Europese commissie europees bureau voor fraudebestrijding



Dovnload 251.29 Kb.
Pagina1/9
Datum17.10.2016
Grootte251.29 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7   8   9



EUROPESE COMMISSIE

EUROPEES BUREAU VOOR FRAUDEBESTRIJDING (OLAF)


Directoraat D (beleid)
Eenheid D.2 Fraudepreventie


Handboek

De rol van controleurs/auditors van de lidstaten in fraudepreventie en -opsporing

m.b.t. de Europese structuur- en investeringsfondsen

Ervaringen en praktijk in de lidstaten

Opgesteld door een werkgroep van deskundigen van de lidstaten onder leiding en coördinatie van de Eenheid fraudepreventie, -melding en -analyse van het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF)




DISCLAIMER
Dit werkdocument is bedoeld om de uitvoering van de Europese structuur- en investeringsfondsen (ESIF) te vergemakkelijken en goede werkmethoden aan te moedigen. Het document is niet wettelijk bindend voor de lidstaten, maar voorziet de controle-/auditautoriteiten in algemene richtsnoeren en aanbevelingen voor goede werkmethoden.

Deze richtsnoeren doen geen afbreuk aan de nationale wetgeving van de lidstaten. De richtsnoeren moeten gelezen worden in het licht van, en kunnen aangepast worden aan, de nationale rechtskaders.

Dit handboek doet geen afbreuk aan de interpretatie van het Hof van Justitie en het Gerecht, of aan de besluiten van de Commissie.

OPMERKING

Dit document heeft geen verbindende kracht voor de lidstaten. Evenmin worden hierin nieuwe voorschriften of verplichtingen vastgesteld voor nationale autoriteiten. Deze gids brengt goede werkmethoden in kaart en heeft een louter indicatieve waarde. Bijgevolg kan hieraan geen juridische of normatieve grondslag worden ontleend voor controle- of onderzoeksdoeleinden.

Samenvatting

Dit handboek is opgesteld door middel van een samenwerkingsprocedure met inbreng van deskundigen van de lidstaten en van OLAF. De diensten van de Commissie die belast zijn met Europese structuur- en investeringsfondsen (ESIF) werden eveneens geraadpleegd, maar zijn als zodanig geen medeauteurs van dit handboek1. Met deze werkprocedure wordt beoogd in het kader van de fraudepreventiegroep COCOLAF2 een nauwere samenwerking tussen de nationale autoriteiten en de Commissiediensten tot stand te brengen door een praktische gids op te stellen waarvan de lidstaten en de Commissie gebruik kunnen maken als referentie, administratief instrument en houvast ter ondersteuning en versterking van hun maatregelen en strategieën voor fraudebestrijding.

Binnen dit kader kiezen de lidstaten het onderwerp gerelateerd aan de rol van controleurs/auditors in fraudepreventie en -opsporing. De rol van de controleurs/auditors inzake de bescherming van de financiële belangen van de EU is van cruciaal belang. Die rol is gebaseerd op de belangrijkste beginselen die zijn vastgelegd in de internationale controlenormen, welke moeten worden toegepast in het specifieke rechtskader van de EU, daarbij rekening houdend met het nationale rechtskader.Aangezien het rechtskader voor ESIF 2014-20203 is versterkt ten aanzien van frauderisicobeoordeling en fraudepreventie en -opsporing, zullen de nationale controleurs/auditors een grotere rol gaan spelen bij de controle op de naleving van deze nieuwe wetgeving door de verantwoordelijke autoriteiten. Het rechtskader voor 2014-2020 verplicht de lidstaten tot het ontwikkelen van fraudebestrijdingsmaatregelen in verband met het beheer van EU-fondsen. Controleurs/auditors moeten beoordelen of en hoe de bevoegde managementautoriteiten en intermediaire instanties aan deze verplichting voldoen.

Op een workshop met deskundigen uit 11 verschillende lidstaten kwam duidelijk de noodzaak naar voren om een handboek op te stellen dat kan helpen bij het


  • bewuster maken van controleurs/auditors van hun rol in fraudepreventie en -opsporing, rekening houdend met het nieuwe meerjarig financieel kader voor 2014-2020;

  • uitwisselen van ervaringen en goede werkmethoden tussen controleurs/auditors in de verschillende lidstaten.

Dit document is het resultaat van die werkzaamheden. Het is gebaseerd op de belangrijkste resultaten van de besprekingen tijdens de workshop.

De twee belangrijkste aspecten van de rol die controleurs/auditors spelen bij het voorkomen en opsporen van fraude werden vastgesteld, namelijk:



  • een controle-/auditfunctie: het is de taak van controleurs/auditors om, als onafhankelijke instanties, de regelmatigheid en wettigheid van de verrichtingen en de boekhouding van de gecontroleerde instanties en de goede werking van een systeem overeenkomstig de gespecificeerde vereisten te waarborgen;

  • een adviserende functie: controleurs/auditors kunnen aanbevelingen doen om zwakke punten of gebreken in verrichtingen, boekhouding en systemen te verbeteren of te corrigeren. Dit kan ook een bijdrage voor het aanpassen van wetgeving inhouden.

Het belang van een specifieke fraudebewustzijnstraining voor controleurs/auditors werd ook onderkend.

Ook bleek dat benaderingen en methoden ten aanzien van fraudepreventie en -opsporing van lidstaat tot lidstaat verschilden, en soms zeer sterk uiteenliepen. Er zijn echter veel goede ideeën en goede werkmethoden die onderling uitgewisseld kunnen worden. Dit handboek bevat daarom een groot aantal voorbeelden.

Het handboek bevat ook praktische instrumenten, zoals een voorbeeld van een door een nationale autoriteit opgesteld fraudebestrijdingsplan en een tabel met een opsomming van de potentieel belangrijkste bijdragen die controleurs/auditors kunnen leveren bij het voorkomen en opsporen van fraude.

Inhoudsopgave


Samenvatting 3

Inleiding 6

1. Controle/audit en fraude - het rechtskader voor de Europese structuur- en investeringsfondsen (ESIF) 9

1.1. Het EU-rechtskader 9

1.2. Internationaal kader 11

1.3. Nationaal kader 13

2. Hoe systeemaudits kunnen helpen bij het voorkomen en opsporen van fraude 15

2.1. Systeemaudits en fraudepreventie 15

2.2. Systeemaudits en fraudeopsporing 20

3. Hoe audits van concrete acties kunnen helpen bij fraudepreventie en -opsporing 23

3.1. Audits van concrete acties en fraudepreventie 23

3.2. Audits van concrete acties en fraudeopsporing 24

4. Specifieke opleidingen inzake fraudepreventie en -opsporing 30

4.1. Introductieopleiding voor nieuwe controleurs/auditors 31

4.2. Permanente opleiding 31

4.3.Bijdragen aan de opleiding van andere belanghebbenden 33

Conclusie 34

Bijlage 1- belangrijkste wettelijke bepalingen van de EU voor controleurs/auditors 35

Bijlage 2 - lijst van de zeven beoordelingscriteria die vallen onder belangrijkste vereiste nr. 7: Effectieve invoering van evenredige fraudebestrijdingsmaatregelen 38

Bijlage 3 - Voorbeeld van een door een nationale autoriteit opgesteld fraudebestrijdingsplan 39

Bijlage 4 - Voorbeelden van rode vlaggen waarmee rekening gehouden moet worden tijdens audits van concrete acties voor het ESF-programma 43

Bijlage 5 - tabel met mogelijke input voor controleurs/auditors inzake fraudepreventie en -opsporing bij systeemaudits en audits van concrete acties 45



Inleiding
In 2012 heeft OLAF met de lidstaten een gezamenlijke procedure opgezet, gericht op de uitwisseling van ervaringen en goede werkmethoden tussen de lidstaten en de Commissie. Deze procedure wordt georganiseerd in het kader van de fraudepreventiegroep van COCOLAF. Het bestaat uit een werkgroep van deskundigen van de lidstaten en vertegenwoordigers van OLAF, DG Regionaal Beleid en Stadsontwikkeling, DG Werkgelegenheid, sociale zaken en inclusie, en DG Maritieme zaken en visserij; zij hebben zich gedurende de periode van één jaar met een specifiek, door de lidstaten geselecteerd, onderwerp beziggehouden. Voor 2014 hebben de lidstaten het thema „de rol van controleurs/auditors in fraudepreventie en -opsporing” gekozen.
Dit document is opgesteld als onderdeel van deze procedure. Het handboek is gericht op het vergroten van de kennis en het bewustzijn van controleurs/auditors ten aanzien van hun rol in fraudepreventie en -opsporing in Europese structuur- en investeringsfondsen (ESIF). Dit handboek is niet bindend voor de lidstaten, en schept geen nieuwe voorschriften of verplichtingen voor de nationale controleautoriteiten. Het handboek heeft als doel de controleurs/auditors in de lidstaten bewuster te maken van hun rol in de fraudebestrijding en hun kennis van de werkwijzen van hun collega's in andere lidstaten te vergroten.

Daarom is dit handboek gebaseerd op voorbeelden van goede werkmethoden, verstrekt door de deskundigen van de lidstaten die hebben deelgenomen aan de werkgroep.


Hoewel het handboek van goede werkmethoden voor de controleautoriteiten van lidstaten is bedoeld, kan het ook nuttig zijn voor de management- en certificeringsautoriteiten, voor een beter begrip van de rol van de controleurs/auditors in de fraudepreventie en -opsporing en van de noodzaak om volledig samen te werken met controleurs/auditors voor het waarborgen van een behoorlijke bescherming van de financiële belangen van de EU.
De EU-wetgeving biedt een kader voor de ESIF-werkzaamheden van de controle-/auditautoriteiten. Er wordt duidelijk verwezen naar internationale controlenormen die richtsnoeren bieden voor de rol van controleurs/auditors in fraudepreventie en -opsporing. Het eerste hoofdstuk van dit handboek geeft een overzicht van deze algemene regels en biedt verwijzingen naar de relevante nationale voorschriften.
Controleurs/auditors spelen een sleutelrol bij het verstrekken van advies over de doeltreffende werking van de beheers- en controlesystemen voor operationele programma's die medegefinancierd worden via de ESIF. De internationale controlenormen bepalen dat de primaire verantwoordelijkheid voor fraudepreventie en -opsporing zowel berust bij het management als bij degenen die belast zijn met het bestuur van de entiteit. De controleurs/auditors spelen echter ook een rol bij de bestrijding van fraude en moeten de lidstaten assisteren bij hun verplichtingen in het voorkomen, opsporen en corrigeren van onregelmatigheden en fraude.
Controleurs/auditors moeten de term „fraude” in de ruimste zin van het woord opvatten, met inbegrip van corruptie, witwassen van geld, verduistering en opzettelijke overtreding van de regels inzake overheidsopdrachten.4
De rekenkamers van de lidstaten hebben een wettelijke verantwoordelijkheid voor de twee belangrijkste soorten audits: systeemaudits en audits van concrete acties. Deze twee soorten audits hebben verschillende toepassingsgebieden en hun potentiële bijdrage aan fraudepreventie en -opsporing wordt daarom afzonderlijk bekeken. Dit handboek behandelt beide audits in afzonderlijke hoofdstukken.
Net zoals op zoveel andere gebieden, is opleiding cruciaal voor een efficiënte en effectieve uitvoering van de taken. Opleiding zorgt, op basis van fundamentele beginselen, voor een eerste kennis- en deskundigheidslaag. Het draagt er tevens aan bij dat controleurs/auditors hun kennis actueel kunnen houden en, via permanente educatie, voor een hoog prestatie- en kennisniveau kunnen zorgen. Controleurs/auditors moeten een specifieke opleiding krijgen die rechtstreeks verband houdt met hun rol in de fraudebestrijding. Deze opleiding moet gebaseerd zijn op concrete gevallen en situaties. Hoofdstuk 4 van dit handboek stelt deze kwestie aan de orde en geeft een aantal van de belangrijkste ideeën en voorbeelden.
In dit handboek wordt de vraag of controleurs/auditors een rol moeten spelen bij fraudepreventie en –opsporing als zodanig niet behandeld. Wel is het de bedoeling controleurs/auditors te ondersteunen bij het ontwikkelen van hun kennis en deskundigheid om te kunnen bepalen waar en in welke mate zij het beste tijd en middelen kunnen investeren om beter bij te kunnen dragen aan fraudebestrijding. De goede werkmethoden die door deskundigen van de lidstaten in dit handboek worden beschreven moeten helpen deze doelstelling te verwezenlijken.

OLAF wil graag de volgende deskundigen bedanken voor hun bijdrage:



Oliver GROSS

Estland

Afdeling financiële controle (FCD) van het Ministerie van Financiën.

Attila GALYAS

en Andras PATI



Hongarije

Nationale belasting- en douanediensten, coördinatiedienst fraudebestrijding



Paul HERRON

Ierland

EFRO-auditautoriteit (Ministerie van Overheidsuitgaven en Hervormingen)

Kęstutis ZIMBA

Litouwen

Nationaal auditbureau van Litouwen, auditafdeling 8

Mark SAID

Malta

Afdeling interne controle en onderzoek, kantoor van de premier

Peter VLASVELD

Nederland

Auditautoriteit, Auditdienst Rijk, Ministerie van Financiën

Bogdan TÂRLEA

Roemenië

Departement voor de Bestrijding van Fraude (DLAF)

Katarina SIMUNOVA

Slowakije

Ministerie van Financiën, afdeling auditautoriteit

Mara SIMIC

Verenigd Koninkrijk

Werkgroep Financiën van het Ministerie van Werkgelegenheid en Pensioenen, Interne audit en onderzoek

1. Controle/audit en fraude - het rechtskader voor de Europese structuur- en investeringsfondsen (ESIF)





  1   2   3   4   5   6   7   8   9


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina