In oude tijden was er de boeddhistische God Gishnu, een acht-armige olifant die duizenden vijanden versloeg met de acht schoppen in zijn acht machtige handen



Dovnload 9.16 Kb.
Datum27.09.2016
Grootte9.16 Kb.
De schop
In oude tijden was er de boeddhistische God Gishnu, een acht-armige olifant die duizenden vijanden versloeg met de acht schoppen in zijn acht machtige handen. Dat succes leidde vanzelfsprekend tot jaloezie bij de andere Goden. En vandaar dat besloten werd dat Gishnu slechts één schop mocht houden: de zeven andere schoppen werden verstopt in de zeven wereldwonderen die we kennen uit de klassieke oudheid.
Het is een spectaculair verhaal met de schop als agressief middelpunt, maar toch komt de spade er in het algemeen bekaaid van af als het gaat om haar iconografische plek in onze geschiedenis. Er is in de literatuur wel degelijk het een en ander te vinden over de schop, maar veel minder dan je mag veronderstellen op basis van wat dit stuk gereedschap heeft betekend voor de mensheid. Gaat u maar na: vóór de uitvinding van het mechanische graven was de schep onmisbaar bij de landbouw, maar net zo goed bij de aanleg van tuinen, beerputten, mijnen, huizen, kanalen, riolen, straten en niet te vergeten het Amsterdamse Bos. Kortom onze gehele moderne omgeving. En toch wordt de schep veel minder en veel minder vaak bezongen dan veel andere menselijke uitvindingen, en toch is het een veel minder vaak gebruikt symbool dan zelfs de troffel, immers het geliefde symbool van de vrijmetselaars.
Dat wil ondertussen niet zeggen dat de schep helemaal geen betekenis zou hebben in onze cultuur. Net als de speer, de bliksemschicht en het zwaard is de spade om te beginnen een fallisch symbool. De schop penetreert moeder aarde, al moet dat meer symbolisch als erotisch worden gezien: Fallische symbolen boden vooral bescherming en brachten geluk. We hopen natuurlijk dat dat ook op gaat voor de rode reuzenschep hier achter mij. Overigens, over de schep als fallisch symbool gesproken: Priapus, de zeer lelijke maar zwaar geschapen zoon van Dyonisos werd steevast voorgesteld als eigenaar van een enorme en knalrode pik. Toeval? Ik dacht het niet.
In het onderstaande gebruik ik de woorden schep, schop en spade door elkaar, al is het ondertussen wel zo dat hier het om verschillende gereedschappen gaat. Wat u kan onthouden is dat een schop recht de grond in gaat, terwijl een spade bijna dwars gebruikt wordt. Wat betreft de herkomst van de woorden het volgende. Spade komt van spadia, het Latijnse woord voor een puntig zwaard. In het Engels is dat woord ook terug te vinden: spade betekent schop, maar spades is ook het equivalent van schoppen zoals in het kaartspel: denk aan Ace of Spades van Motorhead, een lied over gokken als allegorie voor het leven zelf. De woorden schop, schep en scheppen komen ondertussen van het middelnederlandse skeppen, wat toendertijd zoveel betekende als uithollen of een put maken. Je kan je daarmee afvragen of God om die reden ook als De Grote Putjesschepper kan worden aangeduid.
Van God is het maar een kleine stap naar Adam, die in Middeleeuwse schilderijen regelmatig afgebeeld wordt met een schep als symbool van het harde werken dat hij moet doen nadat hij en Eva uit het paradijs zijn verjaagd. En de appel valt zelfs nog minder ver van de boom. In een schilderij van Jacob Cornelisz. van Oostsanen uit 1507 zien we Jezus Christus zelf met een spade in zijn hand. Het werk vertelt het verhaal van Maria Magdalena, die naar de grot gaat waar ze Christus hebben neergelegd na zijn kruisiging. In de grot zelf is niks te vinden, maar wel komt ze een tuinman tegen. Met een baard. Wanneer ze daar een praatje mee maakt ziet ze dat het om de herrezen Jezus Christus gaat. Jezus zegt haar dan: Raak mij niet aan, Noli me tangere, want ik ben nog niet opgevaren naar mijn vader. In het licht van de spade als fallisch symbool werpt die zin een nieuw en spannend licht op de aard van de relatie tussen Maria Magdalena en Jezus Christus.

Zoals bij Adam, en ook bij de heilige Isidorus van Madrid, is de schop ook een symbool voor de menselijke arbeid. Dat aspect komt ook naar voren bij het beroemde beeld Le Terrassier, De Graver, van Alfred Boucher, een tijdgenoot en vriend van Auguste Rodin. Het is een bronzen beeld van een naakte gespierde man die in de weer is met een schop, en Boucher wilde er de arbeid mee eren. Geheel in contrast daarmee is dan weer het vreemde gebrek aan schoppen en spades in de kunst in het Rusland van Stalin. Juist daar waar je de schop als symbool van de arbeid mag verwachten ontbreekt die, en lijkt alle eer te gaan naar sikkels, hamers en een enkele drilboor. In de moderne Westerse kunst is de schep zo mogelijk nog minder aanwezig, al staat in Oegstgeest wel een beeld van een man die leunt op een schoffel.


Al met al is het een schrale oogst aan eerbetoon aan de schop en dat brengt mij bij de vraag waarom de schep zo weinig wordt geëerd. De wetenschapper en spade-specialist Frederick Winslow Taylor beklaagde het lot van de schep als volgt: “Shoveling is as elementary as mud. So low a position in the scale of human labor does it occupy that it is considered unworthy of THOUGHT.” En het is waar: de schep is een ondergeschoven kindje. Putjesscheppers en Duitse strandtoeristen staan niet bepaald hoog op onze sociale ladder, en wereldwijd verkiezen mensen kruisjes en halve manen als symbool boven dat van de schep. Onterecht wat mij betreft, want eigenlijk zou de schep een prima symbool zijn van menselijke inventiviteit. Overigens is de originele tekst van Taylor terug te vinden in het enige schepmuseum ter wereld, in Stonehill in de staat Massachussets in de VS, evenals een collectie van 784 verschillende soorten spades, waaronder speciale schoppen voor het scheppen van aardappels, katoen en koffiebonen, met daarnaast een collectie van negen zilveren spades.
Laat ik besluiten met een kort pleidooi voor de schep als symbool van menselijke innovatie. Dat deze morgen een schop wordt onthuld als symbool van menselijke bouwlust komt, wat mij betreft, eerder een paar eeuwen te laat dan een paar jaar te vroeg. Volgens de schepper ervan, Arthur van Beek, moet de rode schep een icoon worden voor de durf die nodig is voor het zelf bouwen van een eigen huis. In zijn woorden is het een abstract beeld, in de zin dat zelf een huis bouwen ook voor veel mensen iets abstracts is, dat wil zeggen: moeilijk voorstelbaar. Tegelijkertijd is het een beeld dat moet aantrekken, en dat doet het door de maat: ook het bouwen van je eigen huis is een grootse prestatie. Het komt natuurlijk ook door de kleur, die we al kennen van de pik van Priapus. Al staat rood voor risico, het symboliseert ook liefde en passie, en hopelijk brengt ook dit fallus symbool geluk en voorspoed. Laten we voortaan opscheppen over de schep en laten we de schop vanaf nu een plek geven die het verdient in ons menselijk bewustzijn. En laten we hopen dat dit beeld Amsterdammers inspireert om te scheppen, om dieper te graven dan ze gewend zijn, en vooral om fijne huizen te bouwen. Laten we, in Priapus naam, de rode reuzenschep uitgroeien tot het nieuwe symbool van Amsterdam.
Ik dank u voor uw aandacht.



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina