Het bijbelse kernwoord rechterhand (rechterkant) I. Het oude testament



Dovnload 34.65 Kb.
Datum14.08.2016
Grootte34.65 Kb.

Het bijbelse kernwoord rechterhand (rechterkant)

I. HET OUDE TESTAMENT



I. A. Het Hebreeuwse zelfstandige naamwoord (jad) ‘jaami’n

Onderstaande gegevens zijn verzameld uit Gesenius’ Hebr. und Aram. Handwörterbuch; 16e Aufl. 1915 en Abr. Trommius, Nederlandse Concor-dantie. Zie onder I.A.a



I.A.a. Betekenis van de tekstgegevens

1. De rechterzijde (bijv. rechts van iemand/ iets, of afwijken ter rechter- of ter linkerzijde); vgl. Jes. 30:21.


De plaats aan de rechterkant/ - hand van iemand is:

  • a) die van de Beschermer: Ps.16:8; 109:31; 110:5; Jes. 41:13; 44:20; 63:12;

  • b) die van de koningin: 1 Kon.2:19 (Bathseba rechts van Salomo); Ps. 45:10;

  • c) die van Davids Heere: Ps. 110:1

  • d) die van de aanklager: Ps.109:6; Zach.3:1.

2. De rechterhand van God



  • Gods hand heeft de fundamenten van de aarde gelegd en Zijn rechterhand heeft de hemelen uitgespannen (Jes. 48:13)

  • Uw rechterhand, Heere is verheerlijkt geworden in macht;…heeft de vijand verbroken (Ex.15:6); de arm van Gods heerlijkheid aan de rechterhand van Mozes (Jes. 63:12).

  • Gij hebt Uw rechterhand uitgestrekt (Ex.15:12);

  • Gods rechterhand en arm heeft Israël het land gegeven (niet hun zwaard en hun arm) vanwege Gods welbehagen (Ps. 44:4); Gods rechterhand heeft de stam (wijnstok) geplant (Ps. 80:16)

  • Aan Gods rechterhand was een vurige wet (vol kracht en energie) aan hen (Israël) (Deut.33:2)

  • Gods rechterhand heeft Hem heil gegeven (Ps. 98:1)

  • De Heere sprak: Zit aan Mijn rechterhand…(de ereplaats).(Ps.110:1)

  • God verlost die op Hem betrouwen van hen die tegen Uw (Gods) rechterhand opstaan (Ps.17:7); maar soms trekt God Zijn rechterhand af (van de strijd tegen smaders) (Ps.74:11)/God trekt Zijn rechterhand achterwaarts/ op Zijn rug (Klaagl. 2:3).

  • Gods rechterhand doet krachtige daden, is verhoogd en doet krachtige daden (Ps.118:15, 16); ook persoonlijk (wel hard gestoten tot vallens toe, maar geholpen; Hij is mijn sterkte en psalm: vs.13). Zie ook Jes.62:8: de Heere zweert bij zijn rechterhand en bij de arm van Zijn sterkte (Zijn machtige arm), dat Hij zal zorgen voor Zijn volk. 1 Zie ook Dan. 12:7.

3. Iemand de rechterhand geven, als teken van begroeting, bevestiging of verbondenheid.


I.A.b Samenvatting + toepassing
1. Wij kennen ook de gewoonte om iemand die we een hoge eer waardig keuren vanwege zijn/ haar stand en positie rechts van ons te laten lopen/ zitten.
2. Op vele plaatsen in het OT wordt over de rechterhand van de Heere gesproken. Zie boven. Dat is uiteraard een antropomorfe (mensvormige) manier van spreken over God. Gods hand heeft de fundamenten van de aarde gelegd en Zijn rechterhand heeft de hemelen uitgespannen. Maak Hem groot (Jes. 48:13). Hij is de almachtige, Schepper van hemel en aarde..2
3. God wordt ons in de Schrift vooral ook aangeprezen als Verlosser van Zijn volk. Gods rechterhand heeft Israël verlost uit Egypte en het door de Rode Zee geleid. Hij heeft dit volk ook het beloofde land gegeven (het is niet door hun eigen zwaard en arm verkregen; Ps. 44:4). Gods rechterhand plantte de wijnstok Israël (de man van Gods rechterhand). Zie Ps. 80:16, 18; Ps. 89:26; 98:1. Hij heeft gedacht aan Zijn genade, Zijn trouw aan Isrêl nooit gekrenkt. Zing mee.

4. Dat geloof op Gods bevrijdende genade vindt zijn hoogtepunt in Davids loflied op de meerdere Melchizedek van Psalm 110, Die zit op de ereplaats in het heelal: rechts van de Vader. Daarom belijdt de kerk der eeuwen (in het Apostolicum): Die zit aan de rechterhand van God, de almachtige Vader, van waar Hij komen zal om te oordelen de levenden en de doden. David zingt van Hem: De Heere heeft gesproken tot mijn Heere: Zit aan Mijn rechterhand (Ps. 110:1; zie ook vs.5). Hij is Davids Zoon en tegelijk Davids Heere.3 Hij is de Messias. Hoe vaak wordt dit geloofslied niet bejubeld in het Nieuwe Testament.4 Ze is wel genoemd ‘de psalm van ’s Heeren verhoging’. Zie verder o.a. Matth. 22:41-46 (onder). Deze onze gezegende Zaligmaker zit in de hoogste hemel rechts van de Vader. En als wij door genade een plaats krijgen in Zijn troon, dan mogen ook wij in Christus op Zijn ereplaats zitten en zingen met Ps. 45:5 ber.:


De koningin staat aan Uw rechterhand

In ’t fijnste goud van Ofirs mijnrijk land.


5. Nu nog steeds wordt dat geloof van Gods kinderen vaak op de proef gesteld. Dan is het: waarom trekt Gij Uw (rechter)hand af en maakt geen einde aan het smaden van de vijand (Ps. 74:11)? De eindstrijd moet nog gestreden worden. En de aanklager (verklager onzer broederen 5), de satan houdt niet op in het kort geding van God met de wereld ons te beschuldigen van wat wij, wetend en onwetend op ons geweten hebben. Net als in het nachtgezicht van Zacharia, waar hij aan de rechterhand van de hogepriester Jozua staat om hem te wederstaan. Zie Zach. 3:1vv; vgl. ook Ps.109:6.
M.Luther droomde eens. In die droom stond de duivel voor hem met een lange, lange lijst van zonden. Van niet één van die zonden kon Luther zeggen, dat hij die niet had bedreven. Ja, hij moest aan die lijst nog zonden toevoegen, die de satan had vergeten. Maar wat deed hij vervolgens? Hij doopte zijn pen in de rode inkt en schreef dwars door die zondenlijst: ‘En het bloed van Jezus Christus, Gods Zoon reinigt van alle zonden’. Daarna verscheurde hij het papier en wierp het in het vuur. Toen hij opkeek, was de duivel verdwenen.
6. Intussen doet de Heere ook nu nog krachtige daden in het leven van Zijn kinderen. Zij mogen getuigen van vele uitreddingen van Godswege. De grootste uitredding die ons ten deel kan vallen, is, als Hij ons door Zijn onweerstaanbare genade trekt uit de duisternis tot Zijn wonderbaar licht. Als het Paasfeest wordt in de ziel en de opgestane Christus in ons gaat leven. Dan mag het zijn: Ik zal niet sterven, maar leven…(Ps. 118:15, 16). Hoe wonderbaar te mogen geloven een zegelring te zijn aan Gods rechterhand (Jer. 22:24), ‘near and dear to Him’ (M.Henri). 6
Hoe vreselijk echter ook, als we door onze afval van de levende God net als Chonia, de zoon van Jojakim, Juda’s laatste koning, van Gods hand worden weggerukt. ‘O land, land, land! hoor des Heeren Woord (Jer. 22:29).
7. Ieder evenwel die door een waar geloof aan de God van Israël en Zijn Messias verbonden is, mag weten, dat de Heere zijn Beschermer is. Hij staat aan de rechterhand van de nooddruftige. Zo komen we het tegen in de Psalmen, maar ook bij Jesaja. Geen vijand is opgewassen tegen hem of haar die door de Heere beschermd wordt. Hoe troostend is het dan ook, als de Heere het ook tot mij zegt: Ik, de Heere , grijp uw rechterhand: Vrees niet (Ps. 16, 109; Jes. 41:13). Als die God aan mijn rechterhand is, zal ik niet wankelen (Ps. 16:8). Aan mijn rechterhand mogen er 10.000 vallen, maar het verderf zal mij niet treffen (Ps. 91:7). Als ik maar ‘amen’ zeggen mag op de weg van de Heere, mij gewezen in het boek dat Ezra voorlas aan het uit de ballingschap teruggekeerde volk van God, staande op een hoge houten stoel (Neh.8:1vv). Het staat zo treffend in Pred.10:2: Het hart van de wijze is gericht op rechts, dat is op wat zinvol is (hij heeft zijn hart op een goede plaats zitten).
8. Tenslotte. Bij de ingang van de Salomonische tempel stonden twee pilaren: rechts Jachin, links Boaz (1 Kon.7:21; 2 Kron. 3:17). Deze namen betekenen naar men aanneemt::

Jachin: Hij stelt vast en Boaz: In Hem is sterkte. Aldus Dr. C. van Gelderen in De boeken der koningen, eerste deel (1 Koningen 1-11) (Serie Korte Verklaring); Kampen; 5e druk, z.j.; blz.133.7 Gezegende ingang in Gods huis, troostrijk en weldadig.



II. HET NIEUWE TESTAMENT




II.A. Uw rechterhand is in het Griekse NT: ἡ δεξιά σου χεὶρ



II. A.a Tekstgegevens/ korte omschrijvingen (volgens Trommius)


  • Indien uw rechterhand u ergert (Matth.5:30)

  • laat uw linkerhand niet weten, wat uw rechter doet (Matth.6:3)

  • De een tot uw rechter-, de ander tot Uw linkerhand (Matth.20:21; Mark. 10:37)

  • Het zitten tot Mijn rechterhand (Matth.20:23; Mark. 10:40)

  • Zit aan Mijn rechterhand (Matth. 22:44; Mark. 12:36; Luk.20:42; Hand. 2:34; Hebr.1:13)

  • Hij zal de schapen tot Zijne rechterhand zetten (Matth.25:33)

  • Zeggen tot degenen die aan Zijn rechterhand zijn (Matth.25:34)

  • De Zoon des mensen ter (aan de) rechterhand der kracht Gods (Matth. 26:64; Mark. 14:62; Luk.22:69; Hand.7:56).

  • En is gezeten aan de rechterhand Gods (Mark. 16:19)

  • Want Hij is aan Mijn rechterhand (Hand.2:25)

  • Die ook ter rechterhand Gods is (Rom.8:34)

  • Hem gezet tot Zijn rechterhand in de hemel (Ef.1:20)

  • Gezeten aan de rechterhand der majesteit (Hebr.1:3; 8:1)

  • In eeuwigheid gezeten aan de Rechterhand Gods (Hebr. 10:12)

  • Gezeten aan de rechterhand des troons van God (Hebr.12:2)

  • Welke is aan de rechterhand Gods (1Petr.3:32)

  • En Hij had 7 sterren in Zijn rechterhand (Openb.1:16)

  • 7 Sterren die gij gezien hebt in Mijn rechterhand (Openb.1:20)

  • Hij die de 7 sterren in Zijn rechterhand houdt (Openb.2:1)

  • De rechterhand Desgenen die op de troon zit (Openb.5:1, 7)

  • Een merkteken geven aan hun rechterhand (Openb.13:16)


II.A.b Samenvatting + toepassing
1. David heeft in (door) de heilige Geest in Psalm 110:1 gezegd: de Heere (Hebr. JHWH) heeft gezegd tot mijn Heere (Hebr. ’adoni’): Zit aan Mijn rechterhand, totdat ik Uw vijanden gezet zal hebben tot een voetbank van uw voeten. Deze woorden uit het psalmboek worden door Christus op Zichzelf toegepast.8
In alle drie de synoptische Evangeliën is Jezus daarover in discussie met de Joodse leidslieden die niet willen inzien, dat Jezus niet alleen Davids zoon, maar ook Davids Heere (Opperheer(e) is. Daarmee is uitgesproken, dat Jezus niet alleen mens, maar ook God is. Dat is hartelijk beleden door Thomas, toen hij tot overgave kwam aan de verrezen Zaligmaker: Mijn Heere en mijn God (Joh. 20:28) In de teksten Matth. 22:44; Mark. 12:36; Luk.20:42 en Hand. 2:34, waarin de Griekse vertaling (LXX) van Ps. 110:1 is weergegeven, wordt tweemaal het woord Kurios gebruikt. 9 Dat laat in ieder geval zien, dat

het Hebr. JHWH en het Hebr. ’adoni’ in de LXX als gelijkwaardig en van hetzelfde wezen is gezien.



De oude kerk (zie de geloofsbelijdenis van Nicea) heeft zich ook niet vergist, toen zij tot de belijdenis kwam, dat Jezus niet alleen van eenzelfde wezen (homoeioesios), maar ook van hetzelfde wezen(homooesios) met de Vader was. 10
Al de vijanden van deze Messias zijn en worden aan Hem onderworpen (vgl. Ps.2:8v). Totdat Hij, de Zoon ook zelf tenslotte onderworpen wordt aan Hem, aan wie alle dingen onderworpen zijn (Zijn Vader). Vgl.1 Kor.15:25.
2. Dat de Zoon des mensen ter (aan de) rechterhand der kracht Gods is een oud-christelijke belijdenis die voor alle vromen uit alle tijden een troostrijke wetenschap inhield. Jezus zit op de hoogste ereplaats in het heelal en is alle roem en eer volkomen waard. Hij is opgenomen door Zijn Vader (Ef.1:20) en zit nu rechts van Hem om te bidden. Daar staat Hij ook op Zijn tijd om Zijn vervolgde kerk ter hulp te komen (Hand. 7:56). Daar en zo zet Hij Zijn hogepriesterlijk werk voort. In Zijn hemelse voorbede zijn wij hoog opgeborgen en veilig (Rom. 8:34).Vgl. Matth.26:64; Mark. 14:62; 16:19; Luk.22:69; Hand.2:25; Hebr.1:3; 8:1; 10:12; 12:2; 1Petr.3:22.
3. Eens kwamen de zonen van Zebedeüs, Jakobus en Johannes met hun moeder tot Jezus en vroegen om een ereplaats in Zijn heerlijkheid, de een aan Zijn rechter-, de ander aan Zijn linkerhand (Matth.20:21-23; Mark. 10:37-40). M.i. staat dit niet in de Bijbel tot ons voorbeeld. Ereplaatsen voor onwaardigen? Jezus antwoordt, dat zij de drinkbeker van het lijden aan de lippen zullen moeten zetten. Jakobus is door Herodes met het zwaard gedood (Hand. 12:1) en Johannes kwam aan zijn eind op Patmos, waarheen hij verbannen was om zijn geloof. Intussen liet Hij hun en ons wel weten, dat het zitten aan weerszijde van Jezus iets is, voor wie het is bereid. Daaruit concluderen we, dat God op aarde en in het rijk der heerlijkheid genade en eer geeft naar Zijn welbehagen.
4. Hoe geweldig zal het zijn, als de Zoon des mensen in Zijn heerlijkheid zal komen en al de heilige engelen met Hem, zittend op de troon van Zijn heerlijkheid. Voor Hem zullen al de volken vergaderd worden, en Hij zal ze van elkander scheiden, gelijk de herder de schapen van de bokken scheidt. En Hij zal de schapen aan (tot) Zijn rechterhand zetten, maar de bokken aan (tot) Zijn linkerhand. Het mag ons genoeg zijn, als wij ons gerekend mogen weten bij de schapen die ter rechterhand van Christus gezet worden op de grote dag van Zijn wederkomst (Matth.25:33vv). Dat is de meest eervolle plaats die een mens ten deel kan vallen. En hoe onvoorstelbaar rijk zal het dan zijn uit de mond van de Rechter van hemel en aarde te horen: Komt, gij gezegenden Mijns Vaders! Beërft dat Koninkrijk, hetwelk u bereid is van de grondlegging der wereld. Maar wee hen die aan de linkerkant staan van de Rechter der aarde. Zij moeten hun vervloeking aanhoren: Gaat weg van Mij, gij vervloekten in het eeuwige vuur, hetwelk de duivelen en zijn engelen bereid is.
5. En dan nu nog iets uit de bergrede van Jezus. Daarin heeft Jezus ons uitdrukkelijk gewaarschuwd tegen ergernis van onze rechterhand. Houw ze af en werp ze van u. (Matth.5:30; Mark. 9:43vv). 11 Het is symbolische taal waarmee gezegd is, dat het kwaad dat wij bedrijven met de rechterhand en dat ons tot een valstrik wordt, voortkomt uit een boos hart dat zich losgerukt heeft van God. Daaruit moet het met wortel en tak uitgeroeid worden. Luther zegt hierbij terecht, dat in Mark.9:47 en 48 ieder mens zonder uitzondering tot de hel veroordeeld is.
Ja, want wie moet zichzelf er niet van beschuldigen, dat het doen van zijn rechterhand (van voet en oog) hem tot een valstrik wordt. En wie denkt hier niet terecht ook aan seksuele handelingen, aan porno enz. Maar ook moet gedacht worden aan misgrepen en misdaden die de mens in het verborgen bedrijft en die hem uiteindelijk ten val worden.
Het is nuttig om zich de beeldspraak goed in te leven. Je zult maar zonder rechterhand door het leven moeten gaan. Ja, aldus Jezus, maar dat is altijd beter dan met heel uw lichaam in de hel geworpen te worden.12 En de hel is geen ‘idee fixe’. Maar bittere werkelijkheid.
Welnu, het is veeleer aanbevelenswaardig om met de rechterhand goed te doen (aalmoes te geven). Hoeveel goed kunnen wij mensen doen met de hand waarmee wij het krachtigst de dingen kunnen doen. Zo spontaan en vanzelfsprekend, dat u zich dat amper bewust bent (en dat uwe linkerhand niet weet, wat uwe rechter doet; Matth. 6:3).
6. In het laatste Bijbelboek (Openbaring) worden de apostel Johannes, verbannen naar het eiland Patmos, bemoedigende vergezichten getoond. Meteen al aan het begin van zijn boek lezen we van de Zoon des mensen Die zich aan hem openbaart in Zijn heerlijkheid. Verderop in Openbaring heet Hij het Lam op de troon dat een met zeven zegels verzegelde boekrol in de rechterhand heeft (Openb.5:1, 7). In die boekrol ligt het eigendomsrecht vast van dat Lam op heel de aarde. Hij stuurt de wereldgeschiedenis naar het machtig einde van Zijn heerlijk koninkrijk.
Een van de meest opvallende dingen aan die verschijning van de Zoon des mensen/ het Lam is wat Johannes schrijft in Openb.1:16: En Hij had zeven sterren in Zijn rechterhand. Die zeven sterren zijn de engelen, ofte wel de voorgangers (van alle tijden) van de zeven gemeenten (Openb.1:20; 2:1).
En als we dan bedenken, dat het zevental symbolisch staat voor de volheid van alle gemeenten, kan ons de troost van deze uitdrukking niet ontgaan. Johannes en allen die ooit voorganger zijn geweest in Christus’ gemeenten mogen zich door genade een blinkende ster weten in de rechterhand van de verhoogde Christus Die alle macht heeft in hemel en op aarde.
De zeven sterren zijn de stralende leidinggevenden die tot in het holst van de nacht licht geven, zoals een ster dat pleegt te doen. Dat is het moedgevende voor allen die in Christus’ kerk dienen, al kost het bloed en tranen. Maar het is tevens ook de heilige opdracht aan hen allen: Licht der wereld te zijn. 13

.


1 M.Henri (in E-sword) schrijft: ‘And, since he can swear by no greater, he swears by himself, sometimes by his being (As I live, Eze_33:11), sometimes by his holiness (Psa_89:35), here by his power, his right hand (which was lifted up in swearing, Deu_32:40), and his arm of power; for it is a great satisfaction to those who build their hopes on God's promise to be sure that what he has promised he is able to perform, Rom_4:21.’

2 In 1 Kon.22:19/ 2 Kron.18:18 spreekt de profeet Micha tot Achab en Josafath: Ik zag de Heere zittend op zijn troon en rechts en links van Hem: al het hemelse heir).

3 Het Hebreeuwse ’adoown’ betekent: Heer(e), Machthebber, Bezitter (heer over een huis, een volk, een slaaf, een land, een berg). Het woord wordt ook van een koning gebruikt, van goden en van Isrels God. Deze heet ook Heer van de ganse aarde.

4 De afbeelding is het schilderwerk van Rembrandt met Jezus’ hemelvaart.

5 Gr. ‘katègoros’ (Openb.12:10). Hij beschuldigt nacht en dag (let op volgorde) Gods uitverkorenen. M. Henri (in E-sword) schrijft: Let us therefore take heed that we give him no cause of accusation against us; and that, when we have sinned, we presently go in before the Lord, and accuse and condemn ourselves, and commit our cause to Christ as our Advocate.’

6 In ISBE (dictionary) van E-sword lezen we: ‘That every Hebrew of any standing wore a seal. In the case of the signet ring, it was usual to wear it on one of the fingers of the right hand (Jer_22:24). ….One of the most important uses of sealing in antiquity was to give a proof of authenticity and authority to letters, royal commands, etc. It served the purposes of a modern signature at a time when the art of writing was known to only a few.

M.Henri schrijft (in E-sword): ‘The godly kings of Judah had been as signets on God's right hand, near and dear to him; he had gloried in them, and made use of them as instruments of his government, as the prince does of his signet-ring, or sign manual; but Coniah has made himself utterly unworthy of the honour, and therefore the privilege of his birth shall be no security to him; notwithstanding that, he shall be thrown off



7 M.Henri (in E-sword) schrijft: ‘Jachin - God will fix this roving mind. It is a good thing that the heart be established with grace. We find ourselves weak and unable for holy duties, but this is our encouragement: Boaz - in him is our strength, who works in us both to will and to do. I will go in the strength of the Lord God. Spiritual strength and stability are to be had at the door of God's temple, where we must wait for the gifts of grace in the use of the means of grace.



8 Over Melchizedek zeggen wij in dit verband verder niets.

9 Εἶπεν ὁ κύριος τῷ κυρίῳ μου (Psalm 110:1 in LXX)

10 William Hen­driksen in zijn verklaring van Kol.2:9 schrijft: 'He is referring to the Son's complete equality of essen­ce with the Father and the holy Spirit, his consubstanti­ality, not his 'similarity'. In Nicea is terecht de dwaling van Arius afgewe­zen, dat Jezus Christus 'homoi-oesios' (van een gelijk wezen als God) en niet 'homo-oesios' (van hetzelfde wezen als Hij) zou zijn.



11 Zie ook Mark. 9:43-48, waar gesproken wordt over het ergeren van uw hand, voet of oog…

12 Robertson’s Word Pictures (Bible Works) zegt van deze tekst, dat het beter is om te vertalen: dat…u veroorzaakt te struikelen (tot een oorzaak van struikeling; tot een valstrik wordt). Bedoeld is niet: aanstoot geven, maar: een valstrik voor u worden. ‘Skandalon’ is het klepje in een vogelklem die zich sluit, als een dier het aanraakt…Hak uw rechterhand af, als die een valstrik is. Niet letterlijk natuurlijk. Bedoeld is: zelfbeheersing (tegen de zonde). De man die met vuur speelt, raakt in brand. Zoals tonsillen, tanden, blinde darm die beter verwijderd kunnen worden, voordat zij het hele lichaam verzieken.

Van het woord ‘hel (Gehenna) wordt in Robertson’s Word Pictures (Bible Works) gezegd, dat het herinnert aan het dal des zoons van Hinnom (ten zuiden van Jeruzalem) dat ontheiligd was door kinderoffers aan Moloch en dat het als een vervloekte plaats gebruikt werd als vuilnisplaats waar wormen knaagden en vuren brandden. Het is dus een duidelijk beeld van de eeuwige straf.



13 In deze voordracht is gebruik gemaakt van 1. Gesenius’ Hebr. und Aram. Handwörterbuch; 16e Aufl. 1915, s.v. ‘jaami’n; 2. Trommius’ concordantie, s.v. rechterhand ; 3. E-sword (comm. M.Henri en Keil-Delitz). 4.Woordenboek ISBE = Internat. Standard Bible Encyclopedie, s.v. signet-ring in E-sword; 5. Robertson’s Word Pictures in Bible Works; 6. verschillende commentaren.









De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina