Hoofdstuk We reizen naar het zuiden, naar Nederland: op 52° noorderbreedte



Dovnload 14.02 Kb.
Datum17.08.2016
Grootte14.02 Kb.



Hoofdstuk 5. We reizen naar het zuiden, naar Nederland: op 52° noorderbreedte

In het vorige hoofdstuk waren we 10° vanaf de Noordpool naar het zuiden gereisd. Nu gaan we weer even terug naar de Noordpool (om het ons gemakkelijker te maken). En vervolgens zullen we vanaf de Noordpool afzakken naar 52 graden noorderbreedte waar Nederland ligt.


Hoe is de sfeer van de mens op 52˚ noorderbreedte; Nederland!

We moeten dan 90˚- 52˚= 38˚ naar het zuiden gaan. Nederland ligt (vanaf de evenaar gerekend) op 52˚ noorderbreedte. We maken nu de denkbeeldige reis vanaf de Noordpool en gaan 38° in zuidelijke richting.


We merken onderweg dat:

  • het minder koud wordt

  • de Poolster zakt elke nacht dat we verder reizen. Die staat dus niet meer in ons zenit

  • We komen in de ons bekende klimaatzone met de seizoenen lente, zomer herfst en winter. Dat was op de Noordpool wel anders!

Stel dat we nu in Nederland zijn aangekomen. Laten we eerst kijken naar de sfeer van de mens!





Afbeelding: De sfeer van de mens op 52° Noorderbreedte, dus Nederland.
In NL zien we dus de poolster onder een hoek van 52˚ boven de horizon. Dit heet de poolshoogte.
Onder de poolshoogte van een ster verstaat men het aantal graden die een ster boven de horizon staat ◄



Afbeelding: Ik kijk naar een willekeurige ster. De hoek tussen de lijn naar de ster en mijn horizon heet de poolshoogte. Als ik in NL op deze manier naar de Poolster kijk, staat deze dus op 52° poolshoogte (dat is dus meer graden dan op de afbeelding!!)
Hoe is de sfeer van de aarde op 52° noorderbreedte?

Vervolgens kijken we naar de sfeer van de aarde op 52° noorderbreedte, dus Nederland.

Vanuit de aarde gezien maakt de horizon (het roze vlak) een hoek van 52° met de hemelequator (het horizontale blauwe vlak om de aarde heen).

De Poolster staat nu 52° hoog aan de hemel. Het aantal graden dat een ster boven onze horizon staat, heet dus de poolshoogte van de ster. (Je kent de uitdrukking uit de taal ”poolshoogte nemen”. Dat betekent: ik ga onderzoeken hoe het met iets gesteld is. Die uitdrukking komt dus uit de sterrenkunde!





Afbeelding: leerling-tekening van de sfeer van de aarde op 52 graden noorderbreedte, dus Nederland
We kijken eerst naar de noordelijke hemel

Stel we staan ergens in Amsterdam, of beter nog: op een duin aan zee bij Bloemendaal, van waar we een vrij uitzicht hebben. We bekijken wat we zien vanuit het standpunt van de sfeer van de aarde. Onze horizon is het roze vlak (zie afbeelding hier boven). Omdat we ons op 52 graden noorderbreedte bevinden, maakt onze horizon een hoek van 52 graden met de hemelequator. De hemelequator is het horizontale blauwe vlak dat om de aarde is getekend: de hemelequator als “horizon van de aarde”.


Ten opzichte van onze vorige positie op aarde – 10 graden zuidelijker dan de Noordpool – is de poolster flink lager aan de hemel komen te staan. Elke nacht dat we zuidelijker gingen vanaf de Noordpool, zakte de Poolster een stuk!
Wat zien we aan de noordelijke hemel?

We kijken nu vanuit het standpunt “sfeer van de mens”.





Afbeelding links: We kijken naar de noordelijke hemel en zien deze sterren, die allemaal om de Poolster cirkelen en nooit onder gaan en nooit opkomen. Tijdens een heldere nacht zijn ze er altijd!

Kijk naar de steelpan van de Grote Beer links. Neem de afstand a-b vijf keer en je komt exact uit bij de Poolster!

Afbeelding rechts: hetzelfde, maar dan weergegeven als nachtelijke sterrenhemel boven gebouwen, maar in een andere stand.
Hoe heten sterren, die nooit onder gaan en nooit opkomen?
Onder circumpolaire sterren verstaan men sterren die nooit op- of onder gaan maar altijd boven de horizon blijven ◄
Bijv. Grote Beer, Kleine Beer, Cassiopeia, Perseus, Cepheus, Voerman, Draak.
We kijken nu naar de zuidelijke hemel

We draaien ons 180°om. Aan de zuidelijke hemel zien we sterren die wèl opkomen en ondergaan. Ze zijn dus niet circumpolair. Daarvan zijn er drie soorten:



  1. Sterren van het noordelijk halfrond, die opgaan in het noordoosten en ondergaan in het noord westen. Die maken een heel grote boog! Bijv. de “armen” van Orion.

  2. Sterren die precies op de hemelequator staan, zoals bijv. de middelste gordelster van Orion. Die maken een “gemiddelde” boog oost → west.

  3. Sterren die tot het zuidelijk halfrond behoren en die een kleine boog beschrijven. Ze gaan op in het zuidoosten en onder in het zuidwesten. Bijv. de “benen” van Orion!

Hierdoor komt de merkwaardige kanteling in de baan van Orion!



Afbeelding: De zuidelijke sterrenhemel in de winter. Je ziet ook de boog van de hemelequator en precies daarop zie je de gordelsterren van Orion. Door de baan die Orion beschrijft, snap je nu waarom hij kantelt van oost naar west! Nog hoger aan de hemel dan de hemelequator zie je de ecliptica, of te wel de baan van de dierenriem.

0-0-0-0-0



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina