Handelingsdeel 9: Computersystemen, netwerken en randapparatuur



Dovnload 90.96 Kb.
Datum25.08.2016
Grootte90.96 Kb.
Handelingsdeel 9:

Computersystemen, netwerken en randapparatuur.


Opdracht 1

A De advertentie uit het werkboek is inderdaad niet meer up-to-date omdat er altijd wel een onderdeel is van de computer dat vernieuwd en/of verbeterd is.

B MHz  Megahertz

Kb  Kilobyte

MB  Megabyte

GB  Gigabyte


Opdracht 2

A Dat je op elke computer toegang hebt op allerlei programma’s en kun je communiceren met andere mensen.

B Voordelen: Alle informatie kan in één computer worden opgeslagen en iedereen heeft toegang tot dit, Je kunt bestanden versturen en ontvangen.

C Je hebt een wachtwoord nodig en dat is fraudegevoelig. Ook kan 1 persoon het hele netwerk `overstuur` maken waardoor jij ook geen toegang meer kan krijgen.


Opdracht 3
A+B


Onderdeel

Engelse term

Bekend

Van gehoord

Onbekend

Pentium

X



X




Cache

X




X




RAM




X







IDE-HD










X

Soundkaart







X




Modem




X






Opdracht 6




X = Intel XT 8086

A = Intel AT 80286

8 = Intel 80386

8 = Intel 80486

p = Intel Pentium 60 MHz

p = Intel Pentium 133 MHz

p = Intel Pentium 150 MHz Pro

p = Intel Pentium 200 MHz

p = Intel Pentium 200 met MMX

p = Intel Pentium II 233 MHz

p = Intel Pentium II 300 MHz

p = Intel Pentium II 350 MHz

p = Intel Pentium II 400 MHz

p = Intel Pentium II 450 MHz

p = Intel Pentium III 500 MHz

p = Intel Pentium III 1,0 GHz



Opdracht 7

A Cd-rom: extern geheugen

B Virtueel geheugen: extern geheugen

C Cachegeheugen: intern geheugen
Opdracht 8

A Opp. Cirkel = pi r ^2

Straal Cd-rom: 6,5 cm dus de oppervlakte is: 132,73 cm2

Straal diskette: 3,5 cm dus de oppervlakte is: 78,54 cm2

B Diameter van microdiskette is 7cm dus oppervlakte is: 38,48cm2

Voor één teken is er 38,48/1,5 .10^6 = 2,57 . 10^-5 cm2 plaats.

C 132,73 cm2 / 882.10^6 = 1,50 . 10^-7 cm2 per teken.

D Doordat er op een cd-rom meer tekens zitten dan op een microdiskette en het oppervlak maar 100cm2 verschilt, heeft één teken op de cd-rom minder plaats nodig dan een teken op microdiskette


Opdracht 9

Omdat de tape een niet-adresseerbaar geheugen is. De stroom bits wordt van voor naar achter op de band geschreven, om een deel van deze gegevens te vinden moet je dus de band weer vanaf het begin afspelen.


Opdracht 10

harde schijf (Eng.: hard disk) of winchester disk, een type schijfgeheugen voor computers. Het wordt wel ‘hard disk’ genoemd (ter onderscheiding van de floppy disk of diskette). De magnetiseerbare schijf waarop de gegevens worden vastgelegd, is ondergebracht in een hermetisch gesloten ruimte, waarin geen stof kan doordringen. Door een aantal schijven – elk voorzien van een schrijf-/leeskop – te stapelen, kan een enorme opslagcapaciteit bereikt worden.Naast de capaciteit is de gemiddelde toegangs- of zoektijd (Eng.: average access time) van groot belang. De gemiddelde access-tijden zijn 30 msec. en lager. Vooral bij zeer grote schijven met veel lees- en schrijfkoppen komen zeer lage zoektijden voor (< 20 msec.).Naar verwachting zullen op den duur optische (laserstraal)schijven en magneto-optische schijven het magnetische type gaan vervangen.

De magnetische schijf bevat een groot aantal concentrische cirkels, de tracks. De dichtheid (density) van de diskette wordt uitgedrukt in TPI (= tracks per inch). Elke track is verdeeld in een aantal sectoren. Iedere sector heeft een nummer. Bij het formatteren wordt de diskette door de computer in tracks en sectoren ingedeeld op een van de voor het formatteren gebruikte diskdriveafhankelijke wijze. Tegelijkertijd wordt alle eventueel op de diskette aanwezige informatie gewist.



access time (Eng.) of toegangstijd, de tijd die nodig is om bij de communicatie met een computergeheugen of -opslagorganen (zoals een harde schijf, (cd-rom) gegevens te transporteren van of naar eerdergenoemde computergeheugen of -organen. Doordat deze tijd meestal afhankelijk is van de plaats van schrijven en lezen, rekent men in het algemeen met een gemiddelde toegangstijd (Eng.: mean access time).

De access time wordt gemeten in milliseconden (ms). Hij wordt bij mechanisch werkende geheugens (disk drives, cd-rom) vooral beïnvloed door de snelheid waarmee de lees-/schrijfkop vlak boven de schijf heen en weer kan bewegen.

 

 

Opdracht 11



A Een cd-rom bestaat uit één schijf en een harddisk bestaat uit meerdere schijven. Ook bestaan er twee soorten cd-roms, de een die je kunt herschrijven en een die je niet kunt herschrijven. (de site is niet meer te vinden op internet)

B Site is niet op internet te vinden


Opdracht 12

Dit kon ik niet op de computer vinden.



Opdracht 13

ZIE WEBSITE www.richtje.ontheweb.nl



Opdracht 14

A *


B Hard disk  zowel invoer als uitvoer

Muis  invoer

Monitor  uitvoer

Printer  zowel invoer als uitvoer

Plotter  invoer

cd-rom  uitvoer

modem  zowel invoer als uitvoer

scanner  invoer

C modem (samentrekking van modulatie-demodulatie), apparaat waarmee een computer signalen via het telefoonnet kan versturen en ontvangen. Het modem zet het van de computer afkomstige signaal om in een geluidssignaal dat via de telefoon verstuurd wordt. Na aankomst aan de andere zijde wordt het van de telefoon afkomstige (analoge) signaal door de modem omgezet in een voor de computer begrijpelijk (digitaal) signaal.

 harde schijf (Eng.: hard disk) of winchester disk, een type schijfgeheugen voor computers. Het wordt wel ‘hard disk’ genoemd (ter onderscheiding van de floppy disk of diskette). De magnetiseerbare schijf waarop de gegevens worden vastgelegd, is ondergebracht in een hermetisch gesloten ruimte, waarin geen stof kan doordringen. Door een aantal schijven – elk voorzien van een schrijf-/leeskop – te stapelen, kan een enorme opslagcapaciteit bereikt worden.



muis [computer] (Eng.: mouse), een apparaatje dat, als het over een tafeloppervlak wordt bewogen, een cursor op het beeldscherm van een computer in dezelfde richting doet bewegen. Met commandoknoppen kunnen opdrachten worden gegeven als de cursor in het desbetreffende commandoveld is.

monitor, een beeldscherm voor communicatie met een computer. De kwaliteit van het beeld wordt vooral bepaald door het oplossend vermogen (resolutie) in de vorm van een aantal punten (dots) op het scherm dat nog zichtbaar is te onderscheiden; het wordt gemeten in dots per inch (dpi). Voorts zijn van belang de intensiteitgradaties van het beeld, te meten in grijstrappen (gray-scales), alsmede bij kleurenschermen het aantal mogelijke kleurschakeringen; bovendien wordt de kwaliteit van het beeld bepaald door de herhalingsfrequentie ervan (hoe hoger, hoe stabieler en hoe minder flikkeringen, frequenties tussen 50 en 70 Hz en hoger zijn gebruikelijk).

printer, apparaat dat het mogelijk maakt elektronisch opgeslagen informatie (computergegevens, meetresultaten) op papier weer te geven. Typen printers voor microcomputers zijn de volgende: matrixprinter, laserprinter en inkjetprinter.

plotter (v. Eng. to plot = o.a. kaarttekenen), een door een computer bestuurde tekenmachine die met behulp van een tekenpen een tekening op papier of ander materiaal overbrengt. De tekenpen wordt bestuurd door middel van stappenmotoren, waardoor de tekening uit vele kleinelijnstukjes wordt opgebouwd. Bij gebruik van meer pennen (één De cd-r bestaat uit een transparante laag die bedekt is met een absorberende kleurstof. Deze is weer bedekt door een reflecterende laag. De buitenste laag is een doorzichtige

De cd-r bestaat uit een transparante laag die bedekt is met een absorberende kleurstof. Deze is weer bedekt door een reflecterende laag. De buitenste laag is een doorzichtige beschermlaag. Een cd-r wordt beschreven door met een sterke laserstraal de licht absorberende kleurstoflaag te belichten. Deze vormt door de belichting een 125 nanometer dik bultje. Het bultje verstrooit het licht van de zwakke laser die voor het lezen wordt gebruikt. De reflecterende laag boven de onbelichte kleurstof daarentegen kaatst het licht terug. Hierdoor ontstaat net als bij een cd-rom een serie lichtpulsen, waaruit de digitale code kan worden gereconstrueerd.

scanner (v. Eng. to scan = kritisch bekijken; in de techniek: aftasten), een toestel dat op een regelmatige wijze een onderwerp aftast, vertaalt in elektronische meetwaarden en aan de hand daarvan bepaalde uitgangssignalen geeft.

Opdracht 15

In een invoerapparaat voer je wat in (de invoer), het apparaat zet dit om en verwerkt de gegevens (de omzetting), eventueel met een databank en geeft de informatie (de uitvoer).


Opdracht 16

Opdracht 17

A Zodra er geluid is, is er ook een trilling dit zorgt ervoor dat de bedrading deze golven omzet en verstuurd.

B op een full duplex verbinding, het is namelijk mogelijk om gelijktijdig zender en ontvanger te zijn van het praten, maar er kan geen fax verzonden en ontvangen worden (gelijktijdig). Ook kan je niet telefoneren en faxen, want dan is de lijn al bezet.

C Een half duplex.


Opdracht 18

A als er één computer uitvalt maakt dit niets uit voor de andere computer(s), want de andere computers hoeven geen gebruik te maken van deze computer, terwijl bij een ringnetwerk dit wel het geval is.

B ringnetwerk

C sternetwerk

D busstructuur, want bij een sternetwerk kun je ervoor zorgen dat de server in het midden staat en je alleen de kabels ernaartoe hoeft te doen, terwijl er bij een busstructuur een kabel langs alle computers moet worden gelegd.
Opdracht 20

A synchroon

B omdat dit veel sneller, het snelst gaat.
Opdracht 21

A applicatielaag

B ** we hebben opdracht 19 niet gedaan **
Opdracht 22

A dat er oneven aantal enen in de waarde is

B dat er een oneven aantal enen in de waarde is

C dat een bit is omgewisseld met een andere, dit is niet te herkennen

D door een letter of een bepaald figuur mee te sturen om de soort byte te herkennen

Opdracht 23
Zodat Microsoft aan de eigen Java-applets geld kan verdienen. Iemand die namelijk internet explorer gebruikt, en wil een Java-applet zal dus via Microsoft een moeten aanschaffen omdat de anderen hier niet op werken.
Opdracht 24
Charles Babbage - 1700 1800

   Aan het eind van 1600 werden diverse ideeën ontwikkeld maar echt    baanbrekend waren ze niet. Pas aan het eind van 1700 onstonden    nieuwe ontwikkelingen mede door de industriele veranderingen die toen    plaatsvonden. Charles Babbage(1792 - 1871) was een Engelsman die in    samenwerking met Lady Ada Lovelace de volgende belangrijke stap    zette. Charles Babbage ontwierp in 1834 de eerste programmeerbare    rekenmachine: hij noemde het de Analytische motor. Een waardige    voorloper van de computer, omdat hij in principe alle functies van een    echte computer bezat. Hij werkte met ponskaarten en kon berekeningen    maken en uitkomsten onthouden. Er zaten meer dan 2000 bewegende    onderdelen in. Het was in die tijd moeilijk om het technisch voor elkaar    te krijgen; Babbage heeft hem dan ook nooit werkend gezien.


   Het Science Museum in Londen heeft de machine kort geleden gebouwd    en hij werkte perfect. Ada Lovelace schreef voor de mechanische    computer van Babbage de eerste computerprogramma's. Het feit dat    een vrouw zich hiermee bezig hield was voor die tijd zeer bijzonder.    Vrouwen werden in het onderwijs buitengesloten. Ze kreeg wiskundeles    van privéleraren en was goed bevriend met Babbage. Omdat de machine    niet gebouwd kon worden, heeft ze haar programma's nooit zien werken.

De Abacus - 500vc

   Van de abacus wordt beweerd dat het de oudste "computer machine" is    die de mensheid gebruikte, onze vingers niet meegerekend.


   Men zegt dat de chinezen meer dan 2000 jaar geleden de abacus    hebben uitgevonden. De abacus is een geniaal ontworpen apparaat,    gebaseerd op de onderlinge posities van twee series van kralen.
   De kralen worden heen en weer bewogen bij het rekenen. De bovenste    kralen zijn vijf keer zoveel waard als de onderste kralen. Met de abacus    kan je optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen. Vanaf 500 na    Chr. wordt de abacus in Europa gebruikt. In China wordt de abacus nog    steeds gebruikt.
   Blaise Pascaline - 1650

   Blaise Pascaline (1623- 1662), was pas 18 jaar oud toen hij een    machine bouwde die automatisch kon optellen en aftrekken door middel    van tandwielen. Dit apparaat was wellicht de eerste mechanische    optelmachine die in productie is genomen. Het was een rechthoekige    koperen doos waarin een set van wieltjes werden aangedreven door    staafjes aan de buitenkant. Zijn uitvinding werd door zijn vader die bij    de belastingdienst werkte erg gewaardeerd. Er was veel interesse voor    dit mooie apparaat maar het was duur, niet precies en moeilijk in het    gebruik. Het principe werd pas in 1672 door Von Leibniz weer opgepakt    en verbeterd. Het principe wordt nu nog gebruikt bij kilometertellers.

http://www.informatica-educatie.nl/parels/2000/3/1650.html
Opdracht 25


Generatie

Periode

Reden

Eerste


1950


elektronenbuis

Tweede

1960

transistor

Derde

1970

IC

Vierde

1980

microprocessor

computer.htm http://www.dirksen.nl/proeflessen/computer_op_werkplek/ontwikkeling_
Opdracht 26

A Ik weet het nog niet precies, moet nog voor de toets leren.



B Zie A

C *


D

Begrip/term

Uitleg, vertaling

Configuratie

De hele computer met aller erop en eraan .

Pentium

 

Intel

 

Cachegeheugen

 Cahcegeheugen is een apart geheugen dat anders in dan het normale interne geheugen. Het verchil is dat het ongeveer met een factor 50 snelle is.

Virtueel geheugen

  Dit is een denkbeeldig geheugen, het staat op de harde schijf van je machine en niet in het intene geheugen het is dus feitelijk geen intern geheugen.

RAM

 Random Access Memory, dit is een deel van het interne geheugen dat wordt gewist wanneer je de computer uitzet.

EDORAM

 

IDE

 

Harddisk

 

FD

 

Soundblaster

 

(CD)ROM

 Compact disk geheugen met Read Only Memory, deel van het interne geheugen dat niet wordt gewist bij het uitzetten van de computer en het dient om de computer elke keer op de juiste wijze te laten starten.

VGA-kaart

 

Muis

 

Processor

Voert de instructies uit van een programma en is een belangrijke factor in de prestaties van een computer.

MIPS

Processorsnelheid in miljoenen instructies per seconde.

CVE

Andere naam voor de processor: de centrale verwerkingseenheid.

CPU

De engelse term, central processing unit

AlU

De rekenkundige en logische eenheid (Arithmetic and logic Unit) voert rekenkundige bewerkingen uit en vergelijkt waarden.

Register

Tijdelijke opslagplaatsen voor instructie en gegecens.

Instructieregister

Één register waarin de huidige instructie staat, het IR

Machinetaal

Bestaat uit eenvoudige instructies zoals SLA OP

Instructiecyclus

De cyclus die een instructie doorloopt: 1: haal de instructie op van de geheugenplaats en plaats deze in het instructieregister. 2: Decodeer de instructie (bepaal wat er moet gebeuren). 3: Voer de instuctieuit.

Control Unit

Besturingseenheid die de instructiecyclus bestuurd en ervoor zorgt dat de stappen goed doorlopen worden.

Kloksnelheid

Snelheid waarop de processen in de computer lopen ( dat doen ze synchroon met het tikken van de klok)

Geheugen

Kan worden opgesplitst in extern en intern.

Extern geheugen

Op deze schrijven ligen de gegevens redelijk permanent vast (floppydisk en harde schrijf)

Adresseerbaar

Hierdoor is de plek waar bepaalde gegecvens staan zeer goed aant e wijzen doordat de schijf is opgedeeld in een aantal gebieden.

Spoor

Onderdeel van de schijf (track) en sector. Het is een volledige cirkelbaan op de harde schijf.

Sector

Taartpunt van de schijf.

Fat

File Allocation Table, hierin wordt bijgehouden waar een bestand staat.

magnetisch

Schijf met een oppervlakte van zeer fijn magnetiseerbaar materiaal waarbij op een plekje ht magneetje in twee standen kan staan: Noord of Zuid.

Optisch

Een bit op deze schijf ligt vast in een putje of juist geen putje.

Magnet-optisch

Hierin wordt de data in een magnetisch medium vastgelegd met behulp van lasertechnologie (optisch).

Niet-adresseerbaar

Bijvoorbeeld bij een tape, het is onmogelijk om de precieze plek aan te wijzen waar de gegevens zich bevinden.

Intern geheugen

Hierin zijn instructies en gegevens snelbeschikbaar voor de processor

Geheugenchip

Onderdeel van een intern geheugen. Hierin is data opgeslagen op plaatsen die adresseerbaar zijn.

 Toegangstijd

 Deze wordt gemeten (van het intern geheugen) in honderden nanoseconden (dat is 100*10^9 =10^7 seconde)Terwijl dat van een harde schijf in milliseconden wordt gemeten (10^3)

 Bus

Transportsysteem voor elektrische signalen.

 Adresbus

Deze wordt gebruikt om aan te geven waar de gegevens, bijvoorbeeld getallen, vandaan moeten worden gehaald of waar ze na berekening moeten worden geplaatst.

Databus

Deze dient om gegevens te transporteren. Via de databus kan een waarde vanuit het geheugen naar de processor gehaald worden om mee te rekenen.

Besturingsbus

Hiermee worden signalen verzonden die vertellen hoe iets uitgevoerd moet worden.

Communicatiepoort

De poorten van de computer die communiceren met randapparatuur.

USB

Universal Serial Bus, Deze technologie maakt het mogelijk om allerlei apparaten aan een computer te koppelen, terwijl die aan staat.

Von Neumann principe

Als een instructie uit meerdere handelingen bestaat, dan werkt de processor dat allemaal achter elkaar af deze afhandeling heet seuentieel, op volgorde.

Multiprocessing

Het werken met meer dan één processor.

Client-server

Een server is een centrale machine waar gemeenschappelijke applicaties en bestanden staan. Zop de andere computers in het netwerk, de werkstations, kun je die applicaties en bestanden gebruiken. De werkstations worden ook wel clients genoemd.

Peernetwerk

Een netwerkvorm waarbij gelijkwaardige computers aan elkaar gekoppeld worden.

LAN

Local Area Network, Dit staat bijvoorbeeld in één gebouw.

WAN

Wide Area Network, wanneer computers op een grotere afstand van elkaar staan.

Protocol

Afspraken over de manier waarop.

Simplex verbinding

Een verbinding gebaseerd op één zender en één ontvanger, éénrichtingsverkeer.

Half duplex verbinding

Een verbinding die altijd één kant op gaat, maar de richting kan omgedraaid worden.

Full duplex verbinding

Hierbij is het mogelijk om gelijktijdig zowel te zenden als te ontvangen.

Analoog

Dit werkt als een golf.

Digitaal signaal

Een signaal dat bestaat uit bits.

Netwerkkaart

Een kaart waaraan bekabeling voor een netwerk zijn gekoppeld.

Modem

Een apparaat om een digitaal signaal om te zetten in een analoog signaal en andersom, staat voor ModulatorDEmodulator.

Punt-naar-punt-lijn

Hierbij is elke computer in het netwerk via een eigen lijn met de server verbonden. (sternetwerk)

Multidroplijn

Hierbij wordt iedere lijn voor meerdre verbindingen gebruikt. (Ringnetwerk en een busnetwerk)

Circuit switching

Bij deze vorm wordt tussen de zender en ontvanger een fysieke binding gelegd:een circuit. Je kunt het draadje tussen zender en ontvanger dus letterlijk volgen

Massage switching

Hierbij wordt het gehele bericht doorgestuurd van knooppunt naar knoopunt om uiteindelijk van de zender bij de ontvanger te komen.

Packet switching

Het bericht wordt in allemaal even grote stukjes gehakt en verzonden. Dit heet segmenteren.

Desegmenteren

Dit is bij de ontvander de pakketjes weer in de juiste volgorde gezet waarna het bericht kan worden gelezen.

ISO-OSI

Staat voor Open Systems Interconnect. Dit model bestaat uit zeven lagen en de bedoeling is dat fabrikanten de onderdelen apart maken. Zo wordt de netwerkarchitectuur modulair en zijn producten gemakkelijk uitwisselbaar.


Opdracht 28
Zie website www.richtje.ontheweb.nl



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina