Elektronische Installatie-technieken derde graad tso



Dovnload 227.75 Kb.
Pagina1/3
Datum20.08.2016
Grootte227.75 Kb.
  1   2   3



Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs

Guimardstraat 1, 1040 Brussel






elektronische Installatie-technieken
derde GRAAD TSO





LEERPLAN SECUNDAIR ONDERWIJS

VVKSO – BRUSSEL D/2008/7841/030

September 2008

(vervangt schoolleerplan VTI Waregem)


Inhoud

Plaats van dit leerplan in de lessentabel 5

1 Studierichtingprofiel 6

1.1 Situering van de studierichting Elektronische installatietechnieken in het TSO-curriculum van het studiegebied Mechanica-elektriciteit 6

1.1 Situering van de studierichting Elektronische installatietechnieken in het TSO-curriculum van het studiegebied Mechanica-elektriciteit 6

1.1 Instroom 7

1.1 Instroom 7

1.2 Beginsituatie 7

1.2 Beginsituatie 7

1.3 Factoren die de keuze voor deze studierichting kunnen beïnvloeden 7

1.3 Factoren die de keuze voor deze studierichting kunnen beïnvloeden 7

1.4 Persoonlijkheidsvereisten 8

1.4 Persoonlijkheidsvereisten 8

1.5 Sancties van de studies en uitstroom 8

1.5 Sancties van de studies en uitstroom 8

1.6 Profilering van de studierichting Elektronische installatietechnieken t.o.v. aanverwante studierichtingen in de 3de graad van het studiegebied Mechanica – Elektriciteit 9

1.6 Profilering van de studierichting Elektronische installatietechnieken t.o.v. aanverwante studierichtingen in de 3de graad van het studiegebied Mechanica – Elektriciteit 9

2 Hoofddoelstellingen 10

2.1 Basisdoelstellingen 10

2.1 Basisdoelstellingen 10

2.2 Na te streven attitudes 10

2.2 Na te streven attitudes 10

2.3 Van leerplan tot jaarplan 11

2.3 Van leerplan tot jaarplan 11

3 Algemene pedagogisch-didactische wenken 12

3.1 Inleiding 12

3.1 Inleiding 12

3.2 Geïntegreerd werken 12

3.2 Geïntegreerd werken 12

3.3 Projectmatig werken 13

3.3 Projectmatig werken 13

3.4 Aandachtspunten 13

3.4 Aandachtspunten 13

3.5 De geïntegreerde proef 14

3.5 De geïntegreerde proef 14

3.6 Welzijn op het werk en het behalen van een VCA B-attest 14

3.6 Welzijn op het werk en het behalen van een VCA B-attest 14

4 Evaluatie 16

4.1 Procesevaluatie 16

4.1 Procesevaluatie 16

4.2 Productevaluatie 17

4.2 Productevaluatie 17

5 Leerplandoelstellingen, leerinhouden en didactische wenken 18

5.1 Planning, veiligheid, milieu en zelfevaluatie 18

5.1 Planning, veiligheid, milieu en zelfevaluatie 18

5.2 Aandachtspunten bij projecten 22

5.2 Aandachtspunten bij projecten 22

5.3 Elektrotechniek 23

5.3 Elektrotechniek 23

5.4 Procescontrole en automatie 27

5.4 Procescontrole en automatie 27

5.5 Informatie communicatie technologie 29

5.5 Informatie communicatie technologie 29

5.6 Consumentenelektronica 34

5.6 Consumentenelektronica 34

6 Minimale materiële vereisten 42

6.1 Infrastructuur 42

6.1 Infrastructuur 42

6.2 Aangepaste kleding en algemene beschermingsmiddelen 43

6.2 Aangepaste kleding en algemene beschermingsmiddelen 43

6.3 Vak specifieke uitrusting 43

6.3 Vak specifieke uitrusting 43

6.4 Vak specifieke uitrusting 44

6.4 Vak specifieke uitrusting 44

7 Bibliografie 45



8 Nuttige adressen 47



    Plaats van dit leerplan in de lessentabel




Studierichting

Elektronische installatietechnieken

Graad en onderwijsvorm

Derde graad tso

Pedagogische vakbenamingen

  • Uitvoeringstechnieken

  • Realisaties elektronische installatietechnieken

Administratieve vakbenaming

  • TV Elektronica/Elektriciteit/Elektromechanica/Toegepaste informatica

  • PV Praktijk of PV/TV Stage Elektronica/Elektriciteit/ Elektromechanica/Toegepaste informatica

Specifiek gedeelte

Minimum 18 uur waarvan minimum 2 uur stage in het 2de leerjaar.



  1. Studierichtingprofiel

    1. Situering van de studierichting Elektronische installatietechnieken in het TSO-curriculum van het studiegebied Mechanica-elektriciteit

Eerste graad

2de leerjaar




Tweede graad

1ste en 2de leerjaar




Derde graad

1ste en 2de leerjaar




Derde graad

3de leerjaar













Mechanica-elektriciteit

Mechanische technieken

Autotechnieken

Toegepaste autotechnieken







Mechanische vormgevingstechnieken

Computergestuurde mechanische productietechnieken




Mechanica constructie- en planningstechnieken







Koel- en warmtetechnieken

Industriële koeltechnieken




Industriële warmtetechnieken







Kunststoftechnieken

Kunststof

vormgevingstechnieken









Orthopedische

technieken



Orthopedische instrumenten







Vliegtuigtechnieken













Elektrotechnieken

Elektrische Installa- tietechnieken

Stuur- en bewakingstechnieken







Elektronische installatietechnieken

Audio-, Video-, en teletechnieken







Industriële ICT

Industriële computertechnieken













Industriële wetenschappen

Industriële wetenschappen

Industriële wetenschappen













Elektromechanica

Elektromechanica

Industriële onderhoudstechnieken










Elektriciteit Elektronica

Elektriciteit

Elektronica



Regeltechnieken

De plaats van de 3de graad Elektronische installatietechnieken TSO wordt in bovenstaand curriculumschema aangegeven. Dit schema – dat van links naar rechts wordt gelezen – geeft een aantal studierichtingen weer in een aantal studiegebieden van de tweede en de derde graad. Het studiegebied Mechanica-elektriciteit start vanaf de tweede graad. Uit het schema blijkt dat de studierichting Elektronische installatietechnieken 3de graad TSO:

  • Aansluit op Elektrotechnieken 2de graad;

  • De voorbereiding vormt op de 3de jaren 3de graad TSO Stuur- en bewakingstechnieken, Audio-, Video-, en teletechnieken en Industriële computertechnieken.

    1. Instroom

De logische instroom voor het eerste leerjaar van de derde graad van de TSO studierichting “Elektronische installatietechnieken” komt uit de studierichting “Elektrotechnieken” van de tweede graad TSO. De tweede graad TSO “Elektriciteit-elektronica” en de tweede graad TSO “Elektromechanica” kunnen ook als relevante vooropleidingen worden beschouwd. Instroom vanuit andere studierichtingen is eerder zeldzaam.

    1. Beginsituatie

De volgende vormingscomponenten worden als voorkennis beschouwd:

  • Basisvorming in verband met fysica.

  • Basiskennis van theoretische elektriciteit.

  • Begrippen en kennis van Technisch tekenen en technologie (technologie, schema’s lezen- en tekenen) voor elementaire residentiële elektrische installaties.

  • Praktische vaardigheden en inzichten bij het voorbereiden en realiseren van elementaire residentiële elektrische installaties.

  • Beschikken over een voldoend ruimtelijk waarnemings- en voorstellingsvermogen.

    1. Factoren die de keuze voor deze studierichting kunnen beïnvloeden

Bepaalde lichamelijke en fysische gebreken kunnen een belemmerende factor zijn voor het uitoefenen van één of meerdere beroepen waarop deze studierichting voorbereidt. Een gepaste oriëntering en begeleiding is dan ook ten zeerste aangewezen, enerzijds omdat ze invloed hebben op de slaagkansen van de leerlingen en anderzijds omdat ze de uitoefening van heel wat beroepen bemoeilijken. In heel wat beroepen – waarop deze studierichting voorbereidt – gelden bepaalde beroepsdrempels.

  • Lichamelijke letsels die de normale fysieke inspanning – eigen aan de diverse beroepen – beletten of bemoeilijken;

  • Handicaps die het normaal motorisch functioneren – eigen aan het uitoefenen van diverse beroepen – bemoeilijken;

  • Gewrichts- en rugaandoeningen;

  • Beperkt gezichtsvermogen;

  • Aandoeningen aan de luchtwegen;

  • Producteczeem, contacteczeem en allergieën;

  • Kleurenblindheid.

    1. Persoonlijkheidsvereisten

Vele beroepen stellen ook heel wat eisen op persoonlijkheidsvlak. Leerlingen van de studierichting Elektronische installatietechnieken TSO bezitten deze reeds in bepaalde mate of geven in ieder geval blijk dat ze deze willen ontwikkelen:

  • Interesse voor één of meerdere aansluitende beroepen;

  • Verantwoordelijkheidszin;

  • Flexibiliteit en bereidheid om in diverse omstandigheden te functioneren;

  • Aandacht hebben voor aspecten die het welzijn op het werk bevorderen;

  • Uitvoeringsgerichte communicatievaardigheid.

    1. Sancties van de studies en uitstroom

Door het slagen in de studierichting Elektronische installatietechnieken krijgt de leerling een diploma van secundair onderwijs.

Zoals reeds vermeld, biedt de studierichting Elektronische installatietechnieken ook een uitstekende voorbereiding voor een aantal specialisatiejaren binnen het studiegebied Mechanica Elektriciteit zoals: de 3de jaren 3de graad TSO Stuur- en beveiligingstechnieken, Audio-, Video-, en teletechnieken en Industriële computertechnieken.

Door de realisatie van het profiel van de studierichting heeft de leerling een polyvalente vorming gekregen voor het begeleiden en uitvoeren van Elektronische installaties. De vaardigheden en kenniselementen van het beroep technicus Elektronische installaties komen in de opleiding aan bod zodat heel wat functies binnen de installatiebedrijven kunnen worden uitgeoefend.

Verder hebben de afgestudeerden de mogelijkheid om diverse certificaten te behalen.



    1. Profilering van de studierichting Elektronische installatietechnieken t.o.v. aanverwante studierichtingen in de 3de graad van het studiegebied Mechanica – Elektriciteit

In onderstaande tabel worden een aantal aanverwante elektro-mechanische studierichtingen in de 3de graad van het studiegebied Mechanica-elektriciteit opgesomd. Voor elke studierichting wordt de eigenheid verduidelijkt. Dit gebeurt enerzijds door een omschrijving te geven van het te bestuderen ‘studieobject’ en anderzijds door een schematische voorstelling dat het aandeel weergeeft van de theoretische en de praktische vormingscomponenten in het geheel van de opleiding.

Studierichting

Eigenheid

Studieobject

Schematische voorstelling vormingscomponenten

Elektriciteit-Elektronica TSO

De conceptstudie van een project en varianten

van een uitgevoerd project

Communiceren om het concept van productrealisaties te analyseren.

Conceptuele kenmerken van productrealisaties uit de elektriciteit-elektronica ict te analyseren.

De impact van de conceptuele kenmerken van productrealisaties uit de sector op een ontwerp duiden.





Elektrische installatietechnieken TSO

De studie van

een uit te voeren elektrisch project

Communiceren om het concept van de werkzaamheden te begrijpen en de uitvoering voor te bereiden.

Gevraagde kwaliteitscriteria te bereiken de noodzakelijke uitvoeringsrichtlijnen formuleren.

De uitvoering voorbereiden, opvolgen en bijsturen.





Elektronische installatietechnieken TSO

De studie van

een uit te voeren elektronisch project

Communiceren om het concept van de werkzaamheden te begrijpen en de uitvoering voor te bereiden.

Gevraagde kwaliteitscriteria te bereiken de noodzakelijke uitvoeringsrichtlijnen formuleren.

De uitvoering voorbereiden, opvolgen en bijsturen.





  1. Hoofddoelstellingen

    1. Basisdoelstellingen

Het leerplan streeft ernaar de leerlingen kennis, vaardigheden en attitudes bij te brengen die hen in staat moeten stellen in diverse stadia van prototyping tot technische dienst naverkoop van elektronische toestellen zelfstandig te opereren.

De leerlingen zijn na het beëindigen van hun studies in staat zelfstandig;



  • vertrekkend van een bestaand ontwerp alle stappen van de productie van prototypes of kleine series uit te voeren en de massaproductie van een ontwerp voor te bereiden,

  • geautomatiseerde systemen en procescontrole voor elektronische massaproductie te configureren, te beheren, en te onderhouden.

  • bruingoed te installeren, te configureren, te herstellen en de werking en het gebruik van de toestellen mondeling toe te lichten,

  • huishoudelijke en tertiaire computernetwerken op te zetten, te configureren, te parametreren en te onderhouden.

    1. Na te streven attitudes

    Het is enorm belangrijk om attitudes bewust en expliciet op diverse momenten na te streven. Attitudes die bijzondere aandacht verdienen zijn de volgende:

  • erop gericht zijn binnen de voorgeschreven tijd een opgedragen taak nauwkeurig te voltooien,

  • de afgesproken regels en afspraken naleven,

  • ondanks moeilijkheden, willen verder werken om het einddoel te bereiken,

  • bereid zijn zich aan te passen aan wijzigende omstandigheden (andere materialen, andere gereedschappen, nieuwe opdrachten, nieuwe technologieën …),

  • zich inleven in de situatie waarin mensen zich bevinden, er begrip voor opbrengen en er tactvol mee omgaan,

  • bereid zijn om informatie te raadplegen en op te zoeken,

  • handelen met het oog op tevredenheid van zichzelf en van anderen,

  • in een team willen functioneren,

  • bereid zijn om correct en volledig te rapporteren,

  • probleemoplossend handelen en zoeken naar oplossingen voor problemen die zich stellen,

  • kwaliteitsvol en kostprijsbewust handelen,

  • maatregelen treffen opdat richtlijnen i.v.m. preventie, milieu, gezondheid, hygiëne en ergonomie zouden kunnen worden nageleefd,

  • voor zijn mening durven uitkomen en deze op een beleefde manier formuleren en argumenteren, besluitvaardig zijn.

    Al deze attitudes terzelfder tijd nastreven is uiteraard onmogelijk. Het is daarom aangewezen om in functie van de opdracht telkens één of enkele attitudes expliciet te benadrukken.



    1. Van leerplan tot jaarplan

Dit leerplan is een graadleerplan. Het lerarenteam dient, in overleg, de leerplandoelstellingen en leerinhouden te spreiden over de twee leerjaren. Dit moet resulteren in een gezamenlijk opgestelde jaarplanning.

  1. Algemene pedagogisch-didactische wenken

    1. Inleiding

Dit leerplan wil hoofdzakelijk een leidraad zijn. De erin opgenomen doelstellingen en leerinhouden zijn een referentiekader waarmee het lerarenteam vrij kan omgaan. Het is zelf verantwoordelijk voor de wijze waarop deze doelstellingen en leerinhouden door de leerlingen kunnen worden verworven. De gekozen pedagogisch-didactische methode is dus niet zonder belang. De in dit leerplan opgenomen pedagogisch-didactische wenken zijn dan ook bedoeld als suggesties, als tips.

Het leerplan op zichzelf mag in geen geval een excuus zijn om niet naar de noden van de maatschappij en de verwachtingen van de leerlingen te luisteren. Daarom is het noodzakelijk dat er voldoende aandacht blijft bestaan voor opvoeding, voor ontplooiingskansen van elke individuele leerling, voor geloofsovertuiging…

De geboden vorming is typisch en attractief voor een leerling Elektronische Installatietechnieken. De samenhang tussen hetgeen in de klas gebeurt en in de realiteit van het arbeidsproces in het bedrijfsleven is duidelijk. Het gegeven onderwijs is dus levensecht.

Het is belangrijk dat leerlingen tijdens hun leerproces zo dikwijls mogelijk succes beleven. Zij moeten dan ook voldoende worden gewaardeerd voor het gepresteerde werk.

Gebruik ook zoveel mogelijk werkvormen. Combineer voortdurend de theorie en de praktijk. Doe steeds een beroep op denken en doen. Vermijd langdurige opdrachten met steeds terugkomende vaardigheden. Schenk voldoende aandacht aan het werken in team.


    1. Geïntegreerd werken

      1. Waarom geïntegreerd werken?

Het geïntegreerd werken biedt onmiskenbaar een aantal pedagogisch-didactische voordelen. Deze worden hieronder in het kort besproken.

Just in time learning

Het geïntegreerd werken biedt de kans om de ogenblikken, waar aandacht wordt gevergd voor theorie, te plaatsen daar waar de kans op effect het grootst is. Bijvoorbeeld op het ogenblik waar de leerling de opdracht krijgt om iets uit te voeren en de vraag stelt: “Ik moet dat nu uitvoeren, maar hoe moet dat nu en waarom?” De theorie wordt dus zoveel mogelijk gegeven in directe aansluiting met de praktijk.



Krachtige leeromgeving

De klemtoon dient gelegd op zinvol leren. Het leren moet voor de leerlingen de moeite waard zijn. Het ideale zou zijn dat zo realistisch mogelijk wordt gewerkt, zo dicht mogelijk aanleunend bij de beroepsrealiteit. Het “geïntegreerd werken” wordt nog leerkrachtiger en boeiender door met de klasgroep simultaan aan verschillende projecten te werken. Men kan kijken en vergelijken, van elkaar leren.



Het leerproces van de leerling staat centraal

De didactiek vertrekt niet van kennisoverdracht, maar van het verwerven van kennis door zelfwerkzaamheid. Het leerproces van de leerling staat centraal. Door het geven van opdrachten, uitdagingen stimuleert de leraar het leerproces van de leerling. De rol van de leraar is dus duidelijk deze van opdrachtgever, coach, begeleider. Het blijft uiteraard de opdracht om kennis en vaardigheden over te dragen, maar dan in de filosofie van: “liever dat de leerling het vraagt”, dan dat “de leraar het ongevraagd aanbiedt”.



Werken in team

Het opzetten van grotere projecten, waaraan meerdere leerlingen samen werken, is de pedagogische aanpak bij uitstek om het werken in team aan te leren.




  1   2   3


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina