donker van de gemeentelijke brandweer Raalte dat het voorstel geen implicaties heeft voor de gemeente Raalte. Voor hem is het afgedaan.


Reactie:

  • nee. Zie punt 1 voor nadere informatie over de geboden inspraakmogelijkheden

  • wordt voor kennisgeving aangenomen.






Samenvatting van ingekomen schriftelijke zienswijzen (zie ook de bijlagen bij dit verslag).

  • op 10 maart 2006 is een brief ingekomen van de gemeente Olst-Wijhe, waarin vermeld wordt dat de wijziging van de Route Gevaarlijke Stoffen geen aanleiding geeft tot het maken van opmerkingen

  • op 24 maart 2006 is een brief ingekomen van Transport en Logistiek Nederland, Regio Oost, te Apeldoorn. Drie kwesties worden aan de orde gesteld:

        • de verschuiving van de route leidt tot een verzwaring van administratieve lasten aangezien voor een deel van het vervoer op de huidige route, namelijk het vervoer ten behoeve van de in Deventer gelegen bestemmingen buiten de bedrijventerreinen, een ontheffing zal moeten worden aangevraagd; het raadsvoorstel spreekt alleen over een vermindering van administratieve lasten

        • het vervoer van gevaarlijke stoffen op andere routes blijft plaatsvinden. Voor het bereiken van de laad- en losadressen met routeplichtige gevaarlijke stoffen, weliswaar met ontheffing, is het gebruik van andere wegen mogelijk. Ook het vervoer van niet-routeplichtige gevaarlijke stoffen blijft mogelijk op alle voor het verkeer opengestelde wegen binnen uw gemeente. Het is van belang in het kader van de besluitvorming daarop te wijzen, om te voorkomen dat het beeld ontstaat dat het vervoer van gevaarlijke stoffen buiten de vastgestelde route in alle gevallen in strijd met de wet is

        • alle kruisingen en rotondes op de N348 moeten geschikt zijn voor wat betreft de maatvoering infrastructuur voor afslaand vrachtverkeer van en naar de aanliggende zijwegen. Recent is ons gebleken dat de verbinding Bolkesteinlaan naar de N348 richting A1 onvoldoende is gedimensioneerd voor de passage van een voor dit vervoer gebruikelijke trekker-oplegger combinatie.




  • op 28 maart 2006 is een brief ingekomen van de heer A. Jeurnink, Citroenvlinder 27, 7423 GE Deventer. De zienswijzen worden als volgt samengevat:

    • er ligt een geluidswal langs de N348, die aanvullende veiligheid geeft. Op een cruciale plek, te weten van de tunnel spoorlijn Deventer-Almelo tot en met de afslag naar de wijk Blauwenoord, ontbreekt een geluidswal. Dit is niet acceptabel vanwege bebouwing in de directe nabijheid

    • vanaf de A1 kan het vervoer met gevaarlijke stoffen zowel gebruik maken van de “afslag Deventer” als van de ‘’afslag Deventer-Oost’’. Wij eisen dat uitsluitend gebruik wordt gemaakt van de ‘’afslag Deventer’’, zodat de Siemelinksweg gevrijwaard wordt van vervoer gevaarlijke stoffen. Op het industrieterrein wonen minder mensen als in de nabijheid van de Siemelinksweg

    • het schoolgebouw “Het Stormink’’ ligt in de nabijheid van de N348. Is daar voldoende rekening mee gehouden? Is er al een ontruimingsoefening geweest op school?

    • de nieuwe route loopt dwars door de stad met kilometers lange bebouwing langs de N348. Door de geplande nieuwbouw wordt dit probleem alleen nog vergroot

    • ondanks de uitspraak van de Raad van State is de gemeente Deventer naar verwachting voornemens het industrieterrein Linderveld te ontwikkelen. Dit leidt tot een grote verkeersintensiteit over de route en een grotere mate van risico. De gemeente dient het aantal verkeersbewegingen in het belang van de veiligheid te verminderen in plaats van te bevorderen

    • op de hoorzitting van 28 februari werd duidelijk dat er geen inventarisatie plaatsvindt van soorten, hoeveelheden en aantal bewegingen met gevaarlijke stoffen over de weg en het spoor. Om afdoende maatregelen te kunnen nemen moet dit wel gebeuren. ‘’Meten is weten’’

    • in het geval van een incident op de N348 waarbij de afslag naar Blauwenoord, Groot Douwel en Het Oostrik niet gebruikt kan worden, ligt er een groot probleem. Al het verkeer zal over de Oostriklaan moeten worden aan- en afgevoerd. Daarbij dient rekening te worden gehouden met de spoorwegovergang, die 30% van de tijd gesloten is. Hoe kunnen brandweer, ambulance en politie tijdig bij het incident komen als de N348 afgesloten is?

    • op de ruimte naast De Scheg was destijds een ijspiste gepland. Wij eisen dat deze ruimte zodanig wordt ingevuld dat dit niet leidt tot extra verkeersbewegingen. Het is reeds druk genoeg in deze omgeving en minder verkeer betekent minder kans op ongelukken

    • de brandweerkazerne ligt op ongeveer 150 meter van de huidige Route Gevaarlijke Stoffen. Hoe kan de gemeente beweren dat de inzet van de brandweer beter gegarandeerd is, terwijl de nieuwe route op veel grotere afstand ligt?

    • verkeerstechnisch gezien is ‘’De Knoop’’ een ramp. Verkeersdeelnemers worden volledig is verwarring gebracht. In enkele seconden moet men beslissen welke van de acht richtingen men moet nemen. Dit leidt tot extra ongelukken en een ‘’onrustig gevoel’’ bij de bewoners langs de N348

    • garandeert de gemeente dat op het te ontwikkelen industrieterrein Linderveld niet geparkeerd gaat worden door tankauto’s of overige vervoermiddelen met gevaarlijke stoffen?

    • tijdens de hoorzitting van 28 februari is afgesproken dat alle gespreksstof dient te worden beschouwd als ingebrachte zienswijze

  • op 28 maart 2006 is een brief ingekomen van de Werkgroep Behoud Natuur Milieu en Woongenot, die gelijkluidend is aan de brief van de heer Jeurnink

  • op 28 maart 2006 is een brief ingekomen van de Vereniging Nee348, die gelijkluidend is aan de brief van de heer Jeurnink.


Reactie:

- Gemeente Olst-Wijhe



Wordt voor kennisgeving aangenomen

  • Transport en Logistiek Nederland

        • het gaat per saldo om een vermindering van de administratieve lastendruk. Op basis van een vergelijk van de oude en de nieuwe route wordt het totaalbeeld minder belastend. Dat neemt niet weg dat op een beperkt aantal weggedeelten -zoals TLN terecht constateert- er sprake zal zijn van een verhoging van de lastendruk.

        • wordt voor kennisgeving aangenomen

        • het tracé van de N348 is ontworpen door de provincie Overijssel in overleg met de gemeente Deventer volgens de daarvoor geldende maatstaven en richtlijnen. Wij gaan er vanuit dat deze werkwijze in het algemeen toereikend is. Mochten er na gewenning aan de betrokken situatie doorvoerproblemen blijven bestaan, dan kunt u daarover bij de afdeling Verkeer en Vervoer een klacht indienen. Vervolgens zal bezien worden welke praktische maatregelen mogelijk zijn om een en ander te optimaliseren

  • De heer A. Jeurnink

    • uit het door Dorsser raadgevende ingenieurs uitgevoerde akoestische onderzoek d.d. 18 april 2001 is gebleken dat een geluidswal pas nodig was vanaf de ontsluitingsweg van de wijk Blauwenoord. De wat grotere afstand van het N348tracé tot de woonbebouwing is hier debet aan. Bovendien is een geluidswal in de betrokken flauwe bochtsituatie moeilijk aan te brengen zonder het verkeer te hinderen en is in het geval van brand voldoende bluswater beschikbaar

    • het uitgangspunt van de routering van gevaarlijke stoffen is het zo goed mogelijk reguleren van dergelijke transporten, in die zin dat het doorkruisen van de bebouwde kom zo snel en veilig mogelijk plaatsvindt. Het N348tracé inclusief de Siemelinksweg, waarvan het profiel in de toekomst verbreed wordt, scoort daarin beter dan het Hanzetracé, onder andere vanwege het feit van minder bochten en kruisingen. Door de geboden mogelijkheid van spreiding (aansluiting van de route op de A1 via zowel afslag Deventer als Deventer-Oost) zal niet al het vervoer van gevaarlijke stoffen over de Siemelinksweg hoeven plaats te vinden. Dit is in het belang van de omwonenden

    • bij de besluitvorming over de Route Gevaarlijke Stoffen is met het schoolgebouw Het Stormink rekening gehouden. Het is de verantwoordelijkheid van de school zelf om de ontruiming te oefenen

    • bij de planontwikkeling is eveneens rekening gehouden met de toename van het aantal personen langs de oude en nieuwe route, voor zover deze groei thans bekend is. Op beide routes doen zich ontwikkelingen voor die het bewonersaantal in de omgeving van de route beïnvloeden, nog het meest op bepaalde plaatsen langs de nieuwe route. Het ‘overall’ beeld valt echter duidelijk uit in het voordeel van het nieuwe N348tracé in verband met de hoge bevolkingsdichtheid van het Hanzetracé. Tijdens de Politieke Markt van 11 januari 2006 hebben burgemeester en wethouders toegezegd dat het routeringsbesluit periodiek geëvalueerd zal worden om te bezien of het N348tracé over enkele jaren nog steeds het beste alternatief is

    • Het bestemmingsplan Linderveld is inderdaad door de Raad van State vernietigd. Op dit moment is niet duidelijk welke al dan niet nieuwe ontwikkeling het gebied gaat krijgen. Indien we ons antwoord baseren op de oude bestemmingsplansituatie, dan is de verkeersaantrekkende werking en de behoefte aan routeplichtige gevaarlijke stoffen van de betrokken (middelgrote) bedrijven niet zodanig dat daardoor de capaciteit van de N348 wordt overschreden. In het kader van de veiligheidsregelgeving is evenmin een significante toename te verwachten

    • Tellingen van het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg binnen de provincie Overijssel hebben voor het laatst plaatsgevonden in 2002. Daaruit bleek dat nagenoeg alle transport dat relevant is voor de risicoberekeningen bestond uit brandbare gassen en vloeistoffen. Vergelijking met eerder cijfermateriaal uit 1994 toont aan dat deze meting vrijwel overeenkomt met het beeld dat toentertijd is vastgesteld. Het Hanzetracé is daarbij getypeerd als een ‘bijna-aandachtspunt’ voor de overschrijding van de groepsrisiconorm. Voor de huidige situatie is een risico-analyse uitgevoerd, die op basis van dezelfde transportgegevens uitvalt in het voordeel van het N348tracé. Overigens vinden in het kader van de basisnetdiscussie van de ministeries en V&W en VROM voor het eerst grootschalige landelijke tellingen plaats van het verkeer met gevaarlijke stoffen in de periode maart-september 2006. Het N348tracé wordt daarin meegenomen. Deze discussie beoogt de vervoersstromen met gevaarlijke stoffen zodanig te verdelen over spoor, weg en water dat de betrokken economische-, ruimtelijke ordenings- en externe veiligheidsbelangen zo goed mogelijk op elkaar worden afgestemd.



    • Wij zijn ons ervan bewust dat met name de toegankelijkheid van Blauwenoord bij een incident met gevaarlijke stoffen door hulpverleningsdiensten problematisch is. De brandweer heeft opdracht gekregen de situatie te bestuderen en met verbetervoorstellen te komen

    • De ruimte naast De Scheg ligt op ruime afstand van het N348tracé. De daarop betrekking hebbende zienswijze heeft dus geen betrekking op de onderhavige procedure. Volledigheidshalve wordt opgemerkt dat de ontwikkeling van het gebied rondom De Scheg wordt ontsloten vanaf de As Binnenstad-Colmschate. Langs de As is in een stedelijk programma voorzien. De capaciteit en dimensionering van de weg houdt hier rekening mee. De procedure voor het bouwplan van JSP (bouw skihal) destijds is stopgezet. De gemeente onderzoekt op dit moment met belangstellenden de mogelijkheden voor ontwikkeling zoals die is vastgelegd in het voorontwerpbestemmingsplan en de ontwikkelingsvisie centrumgebied Colmschate

    • Het wordt bekend verondersteld dat zich op het Hanzetracé regelmatig filevorming voordoet. De bereikbaarheid van de plaats des onheils kan dan veel tijd vergen ondanks dat de te overbruggen afstand beperkt is. Van de andere kant is het positief dat het N348tracé vanuit meerdere kanten bereikbaar is. Gelet op deze omstandigheden is de brandweer van mening dat haar inzetmogelijkheden op het N348tracé beter gegarandeerd kan zijn. Overigens wordt in beide situaties aan de zorgnormen voldaan

    • Bij De Knoop is inderdaad sprake van een gecompliceerde verkeerssituatie. Tot nu toe zijn er echter geen ernstige ongelukken gebeurd. De oorzaak daarvan is in elk geval niet te herleiden tot de aangevoerde gebrekkige routeaanduiding. Integendeel, er zijn kosten nog moeite gespaard om de route (per rijbaan) zo duidelijk mogelijk aan te geven. Onlangs is de situatie nog verbeterd door een vooraankondiging te doen. Mede gelet op de lage snelheid waarmee ter plaatse van De Knoop gereden wordt, zijn wij van mening dat de verkeerssituatie voldoende veilig is

    • In het algemeen zullen voertuigen beladen met gevaarlijke (routeplichtige) stoffen niet binnen de bebouwde kom van Deventer geparkeerd worden. De politie zal hiertegen optreden, tenzij gebleken is dat voorzorgsmaatregelen zijn getroffen die de kans op een incident tot een minimum beperken. Daarbij kan gedacht worden aan direct toezicht, parkeren op een beveiligd fabrieksterrein in overeenstemming met de verleende milieuvergunning en aan andere vormen van parkeren onder toezicht. Voor Het Linderveld wordt op deze algemeen geldende regels geen uitzondering gemaakt

    • Wordt voor kennisgeving aangenomen.

  • Werkgroep Behoud Natuur Milieu en Woongenot

Ons antwoord is identiek als op de brief van de heer Jeurnink

- Vereniging Nee348

Ons antwoord is identiek als op de brief van de heer Jeurnink.




Ingekomen mondelinge zienswijzen tijdens de hoorzitting op 28 februari 2006.

Namens de gemeente Deventer waren aanwezig de heren F. Pronk van PronkScriptum (gespreksleider), G. Berkelder (wethouder Milieu), L. Brussee (RMW/MIL), F. Hoogland (BB/BO), A. van Gulik (BHV/Prev.) en L. Wopereis (BHV/Prev.).


De volgende personen zijn op de hoorzitting verschenen:

  • de heer D.G. van der Wal, namens de Werkgroep Behoud Natuur, Milieu en Woongenot, Dagpauwoog 42, 7423 GT Deventer

  • de heer A.H. Jeurnink, namens de Vereniging Nee 348, Citroenvlinder 27, 7423 GE Deventer

  • de heer M.W.M. van Mieghem, namens de Vereniging Nee 348, Dagpauwoog 36, 7423 GT Deventer

  • de heer A.G. Brinkerink, namens de Kopgroep Rivierenwijk, Grevelingenstraat 3, 7417 TA Deventer

  • de heer P.H.W. Wolvenne, Duindoorn 15, 7421 DD Deventer

  • de heer G.A. Caneel, namens de Werkgroep Behoud Natuur, Milieu en Woongenot, Salomonszegel 15, 7422 LH Deventer

  • mevrouw J. Lindenholz, G. ter Borchdwarsstraat 5, 7412 ZG Deventer

  • mevrouw M. Heck, namens Wijkteam 5, Lammersweg 5, 7418 GC Deventer.


Opening.

Dhr. Pronk stelt de aanwezigen van de gemeente voor en zegt dat de raad er belang aan hecht kennis te nemen van de ingekomen zienswijzen alvorens een definitief besluit te nemen.


Inleiding.

Wethouder Berkelder wijst erop dat het vervoer van gevaarlijke stoffen zo veilig mogelijk dient te gebeuren. De aanleg en openstelling van de N348 was de concrete aanleiding voor het heroverwegen van de Route Gevaarlijke Stoffen. Blijft het Hanzetracé het meest geschikt of is de nieuwe N348 het veiligste tracé? Het is een complexe afweging, waarbij aan de adviezen van de afdeling Milieu en de Brandweer veel belang wordt toegekend. Het voorlopige standpunt van de Raad is bekend. Nu loopt de inspraaktermijn.


Toelichting Brandweer.

Dhr. Van Gulik verwijst naar de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, volgens welke het vervoer van gevaarlijke stoffen zorgvuldig dient plaats te vinden en onder het mijden van de bebouwde kom. Vanwege de vervoersstroom naar Raalte is laatstgenoemd uitgangspunt voor Deventer niet mogelijk en zijn routeplichtige wegen aangewezen. Hierdoor vindt regulering plaats en kan controle worden gehouden. De Brandweer heeft onderzocht welke route de voorkeur verdient. Er is een kwantitatieve risicoanalyse uitgevoerd, waarbij rekening is gehouden met inputgegevens als transportbewegingen, bevolkingsdichtheid, verkeersveiligheid etc. Uit de berekeningen bleek dat het risico op de N348 kleiner is dan op de huidige route. Daarnaast is onderzocht hoe de beide routes scoren indien een calamiteit bestreden moet worden. Er is uitgegaan van een bepaald scenario, waarbij nagegaan werd binnen welke tijd het incident onder controle kan worden gebracht. Geconcludeerd werd dat de N348 behoorlijk beter uit de bus komt, enerzijds vanwege minder risico, anderzijds vanwege betere bestrijdingsmogelijkheden. Een en ander wordt inzichtelijk gemaakt op de aanwezige plattegrondtekening, met daarop aangegeven de aantallen risicovolle en kwetsbare objecten.


Vragen/antwoorden/opmerkingen.

Mw. Lindenholz vraagt hoe bijvoorbeeld een LPG tankstation bevoorraad wordt dat niet aan de Route ligt.


Dhr. Van Gulik antwoordt dat het voor routeplichtig vrachtverkeer verboden is van de Route af te wijken, tenzij daarvoor door de Brandweer een ontheffing gegeven is. Aan de ontheffing zijn voorschriften gekoppeld, die de beste route voorschrijven en de veiligheid tijdens laden en lossen bevorderen. Overigens zijn de meeste gevaarlijke stoffen zoals bijvoorbeeld benzine niet routeplichtig. Transport van deze stoffen is overal toegestaan.
Mw. Heck vraagt waarom de Zweedsestraat in de Route is opgenomen. Al het vervoer kan toch via de afslag Deventer-Oost worden afgewikkeld. De heer Jeurnink daarentegen is van mening dat de Siemelinksweg ontzien moet worden.
Dhr. Van Gulik antwoordt dat er drie overwegingen zijn, die pleiten voor het koppelen van het eerste stukje van het Hanzetracé, via de Noorwegenstraat en de Zweedsestraat, aan het N348tracé:

  • het risico als gevolg van het routeplichtig vrachtverkeer kan zich nu spreiden over beide aanslui-tingen op de A1. Hierdoor wordt de Siemelinksweg minder belast, hetgeen in het belang is van de veiligheid van de bewoners in de aangrenzende woonwijken. Opgemerkt wordt dat de Sieme-linksweg thans minder geschikt is voor doorgaand verkeer, maar in de toekomst 4-baans wordt

  • op het industrieterrein Kloosterlanden ligt een beperkt aantal bedrijven die routeplichtige gevaarlijke stoffen afnemen. Door de Zweedsestraat in de Route op te nemen kan het transport plaatsvinden zonder ontheffing, hetgeen het betrokken transportbedrijf en de Brandweer ontlast

  • door de Zweedsestraat bij de Route te betrekken ontstaat een logisch geheel van wegen dat het routeplichtig transport van gevaarlijke stoffen door Deventer zo efficiënt mogelijk laat verlopen zonder dat onnodige heen en terug bewegingen noodzakelijk zijn.

Dhr. Van der Wal vraagt of het provinciale deel van de N348 ook verbreed gaat worden.

Volgens wethouder Berkelder is daar geen aanleiding voor. Het verkeersaanbod is, zeker in vergelijking met het Hanzetracé, beperkt.

Van der Wal’s grootste zorg is de veiligheid in de wijk Blauwenood bij een onverhoopte calamiteit met gevaarlijke stoffen. In tegenstelling tot de Vijfhoek ligt hier geen wal langs het tracé, met name niet bij het eerste gedeelte na De Knoop, waardoor de gassen bij een ongunstige wind vrijelijk de wijk in kunnen stromen. De gevolgen zijn niet te overzien. Bij het Vliegend Hert ligt een speelveldje dat helemaal open ligt en nog dichter bij de Route gesitueerd is!


Wethouder Berkelder kan zich de ongerustheid van Van der Wal voorstellen, maar volgens hem is de situatie bij de Amstellaan ongunstiger. Het verkeer komt daar pal langs de voordeur. Dhr. Van Gulik wijst erop dat bij de Vijfhoek een geluidswal ligt. Verondersteld wordt dat deze een positief effect heeft op de verspreiding van gevaarlijke stoffen, maar dat is nooit de opzet geweest. De Brandweer is toegerust om een ramp ook zonder geluidswal doeltreffend te bestrijden. Niettemin zegt hij toe de situatie ter plekke nog eens opnieuw te bezien, wellicht dat hierdoor nieuwe inzichten ontstaan.
Mw. Lindenholz vraagt wanneer het vervoer van routeplichtige gevaarlijke stoffen plaatsvindt en Dhr. Van der Wal over hoeveel bewegingen het gaat.
De heren Van Gulik/Wopereis antwoorden dat de transporten vooral overdag plaatsvinden. Vrachtwagens die gevaarlijke stoffen vervoeren zijn te herkennen aan een oranje bord, slechts een paar daarvan zijn routeplichtig zoals LPG, propaan, organische peroxiden en vuurwerk.
Dhr. Van der Wal merkt op dat de door de Brandweer getoonde plattegrondtekening een fout bevat: de twee viaducten bij De Knoop zijn niet vermeld. Volgens mw. Heck gaat het om een verkeerstechnisch gevaarlijk punt.
Dhr. Wopereis bevestigt dat de twee kruisingen niet ingetekend staan op de gebruikte ondergrond. Het effect van deze viaducten op de veiligheid is gering vanwege de lage snelheid waarmee gereden wordt.
Dhr. Van Mieghem ontkent dat. Er wordt hard gereden. Dit is niet in het belang van de veiligheid. Gelet ook op de grote knik die in het wegdek gemaakt is, is een gevaarlijk punt ontstaan. Snelheidscontroles zijn noodzakelijk.
Dhr. Jeurnink vindt het vreemd dat er ingesproken mag worden over iets dat de Raad al vastgesteld heeft.
Wethouder Berkelder bestrijdt dat. Het is zijn inziens correct dat eerst de instemming van de Raad gevraagd wordt voordat ermee naar buiten getreden wordt.
Volgens dhr. Van der Wal is de bewegwijzering van De Knoop ontoereikend. Het gebeurt meerdere keren per dag dat een vrachtwagen per ongeluk in Blauwenoord verzeild raakt. De situatie is bijzonder ingewikkeld. Hij wijst erop dat het vroeg of laat een keer ernstig mis kan gaan. Dhr. Jeurnink bevestigt dat. Er is geen verkeersveilige situatie ontstaan. Blauwenoord is er wel een geïsoleerde wijk van geworden.
Mw. Heck vraagt hoe het gesteld is met de veiligheid bij het Etty Hillesum Lyceum Het Stormink. Er zijn daar veel schoolgaande kinderen. Door de Route lopen zij extra risico, vooral tijdens pauzes in de openlucht.
Volgens dhr. Van Gulik is dit gebouw in de risicoberekeningen meegenomen. Zaken als de gebruiksvergunning en het ontruimingsplan beperken het risico. Het betreft een modern gebouw waarbinnen de brandveiligheid goed georganiseerd is. Bij een calamiteit kan de brandweer hierop

inspelen en direct passende actie ondernemen. Zo kunnen de scholieren bij gesloten ramen en deuren een uur binnenblijven zonder dat zij gevaar lopen.


Dhr. Van der Wal betwijfelt of het aanwezige luchtverversingssyteem een dergelijke lange termijn wel toestaat. Dhr. Brinkerink is er evenmin gerust op. Zijns inziens bestaat er te weinig aandacht voor het belang van gesloten ramen en deuren bij een calamiteit en wordt daar nooit op geoefend.


Dhr. Van der Wal vraagt vervolgens of er niet een snuffelpaal kan komen die onmiddellijk alarm slaat bij overschrijding van bepaalde concentraties. Een dergelijke voorziening neemt veel zorg weg. Tenslotte gaat het over 3000 woningen. Heck wijst op de hulppost van de Brandweer, die snel ter plaatse kan zijn.
Dhr. Van Gulik bevestigt dat. Juist bij deze Route is voldoende bluswater beschikbaar om gaswolken te bestrijden. Ter geruststelling van Van der Wal schetst hij het volgende scenario: er kantelt een tankwagen, waardoor lekkage ontstaat. Op grond van verspreidingsmodellen is bekend dat het een half uur duurt voordat op 200 meter afstand levensbedreigende concentraties ontstaan. Dit geeft de brandweer de tijd om maatregelen te treffen. De brandweerauto van de hulppost is al na 5 minuten aanwezig. Twee andere brandweerauto’s volgen na 15 minuten. Door verdunning met water kan 90% van het gas tijdig van de effectgebieden worden weggehouden. Aanvullend worden de bewoners ontruimd. Uiteraard zijn er ernstiger scenario’s te bedenken zoals de ontploffing van een LPG tank. Ook dan is er zeker een half uur beschikbaar om passende tegenmaatregelen te treffen (afkoelen van het LPG reservoir indien deze door brand opgewarmd wordt).
Dhr. Caneel stelt een incident met een vrachtwagen uit Polen aan de orde. Het aantal veiligheidsvoorzieningen zal dan nihil zijn. Is de Brandweer daar op voorbereid?
Dhr. Van Gulik antwoordt dat de gangbare scenario’s ontleend zijn aan wat zich in het verleden daadwerkelijk aan rampen heeft voorgedaan. Dat neemt niet weg dat de Brandweer alert is op actuele bedreigingen van de veiligheid en zich ook daarop voorbereid. Een specifiek Pools protocol is echter niet beschikbaar.
Volgens Dhr. Brinkerink worden ongelukken vooral veroorzaakt door menselijke fouten, in het bijzonder door de chauffeur die door zijn werkgever onder druk wordt gezet om binnen de daarvoor gestelde tijd aan te komen. Dit is niet in het belang van de veiligheid. De wetgever dient rustig rijden af te dwingen.
Volgens dhr. Brussee gaat het om professionals met verantwoordelijkheidsbesef, die goed zijn opgeleid en op de hoogte zijn van de gevaarseigenschappen van de stoffen die ze vervoeren.
Dhr. Van der Wal stelt de breedte van het wegdek van de N348 aan de orde. Zijn inziens is die tamelijk smal. Het betreft een tweebaans weg. Indien twee vrachtwagens elkaar tegemoet rijden, waarvan de ene beladen is met een extra breed voorwerp als een bulldozer of prefab dakdeel, dan is de kans niet uitgesloten dat zij elkaar raken en zich een geweldig ongeluk voordoet.
Volgens dhr. Wopereis is de breedte geschikt voor vrachtverkeer. Er is bewust gekozen voor een bepaalde breedte. In combinatie met de belijning gaat daar een optisch effect vanuit, dat bijdraagt aan het beperken van de rijsnelheid tot de voorgeschreven 50 km/uur.
De heren Van der Wal en Jeurnink stellen dat de N348 buiten Deventer om had moeten lopen. Al in de zestiger jaren is het fout gegaan door het verzet van de voormalige gemeente Diepenveen en de grondaankopen van de provincie. Er is miljoenen bespaard op deze weg. Geef dat geld nu uit aan de zwakke schakels.
Dhr. Brinkerink constateert dat het Hanzetracé steeds drukker wordt. Zo komt er over enkele jaren een school bij. Laat het vervoer van routeplichtige gevaarlijke stoffen over de N348 gaan, maar dan wel met extra veiligheidsmaatregelen zoals het dichtmaken van de inhammen van Blauwenoord, is zijn opvatting.

Dhr. Van der Wal stelt de ontsluiting van Blauwenoord (en de Vijfhoek) aan de orde. Zijns inziens zijn er te weinig mogelijkheden om de wijk snel te verlaten bij een calamiteit. Het door de gemeente drie jaar geleden aangelegde fietstunneltje is evenmin volwaardig. Bij een incident met gevaarlijke stoffen met westenwind blijft er slechts één ontsluitingsmogelijkheid over, de Oostriklaan, die bovendien regelmatig afgesloten wordt vanwege het spoorverkeer.


De plattegrond wordt nog eens bestudeerd. Dhr. Van Gulik stelt dat de Brandweer binnen de gegeven mogelijkheden goed voorbereid is. De aangevoerde risico’s met betrekking tot het vervoer van routeplichtige gevaarlijke stoffen over de N348 zijn hem bekend, maar brengen hem niet op andere gedachten. Vanzelfsprekend had hij zijn advies niet geschreven indien hij niet oprecht mocht concluderen dat de N348 per slot van zaken de veiligste route is.
Dhr. Jeurnink vraagt wat de rol van de provincie bij de routering is.
Wethouder Berkelder antwoordt dat de provincie een toetsende rol heeft. Het is van belang dat er provinciebreed een dekkend net van op elkaar aansluitende wegen beschikbaar is, waarover het vervoer van routeplichtige gevaarlijke stoffen kan plaatsvinden.
Dhr. Van Mieghem stelt dat, uitgaande van het standpunt van de Brandweer, er toch op zijn minst geïnvesteerd moet worden in extra veiligheid.
Dhr. Caneel vraagt of er ook een relatie gelegd is met de tevens aanwezige ondergrondse aardgasleiding.
Dhr. Van Gulik antwoordt dat de aardgasleiding meegenomen is in het risicoprofiel van de gemeente Deventer, niet bij de overwegingen die geleid hebben tot de aanwijzing van de Route.
Dhr. Van Mieghem vraagt of rekening is gehouden met het natuurgebied Douwelerkolk en met stadsuitbreidingsplannen.
Dhr. Van Gulik antwoordt dat de veiligheid van mensen voorop heeft gestaan. De aanwezigheid van de Douwelerkolk zorgt voor de beschikbaarheid van voldoende bluswater. Met toekomstige bevolkingsgegevens op lange termijn is geen rekening gehouden. In elk geval geldt dat toekomstige ontwikkelingen zich niet onverdeeld op één alternatief zullen voordoen. Wethouder Berkelder wijst erop dat er gedeeltelijk een ecologische hoofdstructuur rond Deventer ligt. Nederland is te klein om de doorkruising van dergelijke gebieden te beletten. Ook het grondwaterbeschermingsgebied Schalkhaar wordt doorkruist. De provincie heeft daarvoor ontheffing verleend op grond van de Provinciale Milieuverordening. De voorgeschreven voorzieningen ter bescherming van het grond-water (kleibermen, riolering e.d.) zijn aangebracht. Brussee merkt op dat de Raad om evaluatie van de Route verzocht heeft mede met het oog op veranderende omstandigheden. Deze doelstelling wordt in het Milieubeleidsprogramma van de gemeente Deventer opgenomen.
Dhr. Jeurnink merkt op dat de brandweerkazerne dicht bij het Hanzetracé ligt. Zijn de aanrijdtijden naar de nieuwe N348 in het huidige voorstel gegarandeerd?
Volgens dhr. Van Gulik worden de zorgnormen in beide situaties nagekomen. De N348 is ook snel en bovendien onafhankelijk van de windrichting te bereiken. Wellicht dat het wat langer kan duren dan bij het Hanzetracé vanwege de langere aanvoerroute, maar dat hoeft niet in alle gevallen het geval te zijn. Bij de N348 is namelijk meer ruimte beschikbaar in vergelijking met het Hanzetracé. Denk bijvoorbeeld aan de Amstellaan. Indien het verkeer daar vaststaat gaat kostbare tijd verloren.
Dhr. Caneel vraagt waarop gelet wordt bij het verlenen van ontheffingen. Zijn er geschikte parkeervoorzieningen?

Dhr. Wopereis antwoordt dat er bij het verlenen van een ontheffing maatwerk geleverd wordt. In de voorschriften van de ontheffing wordt de meest veilige route naar het afleveradres vastgelegd en wordt het moment van lossen zodanig geregeld dat er bij een onverhoopt incident zo min mogelijk slachtoffers te betreuren zijn. Afhankelijk van de transportfrequentie is de ontheffing eenmalig tot een jaar geldig. Parkeren langs de route is alleen onder een aantal voorwaarden toegestaan.


Dhr. Brinkerink vraagt of er zicht bestaat op de hoeveelheden en soorten gevaarlijke stoffen die over de Route vervoerd worden.
Dhr. Van Gulik antwoordt dat er zicht bestaat op de verkeersstromen. Het aandeel (routeplichtig) vrachtverkeer wordt echter niet apart bijgehouden. Het is dus onbekend welke gevaarlijke stoffen op een bepaald moment binnen de gemeentegrenzen aanwezig zijn.
Na een korte terugblik op het incident op de A1 met een tankwagen beladen met ethanol d.d. 3 januari 2006, sluit dhr. Pronk om 21.30 uur de vergadering. Hij geeft wethouder Berkelder het laatste woord, die de aanwezigen bedankt voor hun kwalitatief hoogwaardige inbreng. Wethouder Berkelder zegt toe een en ander terug te koppelen naar B&W.
Afgesproken wordt dat de gestelde vragen en opmerkingen als zienswijzen moeten worden gekwalificeerd.
Aanvullende reactie:

  • blz. 6, vierde alinea. Het hoofd van de afdeling Preventie van de brandweer heeft de situatie ter plaatse opnieuw bezien naar aanleiding van het verzoek om een (geluids)wal tussen het viaduct Holterweg en de eerstvolgende ontsluitingsweg van de wijk Blauwenoord. Onder verwijzing naar onze reactie op de eerste zienswijze van de heer Jeurnink heeft deze heroverweging niet geleid tot andere veiligheidsinzichten

  • blz. 6, negende alinea betreffende de noodzaak van snelheidscontroles in de omgeving van De Knoop. De controlerende capaciteit van de politie wordt met name ingezet op die trajecten waar veel slachtoffers vallen. Bij de viaducten van De Knoop, in tegenstelling tot het Hanzetracé, is dat niet het geval. Daarom wordt hier gecontroleerd op ad hoc basis en niet structureel

  • blz. 7, vierde alinea over de noodzaak van een snuffelpaal. Een dergelijke voorziening is stofspecifiek en biedt geen aanvullende zekerheid in het geval van vrijgekomen gevaarlijke stoffen.




5. Conclusie.

De ingekomen zienswijzen geven geen aanleiding tot verandering van de route zoals deze in ontwerp door de raad is vastgesteld bij besluit van 25 januari 2006.



















De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina