Handleiding Coach 5



Dovnload 219.79 Kb.
Pagina8/10
Datum20.08.2016
Grootte219.79 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10

Starten van “Coach 5 Docent”


Om in Coach 5 als docent te werken kan worden ingelogd met de naam “docent”. Het programma start dan met alle beschikbare projecten en met de docentfuncties.
Onder Gereedschappen > Profielbeheer kan een wachtwoord worden ingesteld of veranderd om ongewenste toegang door leerlingen af te schermen (raadpleeg de Docenthelp voor details).
Zie § 4.5 voor een beschrijving van de structuur van Coach 5, de Profieltypen en Leerlingmodi.

4.1 Inleiding

In Coach 5 bestaan toepassingen altijd uit bij elkaar horende activiteiten, die gegroepeerd zijn in projecten. Elk project en elke activiteit heeft een titel.

De Docentversie biedt de mogelijkheid om projecten te beheren en activiteiten klaar te zetten. Deze mogelijkheid van selectie uit beschikbare projecten biedt leerlingen overzichtelijke keuzemogelijkheden en geeft de docent gelegenheid om lesactiviteiten te ordenen. Coach 5-Docent bevat verschillende gereedschappen voor het ontwerpen van les-activiteiten. Dit houdt in dat alles wat nodig is voor de uitvoering van practica en ontwerpopdrachten in de software wordt klaargezet. Gedacht kan worden aan interfaces, sensoren, actuatoren, uitleg, instructies, plaatjes en relevante links naar Internet.
Het is mogelijk om projecten en activiteiten:


  • te wijzigen,

  • te ontwerpen,

  • te beheren met het Projectbeheer,

  • voor leerlingen klaar te zetten met Profielbeheer.


Voor gedetailleerde aanwijzingen over deze mogelijkheden wordt verwezen naar de Docenthelp in de software. De algemene Docenthelp is in het menu beschikbaar onder Help > Docenthelp. Een aantal vensters bevat contextgevoelige Docenthelp onder een aparte helpknop.

4.2 Wijzigen of maken van een project


We geven hierna een stappenplan voor het ontwerpen van projecten en activiteiten in Coach 5. Aanvullende informatie is onder de help-knoppen in de software te vinden.






  • Kies project
    Titel, plaatje of beschrijving van een project wijzigen

  • Start de Docentversie met toepassingen voor uw vak.




  • Bewerk



    Nieuw
    Klik op Kies project.
    Selecteer een project om te wijzigen en klik op Bewerk
    (of maak een project met Nieuw Project).

- Typ de naam en een korte omschrijving.

- Voer een titelplaatje in met Kies plaatje (BMP, GIF, JPG).




Bewerk

plaatje



Kies plaatje


4.3 Wijzigen of maken van een activiteit

De inhoud van een project bestaat uit activiteiten.

De inhoud wijzigen betekent dus activiteiten wijzigen.








  • Een gele knop:

    Kies plaatje”


    Teksten, plaatjes of films in een activiteit wijzigen

  • Kies desgewenst de titel van een tekst, een plaatje of een film met een gele knop in de knoppenbalk.

  • Zet het onderdeel in een venster door in een bestaand venster te klikken.

  • Wijzig de titel van een onderdeel door met de rechter muisknop te klikken in het venster en kies Wijzig beschrijving. Voor een plaatje (BMP, GIF, JPEG) is ook de knop Bewerk plaatje beschikbaar (via deze knop opent u het tekenprogramma dat verbonden is met plaatjesbestanden). Een tekst is direct in het venster te typen of te wijzigen. Films (AVI, MPG of MOV bestanden) zijn alleen te kiezen.




Open een nieuw gedefinieerd project en gebruik in het venster “Kies activiteit” de knop “Nieuwe activiteit” om een activiteit voor het project te definiëren.
De software leidt u automatisch langs een aantal keuzemogelijkheden:

  • Kies een paneel bij de te gebruiken interface.

  • Vul in het venster “Instelling van de activiteit” achtereenvolgens in:

  • De naam van de activiteit.

  • De soort activiteit (meten, sturen, …).
    Als leerlingen van paneel mogen wisselen, bijvoorbeeld omdat verschillende interfaces op school beschikbaar zijn, dan kunnen beschikbare keuzemogelijkheden onder “Alternatieve panelen” worden ingesteld.


  • Meetinstelling
    Vullen van een activiteit


Voor het vullen van activiteiten beschikt u in principe over dezelfde mogelijkheden als leerlingen (zie ook hoofdstuk 3):

  • Zet sensoren (en/of actuatoren) klaar.

  • Maak instellingen, zet programma’s klaar….

  • Kies of maak meters, waarden, grafieken en tabellen, eventueel met formules.

  • Kies teksten, plaatjes of filmpjes.

  • Zet interessante links klaar onder de Internetknop.


Sla de activiteit op via Bestand > Activiteit > Bewaar.



1   2   3   4   5   6   7   8   9   10


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina