Ga terminal schiphol maakt van vliegen weer een magische belevenis



Dovnload 22.9 Kb.
Datum20.08.2016
Grootte22.9 Kb.
GA TERMINAL SCHIPHOL MAAKT VAN VLIEGEN WEER EEN MAGISCHE BELEVENIS

Glamoureus en zakelijk

Het is een opmerkelijke verschijning, de General Aviation Terminal Schiphol - waar de privévluchten en zakenvluchten van staatshoofden, CEO’s, leden van het Koninklijk Huis, popsterren, topvoetballers en sportvliegtuigen worden afgehandeld. Geraffineerd voegt de terminal zich in de zakelijk-chique en industriële omgeving van Schiphol-Oost. Tegelijk onderscheidt de terminal zich van de omliggende bedrijven en hangars door te stralen van vliegplezier.

Zo karakteristiek is de nieuwe, bescheiden terminal, dat hij zelfs vanuit zijn grote broer op Schiphol-Centrum is te zien: vanwege zijn gestroomlijnde vorm en zijn magentakleurige luifel, vanwege zijn als een discobal glinsterende beplating en zijn warmroze gloed in het avondlicht.

Niet alleen is de GA Terminal Schiphol een glamoureus gebouw. Het bevrijdt ook alle bij het vliegen horende handelingen uit hun harnas van routine en noodzakelijk kwaad. Gedaan is het met de oneliner ‘Zitten is een werkwoord’ van de beroemde, Nederlandse architect Gerrit Rietveld (1888-1964). In deze GA Terminal worden alle grondfuncties - aankomen, voorrijden, parkeren, inchecken, wachten, zitten, wegtaxiën – verheven tot magische belevenissen.

Of het nu gaat om het voorrijden via de drive-in zonder last van regen of paparazzi, of om het wachten in een van de lounges op hetzelfde niveau oog in oog met de cockpit van de eigen vliegmachine. Om het contrast tussen de mysterieus spiegelende buitenkant van de terminal en het weidse uitzicht van binnen of om het in de roze spiegelramen dansende vliegtuigsilhouet bij aankomst of vertrek - de handelingen rijgen zich aaneen als scènes in een film. Daarmee nestelt GA Terminal Schiphol zich in het geheugen.

Niet alleen aan de passagiers, maar ook aan de piloot is gedacht. Die wacht vanuit zijn eigen half verzonken domein onttrokken aan het oog, terwijl hij zelf zijn gasten van verre ziet aankomen.



Multifunctionele Terminal voor meerdere afhandelaren

General Aviation – met Piaggio’s, Gulfstreams en Learjets voor maximaal 20 passagiers – mag in Amerika met zijn talrijke miljonairs de gewoonste zaak van de wereld zijn, in Nederland is het een stabiele nichemarkt. Deze exclusieve sector telt zo’n 15.000 vluchten en 45.000 passagiers per jaar, een fractie van de jaarlijks 400.000 vluchten en 45 miljoen passagiers van de reguliere luchtvaart op Schiphol. Doorgaans is een GA Terminal een relatief klein gebouw, dat eruitziet als een chique kantoor. Nieuwbouw komt, zeker in Europa, zelden voor.

Op Amsterdam Airport Schiphol zetelde de general aviation tot juli 2011 in Gebouw 106, een deel van de voormalige, naoorlogse hoofdterminal, dat is blijven staan toen de hoofdluchthaven eind jaren zestig van Schiphol-Oost naar Schiphol-Centrum verhuisde. Sindsdien ontwikkelt Schiphol-Oost zich tot hoogwaardige campus, gewijd aan techniek en kantoren.

Zo’n vijftien jaar geleden ontstond behoefte aan nieuwbouw van de GA Terminal, omdat het oude gebouw inefficiënt en sleets was geraakt. Er waren zelfs plannen om dit segment naar elders te verplaatsen. Totdat samenleving en bedrijfsleven rond de eeuwwisseling sterk internationaliseerden en de sector aan belang toenam. Daarbij hoort een goed functionerende GA Terminal.

Op basis van interviews met afhandelaren en operators kwam vastgoedonderneming Schiphol Real Estate, verantwoordelijk voor bedrijven, kantoren en gebiedsontwikkeling op Schiphol en een aantal andere luchthaventerreinen internationaal, dit keer tot de conclusie dat nieuwbouw wel haalbaar was. Mits met een uniek gebouwtype: de multifunctionele terminal - een combinatie van terminal voor meerdere afhandelaren met kantoren, showroom en parkeren.
Verlangen naar vliegmagie

Met de functies en de verlangens van de doelgroep in het achterhoofd, nodigde Schiphol Real Estate drie Nederlandse architectenbureaus uit om hun visie te geven op een nieuwe GA Terminal. De keuze viel op VMX Architects. Dit in Amsterdam gevestigde bureau had op dat moment een aantal bijzondere gebouwen opgeleverd. Naast huizen en scholen hebben vooral de tijdelijke fietsenstalling naast het Amsterdamse Centraal Station en het knalpaarse kantoorgebouw van de Rijksgebouwendienst Directie Noordzee in Rijswijk veel aandacht gehad.

De gebouwen van VMX zijn gebruikersvriendelijk, functioneel en sensationeel. Toch is het architectenbureau niet zozeer gekozen vanwege zijn ontwerpen als wel vanwege zijn conceptmatige denken. Naar zo’n aanpak was Schiphol Real Estate op zoek, omdat het eisenpakket voor de GA Terminal in dialoog ontwikkeld moest worden.

Daarnaast spraken de ideeën van VMX aan: terug naar de opwinding en de glamour van de Golden Age van de luchtvaart, de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw, toen de toename van vrije tijd en welvaart gepaard ging met een snelle groei van het vliegverkeer en zelfs een bezoek aan het luchthavenrestaurant al een sensatie was.

In de bestaande GA Terminal was die vliegmagie, zoals in vele terminals tegenwoordig, onder een tapijt van veiligheidsmaatregelen naar de achtergrond gedrongen. Bovendien kampte het gebouw met een aantal andere gebreken, waaronder lange vervoerslijnen voor de passagier. Die moest per bus naar zijn vliegtuig worden getransporteerd.

Zo kwam het eisenpakket langzaam maar zeker op tafel. De nieuwe GA Terminal moest een toonbeeld zijn van vliegplezier, een glamoureus, gastvrij en comfortabel gebouw, met minimale loopafstanden en maximale privacy. Tot in de kantoren moest de sensatie van het vliegen voelbaar zijn. Voor die eisen en wensen was de locatie – op de kop van de landingsbaan - een cadeau.


Nederlands ontwerptalent als visitekaartje

Aan de basis van de GA Terminal ligt een zoektocht: naar de geschiedenis van de locatie en naar spraakmakende terminalarchitectuur uit binnen- en buitenland.

Schiphol is altijd een innovatieve koploper geweest. In 1938 was Schiphol een van de eerste luchthavens van Europa met een verhard banenstelsel en in de naoorlogse jaren groeide de luchthaven op Schiphol-Oost uit tot de rode loper van Nederland. Daar arriveerden de beroemdheden en het Koninklijk Huis, van filmster Jayne Mansfield en Martin Luther King tot prins Bernhard. Vanaf spectaculaire dakterrassen keek het publiek toe.

Schiphol-Centrum maakte vanaf zijn ingebruikname in 1967 furore als een van de eerste passagiersvriendelijke luchthavens van de wereld. Dat had vooral te maken met de hoofdterminal van architect Marius Duintjer (1908-1983)en NACO (Nederlandse Airport Consultants). Die was buitengewoon functioneel, overzichtelijk en elegant, licht en transparant als een doorzonwoning, en gebaseerd op de menselijke maat. Het interieur was op maat gemaakt door Ko Liang Le en de heldere bewegwijzering van Benno Wissing, waarbij gele borden de vitale richtingen aangaven voor de passagier, was een voorbeeld voor tal van luchthavens. Ook de latere vernieuwende uitbreiding van de bewegwijzering met pictogrammen, door Paul Mijksenaar, krijgt wereldwijd nog steeds navolging.

Nog altijd zet Schiphol Nederlands ontwerptalent in om de luchthaven als toegangspoort van Nederland te markeren, met architectenbureaus als cepezed, Benthem Crouwel, Paul de Ruiter, Quist Wintermans en Broekbakema. Werk van hedendaagse kunstenaars als Rob Birza, Tom Claassen en John Körmeling biedt verstrooiing en inspiratie.

Tegenwoordig maakt de luchthaven naam als AirportCity, een levendige stad met een mix aan functies, van de terminal tot in de businessparks die in de afgelopen decennia zijn ontwikkeld. De dependance van het Rijksmuseum achter de paspoortcontrole is net als de onlangs in gebruikgenomen Airport Library en Airport Park uniek. Meer en meer voegt Schiphol Dutch Design toe.

Maar hoezeer de Nederlandse hoofdluchthaven ook blijft vernieuwen, de terminal van Duintjer staat bij architecten, ook bij VMX, in het geheugen gegrift.
Vliegtuig voor de deur

Het ontwerpteam van de GA Terminal – naast VMX Architects en Schiphol Real Estate, constructeur Van Rossum en installatieadviseur Nelissen, voor het bouwen uitgebreid met aannemer Friso - heeft ook over de Nederlandse grenzen naar terminals gekeken.

Wie de Golden Age van de luchtvaart wil laten herleven, komt onherroepelijk uit bij de markante terminals van de van oorsprong Finse bouwmeester Eero Saarinen (1910-1960): de TWA Terminal in New York en die van Dulles International Airport in Chantilly, Virginia, beide in 1962 in gebruik genomen. Deze terminals vieren de vrijheid van het vliegen in expressieve, vloeiende gebouwen. Naar buiten waaierende raampartijen bieden een panoramisch uitzicht. Vooral de schuine vorm van de ramen en de relatie met het omliggende luchtvaartlandschap keren al dan niet bewust terug in de GA Terminal.

Qua essentie is de nieuwe GA Terminal vooraleerst schatplichtig aan de villa van John Travolta in Florida. De 'Pulp fiction'-filmster woont in Jumbolair Aviation Estates bij Ocala, een speciale gemeenschap met huizen rond een landingsbaan. Travolta’s huis heeft een drive-in voor auto’s aan de ene kant en twee ‘carports’ voor vliegtuigen aan de andere kant. Het comfort van dit vliegtuighuis, waar de passagiers dankzij luifel en drive-in droog en uit de zon hun vliegtuig betreden, werd een van de belangrijkste uitgangspunten voor de GA Terminal.

Voor de vorm van de luifel hebben andere terminals model gestaan: de grootse, elegante luifel rondom de Pan Am Terminal op JFK Airport (Ives, Turano & Gardner Associated Architects met Walter Prokosch van Tippetts-Abbett-Mc Carthy-Stratton, 1960), waaronder de vliegtuigen met hun neus richting terminal staan geparkeerd, en de half cirkelvormige, veertig meter lange overdekking van Berlin Tempelhof (Ernst Sagebiel, 1937), met zijn destijds uiterst moderne, aan een vliegtuigvleugel refererende metaalconstructie.
Tot in detail op maat gemaakt

Hoe inspirerend ook, geen enkele, bestaande terminal biedt een pasklaar antwoord voor de specifieke opgave van Schiphol’s GA Terminal. Die is langzaam maar gestaag op maat geboetseerd en op zijn locatie verankerd, en is daarmee met het voordeel van de terugblik een toonbeeld van slow architecture, waarbij weer aandacht wordt gevraagd voor in hun plek wortelende, herkenbare en met toewijding gemaakte gebouwen.

Vanuit het wensenpakket van privacy, comfort, efficiency en openheid naast magie en glamour maar zonder nostalgie, diende zich al snel een aantal bouwkundige oplossingen aan. Onder een royale luifel zou het vliegtuig met zijn neus tot vlak aan de terminal parkeren, in combinatie met de drive-in zouden passagiers droog en buiten nieuwsgierige blikken kunnen instappen en uitstappen. Door de transparante split-level opzet staan zoveel mogelijk ruimtes – lounges, terminal, paspoortcontrole en kantoren – in directe verbinding met het vliegspektakel aan airside, terwijl de loopafstanden voor passagiers minimaal zijn.

Door de terminal open en vrij te houden, ontstaat bovendien een totaaloverzicht voor zowel passagiers als afhandelaren die het mogelijk maakt het aantal bewakingscamera’s tot een minimum te beperken. De camera’s zijn wel aanwezig, maar net als de andere benodigde veiligheidstechniek, zeer onopvallend.

Het sculpturale exterieur kwam minder snel tot stand. Rond was de GA Terminal in de eerste studies, als andere ontwerpen van VMX en als JFK Airport. Vierkant was een tweede studie, met een kaarsrechte luifel en een uitstekend drive-in staketsel. Maar het ontwerp bleek niet renderend.

Om aan de financiële voorwaarden te voldoen, is een onorthodoxe oplossing gekozen. Het gebouw is niet verkleind, maar vergroot, met meer kantoorruimte, voor afhandelaren en andere geïnteresseerde partijen. Daarmee werd de logistieke puzzel, toch al ingewikkeld vanwege de combinatie van aviation en non-aviation, alleen nog maar complexer. Want hoe kon de felbegeerde privacy van passagiers worden gewaarborgd, nu smartphones van ons allen paparazzi maken?

Om direct zicht vanuit de bovenliggende kantoren op de vliegtuigparking te verhinderen, is de luifel schuin omhoog getild. Lange, open stroken in de luifel zorgen voor daglicht in de kantoren en voor enerverend uitzicht op het omringende luchtvaartlandschap, ook vanaf de bureaustoel. Om vierkante meters te winnen, binnen de voorgeschreven rooi- en hoogtelijnen, zijn de wanden van het gebouw aan drie zijden schuin naar buiten geduwd, met aan Saarinen herinnerende raampartijen als gevolg.

Zo groeide het ontwerp tot een dynamisch en karakteristiek 3d wybertje, tot in detail op maat gemaakt.


Luifel als roze loper

Zoals de opmerkelijke vorm vanuit de opgave is ontstaan, zo geldt dat ook voor de kleuren en de materialen. Die moesten eenvoudig en zakelijk zijn, passend bij de locatie, maar ook sensueel, glamoureus en onderscheidend.

Grijs en glanzend is de eerste aanblik van het gebouw, in overeenstemming met de aluminiumkleur die het masterplan van Benthem Crouwel voor Schiphol voorschrijft. Daarbij knipoogt het grijs van de GA Terminal vrolijk naar zijn omgeving. Het speciaal ontwikkelde paneelsysteem heeft spikkels als een discobal. Bij mooi weer vliegen de kleuren in het rond.

Zilvergrijs is ook het spiegelglas van de royale, schuine ramen aan landzijde. Dat spiegelglas houdt nieuwsgierige blikken buiten en zorgt voor privacy. Tegelijk versterkt het de dynamiek van de terminal door de grootse, Hollandse wolkenluchten en de opwindende skyline van het luchthavenlandschap te weerkaatsen als een voortdurend veranderend schilderij.

Maar het is de bepaald ongebruikelijke magentakleur van de luifel en de airside raampartij die de GA Terminal uit duizenden herkenbaar maakt. Waarom, in ’s hemelsnaam, roze?

Een reden komt zelden alleen. Voor de luifel wilde Schiphol Real Estate een voor Schiphol unieke kleur, een roodtint, om de uitzonderingspositie van de terminal te onderstrepen en om de terminal vanaf Schiphol-Centrum zichtbaar te maken. Rood was gebaseerd op de rode loper, waarmee V.I.P.’s internationaal welkom worden geheten. Het werd magenta, een mix van het kosmopolitisme van de Cosmopolitan*, van de zakelijkheid van Het Financieele Dagblad en de sportiviteit van de Giro d’Italia.

Roze is ook de kleur van girlglamour, waarmee de terminal een voorschot neemt op de toekomst. Dan zal de General Aviation niet langer voornamelijk een mannenwereld zijn. Vrouwen zijn steeds beter vertegenwoordigd op hoge zakelijke posities. Ook zij vormen een belangrijke doelgroep van de General Aviation. De GA Terminal op Schiphol heet ze alvast welkom. Daarbij laat de roze glaswand de wereld ook bij Hollands grauw weer baden in een warme gloed.
Juweel in de skyline

De GA Terminal voegt zich niet alleen geraffineerd op zijn plek, maar voegt zich ook op geheel eigen en eigentijdse wijze in de geschiedenis en de reputatie van Schiphol. De terminal is in voortzetting van Duintjer overzichtelijk en efficiënt, licht en transparant, elegant en tot in de puntjes verzorgd. Net zoals een aantal buitenlandse terminals uit de Golden Age viert de GA Terminal de vrijheid en de lichtheid van het vliegen - in zijn vloeiende en dankzij de terugliggende plint zwevende vorm, in zijn aan een vliegtuigvleugel refererende luifelconstructie en zijn sensuele verweving met het luchtvaartlandschap.

Daarbij voegt hij een nieuw hoofdstuk toe. De GA Terminal is met zijn filmische uitgangspunt en zijn sensationele materiaalgebruik niet alleen passagiersvriendelijk, maar biedt passagiers ook een unieke, met de locatie verweven experience.

Net als het exterieur ademt het op maat gemaakte interieur de sfeer van optimisme en glamour uit het zorgeloze luchtvaarttijdperk, met een moderne, eigen slag. De door VMX ontworpen balies in de vorm van de terminal zijn even eenvoudig als inventief, even functioneel als kosmopolitisch. Ze zijn namelijk incheckpunt en cocktailbar tegelijk. Datzelfde geldt voor de vloeren van de openbare ruimtes. Die hebben overal dezelfde composiettegel, maar door de platen recht of diagonaal te verzagen krijgt elke ruimte zijn eigen identiteit. De vloer in de entreehal laat zelfs geen misverstand bestaan over de plek van de terminal: het wervelende windmolenmotief, een ode aan de geometrische grafiek van Escher (1898-1972), is Hollands met een twist.

De complexe puzzel is dankzij de inzet en creativiteit van betrokken partijen ingenieus opgelost. De GA Terminal blinkt als een juweel in de skyline en is met 6000 vierkante meter bruto vloeroppervlak niet duurder dan een standaardkantoor. Energiezuinige installaties en aanwezigheidsdetectie zorgen voor het predikaat ‘duurzaam goed’ ontwerp.

Opnieuw is een visitekaartje afgeleverd van Nederlands ontwerp- en bouwvernuft.


Marina de Vries
* De Cosmopolitan is een cocktail, die populair is geworden dankzij de Amerikaanse televisieserie Sex and the City. De even glamoureuze als sensuele cocktail kan op verschillende wijzen worden bereid, onder meer als volgt:

- 5 cl wodka of tequila

- 3 cl cranberry sap

- 2 cl citroensap

- eventueel een scheutje triple sec

- shaken met ijs.


Marina de Vries is zelfstandig journalist op gebied van architectuur en beeldende kunst. Zij werkt onder meer voor de Volkskrant, de Bond van Nederlandse Architecten, Hollands Diep en het Virtueel Museum Zuidas. Daarnaast heeft zij meegewerkt aan tal van publicaties, recentelijk over het AMC.




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina