Informatica Diensten Versie 2 van het bestek Wijzigingen aan het bestek op de volgende pagina’s



Dovnload 312.47 Kb.
Pagina5/11
Datum22.07.2016
Grootte312.47 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   11

Procedure voor de gunning van de opdracht




      1. Kwalitatieve selectiecriteria

De kandidaturen worden aan de volgende selectiecriteria onderworpen.


Enkel de inschrijvingen die voldoen aan de selectiecriteria worden in aanmerking genomen voor de vergelijking van de inschrijvingen betreffende de criteria opgenomen in punt 1.10.3, voor zover deze inschrijvingen regelmatig ingediend werden.

        1. Uitsluitingscriteria



Administratieve vereenvoudiging
Door eenvoudig deel te nemen aan de procedure tot gunning van een overheidsopdracht verklaart de inschrijver dat hij zich niet in een van de uitsluitingsgevallen bevindt als bedoeld in de artikelen 17, 43 en 69 van het koninklijk besluit van 8 januari 1996 betreffende de overheidsopdrachten voor aanneming van werken, leveringen en diensten, en de concessies voor openbare werken.

De aanbestedende overheid onderzoekt de juistheid van de impliciete verklaring op erewoord in hoofde van de inschrijver wiens offerte als beste gerangschikt is. Daartoe vraagt zij de betrokken inschrijver via de snelste middelen en binnen de termijn die zij aanduidt, de inlichtingen of documenten te leveren die toelaten zijn persoonlijke toestand na te gaan, en dat vóór elke beslissing over de gunning van de opdracht. Deze inlichtingen zullen echter door de aanbestedende overheid zelf via elektronische middelen bij de gegevensbeheerders worden opgevraagd, indien deze via deze middelen kosteloos toegankelijk zijn.

Een inschrijver kan van de deelname aan een opdracht worden uitgesloten indien bij dit nazicht zou blijken dat de verklaring op erewoord niet overeenstemt met zijn persoonlijke toestand op de uiterste datum voor de ontvangst van de aanvragen tot deelneming bij beperkte procedure of onderhandelingsprocedure met bekendmaking of op de uiterste datum voor de ontvangst van de offertes bij open procedure. Een regularisatie a posteriori is hoe dan ook onmogelijk. Een dergelijke uitsluiting is eveneens mogelijk indien tijdens het verloop van de procedure zou blijken dat de persoonlijke toestand van de kandidaat of van de inschrijver niet meer in overeenstemming is met de verklaring op erewoord.

In deze beide hypothesen maakt de aanbestedende overheid een gecorrigeerde rangschikking op, rekening houdend met de mogelijke weerslag van het verwijderen van de aanvraag tot deelneming of de offerte van de uitgesloten kandidaat of inschrijver, met name ingeval van toepassing van de bepalingen betreffende het natrekken van abnormale prijzen van artikel 110, § 4, van het koninklijk besluit van 8 januari 1996.

De aanbestedende overheid zal de opdracht vervolgens kunnen gunnen aan de inschrijver wiens offerte onmiddellijk na deze van de uitgesloten inschrijver is gerangschikt, na ten aanzien van hem eveneens deze bepalingen te hebben toegepast.

Eerste uitsluitingscriterium
§1. De Belgische inschrijver die personeel in dienst heeft dat is onderworpen aan de wet van 27 juni 1969 tot herziening van het wetsbesluit van 28 december 1944 betreffende de sociale zekerheid van de werknemers, moet vóór de limietdatum voor de ontvangst van de offertes in regel zijn met met de bijdragen in het kader van de sociale zekerheid. De aanbestedende overheid zal die informatie rechtstreeks opvragen via het elektronisch loket.
Is in regel met de toepassing van onderhavig artikel, de inschrijver die volgens de stand van zaken uiterlijk op de dag vóór de limietdatum voor de ontvangst van de offertes:
1° aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid alle vereiste aangiften heeft overgemaakt tot en met de aangiften betreffende het voorlaatste trimester dat is verstreken ten opzichte van de limietdatum voor de ontvangst van de offertes en

2° voor de bedoelde aangiften geen achterstallige bijdragen voor een bedrag van meer dan 2.500 EUR is verschuldigd, tenzij hij voor de bewuste schulden betalingstermijnen heeft verkregen die hij strikt naleeft.


Maar ook al ligt het achterstallige bedrag aan bijdragen hoger dan 2.500 EUR, toch zal de inschrijver als zijnde in regel worden beschouwd indien hij vóór de beslissing om de opdracht toe te wijzen, kan aantonen dat hij op de dag waarop het attest zijn situatie vaststelt, tegenover een aanbestedende overheid in de zin van artikel 4, §1 en § 2, 1° tot en met 8° en 10° van de wet, of tegenover een publieke onderneming in de zin van artikel 26 van dezelfde wet, één of meer gegarandeerde, invorderbare schuldvorderingen bezit die vrij zijn van elke verbintenis tegenover derden, en dit voor een bedrag dat, op 2.500 EUR na, minstens gelijk is aan het bedrag waarvoor hij te laat is met de betaling van zijn bijdragen.

§2. De buitenlandse inschrijver moet volgende zaken bij zijn offerte voegen of aan de aanbestedende overheid overleggen vóór de limietdatum voor de ontvangst van de offertes:


1° een attest, afgegeven door de bevoegde overheid, dat bevestigt dat hij volgens de stand van zaken uiterlijk op de dag vóór de limietdatum voor de ontvangst van de offertes, op die datum in regel is met zijn verplichtingen aangaande de betaling van de bijdragen voor de sociale zekerheid volgens de wettelijke bepalingen van het land waar hij is gevestigd.
Wanneer een dergelijk document niet wordt afgegeven in het betrokken land, kan het worden vervangen door een verklaring onder ede of door een plechtige verklaring die door de geïnteresseerde partij is afgelegd voor een gerechtelijke of administratieve autoriteit, een notaris of een gekwalificeerde professionele instelling van het bewuste land;
2° een attest in overeenstemming met § 1, indien hij personeel in dienst heeft dat is onderworpen aan de wet van 27 juni 1969 tot herziening van het wetsbesluit van 28 december 1944 betreffende de sociale zekerheid van de werknemers.
§3. De aanbestedende overheid kan in eender welk stadium van de procedure en via alle middelen die ze nuttig acht informeren naar de situatie van elke inschrijver inzake de betaling van de bijdragen voor de sociale zekerheid.

Tweede uitsluitingscriterium
De inschrijver mag zich niet in een van de volgende situaties bevinden:
1° zich bevinden in een staat van faillissement of vereffening, zijn activiteiten hebben stopgezet of een gerechtelijk akkoord hebben bekomen, of zich bevinden in elke andere vergelijkbare situatie die het resultaat is van een soortgelijke procedure die in de nationale wet- en regelgeving voorkomt;
2° een faillissementsverklaring hebben ingediend, een vereffeningsprocedure hebben opgestart of een gerechtelijk akkoord hebben aangevraagd of een soortgelijke procedure hebben lopen die in de nationale wet- en regelgeving voorkomt.
Voor de Belgische inschrijvers zal de aanbestedende overheid die informatie rechtstreeks opvragen via het elektronisch loket.
Voor buitenlandse inschrijvers moet het attest afkomstig zijn van de bevoegde administratieve instelling van het betrokken land; bij gebrek daaraan moet de inschrijver een verklaring op erewoord verstrekken, gecertificeerd door een notaris of door een gerechtelijke of administratieve autoriteit.

Derde uitsluitingscriterium
De inschrijver moet zijn verplichtingen inzake de directe belastingen en de btw zijn nagekomen.
De Belgische inschrijver moet bij zijn offerte een recent (maximaal 6 maanden oud, gerekend vanaf de datum van de opening van de offertes) attest 276C2 van de Administratie der Directe Belastingen voegen, en een recent (maximaal 6 maanden oud, gerekend vanaf de datum van de opening van de offertes) attest van de btw-administratie waaronder hij valt, waaruit blijkt dat hij zijn verplichtingen tegenover voornoemde administraties is nagekomen.

De buitenlandse inschrijver moet bij zijn offerte een of meer recente attesten voegen (maximaal 6 maanden oud, gerekend vanaf de datum van de opening van de offertes) van de administratie(s) die in zijn land bevoegd is/zijn voor de inning van de directe belastingen en de btw (of de taksen die in zijn land de btw vervangen), waaruit blijkt dat hij zijn verplichtingen tegenover voornoemde administratie(s) is nagekomen.


Indien dergelijk(e) attest(en) niet wordt/worden afgegeven in zijn land, is het voldoende dat hij een verklaring op erewoord bijvoegt, gecertificeerd door een notaris of door een gerechtelijke of administratieve autoriteit van zijn land.

Vierde uitsluitingscriterium
In welk stadium dan ook van de procedure wordt uitgesloten van toegang tot deze opdracht, die dienstverlener die bij een vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan, veroordeeld is geweest voor het volgende, en waarvan de aanbestedende overheid kennis heeft:
1° deelneming aan een criminele organisatie zoals gedefinieerd in artikel 324bis van het Strafwetboek;
2° omkoping zoals gedefinieerd in artikel 246 van het Strafwetboek;
3° fraude in de zin van artikel 1 van de Overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen, goedgekeurd bij de wet van 17 februari 2002;
4° het witwassen van geld zoals gedefinieerd in artikel 3 van de wet van 11 januari 1993 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld en de financiering van terrorisme.
Met het oog op de toepassing van onderhavige paragraaf kan de aanbestedende overheid, indien zij de persoonlijke situatie van een dienstverlener in vraag stelt, zich richten tot de bevoegde autoriteiten in België of in het buitenland om die informatie te bekomen die zij hiertoe noodzakelijk acht.


Vijfde uitsluitingscriterium
In overeenstemming met artikel 43, 4° van het KB van 8 januari 1996, zoals tot op heden gewijzigd, zal de inschrijver die op professioneel vlak een ernstige fout heeft begaan, vastgesteld op elke grond die aannemelijk wordt geacht door de aanbestedende overheid, niet in aanmerking genomen worden voor de selectie. Deze uitsluiting kan worden afgekondigd in eender welk stadium waarin de procedure zich bevindt.
In dit opzicht verbindt de inschrijver zich er door middel van de ondertekening van zijn offerte toe om de normen te respecteren die worden gedefinieerd in de basisconventies van de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) en in het bijzonder:


  • het verbod op dwangarbeid (conventies nr. 29 over de dwangarbeid of de verplichte arbeid, 1930, en nr. 105 over de afschaffing van de dwangarbeid, 1957);

  • het recht op syndicale vrijheid (conventie nr. 87 over de syndicale vrijheid en de bescherming van het syndicaal recht, 1948);

  • het recht op organisatie en collectieve onderhandelingen (conventie nr. 98 over het recht op organisatie en collectieve onderhandelingen, 1949);

  • het verbod op elke discriminatie inzake arbeid en loon (conventies nr. 100 over de gelijkheid van loon, 1951 en nr. 111 over de discriminatie (werkgelegenheid en beroep), 1958);

  • de minimumleeftijd voor kinderarbeid (conventie nr. 138 over de minimumleeftijd, 1973), alsook het verbod op de ergste vormen van kinderarbeid (conventie nr. 182 over de ergste vormen van kinderarbeid, 1999).

Het niet respecteren van de voormelde conventies zal bijgevolg worden beschouwd als een zware professionele fout in de zin van artikel 43, 4° van het KB van 8 januari 1996.

De voorgaande bepalingen zijn van toepassing ongeacht de andere bepalingen die zijn voorzien in artikel 43 van voormeld besluit.


        1. Criteria m.b.t. economische en financiële capaciteiten

De inschrijver zal bij zijn offerte een opgave voegen betreffende de omzet met betrekking tot het voorwerp van deze opdracht in de loop van de drie laatste boekjaren.



        1. Criteria m.b.t. technische capaciteiten





  • een lijst van de belangrijkste gelijkaardige diensten die tijdens de laatste drie jaar werden uitgevoerd met vermelding van de waarde, de datum en de opdrachtgevers (overheid of privé) (minimum 3 referenties)

Daartoe zal hij een lijst van de voornaamste door hem gedurende de laatste drie jaar verrichte leveringen bijvoegen, alsook van de gelijksoortige projecten welke hij gedurende diezelfde periode heeft verwezenlijkt, met vermelding van de overheids- of private ondernemingen waarvoor deze bestemd waren. Als het om diensten aan overheidsinstellingen gaat, worden desbetreffende certificaten bijgevoegd, certificaten verstrekt of ondertekend door de bevoegde overheid. Als het gaat om diensten aan particulieren, worden de prestaties gecertificeerd door deze laatste of, bij ontstentenis, worden ze door de inschrijver verklaard te zijn uitgevoerd. De inschrijver zal op de referentiesites en, per referentiesite, de datum, het totale bedrag van de opdracht en de adresgegevens van een contactpersoon binnen de vennootschap of organisatie opgeven. Het gebruik van het als bijlage 3 gegeven model is vereist voor de weergave van de referenties.




  • een vermelding of de inschrijver beroep doet op een onderaannemer, met een aanduiding voor welk deel van de opdracht beroep op onderaanneming gedaan wordt en de naam van de onderaannemers



        1. Regelmatigheid van de inschrijvingen

De inschrijvingen van de geselecteerde kandidaten zullen op hun regelmatigheid onderzocht worden in toepassing van artikels 89 en volgende van het Koninklijk Besluit van 8 januari 1996 en de bepalingen van huidig bestek.



      1. Interview

De opdracht is een opdracht van diensten die uitgevoerd dient te worden door de consultants van de aannemer van de opdracht of één of meerdere onderaannemers.

De consultants, voorzien in de offerten van de inschrijvers waarvan de inschrijving gunstig gerangschikt werd volgens een eerste onderzoek kunnen voor een interview uitgenodigd worden.
Om in nuttige orde te worden gerangschikt dient de inschrijver een waarderingscijfer van minstens 60% te behalen op het totaal van de gunningscriteria uitgenomen het prijscriterium (d.w.z. minstens 36/60). Indien de inschrijver deze 60% niet behaalt, wordt zijn offerte uitgesloten.
Ingeval een aanzienlijk aantal offertes de drempel van 60% voor de technische criteria zou halen, behoudt de FOD. Financiën zich het recht voor de inschrijvers wier offerte niet minstens 60% van de punten op het totaal van de gunningscriteria zou behalen, de prijs inbegrepen, niet uit te nodigen voor het interview.
Tijdens dit interview kan de consultant zijn geschiktheid en specifieke kwaliteiten die nuttig zijn bij de uitvoering van zijn opdracht naar voor brengen.
Teneinde gelijkheid tussen alle inschrijvers te garanderen, zal de duur van het onderhoud voor iedereen gelijk zijn.
De datum en het juiste tijdstip van het onderhoud zal in onderling akkoord tussen het Departement en de inschrijver vastgesteld worden. Het onderhoud zal wel binnen de 10 werkdagen na de kennisgeving per fax van de uitnodiging voor het interview moeten doorgaan.

      1. Gunningscriteria

De opdracht wordt toegewezen aan de interessantste offerte(s) volgens de volgende criteria , gerangschikt volgens dalende belangrijkheid :




Gunnings-
criterium

Gunningscriterium

Wegingsfactor

1

Kwaliteit van de offerte

5 %

2

Kwaliteit van het voorstel en het projectplan

15 %

3

Referenties met betrekking tot de gebruikte technologieën

10 %

4

Kwaliteit van de voorgestelde CV

30 %

5

Prijs

40 %

De offertes van lot 1 zullen als volgt geëvalueerd worden:



  • Het gunningscriterium nummer 1 (kwaliteit van de offerte) zal worden geëvolueerd op basis van het respect voor de voorschriften van het lastenboek en op de duidelijkheid en precisie van de verstrekte informatie

  • Het gunningscriterium nummer 2 (kwaliteit van het voorstel en de aangeboden oplossing) zal worden geëvalueerd aan de hand van de architecturale visie, de toekomstgerichtheid van de oplossing, de coherentie van de voorgestelde oplossing, de overeenstemming met de ICT standaarden van FOD Financiën en de mate van integratie, het gebruiksgemak en de flexibiliteit van de aangeboden oplossing;

  • Het gunningscriterium nummer 3 (referenties met betrekking tot de gebruikte technologiën) zal worden geëvalueerd aan de hand van de referenties op het vlak van de in de opdracht gebruikte technologiën (Borland Starteam, Mercury loadrunner en Quicktest, HP Openvview, java developpement tools en build tools) van de aangeboden oplossing;

  • Het gunningscriterium nummer 4 (Kwaliteit van de voorgestelde CV) zal geëvolueerd worden volgens de kwaliteit van de aangeboden diensten, de geboden garanties, de kwaliteit van de voorgestelde CV’s, de kwaliteit en volledigheid van de voorgestelde opleidingen en de geloofwaardigheid van het aanbod

  • Het gunningscriterium 5 (Prijs) zal geëvalueerd worden op basis van de totaalprijs van de gevraagde diensten.



Volgende offertes komen niet in aanmerking voor de toewijzing van de opdracht:
De offertes die geen 60 % van de punten behalen voor de som van de punten met uitzondering van het prijscriterium
De offertes die geen 60 % van de punten behalen voor de afzonderlijke criteria 2, 3 en 4

De inschrijvers moeten bij hun inschrijving de nodige documenten en inlichtingen voor de evaluatie van elk gunningscriterium leveren.


De bekwaamheid van de voorgestelde personen zal nagegaan en geëvalueerd worden aan de hand van hun gedetailleerd CV en het afgenomen interview. Het CV dient derhalve te bevatten :


  • de gevolgde opleidingen

  • beroepservaring

  • een korte beschrijving van de projecten waarin de consultant betrokken was, met vermelding van zijn precieze rol in dat project. De opdrachtgever, duur, bedrag en gegevens van een contactpersoon bij de opdrachtgever moeten eveneens vermeld worden

  • talenkennis


Het in bijlage 2 bijgevoegde model van CV moet verplicht gevolgd worden.



1   2   3   4   5   6   7   8   9   10   11


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina