Ik leer echt iets van kunst’ Charles Esche begon drie jaar geleden als directeur van het Van Abbemuseum in Eindhoven. Hij heeft zich oprecht verbaasd, zegt hij nu, over het feit dat er bij de gemeente geen ambities waren over het museum



Dovnload 19.42 Kb.
Datum25.08.2016
Grootte19.42 Kb.

Ik leer echt iets van kunst’
Charles
Esche begon drie jaar geleden als directeur van het Van Abbemuseum in Eindhoven. Hij heeft zich oprecht verbaasd, zegt hij nu, over het feit dat er bij de gemeente geen ambities waren over het museum. „Het leek wel of ze het museum niet wilden gebruiken. Dat vind ik nog steeds trouwens, qua imago kunnen ze de culturele instellingen veel beter benutten.”

B
eiden kijken wat beteuterd; mijn zoontje omdat hij om half tien 's avonds toch echt moet stoppen met geliefde Playstation-activiteit en Charles Esche , omdat zijn geliefde Manchester City (eindelijk) lijkt te gaan winnen van aartsrivaal Manchester United.
Maar hij moet nu toch echt wat vragen gaan beantwoorden.
Tijdens het eten heeft de directeur van het Van Abbemuseum vol vuur verteld over zijn voetbalclub. Vijftien jaar zat hij er met een seizoenskaart op de tribune. En dat was aanleiding om de twee rivalen tegenover elkaar te zetten in het voetbalspel op de Playstation. Esche zou toekijken ('ik verlies toch van jou'); mijn zoon zou de Reds wel in de pan hakken. Vlak voor de rust was het 3-0, tot grote vreugde van Esche die bij elk doelpunt juichte alsof hij werkelijk een wedstrijd bijwoonde.
De gemeente Eindhoven heeft veel op met PSV, bedrijfsleven en technologie; cultuur lijkt wat achtergesteld?

Esche : „Dat beeld heb ik ook. De slagzin van de gemeente 'Leading in technology' is te beperkt vind ik - daarmee sluit je een heleboel uit. Ik begrijp ook niet goed waarom de gemeente niet meer gebruik maakt van instituten als het Muziekcentrum of het Van Abbe als het gaat om het imago van de stad. Toen ik hier drie jaar geleden begon was ik ook oprecht verbaasd dat er geen ambities waren over het museum; het leek ook wel of ze het museum niet wilden gebruiken. Dat vind ik nog steeds trouwens, qua imago kunnen ze de culturele instellingen veel beter benutten.' Wat was je beeld van cultureel Eindhoven toen je hier begon?
'Ik was echt verbaasd dat de afstand tussen de stad en het museum zo groot was. Ik had ook het beeld dat er een heel actieve kunstscene was waar het museum middenin stond, maar ook dat was niet zo. Ik wilde en wil dat nog steeds graag veranderen; terugbrengen naar het niveau van de jaren tachtig toen dat wel zo was, met Rene Daniels en Henk Visch en al die anderen. Zover zijn we nog niet, maar het gaat de goede kant op - dat voel ik.”
„En de manier waarop je je eigen beleid kunt uitvoeren; die geschiedenis heeft het museum nu eenmaal; elke directeur heeft de kans gekregen om zijn eigen weg te volgen en dat voelt goed - dat waardeer ik heel erg. Duidelijk was ook dat het museum een andere koers moest gaan volgen. We zitten tenslotte in de 21e eeuw, er gebeuren andere dingen dan in de vorige eeuw. Het Van Abbe kan geen ivoren toren meer zijn; het moet midden in de huidige maatschappij staan.' Wanneer had jij een gevoel van: nu loopt het ongeveer zoals ik in mijn hoofd had zitten?
„Toen wij de prijs van de Mondriaan Stichting kregen; dat half miljoen om te gaan werken aan de culturele diversiteit, dat was voor mij het moment waarop ik dacht: nu ben ik aangekomen - heb ik iets voor het museum bereikt. Dat was voor mij heel belangrijk. Daarvoor was ik vooral de opvolger van Jan Debbaut…” „Ook de reacties op de Biënnale in Istanbul en de koppelingen met de presentaties hier, waren belangrijk. Jammer dat burge- meester Sakkers dat niet goed begreep; hij is niet naar Istanbul gekomen, terwijl het toch voor het Van Abbe en voor het imago van de stad Eindhoven heel belangrijk was. Jammer, maar hij heeft nu eenmaal niet zoveel op met kunst. Ik hoop dat de nieuwe burgemeester dat wel heeft.”
„Ik vind het ook goed dat er nu nieuwe, althans voor het Van Abbemuseum nieuwe ‘gebieden’ binnen de gemeente worden aangeboord. Zo gaan we aan de slag met de buurtcoördinatoren om werk te maken van de zogeheten Vogelaar-wijken; in bepaalde wijken van de stad gaan kunstenaars werk in de openbare ruimte realiseren, want ook daar heeft het museum een rol te vervullen. En we gaan naar China, met een hele delegatie van de gemeente.
Wij proberen namelijk om iets in Sjanghai te doen in 2010, als John Körmeling zijn paviljoen tijdens de Wereldexpo heeft geplaatst. Dat soort ontwikkelingen is erg belangrijk. En het voelt goed dat we nu voor dat soort activiteiten worden uitgenodigd.”
En het gebouw, dat bevalt nu ook?

„Ja, de zalen zijn prima. En ook het labyrintachtige bevalt steeds beter; je kunt er veel verschillende dingen in diverse ruimtes doen en dat werkt prima. Het enige waar niet goed over is nagedacht is de toren.
Wat is nu een toren zonder trap? Dat is gewoon onzin; ook qua architectuur, trouwens. Dat vind ik echt heel jammer. Nu is het alleen een kijk-toren, een beetje bourgeoisie dus.”
Een aantal mensen moppert een beetje op het Van Abbe; zij zeggen dat er zo weinig kunst wordt getoond in het Van Abbe; het zijn veel theoretische en politiek getinte tentoonstellingen. Klinkt dat bekend in de oren?

„Ja, ik heb dat ook gehoord, maar ik begrijp die opmerking niet zo goed. Als je kijkt naar de geschiedenis van het museum dan zie je toch niet anders? Kijk naar het werk van Jean Leering (voormalig directeur van het Van Abbe, RS), dat was ook een voorloper op het gebied van nieuwe ontwikkelingen. Kijk, als men uitsluitend schilderijen of beelden wil zien, dan hebben die mensen een ander museum nodig. Ik wil graag schilderijen laten zien - en dat doe ik trouwens ook- maar niet als voorkeur. Als je dat zou willen, dan begrijp je de ontwikkelingen in de kunst van de afgelopen vijftig jaar niet.”
Je wilt nog steeds de wereld veranderen door de activiteiten in je museum, dat is duidelijk.

„Ja, het kan misschien ook in andere cultuuruitingen. Ik ben zelf ook via de muziek terecht gekomen in de beeldende kunst. Dat was in de jaren tachtig, in Manchester. Ik was toen nauw betrokken bij Joy Division en The Smiths en zo. Maar ik heb uiteindelijk toch gekozen voor de beeldende kunst, omdat die wereld relatief klein is, en er niet zoveel controle op wordt uitgeoefend - zoals bijvoorbeeld in de muziek die wel heel erg commercieel is geworden; kijk maar naar de rap-wereld.”
Wat hoop je uiteindelijk te bereiken bij de bezoekers; wat is je ultieme doel?

„Ik hoop dat ze door ogen van de kunstenaar anders gaan zien. En door dat anders- zien, dat anders-ervaren, een andere mening over bepaalde zaken krijgen. Of dat nu esthetische of politieke zaken zijn, is minder relevant. Maar ze krijgen wel een ander beeld, en daardoor een andere verstandhouding en daardoor komen ze hopelijk tot andere meningen. Het museum werkt dan ook niet in het museum, maar daarbuiten; in de hoofden van de mensen.”
En daarom is volgens jou een museum per definitie een educatie instelling?

„Precies. Eigenlijk gaat het om de vraag: hoe kun je kennis creëren. Ik leer echt iets van kunst; dat vertelt mij iets over onze positie in de maatschappij. Kunst maakt je een beetje breder in je gedachten. Wat ik heel belangrijk vind. Anders vervlak je, blijf je hangen in oude opvattingen… Die van Wilders of de VVD of zo… Je moet gewoon zelf dingen bedenken en een museum is een plek waar dat kan.”
Wat was jouw eerste ervaring met beeldende kunst?

„Dat weet ik nog heel precies. Dat was in The Tate in Londen. Toen was ik tien jaar.
We bezochten toen The Tate vanuit de school in Manchester. Ik zag toen een schilderij van Ronald Kitaj. Daarop stond onder meer een blauwe kat en die had een mensengezicht. Dat was dus helemaal ‘verkeerd’, en dat sprak me enorm aan. Ik realiseerde me toen ook dat je met een schilderij iets heel anders kunt zeggen dan wat je normaal om je heen ziet. En dat je daarmee een heel verhaal kunt vertellen, een hele eigen wereld kunst maken! Ik dacht toen ook: als die schilder dat kan, dan kan ik zelf ook dingen bedenken.”
Waar komt die hevige interesse in de politiek vandaan?

„Oh, dat is een oud verhaal. Dat begon bij mijn ouders: in de DDR geboren, echte communisten. En ik heb goed onderwijs gehad; heel belangrijk. Ik vind het vanzelfsprekend dat wanneer je op een goed moment om je heen kijkt, dan zie je vanzelf hoe onrechtvaardig bepaalde dingen zijn.
En dan zijn er twee keuzes: of je wilt je eigen situatie verbeteren of je wilt de situatie voor de omgeving verbeteren. En ik heb gekozen voor het tweede…” En daarom noem je jezelf een (Neo-)Marxist?
„Nee, niet meer. Ik heb heel veel geleerd toen ik het Marxisme heb bestudeerd.
Maar er zijn meerdere filosofen die ik ook zeer waardeer.”
Maar ook geen sociaal-democratie voor Charles
Esche .
„Nee, Nee! Dan ben ik liever een communist. Omdat ik echt geloof in het idee van collectiviteit. Let op hè, het communisme van destijds was niet goed. Ik geloof simpelweg dat we beter samen dingen kunnen doen dan alleen. Dat hoort bij ons als mensen. Thatcher heeft ooit gezegd: er is geen maatschappij, alleen individuen en gezinnen. Dat vind ik dus echt vreselijk.
Ik geloof echt in de maatschappij, in gezamenlijke doelen. Daar geloven kapitalisten dus niet in. Die geloven alleen dat we als individuen consumenten worden. Dat is dus einde verhaal, einde van de ambitie, einde humaniteit, eigenlijk einde van alles. Misschien kan kapitalisme wel tot een goed, oppervlakkig leven leiden, maar wij zijn mensen en niet alleen consumenten.
Wij hebben niet alleen dingen nodig, maar ook je hersens en je hart hebben iets nodig. En daarom zeg ik, op een heel idealistische manier, dat ik de ideeën van het communisme, als een idee, op prijs stel dat gaat ook door, gaat verder. Die collectiviteit moeten we alleen op een andere manier vormgeven.”
En dat kan het beste via de cultuur?

„Op dit moment, ja. Als het eenmaal verder is ontwikkeld, dan komt het een keer terug in de politiek, dat denk ik toch. Maar nu is de cultuur heel belangrijk, omdat het wel tot onze identiteit spreekt: wie zijn wij en wat willen wij?
Dat zijn vragen die in de cultuur, in de beeldende kunst aan de orde komen. Aan de orde móeten komen. En dus zie je dat ook in het Van Abbe.”
PS De volgende dag is de wedstrijd voltooid: Manchester City heeft gewonnen van United met 9-1.















foto’s Ton de Hond














 


















Powered by TECNAVIA




Copyright (c)2007 Eindhovens Dagblad 18/08/2007





De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina