Het scharlaken koord



Dovnload 316.05 Kb.
Pagina6/7
Datum22.07.2016
Grootte316.05 Kb.
1   2   3   4   5   6   7

8. De Regering meent dat... over privacy en stigmatisering van prostituees
Uit de MvT:

  • Het kabinet ziet niet hoe door registratie een stigma op een prostituee gelegd zou worden dat niet reeds al bestaat.

  • Het kabinet heeft, in het licht van het bestaande taboe op prostitutie, uiteraard begrip voor de wens tot anonimiteit en bescherming van de privacy van de prostituee

En dat is er ook zo mooi aan, aan die registratiepasjes: (uit de Memorie van Toelichting...)

… een prostituee kun je daarmee ook niet stigmatiseren….zo zegt ook onze Regering, want ze is toch al gestigmatiseerd dus dat kan dan niet nog een keer… Het enige wat daarvan klopt is dat het taalkundig wèl correct is. Maar met andere woorden; het slachtoffer ligt toch al voor dood op de snelweg en dan mag je er allemaal ook overheen rijden ter voorkoming van files...

Maar de Regering snapt gelukkig wel dat er een taboe heerst rond prostitutie… al staat het in een vreemde verhouding tot de uitspraak over stigma’s...

Hoe dat allemaal rijmt met het ‘rekening houden met de menselijke waardigheid’ uit het verdrag van Lissabon…?!
Wij vragen U of U de Regering er op wilt wijzen dat extra stigmatiseren ook het bestaande stigma onderbouwd in leven houdt en wij dit van de Regering een uiterst onsmakelijke tekortkoming vinden dat men dit zelf niet inziet. Het is een belediging en van een grenzeloze neerbuigzaamheid, het raakt niet alleen prostituees in hun waardigheid maar raakt ieder die in en om de sector zijn werk heeft.
9. Controleverplichtingen voor bedrijven, prostituee en klant
Dat een bedrijf controleert op de leeftijd en verblijfsstatus van de prostituee is al lang een feit – uit onderzoeken blijkt dat slechts zelden een vergund bedrijf in de fout gaat. Prostituees die bij een bedrijf werken waar men met de regels een loopje neemt hebben in feite het voortbestaan van de vergunning van het bedrijf in handen zodra ze daar melding van maken. Dat is de situatie op dit moment.
Controle op de vergunning heeft de prostituee niet eens nodig: zij werkt òf in een dienstverband, òf via de opting-in; dat kan uitsluitend als het bedrijf een vergunning heeft – anders is domweg onmogelijk.
Maar… ook de klant is strafbaar als hij zich niet gedraagt als ‘n onbezoldigd toezichthouder. Als hij klaar is hoeft ie niet meer zo nodig…
Dat de klant in een bedrijf moet weten of het een legaal bedrijf is, dat is een goede zaak, maar hij moet er van op aan kunnen dat daar dan ook uitsluitend vrouwen werken die dat ook mogen en dat de overheid de zaken voldoende ‘im griff’ heeft zodat hij op dat punt géén risico loopt. Wij achten de controle door de Belastingdienst dan nog zinvoller dan van de Politie.

Dan ook nog pasjes van de prostituee controleren gaat echt te ver en bovendien: hoe kan hij de echtheid daarvan beoordelen. En hoe kan hij achteraf bewijzen dat hij een pasje van een prostituee in een club controleerde?



Weg dus…. met die nutteloze controle-onzin.
Dit is ook alleen maar de bedrijven, de prostituees en de klanten pesten omdat het absoluut ook geen oplossing biedt om onvrijwillige prostitutie te verminderen… nut en noodzaak zijn volstrekt zoek.
Dat overigens een klant strafbaar is als hij bewust meegaat met een illegale prostituee of een mensenhandelslachtoffer of in een onvergund bedrijf: dan moet hij maar beter uitkijken… maar zoals het nu ligt is het volstrekt doorgeschoten.
Ons verzoek aan U: kijk hier nog eens zorgvuldig naar. De klant mag zich wel beter realiseren met wie hij afspraken maakt maar dat probleem is er nauwelijks in een vergund bedrijf of met een daar werkende prostituee.
Overig: Exploitant-ondernemer-pooier-souteneur
Men wil pooierschap/souteneurschap aanpakken oa. door wanneer diens optreden is alsof hij exploitant of ondernemer is vervolgens te behandelen als een niet-vergunde ondernemer/exploitant teneinde voldoende basis te hebben om op te treden.
Wij zijn tegen uitbuiting en uitbuiters die op niet zakelijke basis dames ‘bemiddelen’, ‘beschermen’ oid. Dat daar tegen wordt opgetreden is terecht. Dat men zoekt naar bestuurlijke wapens om effectief te kunnen optreden is duidelijk.
De beschrijving is echter zodanig dat het ook voor de ondernemer/exploitant, waar niets op aan te merken is, stigmatiserend werkt; dat is onnodig en dient geen enkel doel.
Wij vragen Uw aandacht: Wellicht kan het ook zodanig beschreven worden dat dit effect niet op kan treden. Wij zijn van mening dat de verbetering en het meer transparant maken van de sector niet wordt geholpen door met stigmatiserende beschrijvingen vooroordelen (onbedoeld) te versterken.


Bijlage 2
Zie brief Humanitas Prostitutie Maatschappelijk Werk Rotterdam (ronde 1)

ZELFSTANDIG WERKENDE
Geachte Commissieleden,
Alvorens te reageren op het wetsvoorstel, wil ik graag meegeven dat het mijn inziens noodzakelijk is, dat het taboe en de stigmatiserende stempel op het beroep prostitutie, moet worden afgezwakt. Dit is uiteraard niet te realiseren door het invoeren van een wet, maar dit wetsvoorstel houdt de “kwetsbare positie” van de prostituee wel enigszins in stand. Openheid en het bespreekbaar maken is noodzakelijk om de misstanden te bestrijden en te voorkomen. Zolang er een taboe op prostitutie blijft heersen, blijft er altijd een ruimte over voor misstanden en criminaliteit. Prostitutie is, wanneer hier vrijwillig voor is gekozen, een eerlijk beroep dat meer omvat dan alleen de seksuele handeling op zich. Het negatieve beeld over prostitutie is niet correct maar is ontstaan door de misstanden die in deze branche voorkomen. Het is belangrijk dat men gaat inzien dat deze misstanden niet inherent zijn aan het beroep prostitutie zelf.
Het wetsvoorstel heeft als doelstelling de misstanden in de seksbranche aan te pakken. Het terugdringen van gedwongen prostitutie en een harde aanpak in het bestrijden van de misstanden is zeer belangrijk. Ondanks het feit dat ik een voorstander ben van een registratieplicht voor prostituees, vraag ik mij ten zeerste af of het voorstel zijn doel zal bereiken. De registratie heeft volgens het voorstel als uitgangspunt, de branche overzichtelijk te maken. Tevens is het doel om door een registratie de illegaliteit en gedwongen prostitutie tegen te gaan. Zoals deze doelen zijn uitgewerkt in het wetsvoorstel, zal dit mijn inziens niet de beoogde resultaten boeken en wordt het doel van de registratie voorbij gestreefd. Ondanks de kanttekening dat het voor een prostituee mogelijk is om in een ander gemeente zichzelf te laten registreren, is de privacy van de prostituee niet voldoende gewaarborgd. Openheid over het beroep, hoeft nog niet te betekenen dat de keuze om hier openbaar voor uit te komen wordt beperkt. Er wordt door vele prostituees afkeurend gereageerd op dit punt in het voorstel. Het is onwenselijk dat een prostituee zich aan een balie, in eigen of omliggende gemeente, moet laten registreren of in ieder geval kenbaar moet maken dat zij zich wilt laten registreren als zodanig. Met een registratieplicht alleen, worden de misstanden in de branche niet bestreden. Om dit te willen bereiken zal er een andere aanpak gekozen dienen te worden en zich voornamelijk moeten concentreren op het illegale gedeelte van de branche. Zoals het voorstel nu is opgemaakt, worden de al reeds vergunde kant van de branche nog beter controleerbaar, maar worden er weinig effectieve oplossingen geboden om het illegale gedeelte te controleren. De registratie zou niet alleen moeten gelden voor het overzichtelijk maken van de branche, maar bovenal als contactmoment met de prostituee voor voorlichting.
Registratie:

Mijn suggestie om een landelijk register haalbaar, resultaat gericht en eerlijk te maken is: Invoeren van provinciale intakepunt(en) voor de registratie in plaats van gemeentelijke punten. Om de privacy van de prostituee in zijn/haar gemeente te waarborgen, dient de registratie voltrokken te worden door een onafhankelijke organisatie met kennis van het werkveld. Het is van uitermate belang dat de prostituee de absolute zekerheid geboden dient te worden dat haar gegevens, op de belastingdienst na, niet worden doorgegeven aan andere organisaties en/of instellingen.


Het is zeer wenselijk dat het registreren van een prostituee uitgevoerd dient te worden door professionele krachten die kennis bezitten van het werkveld, middels een intake gesprek. Deze uitgebreide intake zal niet alleen gebruikt worden voor het registreren van de prostituee, maar vooral dienen als contactmoment met de prostituees waarin er voorlichting geboden kan worden omtrent loondienst, opting-in, zelfstandig werken en de rechten en plichten die bij deze vormen van toepassing zijn. Daarnaast dient de intake benut te worden om voorlichting te bieden rondom uitstapprogramma’s en uitleg over instanties/organisaties die te benaderen zijn omtrent misstanden in de seksbranche. Deze taak behoort niet aan de exploitanten overgelaten te worden. De zelfstandige werkers die vanuit huis werken, kunnen niet worden voorgelicht door een exploitant.
Voor het opsporen en bestrijden van misstanden in de branche pleit ik onder andere voor een landelijk digitaal rechercheteam. Dit team zal via internet de illegaliteit dienen aan te pakken. Het is duidelijk dat de diensten van illegaal werkende prostituees en de gedwongen prostituees, veelal via internet aangeboden wordt om aan klandizie te komen. Om de registratie resultaat gericht te laten blijken, zal men de controle en opsporing via internet grootscheeps moeten inzetten.
Door het landelijk register te koppelen aan de belastingdienst, hoeft een prostituee zich niet ook nog te registeren bij de belastingdienst. Op deze manier is het voor de belastingdienst ook duidelijk dat de prostituee, indien niet via loondienst of opting-in werkzaam, verplicht is tot het betalen van belasting over de inkomsten van zijn/haar aangeboden diensten. Om de misstanden in de branche tegen te gaan, zal de branche ook vrijgemaakt dienen te worden van zwart geld en zwart werk. De registratieplicht zoals omschreven in het wetsvoorstel pakt dit gedeelte niet aan. Door de belastingdienst te koppelen aan de registratie, kan men het strafbaar stellen van een niet geregistreerde prostituee terug trekken omdat de prostituee al een sanctie opgelegd kan krijgen door de belastingdienst.
Nul optie/Maximum beleid:

Door het mogelijk maken van een nul optie voor een gemeente, wordt het risico groter dat een andere gemeente dit moeten opvangen, zoals ook al is opgemerkt door de Raad van State. Tevens is de kans groot dat gemeenten op alle mogelijke manieren zullen proberen om deze bedrijven te weren zoals bijvoorbeeld het inzetten van de Bibob wet.


Vergunningstermijn:

Het is niet wenselijk om de gemeenten vrijheid te geven om te kiezen voor verschillende termijnen voor een vergunning. Zoals beschreven kan een gemeente kiezen voor een termijn van 1, 2,3 en 5 jaar of voor onbeperkte duur. Door een vergunning te verstrekken voor minder dan 5 jaar, wordt het een ondernemer onnodig lastig gemaakt. Een ondernemer huurt een locatie vaak voor meerdere jaren. Daarnaast ondervinden veel ondernemers al de nodige weerstand bij banken maar met een vergunning van minder dan 5 jaar wordt deze weerstand alleen maar groter. Door de keuzevrijheid van de banken, kiezen veel banken ervoor om bedrijven in de seksbranche te weren. Ondernemers zijn hierdoor soms genoodzaakt om hun financiële verkeer te regelen via een privé-rekening.


Definities:

In het voorstel wordt gesproken over de verzamelnaam seksbedrijf. Ten eerste is de uitleg van de definitie seksbedrijf in de memorie van toelichting tegenstrijdig met de uitleg die gehanteerd wordt in artikel 1 van het voorstel. Naar mijn mening kunnen de definities beter gewijzigd worden in:



  • prostitutiebedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie in combinatie met of zonder overige activiteiten die aangeboden worden door het bedrijf;

  • escortbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot prostitutie in de vorm van bemiddeling tussen klant en prostituee;

  • seksbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot het verrichten van seksuele handelingen voor een ander tegen betaling of uit het bedrijfsmatig in een seksinrichting tegen betaling aanbieden van vertoningen van erotisch-pornografische aard;

Tenslotte is het naar mijn mening misleidend om de term souteneur te gebruiken wanneer men spreekt over een ondernemer/exploitant. Ook het beschrijven van prostituees die voor een exploitant werken, zijn misleidend op te vatten. In het geval van loondienst werken de prostituees in dienstverband bij de exploitant, maar via de opting-in-regeling werk je in een bedrijf. Door te stellen dat een prostituee werkt voor een bedrijf, wordt daarmee veronderstelt dat zij in loondienst werkt. Dit is over het algemeen niet het geval. De meeste prostituees die werkzaam zijn in bedrijven, werken via de opting-in en daarmee in en niet voor een bedrijf.


Mijn verzoek aan de commissie is om het wetsvoorstel aan een nader onderzoek te onderwerpen en pas in te stemmen met het voorstel nadat de benodigde wijzigingen zijn toegepast.
Hoogachtend,
Sun Yoon van Leeuwen

MIDHOLD
Gespreksnotitie, dec 2009
Visie van klanten van prostituees op de “Wet regulering prostitutie en bestrijding misstanden seksbranche”
Midhold / Klantenforum Hookers.nl
Het kabinet verwacht dat de "Wet regulering prostitutie en bestrijding misstanden seksbranche” een bijdrage zal leveren aan de aanpak van misstanden in deze branche. Dat is een nobel streven. Ieder weldenkend mens is tegen misstanden in de seksbranche. Het overgrote merendeel van klanten van prostituees is daar ook fel tegen. Zij willen niets met gedwongen prostitutie en vrouwenhandel te maken hebben. Ook willen zij niet in een sfeer van criminaliteit terecht komen. De vraag is echter of de nieuwe maatregelen, die in het wetsvoorstel worden aangekondigd, zullen helpen aan de bestrijding van misstanden. Op dit moment zien zij alleen de onrust, die het wetsvoorstel reeds nu veroorzaakt. Zij vrezen de chaos, die na invoering van de wet groot zal blijken te zijn.
Een algehele registratieplicht van prostituees zou klanten van prostituees meer duidelijkheid bieden of zij met een vrijwillige dan wel een gedwongen dame te maken hebben. Voor de klant geldt “slechts de vraag of de prostituee een geldig registratiebewijs voorhanden heeft en of deze werkzaam is voor een vergunde exploitant”, zo lezen we in de Memorie van toelichting (hfd. 3.1.1). Maar welke garantie geeft een registratiebewijs?

Het registratiebewijs toont slechts aan dat een prostituee zich heeft ingeschreven. Maar ook gedwongen dames zullen zich laten registreren. Hoe gaat deze registratie voorkomen dat de klant een dame bezoekt, die gedwongen in de prostitutie werkzaam is? Dat is toch de bedoeling van deze regels? Wanneer een loverboy of mensenhandelaar een dame tot prostitutie kan dwingen, dan is het voor zo'n persoon (of criminele organisatie) toch geen probleem om de dame te dwingen zich te laten registreren? Natuurlijk zal de dame ook instructies krijgen over wat ze wel en niet moet zeggen tijdens die registratie. Kortom: voor kwaadwillende lieden wordt er niet of nauwelijks een drempel opgeworpen.


De klant zal zich er straks vooraf van moeten vergewissen dat de prostituee van wie hij diensten afneemt, beschikt over een registratiebewijs. Zo niet, dan wordt in dit wetsvoorstel de klant van illegale prostitutie strafbaar gesteld. Zonodig zal de klant naar de vergunning of het registratiebewijs moeten vragen. “In die zin geldt voor de klant een zekere onderzoeksplicht” (hfd. 7.2). Maar wanneer de overheid de controlerende taak (deels) op de klant afschuift, dan zouden klanten toch op z'n minst moeten weten hoe zo'n pasje eruit ziet. Anders kunnen zij ieder willekeurig pasje ook goedkeuren.

Echter, als klanten op de hoogte zijn van de (echtheids) kenmerken van dat pasje – hoe kunnen zij het anders controleren – dan zijn mensenhandelaren dat ook. Die pasjes zullen waarschijnlijk niet heel moeilijk na te maken zijn. Die pasjes kunnen de dames dus binnen de kortste keren ook verkrijgen bij een van de vele 'facilitaire dienstverleners' die rond de prostitutie zwermen. Hoe herken je als gezagsgetrouwe klant eigenlijk zo'n vals pasje?

Gaat de Minister klanten instructies geven hoe ze een geldige pas kunnen herkennen?

Gaat de Minister klanten instructies geven hoe ze een valse pas van een echte kunnen onderscheiden?

Zijn klanten die diensten afnemen van een prostituee met een valse pas ook strafbaar?
Het probleem is ook niet zozeer of een vrouw illegaal (d.w.z. zonder vergunning) in de prostitutie werkt. Het is voor klanten – en voor de dame zelf – meer van belang of zij vrijwillig in het vak zit. Maar juist dat wordt door een algehele registratie niet duidelijk gemaakt. Volgens het wetsvoorstel kun je straffeloos een gedwongen dame bezoeken, zolang ze maar een pasje heeft en in een bedrijf met vergunning werkt. Bezoek je daarentegen een vrijwillige, thuis ontvangende, dame zonder pasje – misschien een dame die de klant al jaren kent – dan ben je als klant strafbaar. Wat zijn we dan opgeschoten wanneer dat wetsvoorstel wordt aangenomen?
“Er is relatief weinig onderzoek gedaan naar klanten van prostituees”, zo lezen we in de toelichting (hfd. 2.3.4). Het lijkt ons dat hier nog een groot gebied te ontginnen is. Niet alle klanten maken gebruik van prostitutie voor snelle, eenmalige contacten. Veel klanten hebben een ‘vaste dame’, die zij soms jaren achtereen bezoeken. Met zo’n dame ontwikkelen zij een vertrouwensrelatie. Zulke klanten krijgen regelmatig informatie – zowel positief als negatief – waarover hulpverleners nooit zullen beschikken.
In plaats van klanten van prostituees af te schrikken en strafbaar te stellen, zou de Minister klanten serieus moeten nemen en hun hulp moeten inroepen. Een vertrouwenspersoon bij wie gedwongen dames of hun klanten misstanden kunnen melden, kan een waardevolle bijdrage leveren aan de bestrijding van vrouwenhandel en gedwongen prostitutie. Deze vertrouwenspersoon zou ook goed op de hoogte moeten zijn van de prostitutiebranche en de achtergronden van misstanden.
In Amsterdam wordt op dit moment een voorzichtig begin gemaakt met het instellen van een klantenpanel, waar klanten – zonodig anoniem via Internet – niet alleen melding kunnen maken van eventuele misstanden, maar ook suggesties kunnen doen ter verbetering van de prostitutiebranche. Onze overtuiging is dat zowel prostituees als klanten hiermee meer zijn geholpen, dan met de invoering van nog meer bureaucratische regels, waarvoor weinig draagvlak blijkt te zijn.


Ronde 3 (18.00-19.00 uur)
SOA AIDS NEDERLAND

Standpunten Soa Aids Nederland en het Aids Fonds

Allereerst willen Soa Aids Nederland en het Aids Fonds het belang onderschrijven van een krachtige aanpak tegen mensenhandel en het terugdringen. Wij zijn echter van mening dat het wetsvoorstel Regulering prostitutie en bestrijding missstanden seksbranche niet het juiste antwoord is op deze complexe problematiek. We denken dat de wet met name zal leiden tot een verzwakking van de positie van de prostitué(e)s waardoor ze ook minder toegang zullen hebben tot de noodzakelijke zorg. De kritische reactie van de Raad van State bevestigt onze opvattingen. De volgende zorgpunten zijn voor Soa Aids Nederland en het Aids Fonds van cruciaal belang:




  • Sociaal maatschappelijke positie van prostitué(e)s

    • In het huidige wetsvoorstel wordt te weinig aandacht gegeven aan de positieverbetering, het verhogen van de weerbaarheid van prostituees en het verbeteren van arbeidsomstandigheden, in tegenstelling tot de aandacht voor het tegengaan van mensenhandel. Het belang van een sterke sociaal maatschappelijke positie van prostituees moet niet worden onderschat. Iemand die lichamelijk en psychisch gezond is en zowel maatschappelijk sterk in zijn of haar schoenen staat, is nu eenmaal minder gemakkelijk tot slachtoffer te dwingen. De sociale positie van prostitué(e)s is een van de speerpunten van het nieuwe beleid van Staatssecretaris Bussemaker van VWS6.

Uit de 2e evaluatie Opheffing Bordeelverbod van het WODC7 in 2007 is gebleken dat de positie van prostituees nauwelijks is verbeterd. VWS vindt het wenselijk dat wordt gemonitord of de positie van prostitué(e)s met de nieuwe wetgeving verbeterd. Hierbij noemt zij specifiek de rol van Soa Aids Nederland. Maar wij zien niet in hoe dit wetsvoorstel verandering in brengt in de positieverbetering.


  • Registratie:

Het wetsvoorstel schiet zijn doel voorbij:

    • Stigma op prostitutie wordt groter bij verlies van anonimiteit. Soa Aids Nederland en het Aids Fonds verwachten dat een groot deel van de zelfstandig werkende prostitué(e)s ervoor zal kiezen om te werken in het niet vergunde, illegale circuit, omdat ze bang zijn hun anonimiteit te verliezen. Een onwenselijk neveneffect van verplichte registratie is dat prostitué(e)s uit het zicht van de hulpverlening en gezondheidszorg verdwijnen, maar ook uit het zicht van de handhavers.




  • Strafbaar stellen van prostitué(e)s

    • De kracht van het Nederlandse beleid ten opzichte van prostitutie was altijd de legale postie van prostitué(e)s. Hier lopen we nog steeds voor op andere landen.

Het huidige wetsvoorstel maakt echter prostitué(e)s strafbaar indien ze niet geregistreerd zijn en/of werkzaam zijn binnen een niet vergund bedrijf.

Deze maatregel beïnvloedt ons werk op een negatieve wijze, doordat men niet kan verwachten dat gezondheidsmedewerkers in een gecriminaliseerde setting hun werkzaamheden kunnen verrichten. De bereikbaarheid van de doelgroep wordt hierdoor beperkt.





  • Voorbeeld:

Stel dat een prostituee zich niet heeft geregistreerd en er voor kiest in een ondergronds circuit haar werk te doen.

Zij krijgt een klant die haar verkracht en berooft. Zij overweegt om aangifte te doen, maar besluit om dit niet te doen: zij voldoet echter niet aan de registratieplicht en ze is dus strafbaar. Hierdoor belsuit ze niet naar de politie te gaan om aangifte te doen. Hoe gaan we hier mee om?




  • Wat dan Wel?:

  • Er moet onderscheid gemaakt worden tussen prostitutiebeleid en mensenhandenbeleid.

Als het gaat om mensenhandel en misstanden dan zijn er in de huidige wetgeving voldoende richtlijnen om dit aan te pakken. Daarom pleiten wij voor erkenning van het belang van de Task Force Mensenhandel.

Het ontbreekt het op veel plaatsen nog aan een effectieve ketenaanpak. Soa Aids Nederland en het Aids Fonds vinden dat de overheid moet bouwen op succesvolle ervaringen. In Amsterdam en Rotterdam is een effectief model ontwikkeld waarbij een ketenaanpak wordt gehanteerd. Deze ketenaanpak houdt in dat alle partners alert zijn op signalen van mensenhandel en zorg en dat zij deze signalen direct aan de andere betrokken partners doorspelen. Wij vinden dat deze effectieve ketenaanpak in alle gemeenten ingevoerd moet worden. Dit is een betere strategie dan investeren in een wet die niet zal werken.


Tot slot moet er effectief geïnvesteerd worden in de positieverbetering van de prostitué(e)s.
Bijlagen

  1. Brief van Soa Aids Nederland aan het Ministerie van Binnenlandse Zaken, verstuurd op 22 januari 2009.

  2. Brief van Soa Aids Nederland aan de Aan leden van de Commissie Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties en de Commissie van Justitie, verstuurd op 30 november 2009.


HUMAN RIGHTS RESEARCH & CONSULTANCTY
Oplegbrief

Aan: de leden van de Vaste Commissie voor BinnenLandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Justitie

Datum: 1 december 2009

Betreft : Wetsvoorstel Regulering prostitutie en bestrijding missstanden seksbranche (kamerstuk nr.

32 211)
Geachte leden van de Vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Justitie,
In bijgaande brief van 1 december 2009 lichten wij - allen personen en organisaties die vanuit

verschillende posities zich al vele jaren inspannen voor de verbetering van de positie van

prostituees en de bestrijding van mensenhandel en andere vormen van dwang en uitbuiting - onze

zorgen en vragen toe met betrekking tot het Wetsvoorstel 'Regulering prostitutie en bestrijding

missstanden seksbranche'.

Onze voornaamste bezwaren vatten wij hieronder samen:

• Registratie van een prostituee garandeert op geen enkele wijze dat zij niet langer wordt

uitgebuit of anderszins slachtoffer is of wordt van dwang of geweld.

• Uit onderzoek blijkt dat, naast het gebrek aan lange termijn bescherming en perspectief

voor slachtoffers, een van de grootste obstakels om mensenhandel te beschrijden niet het

gebrek aan signalen is, maar het gebrek aan opvolging daarvan. Beide problemen worden

niet opgelost met een registratieplicht.

De instelling en handhaving van een registratieplicht vereisen het optuigen van een kostbaar

bureaucratisch apparaat. Dit zal ten koste gaan van het onderzoeken van daadwerkelijke

gevallen van mensenhandel.

• De registratieplicht zal een drempel opwerpen voor vrouwen die legaal in de prostitutie

willen werken uit angst voor verlies van anonimiteit en stigmatisering, waardoor het gevaar

bestaat dat zij kiezen voor het illegale circuit en uit het oog van de hulpverlening en de

gezondheidszorg verdwijnen. Het gevaar dat de maatregel contraproductief zal zijn en zal

leiden tot een groter Hlegaal circuit is niet denkbeeldig.

• Criminalisering van klanten van niet geregistreerde prostituees zal de bereidheid van

ktanten om misstanden te melden (een belangrijke bron van signalering) doen afnemen.

• Registratie kan er toe leiden dat als het ware een goedkeuringsstempel van de overheid

wordt gezet op uitbuitingssituaties binnen de gereguleerde sector. Op het moment van

registratie valt niet te bepalen of betrokkene mogelijk slachtoffer van mensenhandel is,

terwijl tegelijkertijd het hebben van een 'pasje' de schijn werkt dat 'het wel in orde zal

zijn'. Dit vormt immers de basis voor strafbaarstelling van klanten van ongeregistreerde

prostituees.

Met de Raad van State dringen wij erop aan het onderhavige wetsvoorstel kritisch te beschouwen.

Gezien de ernst en zwaarte van de bezwaren dringen wij tevens aan op een hoorzitting.

Met vriendelijke groet,

Namens de ondertekenaars

Marjan Wijers

T 06 30546012

E m.wijers@hetnet.nl



1   2   3   4   5   6   7


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina