Geschiedenis van de Nederlanden, boek van Blom. H1: Een lange aanvangsperiode



Dovnload 271.38 Kb.
Pagina2/13
Datum16.08.2016
Grootte271.38 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13

De voorsprong van Vlaanderen


1/ o/ pol ambiguïteit: graaf Vl = leenman van Fr én Dui

2/ inmenging in machtsstrijd in Lotharingen


voorsprong: 1. Boudewijn V: burggraven
maatregelen: a) steden stichten
b) wegen- en kanaalaanleg

c) stadskeuren

2. ook op institutioneel, eco en cult. gebied

De landsheerlijkheden in het oude Lotharingen


+ overige landsheerlijkheden ontstonden uit Lotharingen

Dui kon. oefende nog altijd macht uit dr. Bisschoppen (luik, utrecht, kamerijk): einde: concordaat van Worms (1122); af en toe toch bemoeien.

+ Andere landsheerlijkheden: ontstonden uit versterkingen, annex commercieel centrum; hadden contact met elkaar: mil, huw pol, dynastieke belangen.

Geleidelijke schaalvergroting


Huw pol = bel model voor uitbreiding

Vl Graaf: Elzas: Diederik en Filips = streefden meest nr. internat. Rol
-> voortleven feodale belangen en ambitie => o/ steden; uniform recht; ambtenaren.

-> eco dynamiek



Brabant: geringere macht hertog + lagere ontw graad steden

Besef dat beide partijen belang hebben dat transito handel stijgt.


is gericht op O
w. machtigste gebied

Holland: vroege 11de e: mach hing vast aan ontw landschap
Z: water overwinning; N; <-> W-Friezen en adel

Grote verliezers: adel



Vlaanderen: officiële feodale afh. van Fr tg feitelijke eco afh. van Eng.
gn groeiend samenhorigheidsgevoel, Vl w. zwakker, voorsprong weg.
wel: burgers -> bestuur

Luik en Utrecht: emancipatie van de burgerij

Niet in Friesland: < geen landsheerlijke macht

> geen democratie

schaalvergroting: vaak tegengewerkt dr. dynastiek toeval
eigenbelang!


  1. Economie en sociale verhoudingen

Demografie, landbouw en ontginning


Ontginning: 1/ uitputting gronden

2/ demografische druk; opl: hoger rendement en ontginning



  • technische innovaties, drieslagstelsel, paard, …

Hoe?: a) inpoldering

b) ontbossing in binnenland

c) heidegrond

d) M en O- €: voornl in Slavische gebieden kolonisatie

effectiviteit?

o/ heerlijkheid of seigneurie

o/ institutionalisatie 3 standen

demografie: trok statische agrarische systeem open

kolonialisten: hadden rechten: geen herediensten, minder cijns, beter


statuut.

Gebruik van geld stijgt => inflatie => macht grgrdbezitters, adel,

Ridders daalt.

Sociale emancipatie boeren stijgt

Stad: demografische stijging, ook bel voor ontw stadswezen (niet bezig zijn met

Voedselvoorziening.


Stad, handel en nijverheid

Verschillende soorten: 1/ uit RR

2/ paddestoelsteden door handel

3/ bewuste stichting, vb: Gent, Brugge, A’pen, Nijmegen,


Rijsel, Dowaai; ontw hangt af v. gunstige
verkeersligging.

Wat verhandelen? Graan, wijn, vis, zout, industriële producten, textiel

Transport = bel, zorgde later voor onlusten

Economische belangen w. internationaler => wijziging pol: internationale


betrekkingen. W. beïnvloed dr. winst/verlies, feodaliteit en adel.

Stad: keuren: 1/ begunstiging eigen burgers

2/ rationalisering van recht steeg

belangen handelaars in buitenland + steden die zij domineerden = wankel



  • o/ Hanze: interstedelijke verbanden

grootschaligheid textielsector: => o/ jaarmarkten en nieuwe betaalmiddelen

(grote munten, jaarmarktbrief)

verenigingen ambachtslieden: per beroep = ambachten

1st: caritatief

later: reglementering arbeid }

bescherming groepsbelangen } leidde tot protectionisme

politieke macht stijgt => conflict met koopliedengilden

ommekeer: guldensporenslag.




  1. Kerk, religie en cultuur

Kerk

Centrale gezag daalde + verval Karolingen => lagere gezagsdragers probeerden toezicht te krijgen op de kerk.

Merovingisch en Karolingische periode: leken/getrouwen aan hoofd bisdom/abdij

= eigenkirchwesen

Materiële en spirituele overwegingen + familiaal gekleurd = basis

Reactie kerk: 1/ gregoriaanse hervorming (G. VII):


  1. pol-kerkelijk: investituurstrijd

  2. tg rijkskerk; maar: w. nu benoemd door kanunniken en deze kwamen uit bel lok fam.
    wel nog altijd inmenging van leken dr: eigenkirche en patronaatsrecht.

Charismatische aspecten in 12-13de e gevolgd dr. een meer structurele org.
reden: stijging juridisch en rationeel denken

Stijgend gebruik van afzetbare functionarissen

Stijgende controle: soc en kerkelijk
Religie


  1. vroege ME: gedwongen bekeringen = oppervlakkig

  2. later: christendom evolueerde: a) functionele gdsd dr. ontw eigen theologie en
    moraal + opnemen heidense elementen
    b) stijgende verinnerlijking

Kan niet zonder vooraf reeds bestaande rel elite: monastieke sfeer

    • Karolingen: benedictijnen: kwetsbaar voor inmenging

    • 10-11de e: hervormingen, oa kluizenaars

in Nederlanden: o/ Norbertijnen of premonstratenzerorde
Regel van Benedictus en Augustinus worden herlezen
o/ Cisterciënzers (pas laat in de Ned)-> wel: niet basis ME

ontginningsperiode

Deze hervormingen: GEEN ANTWOORD op gr sociale uitdaging v/d 12de e: de verstedelijking.

Wel: o/ bedelorden: bel: franciscanen, dominicanen, karmelieten, augustijnen, zakbroeders en eksterbroeders


Cultuur

Elitair: de volkscultuur kennen we uit de elite cultuur.

Schrift = monopolie van de clerus => latijn (zijn uitzonderingen)

Nederlanden: 3 taalgebieden (ned, fr, fries)

Bouwkunst: kerkelijke gebouwen zijn het best bewaard (steen), ook burchten

Beeldhouwkunst: weinig hoogtepunten in onze gewesten, wel bewerking edel

Metaal.

Schilderkunst: muurschilderingen zijn beperkt, miniaturen



Rond 1200: kerk verliest cultuurmonopolie, wordt burgerlijk

GEVOLGEN:



  • volkstalen stijgen (taal elite niet altijd gelijk aan taal volk)

  • literatuur stijgt; legitimatie vorsten; mystiek

  • gotiek (scheldegotiek, brabantse gotiek): stadshuizen, belforten

  • wel: in begin bijna geen universiteiten. Waarom?



H3. De vorming van een politieke unie (14-16de eeuw)


  1. De eeuw van onzekerheden

14de eeuw = crisis; REDEN:

    • Oorlogen => verlies van mensen, vernielingen, hoge belastingsdruk

    • Verdwijnen van de handelsstromen => verpaupering

    • Dr. stijging graanprijs en uitputting grond: hongersnoden

    • Kerk biedt geen soelaas

Nederlanden? = centrumgebied, rivaliteiten komen hier tot uiting (fr en eng)




1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina