Hetpaleis de Slag bij Dobor vanaf 11 jaar oude vrouw



Dovnload 59.44 Kb.
Datum21.08.2016
Grootte59.44 Kb.



HETPALEIS
De Slag bij Dobor
vanaf 11 jaar


OUDE VROUW:

Houd dat stuk hondenvel maar. Content dat ik van hem af ben. Die was toch al nooit geschikt voor het circus. Heb je 44 poedels versleten, hou je er één over en dat is dan die, Fifi. De enige hond met geen greintje talent. (Zoon op) En daar hebben we er nog zo één. Als kind kon hij mooi zingen, maar dat horen we ook niet meer.



ZOON:

Hard gebeden, moeder? Voor onze Alexander?



(ziet foto van Alexander met een snor opgetekend)

Wat hebt u nu gedaan? Een snor? Mijn kleine broer heeft vannacht een snor gekregen.



OUDE VROUW:

Ik heb van hem gedroomd. Mijn Alexander. Hij is een man geworden.


De Slag bij Dobor speelt zich af in een klein familiecircus in oorlogstijd. De moeder heeft haar beste en jongste zoon als soldaat aan de keizer gegeven. Ze verwacht dat hij als held zal terugkeren van het front. Vier lange jaren zijn voorbij gegaan zonder bericht van de soldatenzoon. Geen teken van leven. Geen teken van dood. Iedereen wacht. De oude moeder op de thuiskomst van haar zoon. Haar andere zoon op zijn tijger. De buitenechtelijke dochter wacht op geld om het circus te redden en haar sterke man op het einde van de oorlog. De acrobates, die wachten op een man. En dan de eeuwige ambtenaar die steeds weer langskomt met valse hoop. Alleen de clown lijkt op niets te wachten ...
Alles in deze tragikomische muziekvoorstelling neigt naar beweging, maar niks komt echt van de grond (behalve misschien de hond). En toch moet er iets gebeuren. De grens is bereikt en de spanning onhoudbaar.
In HETPALEIS: van 5/2 (première) t/m 6/3/10

Op reis: 19/3 Dilbeek - OC Westrand, 1/4 CC Mortsel, 2/4 CC Knokke-Heist, 3/4 NTGent


De Slag bij Dobor gaat in première in de Grote zaal van HETPALEIS op 5 februari 2010.
Tekst: Rian Koopman

Regie:  Mieja Hollevoet

Compositie en arrangementen: Istvàn Hitzelberger

Spel: Bert Haelvoet, Bas Teeken, Sofie Van den Bossche, Jorre Vandenbussche, Jonas Van Geel, Ariane van Vliet, Carly Wijs, Lien Wildemeersch en Starky

Decorontwerp: Stef Stessel

Kostuumontwerp: Lieve Meeussen, Mieja Hollevoet

Lichtontwerp: Frank Haesevoets, Stef Stessel

Muziekdramaturgie: Rian Koopman

Dramaturgie: Hanneke Reiziger

Regieassistentie: Jelte Van Roy

Toneelmeester: Tom De Roy

Geluid: Ben Bonner

Lichtuitvoering: Koen Corbet

Decoruitvoering/rekwisieten: Danny Havermans, Wout Janssens, Luk Willekens

Polyvalente techniek: Bregt Pompen, Joris Vantilborgh

Kleedster/kapster/kostuums: Hilde Mertens, Veerle Segers

Projectleiding: Helga Broers

Muzikanten opnames: Stefaan Degand, Henk De Laat, Sterre De Raedt, Ben Faes, Sam Faes, Istvàn Hitzelberger, Bart Maris, Piet Maris, Bert Van Laethem, Bart Voet, Lien Wildemeersch

Opnameleiding: Istvàn Hitzelberger

Eindmix: Ben Bonner, Istvàn Hitzelberger

Coach hond: Walter Verhoeven

Baas hond: Anne-Marie Eestermans

Advies circustechnieken: Jack Jaxx
Met dank aan: Michael Von Villiez

Re-Tyre Lommel N.V. geeft rubber nieuw leven!

Universiteit Gent


NAAMACTIE: Iedereen die Stef (zoals decorontwerper Stef Stessel) heet, mag gratis naar De Slag bij Dobor in HETPALEIS.

Interview met scenograaf Stef Stessel en regisseur Mieja Hollevoet over De Slag bij Dobor van Rian Koopman:
HETPALEIS stimuleert makers en schrijvers om nieuwe stukken te schrijven, maar er zijn ook veel goede bestaande en ongespeelde stukken die HETPALEIS een speelkans wil geven. De Slag bij Dobor is er zo één. Wanneer HETPALEIS De Slag bij Dobor van Rian Koopman las, twijfelde het huis er niet aan dat dit stuk in de juiste handen een mooie muziektheatervoorstelling zou worden. HETPALEIS bezorgde het script aan regisseur Mieja Hollevoet, die er zeer geïntrigeerd door was. Haar voorstellingen gaan steeds radicaal tot het uiterste en tonen schoonheid met scherpe kantjes. Scenograaf Stef Stessel, die al meerdere keren voor HETPALEIS werkte, staat in voor de scenografie van De Slag bij Dobor.
Wat sprak jullie aan in het stuk van Rian?
Mieja: Wat mij intrigeerde, was de sfeer en het filmische ervan. Er schoten bij het lezen desolate en grimmige beelden door mijn hoofd. Toen ik de cast en ontwerpers bijeen kreeg waarop ik gehoopt had, wist ik dat ik deze ‘film’ moest maken. Wat mij aanspreekt in het werk van Stef Stessel is hoe hij grimmigheid tot schoonheid kan verheffen.
Stef: Het stuk is zeer fragmentarisch en alles eindigt in een grote desolaatheid, wat mij wel aantrekt. De sfeer, en vooral het grofkorrelige ervan, deed me denken aan de films van Fellini. Ik ben voor de vormgeving vrij snel afgestapt van het letterlijke circusgegeven en ben naar een abstractie in beeld gaan zoeken. De wereld van De Slag bij Dobor staat op zichzelf, het is een microkosmos die overal buiten staat.
Mieja: Wat ik ook zo schoon vind aan het stuk, is dat het over een groep mensen gaat bij wie je niet direct kan achterhalen wie er nu een bloedband heeft met wie. Toch voel je onderling een sterke band omdat het eigenlijk één grote familie is, met alle tekortkomingen en conflicten van dien.



In het verhaal heeft de Oude vrouw haar jongste zoon, Alexander Rasch, vier jaar geleden naar de oorlog gestuurd om het vaderland te dienen. En nu wacht het ganse circusgezelschap al die tijd op hem. Welke rol speelt de oorlog verder nog in de ontwikkeling van het verhaal?
Mieja: De oorlog stelt alles scherper en versterkt de onderliggende verbondenheid tussen de verschillende mensen, maar ze zijn er niet de hele tijd mee bezig. In wezen is het geen stuk over wat een oorlog met een mens kan doen. Het gegeven van de oorlog dient als drager om het verhaal van de vermiste zoon een plaats te geven. De basisvertelling gaat over een moeder die haar jongste zoon heeft weggegeven aan de keizer. Alle personages weten dat zolang er geen nieuws is over dat kind ze niet verder kunnen leven. Ze kunnen niet voor- of achteruit. Iedereen leeft onder de tirannie van de moeder, waar ze met geen enkele mogelijkheid onderuit kunnen komen. Men heeft daar echter ook begrip voor, want hoe kun je in godsnaam je eigen kind achterlaten dat je ook nog zelf de oorlog hebt ingestuurd. We zijn in de voorstelling op zoek naar het moment waarop de opflakkering komt. Een moment dat je laat voelen dat er in al die tristesse toch nog hoop kan zijn, zelfs al lijk je muurvast te zitten. Ik heb vaak moeite met het woord ‘hoop’ omdat het snel iets pastoorachtigs heeft, maar au fond is het wel die ‘opening’ die we willen laten zien.
De originele versie van De Slag bij Dobor staat vol regieaanwijzingen. Soms kan dat een beeldvorming in de weg staan.
Mieja: Dat was heel dubbel. Ik weet dat ik in het begin heb geprobeerd de regieaanwijzingen helemaal weg te laten, maar dan merkte ik dat bepaalde teksten moeilijk te doorgronden waren. Uiteindelijk heb ik aan de regieaanwijzingen mijn eigen interpretatie gegeven.
Stef: Ik werk nogal intuïtief en kan mij door verschillende elementen laten inspireren. Tijdens de voorbereiding van De Slag bij Dobor heb ik veel naar de Strijkkwartetten van Alfred Snittke geluisterd. Die muziek voelt alsof je met een nagel over een bord gaat en staat volledig in contrast met de muziek die we in de voorstelling zullen horen. Zo’n soort contrast heb ik nodig om tot extremen te komen en in dit geval kreeg ik het beeld van bloemen op een vuilnisbelt of een braakliggend terrein. Die bloemen hebben, net als de personages in het stuk, diep vanbinnen iets kwetsbaars, warms en poëtisch, maar door de ruwheid van het bestaan zijn ze dat deels kwijtgespeeld. Ik hou van zo’n ruwe poëzie.
Mieja: Ik heb iemand als Stef nodig om mijn eigen beeldvorming een andere invalshoek te geven. Naast Stef laat ik mij ook door de acteurs inspireren. Het is een groepsproces waarin elk element een input geeft en waaruit ik als regisseur en observator die dingen probeer te halen die maken dat je het verhaal verteld krijgt aan een familiepubliek. Ik ben niet specifiek bezig met een voorstelling voor kinderen of jonge mensen, maar ik ben bezig met een voorstelling voor iedereen. Ik ga op zoek naar die elementen die zowel herkenning als verwarring zullen opleveren. Binnen de acteursgroep merkte iemand op: “We zijn een vreemdsoortig gedicht aan het maken”. Op dit moment vind ik dat de beste omschrijving van wat de voorstelling kan worden.
Muziek, gecomponeerd door Istvàn Hitzelberger, is een belangrijk element waarmee de voorstelling gemaakt wordt. Hoe ga je hier mee om?
Mieja: Het is nog zoeken hoe de liedjes in de voorstelling geïntegreerd zullen worden. Zo bekijken we elk lied op zich, zowel omwille van de inhoud, als van het feit dat er liedjes zijn waarbij de acteurs zichzelf of elkaar begeleiden. En dan is het daarbij weer zoeken of je een lied al dan niet muzikaal moet inleiden of laten uitbollen. De zoektocht om de muziek aan gesproken tekst en beeld te koppelen verloopt vrij organisch. Heel fijn is dat zowel Istvàn als Rian zeer nauw bij het repetitieproces betrokken zijn en direct kunnen inspelen op de muzikale noden en wensen. Bij de keuze van de cast hebben we overigens gezocht naar acteurs die naast hun zangcapaciteiten ook een instrument bespelen.
Stef: Ik geloof dat als je de liedjes in een duidelijke context plaatst en iets ruws meegeeft, ze een heel mooi spanningsveld kunnen opleveren. De liedjes en muzieknummers springen er qua taal en emotie sterk uit en in mijn fantasie geeft dat ineens een ander visueel beeld. De voorstelling zal aan de ene kant zeer concreet zijn, maar in mijn fantasie loopt die concreetheid door in een zee van abstractheid. Die beeldtaal zullen we op een of andere manier proberen over te brengen op jong en oud en muziek kan daarin een sleutel zijn.
Mieja: Voor mij voelt het geheel van muziek en tekst als het afwisselen van eb en vloed en ik hoop dat het publiek in die beweging meegaat. Dat ze soms dicht bij wat er zich op toneel afspeelt geraken en het volgende moment er van op een afstand naar kijken.
Vorig jaar heb jij, Stef, voor De Slag bij Dobor foto’s gemaakt van een rondtrekkend circus. Liggen deze foto’s ook aan de basis van het toneelbeeld?
Stef: Absoluut, maar voor alle duidelijkheid, het zijn foto’s van een circusgezelschap en geen foto’s van wat er zich in een circus tijdens een voorstelling afspeelt. Ik wil het circusgegeven niet zo duidelijk in beeld brengen. Het is enkel een kader dat je aan het publiek meegeeft. Verder gaat de voorstelling vooral om het verhaal van de vermiste zoon.
Mieja: De foto’s laten een circus in werking zien, maar zoomen in op een soort schemerzone tussen daar waar ze wonen en daar waar het spektakel in de tent doorgaat. En in dat schemergebied speelt ook het stuk zich af: tussen de caravan waarin ze wonen en de achteringang of de artiesteningang van de circustent. En wat je niet hoeft te laten zien is wat er precies ín die caravan of circustent gebeurt. Ik sluit me tot slot volmondig aan bij de woorden van Bas Teeken, die de rol van de clown voor zijn rekening neemt: “De voorstelling gaat over het circus van het leven”. Daarmee is, denk ik, alles gezegd.


SPEELLIJST




Februari 2010
do 4 19u Grote zaal avant-première +32 (0)3 202 83 60

vr 5 20u Grote zaal première +32 (0)3 202 83 60

za 6 15u Grote zaal vrije voorstelling +32 (0)3 202 83 60
wo 10 20u Grote zaal vrije voorstelling +32 (0)3 202 83 60

do 11 13u30 Grote zaal schoolvoorstelling +32 (0)3 202 83 60

vr 12 13u30 Grote zaal schoolvoorstelling +32 (0)3 202 83 60

za 13 20u Grote zaal vrije voorstelling +32 (0)3 202 83 60


do 18 15u Grote zaal vrije voorstelling +32 (0)3 202 83 60

vr 19 15u Grote zaal vrije voorstelling +32 (0)3 202 83 60

za 20 20u Grote zaal vrije voorstelling +32 (0)3 202 83 60

di 23 13u30 Grote zaal schoolvoorstelling +32 (0)3 202 83 60

wo 24 20u Grote zaal vrije voorstelling +32 (0)3 202 83 60

do 25 13u30 Grote zaal schoolvoorstelling +32 (0)3 202 83 60

vr 26 13u30 Grote zaal schoolvoorstelling +32 (0)3 202 83 60

za 27 20u Grote zaal vrije voorstelling +32 (0)3 202 83 60


Maart 2010
di 2 13u30 Grote zaal schoolvoorstelling +32 (0)3 202 83 60

wo 3 20u Grote zaal vrije voorstelling +32 (0)3 202 83 60

do 4 13u30 Grote zaal schoolvoorstelling +32 (0)3 202 83 60

vr 5 13u30 Grote zaal schoolvoorstelling +32 (0)3 202 83 60

za 6 20u Grote zaal vrije voorstelling +32 (0)3 202 83 60

vr 19 13u30 Dilbeek - OC Westrand schoolvoorstelling +32 (0)2 466 20 30

vr19 19u30 Dilbeek - OC Westrand vrije voorstelling +32 (0)2 466 20 30
April 2010
do 1 13u30 Mortsel - CC schoolvoorstelling +32 (0)3 443 73 80

do 1 20u Mortsel - CC vrije voorstelling +32 (0)3 202 83 60

vr 2 20u30 Knokke Heist -CC Scharpoord vrije voorstelling +32(0)50 63 04 30

za 3 17u Gent - NTGent vrije voorstelling +32(0)9 225 01 01



MEDEWERKERS
Bert Haelvoet studeert in 2002 af aan het HIDK-Studio Herman Teirlinck. Tijdens zijn studies speelt hij mee in Autis in Onan (Theater Antigone) en Mouchette, een schoolproject dat wordt opgenomen in de programmering van Theater Zuidpool. Bij Antigone werkt hij mee aan Roestig of het bruingele geeuwen van de ziel. Zijn monoloog Het gevecht om de ziel van de eenentwintigste eeuw (speech van Clinton) brengt hij in 2002-2003 in Het Toneelhuis. Haelvoet speelt verder ook in De noces (coproductie Walpurgis/de Roovers/Spectra Ensemble), Le dindon (De Roovers), Mijnheer Porselein (Studio Orka), Met vuur spelen (De Roovers) . Bij HETPALEIS speelt hij mee in Het appartement, Matchboks, De wereld volgens Lang, Dik en Dom, Matchboks de prequel en Matchboks de trilogie. In seizoen 2003-2004 werkt hij ook mee aan de Toneelhuisprojecten Crash van Erik Joris en aan Het Sprookjesbordeel, met teksten van Peter Verhelst. Samen met Steve Aernouts en Jonas Van Geel vormt Bert Haelvoet de kern van het jonge theatercollectief Het Zesde Bedrijf. Producties van dit collectief zijn Liebling (coproductie Monty), De drie mannen van Ypsilanti en Haralds feestje (coproductie Monty). Voor televisie speelt hij gastrollen in onder andere Kaat en Co en Het geslacht De Pauw. Bert Haelvoet speelt één van de broers Strobbe in de film De Helaasheid Der Dingen van Felix Van Groeningen.
Istvan Hitzelberger is zanger, acteur, componist en tekstschrijver. Hij is afgestudeerd aan de Kleinkunst Academie in Amsterdam. Waarna hij met zijn groep 'Hitzelberger' toert, een theaterband waar hij zanger/componist voor is. Hij speelt rollen in de musicals Pietje Bell, My Fair Lady, Your the Top,(regie Jos Thie) Titanic en Tarzan. Hij schrijft muziek voor en speelt in de musical Ali Baba (2006-2007). In De Jantjes (regie Dick Hauser)is hij te zien als Blauwe Toon. Daarnaast is hij in talloze voorstellingen te zien op De Parade, waar hij steeds ook muziek voor schrijft, onder andere Gracias A La Vida ,samen met LaPat. Hij maakt de cabaretvoorstellingen Primeur en Helga und Helmut, ein Schlagerfestival (beiden regie Tosca Niterink). Hij zet kinderversjes van Annie M.G. Schmidt op muziek en ook Erich Kästners gedichten in Herr Kästner, Wo bleibt denn das Positive? In 2009 speelt hij Liedjes voor Gelukkige Mensen, een literair liedjesprogramma waarvoor hij gedichten van Bart Moeyaert en Charlotte Mutsaers op muziek zet. Verder speelt Hitzelberger in de toneelstukken The Mousetrap, Tel Uit Je Winst, Kleine Sofie en Lange Wapperen Bedrog (beide bij het RO theater).
Mieja Hollevoet belandt in de theaterwereld via haar kostuumontwerpen voor onder andere Hollandia en Blauw Vier/Laika. Bij BRONKS begint ze als educatief medewerkster waar ze verschillende theaterprojecten met jongeren realiseert. In 1999 maakt ze haar regiedebuut bij BRONKS met de voorstelling Ruigaard III, een bewerking van Shakespeares Richard III. Daarna volgen bij BRONKS de voorstellingen Romeo en Julien, Assepoester, waarvoor ze in 2002 de 1000Watt-prijs krijgt, Blauwbaard, Zot zijn doet wél zeer, Hamlet van Shakespeare en La Belle et la Bête. In 2003-2004 regisseert ze samen Radomira Dostal Roberto Zucco bij Theater Stap en een seizoen later maakt ze de voorstelling Anja en Esther met Toneelhuisjongeren. Haar BRONKSvoorstelling Zwijnen!, een bewerking van Shakespeares Titus Andronicus (2006-2007), wordt genomineerd voor het Theaterfestival 2007. Hollevoet blijft naast haar regiewerk ook actief als kostuumontwerper bij Laika, Kopspel en Inti vzw. In HETPALEIS ontwerpt ze kostuums voor Soepkinders (2005), De idioot (2006, beide in coproductie met Laika) en voor Kleine Sofie (2009-2010, coproductie Laika/Theater Froe Froe). Hollevoet is sinds 2004 dramadocent aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (KASK) in Gent en sinds 2009 als begeleider bij de Theaterkostuumafdeling van de Artesis Hogeschool Antwerpen.
Rian Koopman studeert Nederlandse Taal- en Letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam (1978-1983) en doet daarna de Kleinkunstopleiding aan de Hogeschool voor de Kunsten (12983-1987), ook in Amsterdam. Sinds 1987 werkt ze in theater, zowel uitvoerend als creërend; zowel artistiek al productioneel ondersteunend. Van 1998 tot 2008 is ze in dienst van Het Toneelhuis in Antwerpen. Eerst als portier, later als coördinator van Studio Tokio en productieleider c.q. regieassistent van verschillende Toneelhuisproducties. De Slag bij Dobor schrijft ze in 1996 HETPALEIS krijgt het stuk in 2004 in handen en zet het op zijn verlanglijstje. In het kader van het Nederlands-Duitse festival KAAS&KAPPES in Duisburg kent de jury van de 12de Nederlands-Duitse auteursprijs voor jeugd-en jongerentheater een gedeelde tweede prijs toe aan Rian Koopman voor haar stuk De Slag bij Dobor. Op dit moment werkt ze samen met illustratrice Lieve Germer aan een reeks verhalen voor jonge kinderen, over oude mensen.

Lieve Meeussen is in de jaren negentig vooral actief als danseres bij Ultima Vez, het dansgezelschap van Wim Vandekeybus. Zij is te zien in de volgende producties: Mountains made of barking, HER BODY DOESN’T FIT HER SOUL, Alle Grössen decken sich zu, What the Body does Not Remember, Bereft of a Blissful Union en Seven for a Secret never to be told. Vanaf 2003 speelt ze mee in voorstellingen van Inne Goris zoals Drie zusters en Nachtevening. Daarnaast legt zij zich toe op het ontwerpen van kostuums voor gezelschappen als DASTHEATER, BRONKS en Zeven vzw. Met Mieja Hollevoet werkt ze al eerder samen in La Belle et la Bête.
Stef Stessel is scenograaf/fotograaf en maakt sinds 1995 deel uit van de vaste kern van het theatercollectief De Roovers. Daarnaast werkt hij in het verleden als scenograaf voor tal van andere theatergezelschappen zoals De Onderneming, Transparant, KVS, DASTHEATER, De Tijd en Ibycus. In HETPALEIS ontwerpt hij het decor voor Universal Irritant van de Kakkewieten, voor de vier producties van het W@=D@-project (2006-2007) en voor NINA NINA of de stad zonder kinderen (2009-2010).

Bas Teeken studeert in 1987 af als Meester in de Dramatische Kunsten aan het Conservatorium van Antwerpen, optie spel, onder leiding van Dora Van der Groen. In 1989 richt hij samen met Peter Van den Eede Compagnie de Koe op. Zij debuteren in 1990 met de voorstelling De Gebiologeerden. Epiloog van de Eenzaamheid (1991), is het vervolg op deze voorstelling. Daarna volgen nog onder andere Monoloog geterroriseerd II, De menagerie van de schamele drie, Lucifer (coproductie met het Zuidelijk Toneel), Titel Onbekend (een theatermysterie), waar Bas Teeken als acteur of regisseur bij betrokken is. Ander gezelschappen waar hij als acteur te zien is, zijn Het Toneelhuis (Franciska, Kathalzen (Nooit meer zo mooi als vroeger)), Muziektheater Transparant (Ik vlieg), De Roovers (Anatol). Teeken speelt mee in Poes, poes, poes (1,2,3,4,5) en is de laatste jaren nauw betrokken bij de producties van Bad van Marie (Buxus, Balkanbusiness: Vasio-Levsky en www.win-een-auto.com). Afgelopen seizoen speelt hij mee in de BAFFproductie Lobby Love. In HETPALEIS is hij al eerder te zien geweest in De telduivel (1999-2000 coproductie met De Tijd).

Sofie Van den Bossche studeert in 2009 af als master in het drama aan de Hogeschool Gent, Departement Dramatische Kunst met Manson/Mensen, een voorstelling over de vrouwen rond Charles Manson. Zij maakt dit project samen met haar jaargenoten Lien Wildemeersch, Saskia Verstiggel, Sanne Haenen en Tom Van der Velde.
Jorre Vandenbussche studeert in 1997 af als Meester in de Dramatische Kunsten aan het Conservatorium van Antwerpen, optie spel, onder leiding van Dora Van der Groen. Hij is als acteur te zien in verschillende producties van Het Zuidelijk Toneel: Romeo en Julia (Studie van een verdrinkend lichaam), India Song, De dame met de camelia’s en Alice in bed (coproductie met New York Theatre Workshop). Hij speelt ook in volgende producties van Toneelgroep Amsterdam: The Massacre at Paris, True Love, Macbeth, Con Amore en De Koopman van Venetië. Daarnaast is hij acteur in verschillende producties van De Tijd (Drie zusters, Woyzeck), Braakland/ZheBilding (De Palestijnen, De vreemdeling) en Het Toneelhuis (Belgian Landscapes, Strindberg). Van 2005 tot 2007 is Vandenbussche artistiek leider van De Werf waar hij ook als coach en regisseur meewerkt aan meerdere voorstellingen. Vorig seizoen speelt hij mee in twee producties van het Nationale Toneel: Hedda Gabler en Parasieten. In 2009-2010 is hij te zien in Mayerling (De Parade, Kaaitheater).
Jonas Van Geel studeert in 2006 af als acteur aan het Herman Teirlinck Instituut in Antwerpen. Hij speelt onder meer in Au nom du père (Het Toneelhuis/Toneelgroep Ceremonia), 5x kort en Zwijnen! (BRONKS), Magic Palace (Kristal & Vanplastiek/Martha!Tentatief), Traum (De Tijd), Publikumsbeschimpfung (Compagnie De Koe/Hogeschool Antwerpen), Het licht (De Tijd/a.k.a Johnny) en Midzomernachtsdroom (Theater Froe Froe). In seizoen 2009-2010 maakt en speelt hij samen met Dimitri Leue en Low Impact Man de ecologische voorstelling Tegen de lamp (Rataplan vzw). Samen met Steve Aernouts en Bert Haelvoet vormt Jonas Van Geel de kern van het jonge theatercollectief Het Zesde Bedrijf. Producties van dit collectief zijn Liebling (coproductie Monty), De drie mannen van Ypsilanti en Haralds feestje (coproductie Monty). In 2008 speelt hij mee in Midzomernachtsdroom (Theater Froe Froe). In 2009-2010 speelt Van Geel ook in Sterren vallen (coproductie Theater Froe Froe/De Theaterwerkplaats PCT Dommelhof).

Lien Wildemeersch studeert in 2009 af als master in het drama aan de Hogeschool Gent, Departement Dramatische Kunst met Manson/Mensen, een voorstelling over de vrouwen rond Charles Manson. Tijdens haar opleiding speelt zij mee in: Het geslacht Borgia (Toneelgroep Nunc/BAFF), Forza! (fABULEUS/Toneelgroep Nunc), Little Boy (Toneelgroep Nunc/BAFF). Tijdens het afgelopen Amsterdamse ITS-festival wint zij, voor haar vertolking in deze voorstelling, de Kemn-A-Ward. Dat is een bekroning voor “the most striking, intriguing, exciting or special actor or actress of the festival”. In dit seizoen is zij ook te zien in Underground (NTGent/Theater Antigone). Vanaf volgend seizoen maakt zij deel uit van de tableau de la troupe van het NTGent.

Ariane van Vliet beëindigt in 1994 haar studies aan het HIDK-Studio Herman Teirlinck. Vlak na haar opleiding is ze te zien in enkele producties van de KNS (De ratten, Driekoningenavond, De keuken en Candide). Vanaf 1997-1998 speelt ze bij Blauwe Maandag Compagnie (En verlos ons van het kwade, Zie de dienstmaagd des Heren, In de naam van de Vader en de Zoon en Ten oorlog) en daarna maakt zij, na de fusie van de KNS en Blauwe Maandag Compagnie, deel uit van de vaste acteurskern van Het Toneelhuis. Producties waar zij in meespeelt zijn Franciska, Ivanov, Hakken, The Contract Killer, Het sprookjesbordeel, Mamma Medea, Belgian landscapes, Andromak, Macbeth, Oom Vanja, Strindberg, De toverberg, Ich bin wie du (de vic) Donkisjot, Onegin, Een geschiedenis van de wereld in 101/2 hoofdstuk, Mefisto for ever en Atropa. Vanaf dit seizoen is Van Vliet werkzaam als freelanceracteur en richt zij samen met Alice Reijs en Tanya Hermsen Compagnie Trois Pipes op. Hun eerste productie is Welkom in het bos van Alex van Warmerdam.
Carly Wijs studeert in 1990 af aan de Toneel Academie Maastricht en speelt vanaf 1993 in België bij verschillende gezelschappen waaronder Needcompany (Snakesong/Le voyeur), Nederlands Toneel Gent (De Amerikaanse droom/Vanachter, Het wijde land), De Onderneming (Het dikke schrift, Marius, Het Bewijs, The notebook en ça va)De Roovers (Professor Bernhardi, Joe’s Ark, Le Dindon) en CREW/Eric Joris (EUX en O rex: Oedipus Rex revisited). Voor Het Net/Brugge 2002 werkt zij mee aan SS. Bij Het Net, in coproductie met Victoria, is zij ook te zien in Übung. Voor Muziektheater Transparant (in coproductie met KunstenFestivaldesArts, Zeeland Nazomer Festival, Collegium Vocale) speelt zij mee in RUHE. Bij haar eigen gezelschap Exiles maakt ze de voorstelling Wat is denken? en Niemand kan het. Dit seizoen creëert ze voor Palindroom/Vooruit/Kaaitheater de Engelstalige voorstelling TTTTG (Triple Trooper Trevor Trumpet Girl) en in mei maakt ze bij Exiles voor KunstenFestivaldesArts de voorstelling F=ma. Ook speelt Carly Wijs in verscheidene films zoals in Rescuers II (regie Tim Hunter), Down (regie Dick Maas), in Amnesia (regie Martin Koolhoven), Girl in hyacinth blue (Hallmark Hall of Fame, onder regie van Brent Shields). Recentelijk was ze te zien in Moordwijven (Dick Maas) en Alles is liefde (regie Joram Lursen). Verder heeft zij verscheidene rollen in Nederlandse televisieseries zoals Pleidooi, Oud geld, Zwarte sneeuw, Anne Frank, the whole story en De Enclave.






De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina