Eén jaar Excellente Gebieden de stand van zaken



Dovnload 20.12 Kb.
Datum26.08.2016
Grootte20.12 Kb.
[Presentatie Fenke Rond]
Eén jaar Excellente Gebieden - de stand van zaken

Verslag van de presentatie van Fenke Rond, projectleider Agentschap NL

Platformbijeenkomst 22 september 2011
Inleiding

September 2010: 12 Excellente Gebieden krijgen symbolisch een cheque overhandigd en zijn officieel een voorbeeld voor ‘energiezuinige nieuwbouw’ in Nederland.

September 2011: 8 koplopergebieden uit Noord Nederland volgen en krijgen hun cheque overhandigd.

In totaal twintig projecten die onderdeel uitmaken van het kennis-en leertraject Excellente gebieden. Twaalf hiervan volgen we al een jaar. Deze 12 gebieden hebben afgelopen jaar gebruikt om hun ambities en plannen, de energieconcepten, beter in beeld te brengen.



  • Wat betekenen deze ambities financieel gezien?

  • Krijgen we voor dit energieconcept de businesscase rond?

  • Kiezen we voor een collectief systeem of individuele systemen?

De gebieden zijn op zoek gegaan naar de antwoorden. Door onderzoeken uit te voeren, ervaringen te verzamelen of expertise in te huren. De antwoorden die zijn gevonden hebben de realiteit afgelopen jaar dichterbij gebracht.

Agentschap NL volgt het leerproces en inventariseert de leervragen en de keuzes die worden gemaakt. De Excellente gebieden zijn langlopende projecten en zijn nu nog maar één jaar gevolgd. Toch kunnen we al interessante ontwikkelingen en tussentijdse resultaten terugkoppelen.


Overeenkomsten en verschillen

Veel gebieden werken aan hetzelfde soortvraagstukken op technologisch, organisatorisch en financieel vlak:



  • Hoe borgen we gedurende het langlopende project onze energieambities?

  • Hoe leggen we de ambities vast met andere partijen?

  • Op welke manier kan binnen dit energieconcept de warmtapwaterbereiding het best worden ingevuld?

  • Kan het oprichten van een lokaal energiebedrijf bijdragen in het behalen en financieren van onze ambities?

De invulling van die vragen echter verschilt per gebied. Elk gebied is immers anders.

Juist omdat de gekozen oplossing voor elk gebied anders is, zijn veel van de geleerde lessen gebaseerd op maatwerk.


De geleerde lessen zijn als volgt in te delen:

  1. Denken vanuit een integraal concept

  2. Denken vanuit het optimaliseren van processen – ketenbenadering en borging van kwaliteit van plan tot uitvoering.

  3. Denken vanuit juridische- en financieringsstructuren.

  4. Denken vanuit onderhoud en beheer.

  5. Denken vanuit de eindgebruiker.


1. Integraal concept

In alle gebieden wordt gewerkt vanuit een integraal concept. De energieambities zijn zo hoog dat ze niet ‘eenvoudig’ kunnen worden gehaald door het toepassen van een wat betere isolatie en een zonnepaneeltje. Door alle maatregelen (gebieds- en gebouw) op elkaar af te stemmen kunnen de ambities worden gehaald. Een paar voorbeelden:


Uden

In Uden was voor het behalen van de ambities nodig dat het stedenbouwkundig plan – op voordracht van de ontwikkelende partijen – aangepast werd, om zodoende een betere noord-zuid situering te kunnen realiseren.


Goed geïsoleerde schil

In vrijwel alle gebieden is veel aandacht voor de schil: hoge isolatiewaarden, Tripple-glas. In Amsterdam Houthavens is dit - vanwege het besef dat de schil goed geïsoleerd moet worden - meegenomen in de bouwenvelop-overeenkomst tussen gemeente, woningbouwcorporaties en ontwikkelaars. In de overeenkomst is afgesproken dat eerst maximale duurzaam casco wordt gehaald, en daarbij op infra- en productieniveau aan duurzame energie moet worden gewerkt. Dit om te voorkomen dat een ongeïsoleerde woning wordt voorzien van een collectief duurzaam warmtesysteem.


Klaar voor de toekomst

In een aantal gevallen zijn bepaalde installatie-opties of DE-opties te duur en wordt daarom de woning of het U-gebouw voorbereid op de toekomst: kabels en leidingen voor PV worden al gelegd in het gebouw (Venlo: Villa Flora), of de woning wordt alvast voorzien van LTV afgifte systeem tbv een toekomstige warmtepomp (Zuidhorn).


Warmtapwaterbereiding

De invulling van de warmtapwaterbereiding is bij aantal projecten een leervraag. Voor verwarming van de woning wordt gebruik gemaakt van WKO-installatie en dus lage water-temperaturen. Echter: voor de warmtapwaterbereiding zijn hogere temperaturen nodig. In zowel Veere (passiefhuis-eengezinswoningen ) en Spijkenisse (appartementen) is na rijp beraad en veel onderzoek gekozen voor een traditionele hr-ketel. In het ene geval per woning een ketel en in het andere geval zijn een drietal traditionele ketels in cascade geplaatst.


2. Ketenbenadering en borging kwaliteit

Nog lang niet alle gebieden zijn gestart met bouwen, daarom is nog niet veel informatie verzameld over het borgen van de kwaliteit tijdens het bouwproces. Hierbij wel vast een aantal punten hoe dit onderwerp binnen gebieden is opgepakt:


Second opinion aanvragen

Bijvoorbeeld bij de Zonneschoorsteen (Venlo), omtrent de verwachte werking van de ventilatie en de geluidsproductie in toren door aanzuigende lucht.


Het monitoren van de bouwkwaliteit en eventuele bijsturing

In Veere heeft de projectontwikkelaar samenwerkingsafspraken gemaakt met zowel de aannemer als de gemeentelijke toezichthouder, onder andere om als samenwerkende partijen te leren over passiefbouw. Concreet is daarom tussen projectontwikkelaar en aannemer is een lijst met keuringsmomenten afgesproken en schuift de gemeentelijk toezichthouder aan tijdens de bouwvergadering.


Aandacht voor de daadwerkelijke geleverde prestaties

Ook in Veere: de projectontwikkelaar gaat de woningen na oplevering 3 jaar monitoren: voldoen ze aan de verwachte energieprestaties? Worden de beloften aan de bewoners waargemaakt? Hiervoor heeft de ontwikkelaar afspraken gemaakt met het energiebedrijf Delta, die de meetapparatuur aanlegt.


Monitoringssysteem voor de gebruikers

Voorbeeld: Venlo InnovaToren: zodat tijdens de gebruikersfase benchmarking van gebruik mogelijk is.


Tip: Werkboek kopstaart aanpak en workshop 1 december a.s.

Praktijkvoorbeelden hoe gedurende het hele proces vanaf initiatieffase tot en met oplevering (ook beheer) aandacht is voor de bouwkwaliteit.
3. Juridische- en financieringsstructuren

In een aantal gebieden blijkt na een enthousiaste start met heldere afspraken dat de afspraken toch iets minder helder waren dan verwacht. The devil is in the detail - pas als de details ingevuld worden blijkt of de afspraken stand houden. En veelal blijkt dat de details in het begintraject nog niet door alle partijen goed ingeschat zijn. Dat geldt voor inzicht van technische aanleg van de energievoorziening als voor het uiteindelijke totaal financieringsplaatje. Daarom lijkt het bij contractvorming voor iedere partij een goede aanbeveling om door te denken wat het energieconcept betekent, van planfase tot werkelijke uitvoering. Het bij de hand nemen van een ervaren adviseur, die in het begin van het traject het overzicht en de details in beeld brengt bespaart tijd en geld en vooral teleurstelling.


De kosten voor energiezuinige bouw zijn hoger dan voor traditionele bouw

In een aantal gebieden worden deze meerkosten door de ontwikkelende partijen gedragen, en komen de lagere energielasten ten gunste van de toekomstige gebruiker: een corporatie die de onrendabele top voor zijn rekening neemt, een projectontwikkelaar die met minder winst genoegen neemt (vanuit de strategische overweging met dit project zoveel ervaring op de doen, dat het in de toekomst concurrenten voor blijft). Daarnaast zijn er voorbeelden waar de meerinvestering ten laste komt van de toekomstige gebruiker: hogere huren of doorberekening in de VON-prijs.

Met name voor woningcorporaties blijkt het lastig de meerinvestering bij de huurder neer te leggen: de maximale huur in verband met huurtoeslag én het voordelig lenen van geld (geborgde lening) zorgen ervoor dat de meerinverstering niet zonder meer doorberekend kan worden in de huur. Tot nu toe zijn we bij de Excellente gebieden geen creatieve oplossingen voor dit probleem tegen gekomen.
Financiering van de woning door de toekomstige eigenaar

In vrijwel alle gebieden is er aandacht voor de financiering van de woning door de toekomstige bewoner en/of eigenaar en frappant genoeg biedt in veel gevallen de plaatselijke Rabobank een oplossing in de vorm van bijvoorbeeld de Rabo-Velmolen-Buiten-hypotheek. AGNL is benieuwd naar de ervaringen rondom deze hypotheken. Wordt de faciliteit gewaardeerd en worden ze daadwerkelijk afgesloten door de toekomstige eigenaren?


Lokale duurzame energiebedrijven

Veel gebieden hebben de oprichting van een lokaal duurzaam energiebedrijf overwogen. In Den Haag is de gemeente tot de conclusie gekomen niet eigenhandig een gemeentelijk energiebedrijf op te richten, maar de projectpartners te stimuleren een gezamenlijke businesscase op te zetten.

In Groesbeek richt de corporatie Stichting Oosterpoort een EnergieBV op, die de collectieve WKO-installatie gaat exploiteren. De winst die door de EnergieBV gemaakt wordt, wordt in eerste instantie benut voor terugbetalen van de WKO-installatie, om vervolgens in de reserves van het woningcomplex te worden gestopt. De hoop en ambitie is uitgesproken dat hierdoor op termijn de huren verlaagd kunnen worden.
Wat voorbeelden op een rij:

Het uitdagen van bedrijfsleven, nieuwe aanbestedingsvormen:

- uitgedaagd innovatieve technieken - Heusden

- Slimme financieringsconstructies - Heusden

- Flexibel gebruik –Venlo (Ubouw)

Uitvragen die worden gedaan:

-traditioneel

-mix traditioneel en vraaggestuurd - Venlo InnovaToren: energieconcept (epc 0,85) al uitgedacht, tijdens aanbesteding gevraagd dit concept te optimaliseren (epc 0,67) onder andere door toevoeging zonneschoorsteen.

-volledig vraaggestuurd - Heusden
4. Onderhoud en beheer

In sommige gevallen wordt ervoor gekozen zowel de realisatie als het onderhoud door één partij te laten uitvoeren, zoals bijvoorbeeld in Venlo. In ander gevallen wordt er juist voor gekozen de installatie te laten uitvoeren door een ervaren installatiebedrijf, om het vervolgens te laten exploiteren door een bedrijf gespecialiseerd in exploitatie, onderhoud en beheer (Spijkenisse).


5. De eindgebruiker

In veel energiezuinige projecten wordt nog altijd naar de eindgebruiker gekeken als een lastig probleem die de woning of het U-gebouw niet gebruikt zoals was ontworpen. Met als gevolg klachten, hoge energierekeningen, nog meer klachten en uiteindelijk in opstand komen en de gang maken naar programma’s als Radar.

Langzaam dringt het besef door in dat we de eindgebruiker niet op die manier moeten blijven zien.

In een aantal EG komt de eindgebruiker nadrukkelijker in beeld, juist ook al in de ontwerpfase!. Zo is in Deventer één van de selectiecriterea voor het energiesysteem geweest ‘De keuzevrijheid en comfort voor de bewoner’. In Almere, Uden en Amsterdam Houthaven zijn de woonlasten als uitgangspunt genomen en is daarom extra sterk ingezet op goede energieprestaties op gebouwniveau. En in Groesbeek waren de toekomstige bewoners van het begin van het proces bekend, omdat 70% van de huurders terug keert naar de vervangende nieuwbouw.


Bewonersbetrokkenheid/voorlichting

In vrijwel elk project is aandacht voor voorlichting. Vaak in eerste instantie vanuit marketingoverwegingen, om kopers te vinden voor de woningen, om in tweede instantie voorlichting te geven aan toekomstige bewoners over het gebruik van de woning. In veel gebieden wordt sterk ingezet op het voorlichten van bewoners over de nieuwe technieken die in het huis zijn gebruikt, met als uiteindelijk doel een tevreden bewoners en minder klachten. Hiervoor worden voorbeeldwoningen ingericht, nieuwsbrieven uitgegeven, websites en films gemaakt en bewonersavonden georganiseerd. Onderzoek wijst uit dat een goed voorgelichte bewoner tevredener is over de gekozen maatregelen.



Een andere conclusie uit veel onderzoeken is dat het gebouwgebonden energieverbruik steeds lager wordt, en dat juist het gebruiksgebonden deel toe neemt. Waar blijf je dan de ambities om zeer energiezuinig te bouwen, misschien zelfs energie-nul woningen op te leveren? In Veere en Groesbeek is contact gezocht met een plaatselijke witgoedleverancier om korting te geven op extreem zuinig witgoed (AA++). En dan is het nu afwachten of de klant daadwerkelijk gebruik gaat maken van deze service.




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina