Europees parlement



Dovnload 102.32 Kb.
Datum18.08.2016
Grootte102.32 Kb.


EUROPEES PARLEMENT

1999



2004

Zittingsdocument

<RefStatus>DEFINITIEVE VERSIERefStatus>

A5-0370/2001



{24/10/2001}24 oktober 2001

*

VERSLAG

1. over het initiatief van het Koninkrijk België en het Koninkrijk Zweden met het oog op de aanneming van een besluit van de Raad houdende uitbreiding van het mandaat van Europol tot de in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst vermelde ernstige vormen van internationale criminaliteit

(9093/2001 – C5 0266/2001 – 2001/0817(CNS))

en

2. over het initiatief van het Koninkrijk Zweden met het oog op de aanneming van een besluit van de Raad tot wijziging van het besluit van de Raad van 12 maart 1999 houdende vaststelling van de regels betreffende de verstrekking van persoonsgegevens door Europol aan derde staten en instanties



(8785/2001 - C5-0218/2001 - 2001/0807(CNS))


{LIBE}Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken

Rapporteur: Maurizio Turco





Verklaring van de gebruikte tekens

* Raadplegingsprocedure
Meerderheid van de uitgebrachte stemmen

**I Samenwerkingsprocedure (eerste lezing)


Meerderheid van de uitgebrachte stemmen

**II Samenwerkingsprocedure (tweede lezing)


Meerderheid van de uitgebrachte stemmen voor de goedkeuring van het gemeenschappelijk standpunt

Meerderheid van de leden van het Parlement voor de verwerping of amendering van het gemeenschappelijk standpunt

*** Instemming


Meerderheid van de leden van het Parlement, behalve in de in de artikelen 105, 107, 161 en 300 van het EG-Verdrag en in artikel 7 van het EU-Verdrag bedoelde gevallen

***I Medebeslissingsprocedure (eerste lezing)


Meerderheid van de uitgebrachte stemmen

***II Medebeslissingsprocedure (tweede lezing)


Meerderheid van de uitgebrachte stemmen voor de goedkeuring van het gemeenschappelijk standpunt
Meerderheid van de leden van het Parlement voor de verwerping of amendering van het gemeenschappelijk standpunt

***III Medebeslissingsprocedure (derde lezing)


Meerderheid van de uitgebrachte stemmen voor de goedkeuring van de gemeenschappelijke ontwerptekst
(De aangeduide procedure is gebaseerd op de door de Commissie voorgestelde rechtsgrondslag.)




Amendementen op wetsteksten

Door het Parlement aangebrachte wijzigingen worden in vet cursief aangegeven. De markering in mager cursief is een aanwijzing voor de technische diensten en betreft passages in de wetstekst waarvoor een correctie wordt voorgesteld (bijvoorbeeld aperte fouten of weglatingen in een taalversie). Dergelijke correcties moeten worden goedgekeurd door de betrokken technische diensten.






INHOUD


Blz.

PROCEDUREVERLOOP 4

WETGEVINGSVOORSTEL 6

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE 11

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE 16



ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE 16

TOELICHTING 17


PROCEDUREVERLOOP

1. Bij schrijven van {18-06-2001}18 juni 2001 verzocht de Raad, overeenkomstig artikel 39, lid 1 van het EU Verdrag, het Parlement om advies inzake het initiatief van het Koninkrijk België en het Koninkrijk Zweden met het oog op de aanneming van een besluit van de Raad houdende uitbreiding van het mandaat van Europol tot de in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst vermelde ernstige vormen van internationale criminaliteit (9093/2001 – 2001/0817(CNS)).

Op {02-07-2001}2 juli 2001 gaf de Voorzitter van het Parlement kennis van de verwijzing van dit initiatief naar de {LIBE}Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken als commissie ten principale (C5 0266/2001).

2. Bij schrijven van {18-06-2001}30 mei 2001 verzocht de Raad, overeenkomstig artikel 39, lid 1 van het EU Verdrag, het Parlement om advies inzake het initiatief van het Koninkrijk Zweden met het oog op de aanneming van een besluit van de Raad tot wijziging van het besluit van de Raad van 12 maart 1999 houdende vaststelling van de regels betreffende de verstrekking van persoonsgegevens door Europol aan derde staten en instanties (8785/2001 - 2001/0807(CNS)).

Op {02-07-2001}31 mei 2001 gaf de Voorzitter van het Parlement kennis van de verwijzing van dit initiatief naar de {LIBE}Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken als commissie ten principale (C5 0218/2001).

De {LIBE}Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken benoemde op haar vergadering van {11-07-2001}11 juli 2001 Maurizio Turco tot rapporteur.

De commissie behandelde de initiatieven van het Koninkrijk België en het Koninkrijk Zweden en het ontwerpverslag op haar vergaderingen van 27 augustus, 9 oktober en 22 oktober 2001.

Op laatstgenoemde vergadering hechtte zij

1. met 29 stemmen voor en 7 tegen haar goedkeuring aan de ontwerpwetgevingsresolutie;

2. met 30 stemmen voor en 6 tegen haar goedkeuring aan de ontwerpwetgevingsresolutie.


Bij de stemming waren aanwezig: Graham R. Watson (voorzitter), Robert J.E. Evans en Bernd Posselt (ondervoorzitters); Maurizio Turco (rapporteur); Hans Blokland (verving Ole Krarup), Alima Boumediene-Thiery, Marco Cappato, Michael Cashman, Charlotte Cederschiöld, Carmen Cerdeira Morterero (verving Ozan Ceyhun), Carlos Coelho, Thierry Cornillet, Gérard M.J. Deprez, Giuseppe Di Lello Finuoli, Francesco Fiori (verving Marcello Dell'Utri, overeenkomstig artikel 153, lid 2 van het Reglement), Pernille Frahm, Evelyne Gebhardt (verving Adeline Hazan), Daniel J. Hannan, Jorge Salvador Hernández Mollar, Margot Keßler, Timothy Kirkhope, Eva Klamt, Baroness Sarah Ludford, Lucio Manisco (verving Fodé Sylla), Luís Marinho (verving Martin Schulz), Juan Andrés Naranjo Escobar (verving Mary Elizabeth Banotti), Elena Ornella Paciotti, Paolo Pastorelli, Martine Roure (verving Sérgio Sousa Pinto), Agnes Schierhuber (verving Hartmut Nassauer, overeenkomstig artikel 153, lid 2 van het Reglement), Patsy Sörensen, Anna Terrón i Cusí, Astrid Thors (verving Bertel Haarder, overeenkomstig artikel 153, lid 2, van het Reglement), Anne E.M. Van Lancker (verving Joke Swiebel), Gianni Vattimo en Christian Ulrik von Boetticher.

Het verslag werd ingediend op 24 oktober 2001.

De termijn voor de indiening van amendementen wordt bekendgemaakt in de ontwerpagenda voor de vergaderperiode waarin het verslag wordt behandeld.


WETGEVINGSVOORSTEL

1. Initiatief van het Koninkrijk België en het Koninkrijk Zweden met het oog op de aanneming van een besluit van de Raad houdende uitbreiding van het mandaat van Europol tot de in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst vermelde ernstige vormen van internationale criminaliteit (9093/2001 – C5 0266/2001 – 2001/0817(CNS))

Dit voorstel wordt als volgt gewijzigd:





Door het Koninkrijk België en het Koninkrijk Zweden voorgestelde tekst1




Amendementen van het Parlement

Amendement 1

Overweging 1 bis (nieuw)




(1 bis) Een voorstel voor een algemene hervorming van de instrumenten op het gebied van justitiële en politiële samenwerking, met inbegrip van een herziening van de Europol-Overeenkomst, overeenkomstig de beste normen en methodes inzake democratische controle op politiediensten in de lidstaten, moet op initiatief van de Commissie worden ingediend voor eind 2001. Deze algemene hervorming moet zijn gericht op de geleidelijke communautarisering van deze instrumenten, de versterking van het rechterlijk toezicht door het Hof van Justitie en de financiering ervan uit de communautaire begroting.

Motivering

Het is in het belang van de Europese Unie zo spoedig mogelijk de instrumenten op het gebied van justitiële en politiële samenwerking te reorganiseren.

Amendement 2

Overweging 2

(2) De doeltreffendheid van de samenwerking in het kader van de Europol-Overeenkomst zou worden vergroot indien Europol op bepaalde als prioritair aangemerkte gebieden zijn taken zou kunnen uitvoeren met betrekking tot alle in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst vermelde aspecten van de internationale georganiseerde criminaliteit,

(2) In afwachting van deze hervorming zou de doeltreffendheid van de samenwerking in het kader van de Europol-Overeenkomst worden vergroot indien Europol op bepaalde als prioritair aangemerkte gebieden zijn taken zou kunnen uitvoeren met betrekking tot alle in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst vermelde aspecten van de internationale georganiseerde criminaliteit,

Motivering

De toekomstige hervorming is geen reden om bepaalde verbeteringen aan de werking van Europol die nu al mogelijk zijn, niet aan te brengen.
Amendement 3

Overweging 2 bis (nieuw)






(2 bis) De vaststelling van de als prioritair aangemerkte gebieden moet zijn gebaseerd op een permanente en gedecentraliseerde verzameling van gegevens over de evolutie van de criminaliteit op het grondgebied van de lidstaten; het is bijgevolg wenselijk dat het Europees Parlement en Eurojust over deze vaststelling worden geraadpleegd.

Motivering

Door de uitbreiding van het mandaat van Europol tot de in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst vermelde ernstige vormen van internationale criminaliteit kunnen de krachten van Europol worden versnipperd, als niet tegelijk prioritaire actiegebieden worden vastgesteld, op basis van de evolutie van de criminaliteit in de Unie. Bovendien moeten het Europees Parlement en Eurojust over de vaststelling van deze prioritaire gebieden worden geraadpleegd.

Amendement 4

Artikel 1

Europol wordt hierbij opgedragen de in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst genoemde ernstige vormen van internationale criminaliteit aan te pakken.

Europol wordt hierbij opgedragen de in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst genoemde ernstige vormen van internationale criminaliteit aan te pakken. Ingeval de Raad kaderbesluiten goedkeurt over de vaststelling van de bestanddelen van afzonderlijke strafbare feiten, vervangen deze de desbetreffende regels in de Europol-Overeenkomst en de bijlagen ervan.

Motivering

Om in de Unie een duidelijk en eenvormig juridisch kader te behouden voor de op Europees niveau vastgestelde definities van strafbare feiten, is nodig dat de kaderbesluiten van de Raad de desbetreffende regels in de Europol-Overeenkomst en de bijlagen ervan vervangen.

Amendement 5

Artikel 2, lid -1 (nieuw)




-1. Europol zorgt in nauwe samenwerking met de lidstaten voor de permanente en gedecentraliseerde verzameling van gegevens over de evolutie van de internationale criminaliteit op het grondgebied van de lidstaten. Deze gegevens worden opgenomen in het in artikel 28, lid 10, eerste alinea, punt 1) van de Overeenkomst bedoelde jaarverslag en in de bijzondere verslagen, zoals dat over terrorisme.

Motivering

De gegevens over de evolutie van de internationale georganiseerde criminaliteit die op het niveau van de lidstaten worden verzameld en die nodig zijn om Europol in staat te stellen om met kennis van zaken prioritaire actiegebieden te bepalen, moeten in de jaarlijkse activiteitenverslagen van Europol en in de bijzondere verslagen over specifieke sectoren van de internationale criminaliteit, zoals dat over terrorisme, worden geïntegreerd en geanalyseerd.

Amendement 6



Artikel 2, lid 1



1. De Raad besluit met eenparigheid van stemmen, op voorstel van de Raad van Bestuur, aan welke ernstige vormen van internationale criminaliteit prioriteit wordt verleend.

1. De Raad besluit op voorstel van de Raad van Bestuur en na raadpleging van het Europees Parlement en Eurojust, rekening houdend met de operationele behoeften van de lidstaten en met de gevolgen voor Europol qua begroting en personeel, met een tweederde meerderheid welke gebieden binnen het optreden van Europol prioritair zijn.

Motivering

De vaststelling van de gebieden die binnen het optreden van Europol prioritair zijn moet enerzijds gebeuren volgens een soepelere procedure (tweederde meerderheid in de Raad in plaats van eenparigheid van stemmen) en anderzijds moeten het Parlement en Eurojust erbij worden betrokken via een raadpleging. Voorts moet rekening worden gehouden met overwegingen als de operationele behoeften van de lidstaten en de gevolgen voor Europol qua begroting en personeel.

Amendement 7



Artikel 2, lid 3



3. In het algemeen verslag over de activiteiten van Europol in het voorgaande jaar, bedoeld in artikel 28, lid 10, eerste alinea, punt 1, worden de prioriteiten en de uitvoering ervan uitdrukkelijk vermeld en weergegeven.

3. In het algemeen verslag over de activiteiten van Europol in het voorgaande jaar, bedoeld in artikel 28, lid 10, eerste alinea, punt 1, worden deze prioriteiten alsmede de uitvoering en de verwachte evolutie ervan voor het volgende jaar uitdrukkelijk vermeld en weergegeven. Het algemeen verslag wordt toegezonden aan het Europees Parlement met het oog op het jaarlijkse debat bedoeld in artikel 39 van het EU-Verdrag en vervolgens samen met het standpunt van het Europees Parlement en Eurojust en de eventuele opmerkingen en beoordelingen van individuele lidstaten gepubliceerd.

Motivering

Het Europees Parlement en Eurojust moeten met betrekking tot de vaststelling van de prioritaire actiegebieden worden geraadpleegd.

Amendement 8

Artikel 3, lid 1

1. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2002.

1. Dit besluit treedt in werking op 1 maart 2002.

Motivering

De lidstaten en Europol moeten meer tijd krijgen om de uitwisseling en analyse van gegevens over de internationale georganiseerde criminaliteit, die met de vorige amendementen wordt voorgesteld, te organiseren.

ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE



Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement over het initiatief van het Koninkrijk België en het Koninkrijk Zweden met het oog op de aanneming van een besluit van de Raad houdende uitbreiding van het mandaat van Europol tot de in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst vermelde ernstige vormen van internationale criminaliteit (9093/01 – C5 0266/2001 – 2001/0817(CNS))


(Raadplegingsprocedure)


Het Europees Parlement,

– gezien het initiatief van het Koninkrijk België en het Koninkrijk Zweden (9093/20011),

– geraadpleegd door de Raad overeenkomstig artikel 39,lid 1 van het EG Verdrag (C5 0266/2001),

– gelet op de artikelen 106 en 67 van zijn Reglement,

– gezien het verslag van de {LIBE}Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken (A5 0370/2001),

1. hecht zijn goedkeuring aan het aldus gewijzigde initiatief van het Koninkrijk België en het Koninkrijk Zweden

2. verzoekt de Raad dit voorstel dienovereenkomstig te wijzigen;

3. verzoekt de Raad, wanneer hij voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst, het Parlement hiervan op de hoogte te stellen;

4. wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het onderhavige initiatief van het Koninkrijk België en het Koninkrijk Zweden;

5. verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, evenals de regeringen van het Koninkrijk België en het Koninkrijk Zweden.

WETGEVINGSVOORSTEL

2. Initiatief van het Koninkrijk Zweden met het oog op de aanneming van een besluit van de Raad tot wijziging van het besluit van de Raad van 12 maart 1999 houdende vaststelling van de regels betreffende de verstrekking van persoonsgegevens door Europol aan derde staten en instanties (8785/2001 – C5 0218/2001 – 2001/0807(CNS))

Dit voorstel wordt als volgt gewijzigd:





Door het Koninkrijk Zweden voorgestelde tekst1




Amendementen van het Parlement

Amendement 1

Titel van het wetgevingsvoorstel

Initiatief van het Koninkrijk Zweden met het oog op de aanneming van een besluit van de Raad tot wijziging van het besluit van de Raad van 12 maart 1999 houdende vaststelling van de regels betreffende de verstrekking van persoonsgegevens door Europol aan derde staten en instanties

Initiatief van het Koninkrijk Zweden met het oog op de aanneming van een besluit van de Raad tot wijziging van de besluiten houdende vaststelling van de regels betreffende de verstrekking van persoonsgegevens door Europol aan derde staten en instanties of aan organismen van de Europese Unie

Motivering

Deze wijziging is coherent met amendement 6 tot wijziging van het besluit van de raad van bestuur van Europol.

Amendement 2

Overweging –1 (nieuw)




(-1) Een voorstel voor een algemene hervorming van de instrumenten op het gebied van justitiële en politiële samenwerking, met inbegrip van een herziening van de Europol-Overeenkomst, overeenkomstig de beste normen en methodes inzake democratische controle op politiediensten in de lidstaten, moet op initiatief van de Commissie worden ingediend voor eind 2001. Deze algemene hervorming moet zijn gericht op de geleidelijke communautarisering van deze instrumenten, de versterking van het rechterlijk toezicht door het Hof van Justitie en de financiering ervan uit de communautaire begroting.

Motivering

Het is in het belang van de Europese Unie zo spoedig mogelijk de instrumenten op het gebied van justitiële en politiële samenwerking te reorganiseren.

Amendement 3

Overweging 1

(1) De Raad dient met eenparigheid van stemmen de algemene regels aan te nemen betreffende de verstrekking van gegevens door Europol aan derde staten of instanties, met inachtneming van de omstandigheden bedoeld in artikel 18, lid 3, van de Europol-overeenkomst.

(1) In afwachting van deze hervorming dient de Raad met eenparigheid van stemmen de algemene regels aan te nemen betreffende de verstrekking van gegevens door Europol aan derde staten of instanties, met inachtneming van de omstandigheden bedoeld in artikel 18, lid 3, van de Europol-overeenkomst.

Motivering

De toekomstige hervorming is geen reden om bepaalde verbeteringen aan de werking van Europol die nu al mogelijk zijn, niet aan te brengen.

Amendement 4

Artikel 1, punt 2

Artikel 5, punt 5, letter b bis) (nieuw)




b bis) Voor de overeenkomsten inzake de verdere overdracht wordt erin voorzien dat de garanties bedoeld in artikel 7 van dit besluit, worden geboden.

Motivering

De garanties met betrekking tot de verbetering en verwijdering van persoonsgegevens, waarin is voorzien in artikel 7 van het Besluit van de Raad van 12 maart 1999 houdende vaststelling van de regels betreffende de verstrekking van persoonsgegevens door Europol aan derde staten en instanties, waarop het onderhavige wijzigingsbesluit betrekking heeft, moeten ook worden geboden bij de verdere overdracht van gegevens.

Amendement 5

Artikel 1, punt 3



Artikel 9 bis (nieuw)

3) het volgende artikel wordt toegevoegd:
"Artikel 9 bis

Evaluatie

Vanaf 1 januari 2005 worden deze regels geëvalueerd onder toezicht van de Raad van bestuur, die het advies van het gemeenschappelijk controleorgaan inwint.".


3) het volgende artikel wordt toegevoegd:
"Artikel 9 bis

Evaluatie

Vanaf 1 januari 2003 worden deze regels geëvalueerd onder toezicht van de Raad van bestuur, die het advies van het gemeenschappelijk controleorgaan inwint.".


Motivering

Het is wenselijk te voorzien in een spoedigere evaluatie van de onderhavige regels.

Amendement 6



ARTIKEL 1 bis (nieuw)

Artikel 1, letter a) van het besluit van de raad van bestuur van Europol van 15 oktober 1998





In artikel 1 van het besluit van de raad van bestuur van Europol van 15 oktober 1998 houdende vaststelling van de regeling betreffende de externe betrekkingen van Europol met aan de Europese Unie gerelateerde instanties wordt letter a) als volgt vervangen:




"«aan de Europese Unie gerelateerde instanties»: de instanties als bedoeld in artikel 10, lid 4, punten 1 tot en met 3, van de Europol-Overeenkomst, alsmede Eurojust";

Motivering

Een rechtstreeks verband moeten worden ingevoerd tussen Europol en Eurojust, om de in het VEU ingestelde en in Nice gewijzigde samenwerking te versterken.

Amendement 7

Artikel 2

1. Dit besluit treedt in werking op de dag volgende op die waarop het wordt aangenomen.
2. Het besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad.

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad en treedt in werking 20 dagen na de publicatie.

Motivering

De praktijk volgens welke de besluiten van de Raad in werking treden op het ogenblik dat zij worden goedgekeurd en niet op zijn vroegst wanneer zij worden bekendgemaakt in het Publicatieblad, is af te keuren. Het is een juridisch grondbeginsel dat de wet openbaar moet zijn en dat men er kennis van moet kunnen nemen. Noch de initiatieven van de Raad, noch die van het Koninkrijk Zweden mogen hierop een uitzondering vormen.
ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement over het initiatief van het Koninkrijk Zweden met het oog op de aanneming van een besluit van de Raad tot wijziging van het besluit van de Raad van 12 maart 1999 houdende vaststelling van de regels betreffende de verstrekking van persoonsgegevens door Europol aan derde staten en instanties (8785/2001 – C5 0218/2001 – 2001/0807(CNS))


(Raadplegingsprocedure)


Het Europees Parlement,

– gezien het initiatief van het Koninkrijk Zweden (8785/20011),

– geraadpleegd door de Raad overeenkomstig artikel 39, lid 1 van het EG Verdrag (C5 0218/2001),

– gelet op de artikelen 106 en 67 van zijn Reglement,

– gezien het verslag van de {LIBE}Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken (A5 0370/2001),

1. hecht zijn goedkeuring aan het aldus gewijzigde initiatief van het Koninkrijk Zweden;

2. verzoekt de Raad dit voorstel dienovereenkomstig te wijzigen;

3. verzoekt de Raad, wanneer hij voornemens is af te wijken van de door het Parlement goedgekeurde tekst, het Parlement hiervan op de hoogte te stellen;

4. wenst opnieuw te worden geraadpleegd ingeval de Raad voornemens is ingrijpende wijzigingen aan te brengen in het onderhavige initiatief van het Koninkrijk Zweden;

5. verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie, evenals de regering van het Koninkrijk Zweden.
TOELICHTING
INHOUD VAN DE VOORSTELLEN VAN BELGIË EN ZWEDEN EN amendementEN DIE DOOR DE rapporteur WORDEN VOORGESTELD
De twee initiatieven van België en Zweden waarover het Europees Parlement wordt geraadpleegd, hebben betrekking op de uitbreiding van het mandaat van Europol tot de in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst vermelde ernstige vormen van internationale criminaliteit en op de regels betreffende de verstrekking van persoonsgegevens door Europol aan derde staten en instanties.

De rapporteur dient een aantal amendementen in om de twee voorstellen te verbeteren, maar de juridische marges voor de onderhavige besluiten maken radicalere hervormingen, met name met betrekking tot de Europol-Overeenkomst, niet mogelijk. Het besluit van de Raad betreffende de uitbreiding van het mandaat van Europol heeft als doel de efficiëntie van de samenwerking binnen het kader van de Europol-Overeenkomst te verbeteren, door Europol de mogelijkheid te verlenen op bepaalde prioritaire gebieden zijn bevoegdheden uit te oefenen ten aanzien van alle vormen van internationale georganiseerde criminaliteit die in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst zijn vermeld. Volgens de rapporteur moet de Raad met het oog op een grotere efficiëntie bij Europol prioritaire actiegebieden vaststellen, waarbij deze vaststelling moet zijn gebaseerd op een permanente en gedecentraliseerde verzameling van gegevens over de evolutie van de criminaliteit op het grondgebied van de lidstaten, rekening houdend met de operationele behoeften van deze laatsten en met de gevolgen voor Europol qua begroting en personeel, en voorafgegaan door een raadpleging van het Europees Parlement (amendementen 1 en 4). Bovendien moet Europol in nauwe samenwerking met de lidstaten zorgen voor de permanente en gedecentraliseerde verzameling van gegevens over de evolutie van de criminaliteit op het grondgebied van de lidstaten en moet het deze gegevens opnemen in het in artikel 28, lid 10, eerste alinea, punt 1) van de Overeenkomst bedoelde jaarverslag en in de bijzondere verslagen, zoals dat over het terrorisme (amendement 3). Als Europol is belast met de in de bijlage bij de Europol-Overeenkomst vermelde ernstige vormen van internationale criminaliteit, moet ter wille van de juridische coherentie worden gepreciseerd dat, ingeval de Raad kaderbesluiten goedkeurt over de vaststelling van de bestanddelen van afzonderlijke strafbare feiten, deze de desbetreffende regels in de Europol-Overeenkomst en de bijlagen ervan vervangen (amendement 2). Daarnaast moeten de prioriteiten alsmede de uitvoering en de verwachte evolutie ervan voor het volgende jaar in de algemene verslagen over de activiteiten van Europol uitdrukkelijk worden vermeld en weergegeven. Om een grondiger en transparanter debat over de toestand van de criminaliteit in Europa mogelijk te maken, moeten deze verslagen voorts worden toegezonden aan het Europees Parlement, met het oog op het jaarlijkse debat bedoeld in artikel 39 van het EU-Verdrag, en vervolgens samen met het standpunt van het Parlement en de eventuele opmerkingen en beoordelingen van individuele lidstaten worden gepubliceerd (amendement 5).

Wat het tweede voorstel betreft, over de verstrekking van persoonsgegevens, stelt de rapporteur voor toe te voegen dat de garanties waarin is voorzien in artikel 7 van het te wijzigen besluit, zowel moeten worden geboden bij overeenkomsten inzake de verstrekking als bij overeenkomsten inzake de verdere overdracht van persoonsgegevens (amendement 1), de evaluatie van de regels te vervroegen van 2005 naar 2003 (amendement 2) en te preciseren dat het wijzigingsbesluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad en in werking treedt 20 dagen na de publicatie (amendement 3).
noodzaak en dringend karakter van de hervorming van europol om democratsiche controle en rechterlijk toezicht erop mogelijk te maken
De hierboven genoemde amendementen zijn nodig om de besluiten waarover het Europees Parlement wordt geraadpleegd, substantieel te verbeteren, maar tegelijk mag het Parlement niet de gelegenheid voorbij laten gaan om tegenover de Raad en de lidstaten opnieuw zijn bezorgdheid over Europol uit te spreken en zijn verzoeken met betrekking tot dit orgaan te laten kennen.

Sinds de oprichting van Europol heeft het Europees Parlement de noodzaak beklemtoond om te voorzien in controle erop. Het vooruitzicht van de uitbreiding van de bevoegdheden van Europol om het hoofd te bieden aan het opkomende terrorisme, het schandaal waarbij een functionaris van Europol is betrokken en de terughoudendheid van de nationale politiediensten om hun gegevens aan Europol door te spelen, alsmede de oprichting van een groep nationale en Europese afgevaardigden die benadrukken dat het belangrijk is de democratische controle op Europol en op de beslissingen die op het gebied van de ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid worden genomen, te versterken, hebben de Raad ertoe aangezet de Europese Commissie te verzoeken voor het einde van het jaar een mededeling over de democratische controle op Europol op te stellen. De Raad heeft dit probleem al vaak besproken, en bij dergelijk besprekingen komt ook een hervorming van de Overeenkomst ter sprake. Bovendien heeft commissaris Vitorino meermaals bevestigd dat hij het nuttig acht een gemengde controlecommissie voor Europol op te richten, samengesteld uit nationale en Europese parlementsleden. Hierna volgen enkele van de meest controversiële aspecten van Europol.



a) De democratische controle op Europol: deze is op dit ogenblik bijzonder moeilijk, om niet te zeggen eigenlijk onbestaande, en dit als gevolg van een aantal elementen. In de eerste plaats situeert Europol zich aan de rand van het bouwwerk dat de Unie is, doordat de rechtgrondslag ervan bestaat in een overeenkomst tussen de lidstaten van de Unie, waardoor het bijzonder moeilijk wordt de rechten en plichten van dit orgaan en van de instellingen ten aanzien van elkaar vast te stellen en er levendige debatten ontstaan tussen enerzijds het Parlement en de Commissie en anderzijds de Raad. Het probleem van de informatie en de raadpleging van het Europees Parlement (en van de parlementen van de lidstaten) over de besluiten die op Europol betrekking hebben, is hiervan een voorbeeld. Zo wordt het Europees Parlement bijvoorbeeld wel geraadpleegd over de verhoging van de salarissen van Europol-ambtenaren, maar niet over veel belangrijkere documenten zoals het activiteitenprogramma van Europol. In de tweede plaats is het Europees Parlement niet bevoegd om een rechtstreekse democratische controle uit te oefenen. De democratische controle zou volgens sommigen worden uitgeoefend door de lidstaten, via hun vertegenwoordiger in de raad van bestuur en via de ministers in de Raad. In verband hiermee zij evenwel opgemerkt dat in een situatie waar de transparantie beperkt is en de informatie aan de nationale parlementen en het Europees Parlement schaars, vijftien controles het risico lopen oppervlakkig of overbodig te zijn, dan wel Europol te blokkeren of de efficiëntie en doelmatigheid ervan te beperken.

b) Financiële en budgettaire controle: Europol wordt gefinancierd door de lidstaten en niet uit de communautaire begroting. Als gevolg hiervan hebben het Europees Parlement en de Commissie geen enkele bevoegdheid op het gebied van financiële en budgettaire controle, waardoor zij de werking van dit orgaan noch kunnen sturen, noch geheel of gedeeltelijk blokkeren.

c) Rechterlijk toezicht: het Hof van Justitie heeft geen volledige bevoegdheid qua rechterlijk toezicht op Europol. Bovendien zij opgemerkt dat de Europol-ambtenaren een verregaande immuniteit genieten, die hen beschermt tegen het rechterlijk toezicht dat op nationaal niveau zou kunnen worden uitgeoefend.

d) De geleidelijke uitbreiding van het mandaat en de bevoegdheden van Europol: waar Europol zich aanvankelijk bezighield met aan drugs gerelateerde criminaliteit, worden de bevoegdheden van het orgaan met het onderhavige besluit eigenlijk uitgebreid tot alle vormen van criminaliteit. Bovendien worden in de Raad besprekingen gevoerd over: de oprichting van gemeenschappelijke onderzoeksteams, de verlening van de bevoegdheid aan Europol om de lidstaten te verzoeken een onderzoek op te starten, het geven van een belangrijkere rol aan de hoofden van de nationale eenheden van Europol, een verhoging van de capaciteiten voor de analyse en de creatie van dossiers, de instelling van een samenwerking tussen Europol en Eurojust, een structurering van de samenwerking tussen Europol en de task force van de hoofden van politiediensten, een uitbreiding van de toegang tot het informatiesysteem van Europol, het verlenen aan Europol van toegang tot het SIS, het toestaan van technische ondersteuning door Europol bij acties op het terrein, de bevordering van een ruimere verspreiding van de gegevens, het toestaan van de bewaring van persoonsgegevens in analysedossiers voor langere tijd.

CONCLUSIES
De uitbreiding van de bevoegdheden van Europol is zeker wenselijk, per slot van rekening bestaat in alle federale of confederale staten een federale of confederale politiedienst, maar de overwegingen over de noodzaak en het dringende karakter van een hervorming van Europol om de democratische en financiële controle en het rechterlijke toezicht op het orgaan op communautair niveau mogelijk te maken, mogen niet naar de tweede plaats worden verdrongen. Om het Europees Parlement in staat te stellen om, op het moment dat de Raad en de Commissie zich opmaken om de bevoegdheden van Europol uit te breiden, tegenover deze instellingen zijn bezorgdheid uit te spreken en hun zijn verzoeken te laten kennen, stelt de rapporteur naast de amendementen op de door België en Zweden voorgestelde besluiten, een aantal wijzigingen aan de ontwerpwetgevingsresolutie voor. De Europese Commissie wordt verzocht een voorstel op te stellen voor de hervorming van de instrumenten op het gebied van juridische en politiële samenwerking, met inbegrip van een herziening van de Europol-Overeenkomst, overeenkomstig de beste normen en methodes inzake democratische controle op politiediensten in de lidstaten. Een dergelijke hervorming moet zijn gericht op de geleidelijke communautarisering van deze instrumenten, die dan kunnen worden gefinancierd uit de communautaire begroting. Het Hof van Justitie moet volledige bevoegdheid krijgen qua rechterlijk toezicht op Europol. De Raad wordt verzocht de operationele rol van Europol niet te bevorderen tot deze hervormingen zijn uitgevoerd.

Hoewel de overwegingen hierboven en het ontbreken van medebeslissingsbevoegdheid van het Europees Parlement op het gebied van justitie en binnenlandse zaken (het Europees Parlement kan op dit gebied enkel worden geraadpleegd en heeft geen invloed op de genomen of te nemen beslissingen) een verwerping van de beide onderhavige initiatieven kunnen verantwoorden en een verwerping de Raad en de lidstaten beter bewust zou maken van de noodzaak en het dringende karakter van de hervorming van Europol, kunnen de amendementen van de rapporteur de initiatieven verduidelijken en verbeteren en kan met de goedkeuring ervan de Raad en de lidstaten een duidelijk politiek signaal worden gestuurd van kritiek op de huidige situatie, waarbij tegelijk een aantal basisideeën voor een hervorming worden voorgesteld.




1 PB C 176 van 21.6.2001, blz. 26.

1 PB C 176 van 21.6.2001, blz. 26.

1 PB C 163 van 6.6.2001, blz. 13.

1 PB C 163 van 6.6.2001, blz. 13.

RR\452878NL.doc


PE 302.284

NL NL

: documenteu
documenteu -> Het Parlement heeft herhaaldelijk verzocht om een horizontale richtlijn die alle vormen van discriminatie verbiedt. We hebben opgeroepen tot dringende actie tegen discriminatie van homoseksuelen en homofobie
documenteu -> Definitieve versie
documenteu -> Europees Economisch en Sociaal Comité
documenteu -> $$$ Discussie notitie over concept-richtlijn tegen rassendiscriminatie 10 januari 2000
documenteu -> Verslag van de bijeenkomst van de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken, 6 en 7 december 2007 te Brussel
documenteu -> Verslag van de bijeenkomst van de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken, 8 en 9 november 2007 te Brussel
documenteu -> Verslag van de bijeenkomst van de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken, 27 en 28 november 2008 te Brussel
documenteu -> Verslag van de bijeenkomst van de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken, 23 oktober 2009 te Luxemburg
documenteu -> Verslag van de bijeenkomst van de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken, 12 en 13 juni 2007 te Luxemburg
documenteu -> Verslag van de bijeenkomst van de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken, 5 en 6 juni 2008 te Luxemburg




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina