Infoblad arbo – haccp eisen



Dovnload 18.12 Kb.
Datum20.08.2016
Grootte18.12 Kb.

Infoblad ARBO – HACCP eisen

Als u een eigen bedrijf heeft of directeur van een onderneming bent, als u mensen in dienst heeft en een bedrijfspand heeft krijgt u te maken met allerlei wet- en regelgeving die voor u bedrijf van toepassing zijn. In onderstaand artikel vindt u informatie m.b.t. wetgeving op het gebied van arbo en de warenwet m.b.t. voedselveiligheid.

ARBO


Als u personeel in dienst neemt, bent u verplicht om te zorgen voor goede en veilige arbeidsomstandigheden. Bijvoorbeeld voldoende licht, genoeg werkruimte, goed en veilig materiaal. Zo voorkomt u dat de werknemer schade lijdt bij zijn werk. Dat is zo geregeld in de Arbowet.

Houdt u zich niet aan uw verplichtingen, dan kunt u aansprakelijk worden gesteld voor eventuele schade. Het gaat daarbij om bedrijfsongevallen en beroepsziekten die u met de juiste maatregelen had kunnen voorkomen. Ook UWV kan u aansprakelijk stellen. Namelijk, als een werknemer als gevolg van zo’n vermijdbaar ongeval in de WAO terechtkomt. Vaak kunt u een aansprakelijkheidsverzekering afsluiten. Informeer daarover bij uw verzekeraar of tussenpersoon.



Wat moet u volgens de Arbowet doen:

  1. een risico-inventarisatie en -evaluatie opstellen (RI&E)

  2. ernstige ongevallen op de werkplek melden bij de Arbeidsinspectie

  3. de verzuimbegeleiding regelen; u maakt schriftelijke afspraken met de werknemer over de gang van zaken bij verzuim

  4. een beleid voeren met betrekking tot seksuele intimidatie, agressie en geweld

  5. de bedrijfshulpverlening regelen

  6. de medezeggenschap regelen



ad 1. RI&E

  • Er dient tenminste elke vier jaar een Risico Inventarisatie en Evaluatie te worden gemaakt en bovendien steeds wanneer het bedrijfsproces ingrijpend verandert.

  • Bij een risico-inventarisatie wordt gekeken welke risicovolle werkzaamheden er binnen het bedrijf plaatsvinden. Deze risico’s worden in kaart gebracht. Onder risico’s worden alle activiteiten verstaan die een risico kunnen vormen voor de veiligheid en gezondheid van medewerkers en derden (bezoekers, omgeving e.d.). Daarbij kan gedacht worden aan brandgevaar, letsel door vallen, letsel door werken met machines, gezondheidsklachten door verkeerd zitten enzovoorts.

  • Aan de risico-inventarisatie is een plan van aanpak gekoppeld. Hierin wordt beschreven welke activiteiten de organisatie wanneer onderneemt om de risico’s weg te nemen of te verlagen.


ad 2. Melden ongevallen

  • Er moet een structuur zijn voor het registreren en melden van ongevallen. De werkgever dient een register bij te houden waarin staat vermeldt de ongevallen die jaarlijks hebben plaatsgevonden en van ongevallen die tot ziekte verzuim hebben geleid. Ook gevaarlijke stoffen of preparaten die door de aard van de bedrijvigheid met een zekere regelmaat aanwezig zijn moeten worden bijgehouden in een register.

  • Ongevallen die ernstig letsel of de dood tot gevolg hebben dienen direct gemeld te worden aan de Arbeidsinspectie en schriftelijk te worden bevestigd.

  • Ongevallen die schade toebrengen aan het milieu moeten gemeld worden bij het milieumeldpunt van de gemeente.



ad 3. Regelen verzuimbegeleiding

U moet verzuimbegeleiding regelen. Hierin worden bijvoorbeeld afspraken vastgelegd m.b.t. artsbezoek, werkhervatting, aangepaste werkzaamheden e.d. Sinds medio 2004 is het geen wettelijke verplichting meer om hiervoor een erkende Arbo-dienst in te schakelen.



ad 4. Beleid

Er moeten specifieke beleidsrichtlijnen zijn t.a.v. omgang met zaken op de werkvloer als:



  • seksuele intimidatie

  • roken, alcohol, medicijnen en drugs

  • discriminatie

  • agressie en geweld



ad 5. Organiseren bedrijfshulpverlening

U moet uw bedrijfshulpverlening regelen. Dat betekent dat u ervoor moet zorgen dat:



  • er voldoende getrainde BHV’ers binnen uw bedrijf aanwezig zijn. Daarbij geldt als richtlijn dat er ten minste één bedrijfshulpverlener per 50 of minder aanwezige werknemers moet zijn per werkplek. Werken u mensen dus vaker op verschillende projecten, of zijn ze vaker niet aanwezig in het pand dan wordt verwacht dat u meerdere BHV’ers hebt.

  • er een bedrijfsnoodplan wordt gemaakt. Hierin is o.a. opgenomen: een plattegrond met (nood)uitgangen, opslag van gevaarlijke stoffen, de specifieke bedrijfsrisico’s en daarbij behorende acties, aanwezige blusmiddelen en EHBO-middelen e.d.

  • er jaarlijks een oefening plaatsvindt om dit bedrijfsnoodplan te toetsen.



ad 6. Werknemersvertegenwoordiging

Volgens de Arbowet '98 moet de werkgever samenwerken met werknemers bij de uitvoering van het Arbobeleid. In principe doet hij dat met de vertegenwoordiging van de werknemers. In bedrijven met ten minste 50 werknemers is dat de Ondernemingsraad (OR), in bedrijven met tussen de 10 en 50 werknemers de Personeelsvertegenwoordiging (PVT). De werkgever dient tenminste éénmaal per jaar met de werknemers over het plan van aanpak te overleggen en te rapporteren over de voortgang van de uitvoering.


Voedselveiligheid


Alle bedrijven die levensmiddelen produceren, bewerken, transporten en/of opslaan zijn verplicht een HACCP-systeem in te voeren en te onderhouden.
Denk daarbij aan

  • Levensmiddelenindustrie

  • Instellingen zoals bejaardentehuizen, ziekenhuizen, gevangenissen

  • Horeca: restaurants, cafe's, cafetaria's, snackbars, feestzalen e.d.

  • Ambachtelijke levensmiddelensector: slagers, groenteboeren, kaasspeciaalzaken e.d

  • Supermarkten

  • Distrubutiebedrijven die levensmiddelen transporteren

  • Import en exportbedrijven van levensmiddelen

  • Op- en overslag bedrijven voor levensmiddelen

  • Sportkantines, tankstations en andere bedrijven waar voedsel wordt verkocht

  • Kleine productiebedrijven van bijvoorbeeld: boerenjam, soep, oliebollen en ga zo maar door.

Bij het opzetten van een voedselveiligheidssysteem inventariseert een onderneming welke risico’s er zijn op het gebied van voedselverontreiniging binnen de interne processen. Daarbij valt te denken aan:

  1. besmetting door bacteriën en virussen,

  2. bederf (schimmels e.d.),

  3. verontreiniging door stoffen die niet in voedsel thuishoren (resten schoonmaakmiddel, bestrijdingsmiddelen, glasscherven e.d.)

  4. ongedierte (ratten, vliegen)

U bepaalt aan de hand van de risico’s welke maatregelen moeten worden door- (in)gevoerd om verontreiniging te voorkomen. Een en ander wordt vastgelegd in een beheerssysteem.



Vele branches hebben een eigen hygiënecode opgezet, die specifiek rekening houdt met de risico’s in deze branche. Zij verzorgen tevens documentatie als: keuringslijsten, schoonmaakvoorschriften e.d. Met behulp van deze documentatie is het voor een organisatie eenvoudiger een goedwerkend systeem op te zetten.
De Voedsel en Waren authoriteit ziet erop toe dat u werkt conform een voedselveiligheidssysteem. Naast een controle op de werkplek nemen zij eveneens monsters mee die zij controleren op verontreiniging.

INFOBLAD ARBO / HACCP-EISEN

© bureau KISOO






De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina