Hefboomfondsen: Van Jones tot vandaag, met een focus op de Belgische markt



Dovnload 495.56 Kb.
Pagina9/15
Datum20.08.2016
Grootte495.56 Kb.
1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   15

3.4Kritiek op hefboomfondsen

Natuurlijk is er ook kritiek op hefboomfondsen. Door bepaalde gebeurtenissen in het verleden, zoals bijvoorbeeld het LTCM hefboomfonds dat ternauwernood gered kon worden, ging/gaat men zich vragen stellen over de impact die deze fondsen al dan niet kunnen hebben op het financieel systeem.

Daarnaast wordt de sector vaak vergeleken met dot.com bubbel van de jaren ’90. Of dit gegrond is, komt hierna ook aan bod.


3.4.1Marktontwrichtende werking

Als er al verhalen zijn die hefboomfondsen, ook bij het grote publiek, in de spotlights brachten, dan zijn het deze twee. Het verhaal van Long Term Capital Management is er een van excessieve leverage en was niets minder dan een bom onder het globale financiële systeem die net op tijd ontmanteld werd. Het Quantum fund van George Soros daarentegen, was geen bedreiging voor het financiële systeem toen het de Britse Pond uit het EMS blies. Er valt niet aan te twijfelen dat er in beide gevallen sprake is van een marktontwrichtende werking, hoewel op een andere manier.


Toen de Pond Sterling in 1990 in het Europese Monetaire Stelsel stapte, betekende dit dat het Pond niet alleen meer meetelde bij de berekening van de waarde van de ECU, maar ook dat je de waarde van je munt, hier het Pond, op peil diende te houden tegenover de ECU. Daar dit onmogelijk een constant evenwicht kan betekenen, kreeg elke munt binnen het EMS een schommelingmarge tot waar die munt boven of onder de koers van de ECU mocht gaan. Bij het Pond bedroeg die marge, zowel naar boven als naar beneden, 6%. Indien er meer dan 6% spreiding was, deed je munt eenvoudigweg niet meer mee binnen het EMS, je vloog gewoon buiten.

Nu stond het Britse Pond begin jaren ’90 nogal zwak op zijn benen en werd de druk naar beneden stilaan groter. Er werden zelfs steunmaatregelen genomen door de Britse centrale bank. Het mocht allemaal niet baten, want het Quantum Fund, het hefboomfonds van George Soros, was erin geslaagd 10 miljard USD in stelling te brengen tegen het Britse Pond. Met als gevolg dat de koers van het Pond het niet meer kon houden, door zijn bodem zakte en binnen enkele weken 15% van zijn waarde verloor. Exit EMS! Het Quantum Fund houdt aan deze investering tussen de 1 à 2 miljard USD winst over, terwijl Soros zelf honderden miljoenen USD opstrijkt.

Of dit een marktontwrichtend gegeven was, of gewoon de toepassing van het efficiënte marktmodel, hangt af van de partij die spreekt. Feit is dat er geen acuut doodsgevaar was, zoals LTCM dat enkele jaren later wel veroorzaakte.116
Long Term Capital Management was een hefboomfonds, geleid door “the best and brightest” van het hedge fund universum, bestaande uit verscheidene Nobelprijs winnende economen en alom geroemde Wall Street traders. John Meriwether, berucht geworden als obligatietrager bij Salomon Brothers stichtte zijn LTCM in 1993. Bedoeling was om met arbitrage de markt te gaan kloppen. Iets wat ook lukte, want in de periode van 1995 tot 1997 haalde LTCM na kosten een rendement van gemiddeld 33,7%, waar de S&P in diezelfde (goede) periode gemiddeld 29,3% rendement haalde.

Allemaal goed en wel, tot in 1998 een collectieve reddingspoging van de Federal Reserve en niet minder dan 14 internationale financiële instellingen, het vleugellamme LTCM moesten te hulp schieten. Niet alleen het welzijn van LTCM, hun klanten en hun schuldeisers stond op het spel, maar het hele financiële systeem! Hoe was het nu zover kunnen komen?

LTCM startte met meer dan 1 miljard USD in portefeuille en focuste, zoals gezegd, op arbitrage. Kleine prijsverschillen van soortgelijke waarden werden tegen elkaar uitgespeeld. Door de relatief kleine prijsverschillen heeft men bij arbitrage veel leverage nodig om tot significante winsten te komen, zo dus ook bij LTCM. Op hun toppunt in 1998 hadden ze bij LTCM ongeveer 5 miljard USD in portefeuille, controleerden meer dan 100 miljard USD (dus meer dan 20x hun eigen vermogen!) en hadden uitstaande posities met een totale waarde van meer dan 1 triljoen USD. Feitelijk hetzelfde bedrag als wat de hele hedge fund sector samen op dit moment, 7 jaar later, in portefeuille heeft!

Door die extreme hefboomwerking en een financiële crisis in Rusland (de staatsobligaties stuikten in elkaar), kreeg LTCM ineens te maken met enorme verliezen. Verliezen die natuurlijk ook hun schuldeisers bedreigden. Door die situatie was het moeilijk voor LTCM om overige posities te liquideren, wat voor een sneeuwbaleffect zorgde.

Het fonds besloeg op dat moment een verbluffende 5% van de wereldmarkt in obligaties! Niet moeilijk dus dat men van een dreiging voor het financiële systeem sprak. Bedenk ook dat door de massieve inzet van hefboomwerking, ook de schuldeisers bedreigd werden.

Moest LTCM failliet gegaan zijn, dan zou dit verstrekkende gevolgen gehad hebben voor de hele financiële wereld. Denk gewoon aan alle afschrijvingen die men had moeten maken om al die verliezen, die onbetaalde leningen aan LTCM, af te schrijven. Zoals hierboven aangehaald werd het fonds dus door de Federal Reserve en de schuldeisers op het droge getrokken en een financiële wereldbrand afgestopt. Dit geeft duidelijk weer dat een teveel aan leverage ongehoorde risico’s met zich meebrengt en dat er wel degelijk een marktontwrichtende werking kan optreden. 117


Volgens een studie van het IMF tenslotte zijn hefboomfondsen hier om te blijven, hoewel er door de sector zelf en de regelgevende organen lessen moeten getrokken worden uit het verleden, denk maar aan LTCM. Er is wel degelijk een impact mogelijk, maar om daarom alle hefboomfondsen over dezelfde kam te scheren, dat is een andere vraag.

Daarbovenop schreef men nog een aantal marktbevorderende voordelen toe aan de aanwezigheid van hefboomfondsen op de financiële markten. Voordelen zoals een grotere liquiditeit op de markten en een grotere efficiëntie.118




3.4.2Bubbelvorming

Zoals hierboven al gezegd wordt er vaak over een bubbel gesproken als men het over de hefboomfondssector heeft en zijn vergelijkingen met de dot.com bubble niet van de lucht. Dit omdat, net zoals in de jaren ’90 de IT hype, de hefboomfondsen op korte tijd enorm veel aan belang gewonnen hebben.119 De explosieve groei in punt 3.1.1 spreekt voor zich.


Het cruciale verschil zit hem in het feit dat hedge funds hun nut al meer dan bewezen hebben, terwijl heel veel dot.commers ofwel hete lucht, ofwel nooit rendabel waren. Daar komt nog bij dat hefboomfondsen niet alleen hun nut bewijzen voor de belggers, maar dat ze volgens het IMF ook de markt efficiënter maken. Twee vliegen in één klap dus!120
Ook van belang volgens Jan De Spiegeleer van Erasmus Capital is dat 1/3 van alle opstartende hefboomfondsen hun eerste verjaardag niet halen. Er is dus sprake van een gezonde natuurlijke selectie.

Daar komt nog bij dat hefboomfondsen pas aan hun opmars begonnen zijn. Waar ze nu amper 1% à 1,5% van het totale mondiale kapitaal gealloceerd krijgen, zou dit op termijn moeten uitgroeien tot 10% à 15%.





1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   ...   15


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina