Inhoudsopgave Voorwoord en visie Infrastructuur en organisatie 4 Team 9 Patiënten 11



Dovnload 0.7 Mb.
Pagina5/12
Datum21.08.2016
Grootte0.7 Mb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   12

Privacy


Iedere medewerker heeft een eigen toegangscode voor het HIS. Hiermee krijgt men een bij de functie passende toegang tot delen van het HIS en een bijpassende autorisatie gegevens te muteren.

Ten behoeve van de waarneming tijdens afwezigheid gedurende de vakantie, ziekte en nascholing van de eigen huisarts hebben collega-huisartsen toegang tot de gegevens van de patiënt. Ten behoeve van de waarneming tijdens avond-, nacht- en weekenddiensten hebben collega-huisartsen geen toegang tot de gegevens van de patiënt.

Op verzoek van de patiënt kunnen (delen) van het journaal voor waarneming worden afgeschermd.

Het fysieke patiëntenarchief is opgeslagen in kasten in de assistenteruimte. Gegevens van overleden patiënten en uit de praktijk vertrokken patiënten waarvan de gegevens om één of andere reden niet konden worden overgedragen aan de nieuwe huisarts, worden in een gesloten kast opgeslagen. Voor het vernietigen van privacygevoelige documenten is in de praktijk een papierversnipperaar aanwezig.


Voorlichting


Tabel 10 geeft een beeld van de middelen en methoden die in de praktijk ten behoeve van de patiëntenvoorlichting worden ingezet.

Tabel 10. Voorlichting

Soort

Materiaal

Aanwezig

Organisatie

Gevelbord met praktijknamen

ja

Gevelbord met organisatorische informatie

nee

Mededelingenbord

ja

Praktijkfolder

ja

Folder van de CHP

ja

Folder van het ziekenhuis

nee

Praktijkwebsite

ja

Periodieke uitgave

nee

Medisch

NHG-Patiëntenbrieven

ja

NHG-Patiëntenbrieven in het HIS

ja

NHG-Folders

ja

Anatomische atlas voor patiëntenvoorlichting

nee

Anatomisch demonstratiemateriaal

ja

Folders over (functie)onderzoek in het ziekenhuis

ja

Folders over ingrepen in het ziekenhuis

ja

Patiëntenbibliotheek

ja

Groepsbijeenkomsten over een bepaald thema

nee

Wachtkamervideo

nee

Tijdens het spreekuur maken we gebruik van de NHG-patientenbrieven om de uitleg van ziekten en klachten, alsmede adviezen schriftelijk te ondersteunen. Tevens zijn er actuele folders met informatie over instanties van belangrijke hulpverleners uit de sociale kaart en een beperkte voorraad overig voorlichtingsmateriaal, vindbaar gesorteerd en up-to-date.

In de wachtkamer zijn de NHG-patientenfolders aanwezig.

Via onze website www.dubloen.praktijkinfo.nl kunnen deze zaken ook gedownload worden door patienten.

Actuele en organisatorische informatie mbt praktijkzaken worden eveneens op de website vermeld.

Tenslotte maken we gebruik van een kleine patientenbibliotheek met daarin voorlichtingsboeken over veel voorkomende aandoeningen (o.a. artrose, dementia) en zelfhulpboeken (o.a. ontspanning, depressie).

Hoofdstuk 5 Medisch handelen


Inleiding


In dit hoofdstuk wordt gerapporteerd over het medisch handelen in de praktijk. Als basis daarvoor dienen de gecodeerde epidemiologische gegevens uit medicom. Om inzicht te krijgen in de accuraatheid van coderen is de quickscan van medicom uitgevoerd, zie bijlage 2. Deze resultaten kunnen worden vergeleken met de resultaten van 350 medicompraktijken (benchmark, bijlage 2a).

Uit deze vergelijking blijkt dat ons administratief bestand goed wordt bijgehouden, evenals het coderen van problemen (87%, 2008: 79%). Van de episodes is 57% gecodeerd (2008: 52%), dat is minder dan de benchmark (64%). Van de actieve episodes is 86% gecodeerd, dit is hoger dan de benchmark 82%. Dit geeft aan dat we vooral de laatste jaren goed coderen. Het gebruik van het diagnostisch dossier mbt roken / niet roken kan beter.

Bij het maken van verwijzingen wordt altijd het specialisme aangegeven. De koppeling van journaalregels aan episodes verloopt goed. Medicatievoorschriften worden goed gekoppeld aan ICPC codes (44%), dit is boven de benchmark (25%), maar minder dan in 2008 (55%).
Voor het verslagjaar 2009 wordt uitgegaan van 2846 patiënten.
In hoofdstuk 5A wordt inzicht gegeven in de verrichtingen, de voorgeschreven medicatie en de verwijzingen. In hoofdstuk 5B worden enkele procesindicatoren weergegeven met betrekking tot enkele chronische aandoeningen en in 5C wordt ingegaan op de preventieve verrichtingen mbt de cervixscreening en griep.
5A Verrichtingen, receptuur, verwijzingen

In tabel 11 wordt inzage gegeven in het aantal laboratorium-, diagnostische, therapeutische en preventieve verrichtingen. Deze tabel is gemaakt op grond van de declaratiegegevens. Dit komt niet helemaal overeen met de werkelijke verrichtingen. Zo werden er veel meer urineteststrips gebruikt, deze worden echter meestal niet gedeclareerd

.












Tabel 11. verrichtingen totaal







 Verrichtingen

2009


 2008

BLD24 13008: Bloeddrukmeting gedurende 24 uur

42

42

C Consult

5493

5602

CHI 13012: Chirurgie

27

38

COMP 13015: Ambulante comp. bij ulcus cruris

11

10

DC Dubbel consult

976

850

DOP 13001: Diagnostiek m.b.v. Doppler

7

19

DV Dubbele visite

53

39

EUT 13038: Euthanasie

1

1

GLU 12904: Teststrips bloedsuiker diabetes

195

151

GRPVAC Griepvaccinatie

7

4

HECHT 12900: Atraum.hechtmat.,waaronder lijmen

1

1

HEMO 12008: Hemoglobine

40

62

INFSCHR 12817: Info bij schrift. beantwoording

34

37

INJ 13023: Therapeutische injectie (Cyriax)

10

13

ANWvis ANW vis intens thuiszorg > 20 min

1




Intensieve zorg vis > 20 min

4




Intensieve zorg vis

3




IUD 13042: IUD/Implanon in/uit

31

24

IZ Visite intensieve zorg




19

KOPIE Kopieer kosten

2

3

MMSE 13010: Cognitieve functietest (MMSE)

6

2

MRSA 13027: MRSA-screening

2

5

NVZB Niet verschenen zonder bericht

25

21

OTITIS 13028: Otitis externa




2

PAP 12701: Prev. bev.ond. baarmoederhalsknkr

122

136

R Herhalingsrecept

5909

5693

STIKSTOF 12905: Vloeibaar stikstof of histofreeze

147

180

TAPEN 13014: Tapen

26

30

TAPEVB 12901: Tapemat. t.b.v. enkeldistorsies

25

29

TC Telefonisch consult

2998

2580

UCONTR 12903: Dipslides (urineweginfecties)

32

5

URINE 12008: Urineteststrip




2

V Visite

206

200

VC Vaccinatie




6

VERVSP 13018: Verr. vervang. specialistenbezoek

51

49

ZWREACT 12902: Zwangerschapsreactie

12

5

TOTAAL


16503

15860


totaal per dag (obv 220 werkdagen)


75,0

72,1

aantal contacten per patient excl. NONI's


5,8

5,5

aantal contacten per patient incl. NONI's


5,7

5,4










In hoofdstuk 6 gaan we in op de contactfrequentie.

In tabel 12 staat aangegeven in hoeverre het medicumformularium gebruikt wordt, er antibiotica voorgeschreven wordt en welke, en hoeveel maagmiddelen er voorgeschreven worden. Tevens wordt een top 10 van meest voorgeschreven middelen vermeld.




Tabel 12. Receptuur


2009


2009

2008

2008
















 

Totaal

Per 1000 Pt

Totaal

per 1000 Pt

A Anders

3038

1067.5

2315

800,2

D Doseeradvies

9

3.2

24

8,3

F Formularium

1090

383.0

827

285,9

H Herhaalrecepten

11708

4113.8

11519

3981,7

M Memocode

2388

839.1

2794

965,8

 







 

 

Antibiotica

623

218.9

674

233,0

waarvan smalspectrum:
doxycycline: J01AA02
ciprofloxacine: J01MA02
nitrofurantoïne: J01XE01
trimethoprim: J01EA01
feneticilline: J01CE05
fenoxymethylpenicilline: J01CE02
flucloxacilline: J01CF05
cloxacilline: J01CF02

369

129.7

422

145,9


Maagmiddellen

1190

418.1

1120

387,1

waarvan protonpompremmer: A02BC

1034



363.3

957

330,8

 







 

 

Top 10 ATC's:













ATC-code

Aantal voorschriften

2009




Aantal
voorschriften


2008




Onbekend

1144




1097




A02BC Proton pump inhibitor

1034




957




C10AA Hmg coa reductase inh

949




817




C07AB Beta blocking agents,

927




836




C03AA Thiazides, plain

651




610




G03AA Progestogens and estr

622




595




C09AA Ace-inhibitors, plain

519




548




B01AC Platelet aggregation

469










M01AB Acetic acid derivativ

467




483




N06AB Selective serotonin r

421




513




N05BA Benzodiazepine deriva







593



















Het EVS formularium gebruiken we meer dan vorig jaar. Alle voorschriften gaan electronisch.

We hebben nog minder antibiotica voorgeschreven dan het jaar hiervoor (en in meerderheid een smalspectrum preparaat). Uit FTO vergelijkingen weten we dat we al relatief weinig antibiotica voorschrijven.



Tabel 13. Verwijzingen top 25










2009




2008





specialisme

totaal

Per 1000 pt

totaal

Per 1000 pt

1

FYS fysiotherapie

242

85.0

248

85,7

2

CHI chirurgie

95

33.4

112

38,7

3

DER dermatologie

92

32.3

75

25,9

4

KNO keel-, neus- en oorheel

87

30.6

71

24,5

5

ORT orthopaedie

82

28.8

72




6

MEN mensendiecktherapie

74

26.0

67

23,2

7

GYN gynaecologie

71

24.9

59

20,4

8

OOG oogheelkunde

70

24.6

92

31,8

9

NEU neurologie

63

22.1

79

27,3

10

INT interne geneeskunde

57

20.0

58

20,0

11

ELP eerste-lijnspsychologie

52

18.3

47

16,2

12

CAR cardiologie

32

11.2

28

9,7

13

PED kindergeneeskunde

31

10.9

29

10,0

14

URO urologie

30

10.5

13

4,5

15

LOG logopaedie

25

8.8

28

9,7

16

PSY psychiatrie

23

8.1

25

8,6

17

PCH plastische chirurgie

17

6.0

16

5,5

18

AMW alg.maatschappelijk werk

15

5.3

11

3,8

19

XXX overig

13

4.6

8

2,8

20

PHL phlebologie

13

4.6

21

7,3

21

LNG longziekten

13

4.6

8

2,8

22

REU rheumatologie

12

4.2

17

5,9

23

PSL psychologische zorg

12

4.2

4

1,4

24

PDC pedicure-behandeling

10

3.5

2

0,7

25

HAG huisartsgeneeskunde

8

2.8

4

1,4




KCH kaakchirurgie

5

1.8

10

3,5




ERT ergotherapie

7

2.5

8

2,8




CAD cons. bureau alcohol&dr

7

2.5

6

2,1






















Totaal

1596

560.8







Met stip bovenaan onze verwijzingen top-25 staat fysiotherapie, net als vorig jaar.

Ook chirurgie, dermatologie, KNO-heelkunde en orthopedie scoren hoog. We hebben in 2009 relatief wat minder verwezen naar oogheelkunde en neurologie en relatief meer naar urologie.



5B Chronische aandoeningen


1   2   3   4   5   6   7   8   9   ...   12


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina