Inhoudsopgave



Dovnload 0.51 Mb.
Pagina3/17
Datum22.07.2016
Grootte0.51 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   17

Salem Aleikum



Dm Gm

Salem aleikum, wij zijn de rasechte turken



A Dm A

we dragen hele lange jurken en roken fatima



Dm Gm

het kan ons niet verdijen, met hoeveel vrouwen we vrijen



A Dm

het is een voorrecht turk te wezen



A Dm

al met ons onvolprezen haremsysteem, hoy



A Dm A Dm

haremsysteem, hoy, ha-a-remsysteem, a hoy


F C

Nooit, nooit nemen wij verkering,


nooit, nooit nemen wij een man

F C F
laten de heren zichzelf maar amuseren,
wij zijn de vrouwen van het vrijgezellenplan
Maar jij kwam voorbij en je lachtte tegen mij

en je stralende lach maakte goed mijn hele dag

nu, nu nemen wij verkering,

nu, nu nemen wij een man




Ik voel me zo verdomd alleen




G Bm Em

Krijg toch allemaal de klere, val voor mijn part allemaal dood

C D

ik heb geen zin om braaf te leren, ik eindig toch wel in de goot


Kinderen willen niet met me spelen, noemen me rat en wijzen me na

de enige die me wat kan schelen, die is er nooit, dat is m'n pa


M'n moeder kan me niet verdragen, nooit doe ik iets voor haar goed

om liefde hoef ik ook al niet te vragen, schelden is alles wat ze doet


Geen wonder dat m'n pa is gaan varen, ik mocht niet mee, ik ben te klein

ik moet het in m'n eentje klaren, tot ie ook weer terug zal zijn


Refr:
C D G C D G

Had ik maar iemand om van te houden, twee zachte armen om me heen

C D/C Bm Em C D G

die mij altijd beschermen zouden, ik voel me zo verdomd alleen


Misschien als vaders schip er is, als ie weer terug is van de zee

zegt ie nog eens, luister Cis, waarom ga je niet met me mee


Ik ben toch ook nog maar een kind, kan't niet helemaal alleen

misschien dat ik ooit het geluk nog vindt, maar hoe, dat is een groot probleem


refr. (2x)


Ja, ja, ja, ja, dat was een tijd



E B7

Het was in lang vervlogen jaren



E

toen mannen nog echte mannen waren



A

en zij met vuursteenbijl en knotsen



B7 E

op vrouwen joegen tussen de rotsen


Ja, ja, ja, ja, dat was een tijd

van sterke stoere manlijkheid

toen droeg men ook al werd men nat

geen regenjas, maar vijgeblad


De roverhoofdman Gijs ik grijpje

zoog lurkend aan zijn lege pijpje

en liep turend over de rotsen

of er nog wat viel af te rossen


Plots'ling greep hij zich aan een steen beet

en liet zich vallen in een steenspleet

want daar kwam wiebelend over een paadje

een blondje in een vijgeblaadje


Hij greep haar vast met beide vuisten

terwijl zijn bloed begerig ruiste

en ook al riep zij: "O, bruut ik haat je!"

toch greep hij naar haar vijgeblaadje


De roverhoofdman Gijs ik grijpje

stopte dat blaadje in zijn pijpje

en liep met beide handen op de rug

zwaar dampend naar zijn hol terug



Adam en Eva



A G F E

Adam leefde lang geleden



A G F E etc.

eenzaam in de hof van Eden

met de zegen van de Heer

wat verlangt een mens nog meer

hij liep lekker in zijn blootje

baadde zon en baadde pootje

in het water van de beek

zeven dagen iedere week


Refr:

Dabediebedoebediebedabediedapda

Dabediebedoebediebedabedieda
En hij leefde zonder zorgen

totdat op een zek're morgen

hij plotseling ontdekte dat

iedere man een vrouwtje had

hij zei: Heer ik wil niet klagen

maar ik wil u toch graag vragen

onderdanig en beleefd

of u voor mij een vriendinnetje heeft


Goed, zei God, ik zal mijn best doen

maar dan moet jij wel de rest doen

ik zal zorgen voor een vrouw

die het leven deelt met jou

en toen Adam lag te slapen

heeft de Heer de vrouw geschapen

't was de wens van iedere man

met alles erop en alles eran


refr.
En zij leefden heel tevreden

samen in de hof van Eden

totdat op een zek're dag

Eva de boom met appelen zag

ach, dacht zij, wat kan het schaden

een boom zo vol met appelen geladen

ze nam er één terwijl ze zei:

an apple a day keeps the doctor away


refr.
Toen was 't uit met het lieve leven

het paradijs werd opgeheven

door het eten van die appel

werken wij ons nu sappel

't is vandaar dat ik beweer:

snoep verstandig, eet een peer





Pleecomplex



C F
Ik heb toch zo iets geks,

ik heb een pleecomplex



C G
ik hou zo van die geur,

de teksten op de deur



C

zie ik hem openstaan



F

dan moet ik altijd gaan



C G C
maar doe die deur op slot,

ik ga er aan kapot


Maar doe die bril omhoog

want ik zit ook graag droog

zeg ga je mee naar de plee

ik zwijmel bij het idee



Zeilcomplex

(akkoorden: zie Pleecomplex)


Ik heb toch zo iets geks,

ik heb een zeilcomplex

als ik dat vaantje zie,

dan denk ik potverdrie

waar komt die wind vandaan

hoe moet mijn zeil nu staan

de instructeur grijpt in,

en de wind valt er weer in


Als ik dan verder vaar,

en in het zonlicht staar

wordt ik totaal verblind,

en plotsling draait de wind

de loefkant wordt nu lij

dit is toch niets voor mij

de schoot zit in de klem,

en ik voel dat ik al zwem

blub blub blub blub enz.




1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   17


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina