Hoofdstuk 6 Schoonmaken



Dovnload 89.51 Kb.
Datum20.08.2016
Grootte89.51 Kb.

Hoofdstuk 6 Schoonmaken



6.1 Vuil verwijderen
2 a vuilnisbelt

b riool


c kunststoffabricage

d composthoop




3 a


b

4 a Dat is niet verstandig want op het wasschrift staat max 40 ˚C

b Nee want er staat dat het niet met water gereinigd mag worden.


Soort vuil

Belangrijkste bestanddeel

Oplosbaar in water

Oplosbaar in wasbenzine

Emulgeer-

baar in water



Chemisch afbreek-

baar


appelstroop

suiker

ja










ballpointinkt

inkt




Ja







kalkaanslag

kalk










Ja

chocolade

Chocolade boter







ja




margarine

vet







Ja




roet

koolstof




Ja







roest

Fe2O3










Ja

Viltstif (niet watervast)

inkt

ja









5


6.2 Polaire atoombinding en dipoolmoleculen
8 een combinatie van stikstof, zuurstof of fluoratomen met een ander atoom

(ook tussen H en Cl)


9 Een polaire stof bestaat uit dipool moleculen. In deze moleculen zijn polaire atoombindingen aanwezig.
10 Water is een polaire stof want het bevat 2x een polaire O−H binding.
11 a Beide moleculen zijn even zwaar dus de vdWaalsbinding zal ongeveer even

groot zijn.

b Stof A zal het hoogste kookpunt hebben want daar heb je naast de vdWaalsbinding ook de dipoolbinding die sterker is dan de vdWaalsbinding. Dus een hoger kookpunt.
12 a SO2 dipoolmoment = 5,4

SO3 dipoolmoment = 0

b De S−O binding moet polair zijn want anders zou SO2 geen dipoolmoment kunnen hebben.

c Als SO2 lineair zou zijn dan zou het geen dipoolmoment hebben want dan zouden de 2 polaire S−O bindingen elkaar opheffen.

d SO3 heeft geen dipoolmoment dus moeten de 3 polaire bindingen elkaar opheffen dat is zo als de 3 O atomen op de hoekpunten van een driehoek liggen met het S atoom in het midden.
13 a natriumchloride

b NaCl (s) → Na+ (aq) + Cl (aq)

c Ja want CaCl2 is ook oplosbaar in water en is ook wit
14 a Het zout gaat uit het cement omdat het oplost in het water dat de gevel \ natmaakt. Als het water dan weer verdampt blijft het zout achter.

b Mg2+ (aq) + SO42− (aq) → MgSO4 (s)

c Door de gevel lang te spoelen kun je de uitbloei versnellen omdat je dat het opgeloste zout mee weg spoelt.

d Zie pag 127 boek

e Na2SO4 (s) → 2Na+(aq) + SO42− (aq)

K2SO4 (s) → 2K+(aq) + SO42− (aq)

f
rode lijn Na2SO4

zwarte lijn K2SO4

g Na2SO4 lost het best op bij 30 ˚C
6.3 Kristalwater
16 CuSO4 (s) + 5 H2O (l) → CuSO4 ·5H2O (s)

M (CuSO4) = 159,61 g / mol (tabel 98)

M(H­2O) = 18.015 g / mol (tabel 98)

M(CuSO4 · 5 H­2O) = 159,61 + 5 · 18,015 = 249,67 g / mol


17 a Na2CO3 · 10H2O

b Door het verwarmen komt het kristalwater vrij als vloeibaar water. Het natriumcarbonaat lost dan op in zijn eigen kristalwater

c Na2CO3 · 10H2O → 2Na+ (aq) + CO32− (aq) + 10 H2O (l)

d M(Na2CO3) = 105,99 g / mol

massapercentage water =

= · 100 = 62,96 %

e 15 ton waarvan 62,96 % water


%

ton

100

15

62,96

?

? = = 9,4 ton


18 a massa kristal water ≈ gelijk aan massa zout (zonder water)

M(CaCl2) = 110,98

Massa kristalwater = 6 · 18,015 = 108,09

Dus ongeveer gelijk dus hydraat is CaCl2 · 6H2O

b I = 3,0 · 3,5 · 2,2 = 21 m3

volume percentage vocht 1,2 %




%

m3

100

21

1,2

?

? = = 0,252 m3 water

Terug brengen tot 0,60 %


%

m3

100

21

0,60

?

? = = 0,126

Dus verwijderen 0,252 − 0,126 = 0,126 m3 ≙ 126 dm3

Vm = 32,2 dm3




mol

dm3

1

32,2

?

126

? = = 3,91 mol




mol

g

1

18,015

3,91

?

? = = 70,5 g water

dus ook ongeveer 70,5 g zout nodig

19 Doordat door de hitte van de brand het cement zijn kristalwater heeft verloren heeft het cement zijn stevigheid verloren.


6.4 Olie en vet in water
20 a b

c d



e


21


22 a fenol = benzenol



b glycol = ethaan 1,2 diol



c glycerol = propaan 1,2, 3 triol




23 a



b

c

24 a butaan 1,2 diol

b 2 aminopropaan-1 ol

c 3 methyl pentaan-3 ol

d propaan 1,3 diamine


26 a OH binding dus H-bruggen

b geen H bruggen

c NH binding dus H bruggen

d geen H bruggen


27 Bij het koken verbreekt de binding tussen de moleculen dus bij water de H bruggen en bij ontleden verbreekt de binding in de moleculen dus de polaire atoom binding. Dus de polaire atoombinding is veel en veel sterker dan de H brug
28 a hexaan heeft een hogere molecuulmassa dan ethaan dus is de vdWaals binding

sterker en heeft het dus een hoger kookpunt

b ethanol heeft een OH binding dus heb je H bruggen dus een veel hoger kookpunt

c De koolstofketen bij hexanol is veel groter dan bij ethanol. Hier speelt dus ook de vdWaalkracht een rol en heeft de waterstofbrug in verhouding minder invloed op het kookpunt

29

30 A,C en F zijn goed


B binding tussen N en O dus fout
D binding tussen twee H atomen dus fout
6.5 De werking van zeep
32 a de hydrofiele kop

b C17H35COONa

c C17H35COONa → C17H35COO- (aq) + Na+ (aq)
33 a koolstofdioxide is hydrofoob dus de zeepdeeltjes zijn nodig voor de hydrofiele stoffen

b voor hydrofobe deeltjes (water is hydrofiel)


34 a

b omdat de ene kant van het molecuul hydrofiel is en de andere kan hydrofoob

c

d De moleculen fungeren als vetoplosser

e Vet wordt makkelijker uit het wasgoed gehaald.

6.6 Chemische reinigen


36


37 a tri 54,7 mg / m3

tetra 3,2 mg / m3

CO2 9000 mg/m3

b omdat het een erg lage grenswaarde heeft

c dichtheid 1,622 g / cm3



g

cm3

1,622

1

?

35

? = 35 • 1,622 = 56,77 g





g

m3

56,77

63

?

1

? = = 0,90 g / m3 ≙ 900 mg / m3 > 54 mg / m3 dus overschreden

(fout in opgave dichtheid moet 1,622 mg / cm3 zijn dus dan is de grenswaarde niet overschreden.)

d 70 massa ppm PER

dichtheid lucht is 1,293 kg /m3

wilt weten aan g PER / m3 lucht

1,000 m3 lucht weegt 1,293 kg ≙ 1,293 • 103 g



g PER

g lucht

70

106

?

1,293 • 103

? = =0,0905 g ≙ 90,5 mg > 54 mg / m3 dus overschreden


38 a ADI en grenswaarde

b Men leert veel meer de lange termijn effecten van die stoffen en men stelt steeds grotere eisen aan de veiligheid dus vandaar dat de waarden omlaag gaan.

c Acute toxiciteit gaat het om een eenmalige blootstelling waarvan je ziek wordt

Chronische toxiciteit ontstaat als je jarenlang een stof binnenkrijgt die zich ophoopt in je lichaam en waardoor je uiteindelijk ziek wordt.

d


stof

toxiciteit

grenswaarde

(mg/m3)



Benzeen

I,IV,V,VI kankerverwekkend

3,25

Tri

I,IV,V,VI vergiftig

54,7

tetra

I,IV,V

3,2

e Stoffen zijn erg schadelijk en grenswaarde is laag.


39 geen van de stoffen heeft H bruggen dus kijken naar molmassa's

benzeen M = 79 g / mol

tetrachloormethaan M = 154 g / mol

tetrachlooretheen M = 166 g/mol

trichlooretheen M =132 g/ mol

hexachloorethaan M = 237 g / mol

dus benzeen laagste molmassa dus kleinste vdWaalsbinding dus laagste kookpunt

40



stof

structuurformule

voorspelling

dipool

Apolair of polair

tetra



Geen dipool

0

Apolair

per



Geen dipool




Apolair

hexachloorethaan



Geen dipool




Apolair

koolstofdioxide



Geen dipool

0

Apolair

tri



dipool




polair

water



dipool

6,2

polair

41 a makkelijk verkrijgbaar


hoge grenswaarde

niet giftig

b hoog kookpunt (bij kamertemp een gas)

wasmachine moet functioneren onder hoge druk omdat anders CO2 niet vloeibaar is.

c methaan is explosief met zuurstof dus niet geschikt
42 a vdWaalsbindingen CO2, tetra, tri, water, per,hexachloorethaan

b tetra, PER, hexachloorethaan, CO2

dipool bindingen water (H-bruggen) en tri

c Ja want als je naar oplopende molmassa krijgt dan springen de kookpunten van water en tri eruit en juist die hebben dipool bindingen


43 a

b per is apolair net als veel vuiltjes

c droog klopt niet want het wasgoed wordt gewassen in vloeibaar PER

d PER is kankerverwekkend

e +
f koolzuur is zowel polair als apolair

g
6.7 Toepassingen


1 In een douchecel is na het douchen het vochtgehalte heel groot. De variatie in vochtgehalte is dus heel groot. Het zou dan te lang duren om het vochtgehalte terug te brengen met behulp van een vochtvreter. In een kelder heerst een bepaalde vochtigheid die gemakkelijk met een vochtvreter terug te dringen is
2 Silicagel kan water binden.
3 In Tabel 65 kun je de kleuren opzoeken en de hoeveelheid kristalwater die het opneemt
CoCl2 • 6H2O is rood

dus de indicator wordt rood (was blauw)


4 Kobalt verbindingen zijn schadelijk
5 CoCl2 + 6H2O → CoCl2 • 6H2O
6 M(CaCl2) = 110,98 M(HO) = 18,02

dus 1 mol CaCl2 kan 110,98 g water opnemen





mol

g

1

18,02

?

110,98

? = = 6,16 mol H2O
7 dus formule CaCl2 • 6H2O
8 M(CoCl2) = 129,24
6H2O 6 • 18,02 = 108,12 < 129,24 dus minder dan zijn eigen gewicht


9

10 Door de stof te verwarmen dan zal het water er weer uitdampen


Snijden

11 bij (1) : atoombindingen


bij (2) : een ontledingsreactie
12 Koolstofdioxide heeft kleine moleculen. Tussen deze moleculen zit de vdWaalsbinding die zwak is (kleine molmassa) dus is CO2 bij kamertemperatuur een gas. Bij diamant is elk C atoom door middel van een atoombinding verbonden met 4 andere C atomen. Het is dus een groot molecuul en dus is het vast bij kamertemperatuur.
Magnetron

13



14 Methanol bevat een polaire OH binding die zich dus zal richten naar het wisselend magnetisch veld. De moleculen krijgen dus meer bewegingsenergie en dus stijgt de temperatuur.
15 Om te voorkomen dat het methanol verdampt
16 Nee want hexaan is een apolaire stof dus een magnetische veld heeft geen invloed op de stof.



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina