Het belgisch volkslied



Dovnload 109.45 Kb.
Datum22.07.2016
Grootte109.45 Kb.
Het belgisch volkslied.
O dierbaar België

O heilig land der vaad’ren

Onze ziel en ons hart zijn u gewijd.

Aanvaard ons hart en het bloed van onze adren,

Wees on doel in arbeid en in strijd.

Bloei, o land, in eendracht niet te breken ;

Wees immer u zelf en ongeknecht,

Het woord getrouw, dat ge onbevreesd moogt spreken :

Voor Vorst, voor Vrijheid en voor Recht. (x3)

Het beloftelied.
Wij hebben U, o Jezus, plechtig beloofd

U altijd te erkennen als opperhoofd.

Geef dat w’ U minnen zouden steeds meer en meer.

Help onz’ belofte houden Jezus onze Heer.


Wij hebben het gezworen dat Gij steeds zoudt

Ons hoofd en leider wezen als opperscout.

Geef dat w’U minnen zouden steeds meer en meer.

Help onz’ belofte houden Jezus onze Heer.


Wij zullen gans ons leven lijk Gij ‘t geboodt,

U volgen en U dienen tot aan onze dood.

Geef dat w’U minnen zouden, steeds meer en meer.

Help onz’ belofte houden Jezus onze Heer.


O Heer, d’avond is neergekomen.
O Heer, d’avond is neergekomen,

De zonne zonk, het duister klom ;

De winden doorruisen de bomen,

En verre sterren staan al nom…

Wij knielen neer om U te zingen,

In ‘t slapend woud, ons avondlied.

Wij danken U voor wat w’ ontvingen,

En vragen, Heer, verlaat ons niet !


Scouts en leiders knielen wij neder,

Door de stilte weerklinke onze beê…

Luist’rend fluist’rend kruinen mee,

En sterren staren teder…

Geef ons, Heer, zegen en rust en vrêe !

A-ram-sam-sam.
A-ram-sam-sam a-ram-sam-sam

Goeli goeli goeli goeli goeli ram-sam-sam (bis)


A-ra-bi, a-ra-bi,

Goeli goeli goeli goeli goeli ram-sam-sam.



Yalahie.
Yalahie weerklinkt door de rimboe

‘t Is de kreet van het hoofd van de stam

alle wolven, Bagheera en Baloo

knielen neer bij de laaiende vlam.


Als de jungle zich hult in het duister

Flauw verlicht door het schijnsel der maan

Sta dan stil, spits je oren en luister

Sluipend zie je de wolven dan gaan.

Yalahie weerklinkt door…
Iedere vlam wordt dan daar bekeken

Op dit uur wordt met spanning gewacht

Is de Rode Bloem dan gekweken

‘t wordt weer tijd voor een volgende jacht.



Al die willen te kaperen varen.
Allen die willen te kaperen varen, moeten mannen met baarden zijn.

Jan, Piet Joris en Korneel, die hebben baarden, die hebben baarden,

Jan, Piet Joris en Korneel, die hebben baarden, zij varen mee.

En de boom staat op de bergen.
En de boom staat op de bergen ha-lie-ja-ho (bis)

En aan die boom daar kwam een tak,

Een reuzetak, een pracht van een tak,

Oh jongens wat een tak was dat ! ! !

De tak van de boom en de boom staat op de bergen….
En aan die tak daar kwam een twijg,

Een reuzetwijg, een pracht van een twijg,

Oh jongens wat een twijg was dat ! ! !

De twijg van de tak, de tak van de boom en de boom staat…


… twijg, blad, nest, ei, jong, veer, juf, heer, huis, stal, geit, staart, eind…

De bezem
De bezem (2x)

Wat doe je ermee (2x)

Je veegt ermee (2x)

De vloer ! (2x)




Een Nederlandse Amerikaan.
Een nederlandse Amerikaan, die zie je al van verre staan,

Een nederlandse Amerikaan, die zie je al van verre staan,


Van voor naar achter van links naar rechts

Van boven naar onder van links naar rechts


Zijn buik lijkt wel op een luchtballon,

Ik wou dat ik er in prikken kon.


Zijn neus lijkt wel op een pingpongbal,

Ik wou dat ik erop spelen kon.


Zijn hemd lijkt wel op een prentjesboek,

En hangt wel meters uit zijn broek.



Er werd een vrouw vermoord.
Er werd een vrouw vermoord met een gordijnenkoord

Ik heb het zelf gezien, ‘t was op verdieping tien,

Het bloed liep van de trap, ‘t was juist tomatensap

Het hoofd lag in de pan, ik kreeg er honger van


La, la, la, la,…
Haar hoofd en benen zijn voor mij een waar festijn

Ik lust er alles van tot dat ik niet meer kan

Dan kom ik aan haar voet daar is nog roestbruin bloed

Ik lik het allemaal af omdat ik het zo mag


Mjam, mjam, mjam,…

De wereld is een toverbal.
De wereld is een toverbal,

Geen mens weet hoe het worden zal

Maar een ding dat weet iedereen

Je kunt het niet alleen.



DUS zullen we er samen iets van moeten maken


De wereld is een mooi maar bewerk’lijk ding

Dus zullen we er samen iets van moeten maken

Hey, hey, hey, hey, kom maar in de kring.
Bekijk toch eens de wereldkaart

De mens is toch iets beters waard

Je ziet dat het een puinhoop is

Zo gaat het allemaal mis !


We praten zus, we praten zo

We roepen ach en wee en oh !

Maar wil j’elkaar echt goed verstaan

Dan doe je er iets aan.



ABC
ABC en ik zat in haar coupé (bis)

Ref :


En ik had me voorgenomen nergens aan te komen

ABC en ik zat in haar coupé.


DEF met de dochter van de chef (bis)

Ref


DEF met de dochter van de chef.
GHI ik zat al aan haar knie.

JKL en ik zat aan haar jarretelle.

MNO en ik zat aan haar O-O

PQR meneer, u gaat te ver !

STU meneer wat doet u nu ?

VWX en ik zeg maar beter niks.

YZA hoera, ik ben papa.

BCD oei-oei het zijn er twee.



Ene God alleen.
Eén, één, één is één

Ene God alleen,

Ene zaligmaker en anders geen.
Twee, twee, twee is twee.

Twee stenen tafelen

Als gebakken wafelen.

Ene God alleen,

Ene zaligmaker en anders geen.
Drie, drie, drie is drie.

Drie patriarchen,

Abraham, Izaak en Jakobus.

Twee stenen tafelen

Als gebakken wafelen

Ene God alleen……….


Vier, vier, vier is vier

Vier evangelisten,

Die de waarheid wisten.

Drie patriarchen…

Twee stenen tafelen…

Ene God alleen…


Vijf, vijf, vijf is vijf

Vijf dwaze maagden

Die de hemel vaagden.

Vier evangelisten ……

Drie patriarchen…

Twee stenen tafelen…

Ene God alleen…
Zes, zes, zes is zes

Zes kruiken wijn

Die op de bruiloft van Cana zijn.

……
Zeven, zeven, zeven is zeven

Zeven sakramenten

Zonder komplimenten

……
Acht, acht, acht is acht

Acht zaligheden

Voor ons hier beneden.

……
Negen, negen, negen is negen

Negen koren der engelen

Die aan de hemel bengelen.

……
Tien, tien, tien is tien

Tien geboden des Heren

Die we moeten eren.

……

k Zag twee beren…


‘k Zag twee beren broodjes smeren

O wat is dat wonder

‘t was een wonder, boven wonder

dat die beren broodjes smeren

Hi, hi, hi, Ha, ha, ha,

‘k stond erbij en ik keek ernaar.


‘k zag twee koeien bootje roeien.

‘k zag twee blikken tabak sjieken.

‘k zag twee vliegen een kindje wiegen.

‘k zag twee ossen kolen lossen.

‘k zag twee ganzen be-bop dansen.

Mijn vader.
Mijn vader is bakker,

Zijn zoontje ben ik,

Mijn vader bakt broodjes,

Ze eten doe ik !


Holadiee,…
Mijn vader is dokter,

Zijn zoontje ben ik,

Mijn vader geeft pillen,

Ze slikken doe ik !


Holadiee,…
Mijn vader is bokser … geeft klappen , ze krijgen doe ik

Mijn vader is slager … slacht koeien, ze eten doe ik

Mijn vader is meester, geeft straffen, ze schrijven doe ik

Apekot.
De kresj dat is een apekot, parlez-vous

Elk zijn bed en elk zijn pot, parlez-vous

Ze strooien poeder op je vel

Ze doen je slapen op bevel

Inke, pinke parlez-vous.
De school dat is een apekot, parlez-vous

De apen zitten twee aan twee, parlez-vous

De grootste aap die zit van voor

En doet de zotste kuren voor

Inke, pinke parlez-vous.
‘t Leger is een apekot, parlez-vous

ze schieten daar mekaar kapot, parlez-vous

de genraal dat is een hond

de vijand schiet al in zijn kond

Inke, pinke parlez-vous.
‘t Fabriek dat is een apekot, parlez-vous

ze werken ulder stapelzot, parlez-vous

de grote baas die krijgt zijn pree

al aan de Middellandse zee

Inke, pinke parlez-vous.
‘d Ouw peekes zitten in ‘t apekot, parlez-vous

weer elk zijn bed en elk zijn pot, parlez-vous

de nonnekes stoppen u in ‘t bed

dat doet zo’n jeugd voor je protest

Inke, pinke parlez-vous.

Chevaliers de la table ronde.
Chevaliers de la table ronde

Allons voir si le vin est bon Bis

Allons voir oui, oui, oui

Allons voir non, non, non

Allons voir si le vin est bon.
S’il est bon, s’il est agréable,

J’en boirai jusqu’à mon plaisir


J’en boirai cinq ou six bouteilles

Une fille sur les genoux.


Si je meurs, je veux qu’on m’enterre

Dans une cave où y a du bon vin.


Les deux pieds contre la muraille

Et la tête sous le robinet.


Sur ma tombe je veux qu’on inscrive

« Ici gît le roi des buveurs .»




De Kikker.
Aan den oever van de Dijle,

Diep verscholen in het riet,

Zat een kleine jonge kikker

Bij zijn moeder op de knie !


« Ziet ge daar » zo sprak de moeder,

« Ziet ge daar dien ooievaar,

‘t is de moord’naar van uw vader,

Hij vrat hem op met huid en haar. »


« Potverblomme » sprak de kleine,

« heeft die kerel dat gedaan ?

Als ik groot en sterk zal wezen

Zal ik op zijn bakkes slaan ! »


« ‘k Heb zoveel u nog te zeggen

Maar ge zoudt het niet verstaan.

‘k Zal u in uw bedje leggen… »

En daarmee is ‘t lied gedaan.



My Bonnie.
My Bonnie is over the ocean.

My Bonnie is over the sea.

My Bonnie is over the ocean.

O bring back my Bonnie to me.


Bring back, bring back, bring back my Bonnie to me, to me

Bring back, bring back, O bring back my Bonnie to me, to me
O blow ye winds over the ocean,

O blow ye winds over the sea,

O blow ye winds over the ocean,

And bring back my Bonnie to me.


Last night as I lay on my pillow,

Last night as I lay on my bed,

Last night as I lay on my pillow,

I dreamed that my Bonnie was dead.


The winds have blown over the ocean,

The winds have blown over the sea,

The winds have blown over the ocean,

And brought back my Bonnie to me.


Zeeroverslied.
De machtigste koning van storm en van wind

Is de arend geweldig en groot

De vogels zij siddren en vluchten van angst

Voor zijn snavel en klauwende poot

Als de leeuw verheft zijn gebrul des nachts

Dan verschrikt hij de dieren ermee

Ja, wij zijn de heersers der aarde

De koningen van de zee


Tiralala (Tiralala), Tiralala (Tiralala), Tiralala

Tiralala, Hoi ! Hoi !

Ja, wij zijn de heersers der aarde, de koningen van de zee
Verschijnt er schip op de oceaan

Dan juichen wij luide en wild

Ons trotse schip, als een pijl uit een boog

Vliegt terstond door de wateren zilt

De koopman wordt bang, en hij siddert van angst,

De matrozen verwensen dien dag

En daar klimt de mast langs omhoog

Onze bloedrode zeeroversvlag.


Wij werpen ons op het vijandig schip

Als een weggeslingerde speer

Kanonnen dreunen, ‘t geweer knalt rondom

En de enterbijl hakt keer op keer

En steeds zinkt de vlag van de vijand omlaag

Overwinningsgeroep klinkt alom

Lang leef de bruisende zee !

Lang leve de zeeroverij !


Annemarieken.
Wel Annemarieken, waar ga je naar toe ? (bis)

k Gane naar buiten al bij de studenten

Hopsasa Falala Annemarie bis
Wel Annemarieken, wat ga je daar doen ?

Haspen en spinnen, studentjes beminnen.

Hopsasa Falala Annemarie. bis
Wel Annemarieken, heb jij er geen man ?

Ik heb geen man, ik krijge geen slagen

Hopsasa Falala Annemarie. bis
Wel Annemarieken, heb jij er geen kind ?

Ik heb geen kind, ik moete niet zorgen.

Hopsasa Falala Annnemarie. bis
Wel Annemarieken, heb jij er geen lief ?

k Heb er niet één, maar k’heb er wel duizend.

Hopsasa Falala Annemarie. bis

Een potteke met vet.
Eerste couplet : en een potteke met vet

En een potteke vet al op de tafel gezet


Ta ra ra

Tweede couplet : en een potteke met vet

En een potteke potteke vet al op de tafel gezet
Ta ra ra

Derde couplet : en een potteke met vet

En een potteke potteke potteke vet al op de tafel gezet…



Tiyaya…


Tiyaya, tiyaya, tiyaya, oh !

Ya oh !


Ya oh ! ya oh !

Tiyaya, tiyaya, tiyaya, oh !

Ya oh ! Ya oh !

Tiyaya, tiyaya, oh !

Ya oh !


En dit is de historie.
En dit is de historie

Van een oude Chinees

Hij heette Hinkie Pinkie

Da’s net zoveel als Kees


Hij woonde in een stalletje

Aan de Chinese muur

Hij verkocht er pinda, pinda’s

Augurken in het zuur !


Hij had ook bruine veters,

Maar die verkocht hij zwart.

Per centi-centimeter.

Wat ging dat zaakje hard !


Toen kwamen twee polities

Die namen Pinkie weg

Hij moest in de gevangenis

Wat had die man een pech !


En dit was de historie

Van een oude Chinees

Hij heette Hinkie Pinkie

‘t was net zoveel als Kees.



Inhoud :
En dit is de historie 1

Het Belgisch volkslied 2

Het beloftelied 2

En de boom staat op de bergen 3

De Bezem 3

‘k Zag twee beren 4

Chevaliers de la table ronde 5

Zeeroverslied 6

My Bonnie 7

De wereld is een toverbal 8

Er werd een vrouw vermoord 9

Ene God alleen 10

Een nederlandse Amerikaan 12

ABC 13


De kikker 14

Annemarieken 15

Apekot 16

Mijn vader 17

Yalahie 18

Al die willen te kaperen varen 18

O Heer d’avond is neergekomen 19

A ram-sam-sam 19

Een potteke met vet 20

Tiyaya 20

Tien kleine negers 21
Tien kleine negers.
Tien kleine negers

Die stonden in de regen,

Eéntje werd er doodgeregend,

Toen waren er nog maar negen.


Negen kleine negers

Die stonden eens op wacht

Eéntje werd er doodgewacht

Toen waren er nog maar acht.


Acht kleine negers

Die gingen eens gaan zweven

Eéntje werd er doodgezweefd

Toen waren er nog maar zeven.


Zeve kleine negers

Die speelden met een mes

Eéntje werd er doodgemest

Toen waren er nog maar zes.


Zes kleine negers

Die speelden met een rijf

Eéntje werd er doodgerijfd

Toen waren er nog maar vijf.


Vijf kleine negers

Die speelden met een pier

Eéntje werd er doodgepierd

Toen waren er nog maar vier.


Vier kleine negers

Die speelden met een bie

Eéntje werd er doodgebiet

Toen waren er nog maar drie.


Drie kleine negers

Die speelden in de zee

Eéntje werd er doodgezeed

Toen waren er nog maar twee


Twee kleine negers

Die stonden op één been

Eéntje werd er doodgebeend

Toen bleef er nog maar één.


Eén kleine neger

Die trouwde met Katrien

Kregen vele kindertjes

Toen waren ze weer met tien.







Het loze vissertje
Des winters als het regent,

Dan zijn de paadjes diep, ja diep,

Dan komt dat loze vissertje

Vissen in al dat riet, ja riet.


Met zijnen rijfstok, met zijnen rijfstok,

Met zijnen lapzak, met zijnen lapzak,

Met zijnen lere, van dirre domme dere, |

Met zijne lere laarsjes aan. |bis


Dat loze molenarinnetje

Ging in heur deurtje staan, ja staan,

Opdat dat aardig vissertje

Voorbij heen zou gaan, ja gaan.

Met zijnen…
« Wat heb ik u misdreven,

Wat heb ik u misdaan, ja daan,

Opdat ik niet met vrede

Voorbij uw deur mag gaan, ja gaan.»

Met zijnen…
« Gij hebt mij niets misdreven,

Gij hebt mij niets misdaan, ja daan. 

Maar moet mij driemaal zoenen,

Eer gij van hier moogt gaan, ja gaan.»

Met uwen…

Kumbaya
Kumbaya, my Lord, Kumbaya

Kumbaya, my Lord, Kumbaya

Kumbaya, my Lord, Kumbaya

Oh, Lord, Kumbaya


Someone’s singing Lord…
Someone’s praying Lord…
Someone’s sleeping Lord…


Het beloftelied.
Wij hebben U, o Jezus, plechtig beloofd

U altijd te erkennen als opperhoofd.

Geef dat w’ U minnen zouden steeds meer en meer.

Help onz’ belofte houden Jezus onze Heer.


Wij hebben het gezworen dat Gij steeds zoudt

Ons hoofd en leider wezen als opperscout.

Geef dat w’U minnen zouden steeds meer en meer.

Help onz’ belofte houden Jezus onze Heer.


Wij zullen gans ons leven lijk Gij ‘t geboodt,

U volgen en U dienen tot aan onze dood.

Geef dat w’U minnen zouden, steeds meer en meer.

Help onz’ belofte houden Jezus onze Heer.



O Heer, d’avond is neergekomen.
O Heer, d’avond is neergekomen,

De zonne zonk, het duister klom ;

De winden doorruisen de bomen,

En verre sterren staan alom…

Wij knielen neer om U te zingen,

In ‘t slapend woud ons avondlied.

Wij danken U voor wat we ontvingen,

Wij vragen, Heer, verlaat ons niet !


Scouts en leiders knielen wij neder,

Door de stilte weerklinke onze beê…

Luist’rend fluist’rend kruinen mee,

En sterren staren teder…

Geef ons, Heer, zegen en rust en vrêe !

Yalahie.
Yalahie weerklinkt door de rimboe

‘t Is de kreet van het hoofd van de stam

alle wolven, Bagheera en Baloo

knielen neer bij de laaiende vlam.


Als de jungle zich hult in het duister

Flauw verlicht door het schijnsel der maan

Sta dan stil, spits je oren en luister

Sluipend zie je de wolven dan gaan.

Yalahie weerklinkt door…
Iedere vlam wordt dan daar bekeken

Op dit uur wordt met spanning gewacht

Is de Rode Bloem dan gekweken

‘t wordt weer tijd voor een volgende jacht.



De wereld is een toverbal.
De wereld is een toverbal,

Geen mens weet hoe het worden zal

Maar een ding dat weet iedereen

Je kunt het niet alleen.



DUS zullen we er samen iets van moeten maken


De wereld is een mooi maar bewerk’lijk ding

Dus zullen we er samen iets van moeten maken

Hey, hey, hey, hey, kom maar in de kring.
Bekijk toch eens de wereldkaart

De mens is toch iets beters waard

Je ziet dat het een puinhoop is

Zo gaat het allemaal mis !


We praten zus, we praten zo

We roepen ach en wee en oh !



Maar wil j’elkaar echt goed verstaan

Dan doe je er iets aan.



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina