Handleiding betreft: bosbeheerplannen, kapmachtigingen en andere machtigingen voor beheerwerken in bos



Dovnload 0.82 Mb.
Pagina3/23
Datum22.07.2016
Grootte0.82 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   23

Hoofdstuk II : Bosbeheerplannen

II.1.Inleiding: wie moet een beperkt of uitgebreid bosbeheerplan maken?

Het Bosdecreet, art. 43 bepaalt voor welke bossen en door wie er een bosbeheerplan moet opgesteld worden:



  • domeinbossen door ANB

  • openbare bossen door de eigenaar

  • privé-bos van minstens 5 ha door de bosbeheerder.

Voor meerdere verspreide kleine bosjes van eenzelfde bosbeheerder die gezamenlijk wel een oppervlakte van minstens 5 ha hebben, maar die elk afzonderlijk kleiner zijn dan 5 ha, is er geen verplichting tot het opstellen van een bosbeheerplan.


Voor privé-bossen kleiner dan 5 ha kan er vrijwillig een bosbeheerplan opgesteld worden.
Het Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de beheerplannen van bossen van 27 juni 2003 (B.S. 10.09.2003) bepaalt de vorm, inhoud, termijn, inzagerecht en de procedure voor de indiening en goedkeuring van het beheerplan. Het vroegere BVR dd. 4 december 1991 ‘betreffende het vaststellen van de beheerplannen voor de bossen’ werd door dit besluit opgeheven.
Er zijn twee types bosbeheerplannen: uitgebreide en beperkte. De inhoudsopgave van beide types beheerplannen is opgenomen als bijlage bij het besluit. Deze bijlagen kunnen gewijzigd worden door de Administrateur-Generaal.
Het beperkte beheerplan is van toepassing voor privé-bossen vanaf 5ha die gelegen zijn buiten de afbakening van het Vlaams Ecologisch Netwerk (VEN). Een beperkt beheerplan kan ook vrijwillig opgemaakt worden voor bossen buiten het VEN, die kleiner zijn dan 5 ha.
Uitgebreide bosbeheerplannen worden opgemaakt voor alle domeinbossen ongeacht hun grootte (bossen eigendom van de Vlaamse Overheid, of andere openbare bossen waarvan het volledige beheer wordt uitgevoerd door het ANB), alle openbare bossen ongeacht hun grootte (eigendom van steden, gemeentes, provincies, kerkfabrieken, OCMW’s, publiekrechterlijke instellingen…) en voor alle privé-bossen van minstens 5ha binnen het VEN. Een uitgebreid beheerplan kan ook vrijwillig opgemaakt worden waar dit strikt genomen niet vereist is.
Een openbaar bos is volgens art. 4, punt 16 van het Bosdecreet ‘elk bos waarvan een publiekrechtelijk rechtspersoon eigenaar of mede-eigenaar is’. Bossen in eigendom van openbare eigenaars, maar verhuurd, verpacht of met erfpacht aan een privé-eigenaar blijven hun statuut van openbaar bos behouden. Voor deze bossen moet dus een uitgebreid bosbeheerplan opgesteld worden, in principe door de eigenaar.
Een privé-bos is ‘elk bos waarvan uitsluitend natuurlijke personen of privaatrechtelijke rechtspersoon eigenaar zijn.’ Bossen van privé-eigenaars die beheerd worden door openbare eigenaars via een beheerovereenkomst of door huur, erfpacht, …blijven dus eveneens hun statuut van privé-bos behouden. Voor deze bossen moet dus naargelang de grootte en ligging in VEN een beperkt bosbeheerplan of een uitgebreid bosbeheerplan opgesteld worden. Het beheerplan voor een privé-bos wordt opgesteld door de bosbeheerder.
Alle uitgebreide bosbeheerplannen moeten voldoen aan de criteria voor duurzaam bosbeheer (CDB) zoals vastgelegd in het BVR van 27 juni 2003 ‘tot vaststelling van de criteria voor duurzaam bosbeheer voor bossen gelegen in het Vlaamse gewest.’ Dus ook de uitgebreide bosbeheerplannen voor privé-bos buiten het VEN die vrijwillig opgesteld worden! (art. 4§2 van het besluit).
Het besluit voorziet ook de mogelijkheid voor beheerders van privé-bossen en/of eigenaars van openbare bossen om een gezamenlijk bosbeheerplan in te dienen, indien het geldt voor bossen die behoren tot één zelfde boscomplex. Het gezamenlijke beheerplan voor privé-bossen buiten het VEN is een beperkt bosbeheerplan, of – op vrijwillige basis - een uitgebreid bosbeheerplan. Zodra één van de bossen van het gezamenlijk beheerplan een openbaar bos is of een privé-bos gelegen in het VEN, moet het volledige bosbeheerplan een uitgebreid bosbeheerplan zijn. (art.5).


II.2.Wanneer vervalt een oud beheerplan en moet er een nieuw gemaakt worden?

Een bosbeheerplan van een privé-bos goedgekeurd volgens het BVR van 4 december 1991 blijft geldig tot de vervaldatum van het beheerplan, ongeacht of het privé-bos in VEN gelegen is of niet.


Een beheerplan van een openbaar bos niet gelegen in VEN, vogelrichtlijn- of habitatrichtlijngebied en goedgekeurd volgens het besluit van 4 december 1991, blijft geldig tot de vervaldatum van het beheerplan.
Een beheerplan van een openbaar bos gelegen in VEN, vogelrichtlijn- of habitatrichtlijngebied en goedgekeurd volgens het besluit van 4 december 1991, moet worden aangepast uiterlijk 2 jaar na het van kracht zijn van het natuurrichtplan. Indien het natuurrichtplan geen bepalingen bevat die het aanpassen van het beheerplan noodzakelijk maken, dan wordt het bestaande beheerplan ongewijzigd behouden, met behoud van het registratienummer en de periode van goedkeuring.
Wanneer er na vastlegging van de instandhoudingsdoelstellingen (IHD’s) per SBZ nieuwe natuurrichtplannen zullen gemaakt worden om de (IHD’s) in een beheervisie om te zetten, dan moeten de bosbeheerplannen voor de openbare bossen in die SBZ indien nodig aangepast worden binnen de 2 jaar na het van kracht worden van het natuurrichtplan.
Wanneer een beperkt bosbeheerplan voor een privé-bos, goedgekeurd volgens het BVR 27 juni 2003, na de goedkeuring in VEN komt te liggen, dan vervalt dit beheerplan twee jaar na de datum van de afbakening van het VEN. Binnen die periode van 2 jaar moet een nieuw uitgebreid bosbeheerplan ingediend worden.

Wanneer het dan gaat over een privé-bos kleiner dan 5 ha, is er geen verplichting om een nieuw bosbeheerplan op te stellen. Kappingen moeten dan via een kapmachtiging aangevraagd worden, waarbij de criteria voor Duurzaam Bosbeheer toegepast worden.


Wanneer een beperkt of een uitgebreid bosbeheerplan voor een privé-bos, goedgekeurd volgens het BVR 27 juni 2003, na de goedkeuring in een SBZ komt te liggen, dan is er geen verplichting tot aanpassing van het beheerplan. Ook na het vastleggen van de instandhoudingsdoelstellingen voor de SBZ en na het van kracht worden van een natuurrichtplan, is de bosbeheerder niet verplicht het beheerplan aan te passen.



1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   23


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina