Geschiedenis van de Nederlanden, boek van Blom. H1: Een lange aanvangsperiode



Dovnload 271.38 Kb.
Pagina3/13
Datum16.08.2016
Grootte271.38 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13

Wankelende dynastieën


Rond 1300: grensconflicten, monding schelde

Idem in laatste decennia 13de eeuw

Gwijde van Dampierre (steun eng) tg Floris V (steun Franse Kon en Avesnes)

Moord op Floris V => o/ machtsvacuüm (Avesnes winnen)

Fr koning: druk op Vlaanderen => verdwijnen Engelse relaties, handel met
Engeland, Gwijde wordt veroordeeld in fr.

G.: steun bij ambachtslieden tg fr kon en

Patriciërs

O/ verbond: verdwijnen van leenverdrag

MAAR: Fr kon valt binnen: => opsplitsing graafschap (uiteind. verdwijnen)

Tss de vorstendommen in Nederlanden zijn er verschillen: > bestuurlijk



< prinsbisdommen

conflicten: dr. feodaliteit

dr. schaal en stijgende frequentie steeg betrokkenheid

onderdanen => soms beperkte vorstelijke macht.



Sociale spanningen


1300: hoge bevolking daalde door honger, pest en oorlogen

grote urbanisatie en industrialisatie, vb laken (kwaliteit en variëteit): was in handen van ondernemers die ook groothandel controleerden

1280: graaf beperkte het monopolie én ambacht tg koning } tegenstellingen stegen door Franse bezetting

De eerste revolutie


Gent: (april): opstand tegen patriciërs, deze vluchten naar Bruge

Brugge: opstand: klauwaerts tg Leliaerts

Gwijde van Namen + Willem van Gulik (slag op 11 juli)

Echter: verschillen in opvatting over krijgsvoering en maatsch. visie.

GEVOLG: 1/ graafschap Vlaanderen wordt zelfstandig

2/ ambachten krijgen inspraak en erkenning

= sociale en politieke revolutie

kende grote navolging in Luik, Mechelen en Brabantse steden (alhoewel hier iets minder)

Politieke structuur en politieke cultuur


Toen ontstond fundament van uiteenlopende institutionele tradities van vorstendommen tot eind 18 de eeuw.

WEL: geen rust en orde

Hergroepering van macht

Die eeuw (vooral in Luik en Gent): geen consolidatie van de macht.



Constitutionele waarborgen


Drietal steden: privileges vastleggen op documenten

  • LUIK: ontstaan door burgeroorlog. Elke bisschopsverkiezing conflicten
    vredesakkoorden => ambachtsgilden: stadsraad
    o/ controlelichaam: ‘raad der XXII’

  • BRABANT: iets vredelievender: hertogen steun bij steden (=> privileges) tg
    adel
    Hertog Jan II stierf, zoon was minderjarig: o/ raad v. Kortenberg
    Bepalingen: hebben recht op passief weerstand te bieden als land
    niet goed bestuurd wordt.
    Bij dood Jan III: verbond adel en stad uit angst voor buitenlandse
    inmenging.

  • UTRECHT of HET STICHT: Stichtse landbrief:
    a) standenvergadering toezicht op oorlogsverklaring
    b) bisschoppen bij wanbeleid terechtstaan voor rb van standen.
    Bisschop Frederik van Blankenheim: consolidatie bissch. Macht +
    uitbreiding invloedssfeer.


Partijstrijd

  • HOLLAND: o/ dr. betwistingen troon: graaf Willem IV: had schulden
    Margaretha + Hoeken tg zoon (Willem V) + Kabeljauwen
    Willem V wint.
    Partijen berusten op adellijke fam. => scheidingslijnen
    liepen doorheen de standen, af en toe wakkerde de strijd
    op.

  • GELRE: cfr Holland; oorzaak: 1/ betwisten troon
    2/ sociale structuur
    a) ridder = bel rol
    b) steden = emancipatieproces is bezig
    c) geestelijkheid = zwak
    + aangewakkerd dr. sociale spanningen a/h begin v/d 100 j. oorlog
    rivaliteit tss fam. Ede van helkeren en fam. Van Bronkhorst.
    aanhoudende strijd met Brabant
    Consolidatie: Karel V bracht Willem van Gulik op troon.


Op weg naar stadstaten

Reacties op 1302: 1/ Fr kon: aanval (1304), verdrag van Athis
2/ Patriciërs: probeerden macht te vergroten (soms)


3/ ambachtslieden: ook conflicten om macht (Gent: 3 leden; Ieper: 4

leden; Brugge: 9 leden)

Boeren: opstanden olv Klaas Zannekin (onderdrukt dr franse leger)

100 j oorlog (1337): Vl = voelde dit direct dr afhankelijkheid van Fr én Eng

3 gr steden: Gent, Brugge en Ieper = feitelijk gezag
discriminerende maatregelen

eigen belang > alg welvaart

einde als Lodewijk van Male intrede doet in Aalst (w. dan één v/d 3, dus 4)

Economische oriëntatie


Loop 14de eeuw: veranderingen in eco structuur

WEL: effecten lange afstandshandel niet overschatten; echter: Nederlanden=centrum

Burgerlijk kapitaal in platteland => stimuleren nieuwe technieken

Bepaalde leveringen in natura voor zichzelf op te

Eisen (turf, tarwe, graan, textiel).
Stad: enerzijds vraag, anderzijds zou niet gaan

zonder platteland.



Bevolking, levensstandaard en economie


Handelsvolume steeg, bevolking daalde met 1/3

Reden: daling bevolking, meer geld => men koopt meer luxeproducten
Transportkosten daalden dr.: 1/ veel goederen te vervoeren
2/ hogere scheepscapaciteit

Idem in Nederlanden: hongersnood en pest



Hollands commercialisering


Bevolking van de steden daalde hier niet zo erg: immigratie vanuit platteland

Reden: hoger loon

Meer woonruimte

Kwaliteit landbouwgrond daalde dr. bodemstructuur en turfsteken.

Bevolking: > naar de stad



< in dorpen blijven voor ambachten: kaas en zuivel (nood aan zout)
ook bierbrouwerijen en lakenindustrie
succes van Hollandse handelsroutes: a) scheepsbouw

b) scheepsvaart

c) tekort aan broodgraan: o/ dynamiek om het te

zoeken.


De complementariteit der gewesten


Nabootsen: Hanze: bier en conservering haring
Brabant en Vlaanderen: laken

Ook: Z-Ned = afzetmarkt en invoeren van graan

Complementariteit: ook rond Vl -> bij boycot dr Hanze => naar Dordrecht

Handel Vl > Holland

Reden: Hanze zou Brugge nooit verlaten
Vlaanderen kent een voorsprong tot in de 15de eeuw

O/ mobiliteit

O/ handelskapitalisme dr. winstbejag handelaren




1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   13


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina