Het Prins Bernhard-gevoel in een stokoud continent Het vervoer met Land Rovers welkomstbord nationaal museum Nairobi



Dovnload 22.71 Kb.
Datum17.04.2018
Grootte22.71 Kb.
Het Prins Bernhard-gevoel in een stokoud continent



Het vervoer met Land Rovers welkomstbord nationaal museum Nairobi


Na een tocht met Land Rovers over een redelijk goede weg van zo’n 80 km kwamen we aan in het Tarangire Nationaal Park. We reden door een spectaculair landschap met her en der Masai herders met hun kudden geiten, schapen of koeien.


Masai herders met koeien
Het Tarangire National Park ligt in Noord-Tanzania en is eigenlijk een enorm stuk wildernis van zo’n 2600 km2 , dat gelukkig nog bewaard is gebleven met een paar riviertjes, waardoor er veel dieren in dit gebied voorkomen. Hier hebben de oermensen in bomen en op de grond geleefd. En er zijn nu nog steeds Dik-diks te zien, de zeer kleine primitieve antiloopjes die hier zo’n 35 miljoen jaar geleden ook al rondliepen.


een Dik-dik Afrikaanse olifant, te herkennen aan zijn oren
We vergaapten ons aan Afrikaanse olifanten (waarvan de oren hun afkomst verraden), Masai-giraffen (met een iets donkerder kleur), struisvogels (die niet kunnen vliegen maar wel hard lopen; lijken op de vroegere dinosaurussen), zebramangoesten (komische groepsdiertjes die af en toe kaarsrecht omhoog gaan staan om de omgeving af te speuren), families van meerkatten, blauwapen en bavianen die rustig elkaar aan het ontvlooien zijn, grazende wratten- en boszwijnen, gazelles en impala’s, waterbokken en bijzondere vogels zoals de gier en de barbet (soort specht) en nog veel meer (waaronder op een afstand een cheetah).



struisvogels (zie gelijkenis met dino’s) gieren bij prooi


buffels in Hell’s Gate National Park Masai giraffen
Al deze dieren (naast de andere megafauna als leeuwen, buffels, zebra’s, wildebeesten oftewel gnoes, neushoorns en nijlpaarden die we op andere dagen hebben gezien) vormden ooit de levende omgeving van de oermens!


een lieve leeuw, maar o zo gevaarlijk slapende hippo's, maar o zo gevaarlijk
Moe van het kijken en foto’s maken, werden we naar ons verblijf gereden. Daar werden we verwelkomd met een warm nat doekje om het alom aanwezige stof van ons gezicht te vegen, en met een watermeloendrankje om onze keel te verfrissen. Nadat onze koffers naar onze ‘tented lodge’ waren gebracht, konden we vanuit onze terrasstoelen met een verfrissend Kilimanjaro biertje van ons geweldige uitzicht over de vallei met de vele fauna genieten.

Dit is zo maar een dag van onze veertiendaagse Alumni-reis in januari 2011 door de Rift Valley in Kenia en Tanzania. Ik heb wel eens mindere dagen gekend. Ontegenzeggelijk overkwam mij het Prins Bernhard gevoel: lekker avontuurlijk maar wel vanuit een veilige en tamelijk luxe achtergrond.


Toch is deze reis geen luxe safari reis. Dankzij de bezielende leiding van Prof. Dr. Bert Boekschoten (BB), bekend van de VPRO serie over de Beagle, en de goede en deskundige begeleiding van Caroline Langevoord, werden we ons er langzamerhand bewust van dat we op de bakermat van de mensheid liepen, op het stokoude continent van Afrika.


Professor Bert Boekschoten, altijd Caroline Langevoord , onze prima gids

bereid tot uitleg

Hier in Oost-Afrika, op zo’n 9 uur vliegen, kregen we zicht op de ontstaansomstandigheden van de mens. Zo hebben we in verschillende plaatsen schedels bekeken van onze diverse voorgangers. Onder andere die van mensachtigen zoals de Australopithecus (denk aan Lucy die in Ethiopie is gevonden en de oudste voetsporen van een familie die een vulcaanuitbarsting wilde ontlopen, gevonden in Laetoli, Noord Tanzania), en de Paranthropus, gevonden in de Olduvai Gorge. Als meer rechtstreekse voorouders van ons zijn te beschouwen: Homo rudolfensis, Homo habilis (de handyman) en Homo erectus (de rechtoplopende mens, gevonden in Noord Kenia) van 1,75 tot 1.9 miljoen jaar geleden. Dit vanwege hun grote hersenen, het ontbreken van grote hoektanden en het gebruik van gereedschap.





Vuistbijlen en schrapers, Olorgesailie (Kenia) Schedel van Homo rudolfensis?
We stammen dus niet rechtstreeks af van de chimpansee, zoals algemeen wordt gedacht. Wij hebben immers geen grote hoektanden, het symbool van agressie. Maar er is wel verwantschap, omdat wij geëvolueerd zijn uit de lijn van de zoogdieren (i.t.t. de lijn van reptielen, vogels en vissen), en wel specifiek uit de lijn van primaten die al 65 miljoen jaar geleden bestonden. Daarmee zijn adaptaties te vinden, maar ook verschillen. Kortom: de mens heeft meer dan één oorsprong.


overzicht van ontstaan van de mens(achtigen)
De meeste sporen van onze oorsprong zijn te vinden in Afrika. Het bewijs ligt ook in de vondsten van vuistbijlen, gereedschappen waarmee dieren gedood en gevild werden. Er zijn vuistbijlen gevonden van zo’n 1,7 miljoen jaar oud.

Vuistbijlen kun je niet overal aantreffen, omdat voor een goede bijl goed materiaal (= steen) nodig is. Vulkanen leveren goed materiaal, zoals trachiet en basalt en vooral het zwarte glasachtige obsidiaan.




obsidiaan, glasachtig steen soorten steen, waaronder basalt, vuursteen, kwarts en puimsteen
Dat materiaal werd bijvoorbeeld ook gevonden in de Olduvai Gorge in Tanzania, maar ook in Kariandusi, in Kenia. In Nederland zijn ook vondsten gedaan van vuistbijlen van Neanderthalers. Deze gebruikten vooral vuursteen, dat met de rivieren en gletsjers vanuit het noorden is meegekomen.
Het deel van Afrika dat wij hebben bezocht, was aan de oostelijke tak van de Rift Valley, oftewel de Grote Slenk in Oost Afrika, zo’n 40 miljoen jaar geleden ontstaan door radiaire breuken, escarpements ofwel scheuren die tot de aardkorst reiken (tot wel 15 km diep).


Breuk van de Rift Valley

Deze scheur loopt van de Dode Zee dwars door Afrika. In Ethiopië splitst deze zich in tweeën, waarbij de westelijke tak langs Rwanda en Burundi uiteindelijk naar Mozambique loopt. De oostelijke tak loopt door Kenia en Tanzania. Hij is zo’n 7000 km lang en tussen de 50 en 170 km breed, met een diepte van 600 tot 900 meter. Vanwege zijn ouderdom is Afrika tamelijk vlak, behalve langs deze Rift, die is ontstaan door barsten in de aardkorst.


flamingo’s in meer bij Naivasha
Daardoor is hier de aardkorst minder dik, en is dit stuk land bezaaid met vulkanen en (al dan niet steeds meer uitdrogende) meren, waarvan een paar zeer bijzonder zijn, omdat ze sodahoudend water bevatten, zoals Lake Elementaita en Lake Nakuru in Zuid Kenia. In deze meren is hierdoor vrijwel geen natuurlijk leven mogelijk behalve voor blauwwieren en diatomeeën (hun skeletjes vormen een wittige kiezelaarde; diatomiet). De blauwwieren vinden we terug als versteende knolletjes, stromatolieten, maar ook in steenlagen van 3,7 miljard jaar oud! Deze meren staan bekend als paradijs voor flamingo’s die zich tegoed doen aan de algen.
Indrukwekkend was de tocht (eigenlijk een pelgrimage) naar Oldonyo Lengai, de heilige berg van de Masai, én de heilige berg van de aardwetenschappen. Deze berg is een zeer merkwaardige vulkaan , die calciumcarbonaat en soda uitgeworpen heeft. De uitgeworpen lava is minder heet (i.p.v. 1100 graden nog maar 500 graden Celsius). Daardoor is de lava dun, en kan snel stollen, waardoor in de krater laagjes, een soort flensjes, ontstaan. De regen spoelt de soda uit, zodat de top eruit ziet of hij met sneeuw is bedekt. Ook is de berg door eerdere stollingen steiler van vorm dan vulkanen elders.


Oldonyo Lengai, berg met sodakristallen midden in de Ngrorongoro caldera

Ook de spectaculaire Ngorongoro caldera in Noord Tanzania (let op: dit is geen krater want die is met as gevuld, en een caldera is met puin bedekt) is niet alleen bijzonder vanwege alle gebruikelijke Afrikaanse wilde dieren die er doorheen lopen, maar ook vanwege de ongeschonden randen van de caldera; met zo’n 20 km doorsnee een uiterst imposante kom vormend. Onze lodge lag op de rand met een onvergetelijk weids uitzicht.


Olduvai Gorge in Noord Tanzania is voor archeologen als de Akropolis voor de classici: een waar lustoord. Ontdekt door de Leakey’s op aanwijzing van de Duitse vlinderverzamelaar Kattwinkel. Volgens de Masai is dit de berg van één van de zonen van God. In ieder geval is in deze “cradle of mankind” veel bewaard gebleven van de resten van wel vier soorten mensachtigen (Paranthropus boisei, Homo habilis, Homo erectus en Homo sapiens, plus resten van het nijlpaard. Het daar veel aanwezige kalk heeft namelijk een conserverende werking. De kloof geeft bovendien een goede dwardoorsnede te zien van de verschillende aardlagen die tussen de 2 miljoen en 15.000 jaar oud zijn.
Natuurlijk hebben we ook het hedendaagse leven op het platteland in deze streek gezien. Dit is nog zeer primitief. Er leven vooral de Masai nomaden, eigenlijk herders die nu wel semi-vaste woonplaatsen hebben: niet meer dan een paar hutten in de rondte, met een aparte kraal voor het vee. De grond is kaal, niet verwonderlijk voor zo’n stokoud continent; veel grond is verweerd en uitgeloogd. Het is een vermoeid landschap.



Masai dorp in een verweerd landschap net besneden Masai-jongens

Door de overbegrazing wordt de savanne nog verder uitgeput. Dat er nog ‘wild-life’ en natuur is, hebben we onder andere te danken aan de Duitse pioniers Bernard en Michael Grzimek , vader en zoon, die in de vorige eeuw hun leven voor de preservatie van het ‘wild-life’ hebben gegeven.




Gedenkteken voor vader en zoon Grzimek in Ngorogoropark


de parelhoen, bijdrage van Afrika vindplaats Olduvay Gorge, cradle of mankind

Hoewel de bijdrage van het huidige equatoriale Afrika volgens onze begeleider prof. Bert Boekschoten zich beperkt tot het parelhoen (dat hier nog steeds in het wild rondloopt), de watermeloen en de sanseveria, bezie ik Afrika met eerbied. Dit continent is niet voor niets onze moederschoot….



Tekst: Foto’s:

Marjo Gruisen Otto van Rooy



RuG alumna bedrijfskunde THE alumnus elektrotechniek

Bennekom Bennekom



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina