Inleiding : Ik draag mijn onderbroek binnenstebuiten Weet je nog? De betekenis van rituelen en symbolen



Dovnload 98.92 Kb.
Datum25.08.2016
Grootte98.92 Kb.
Hoofdstuk 1 : Over rituelen en symbolen

  1. Inleiding :

Ik draag mijn onderbroek binnenstebuiten

Weet je nog?




  1. De betekenis van rituelen en symbolen

A. Welke symbolen herken je op bovenstaande afbeeldingen? Kan je een goede definitie geven van wat symbolen zijn?

………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………..

Tekst: Ze waren met zeven



B. Kan je op basis van deze tekst een goede definitie van rituelen geven? Geef ook voorbeelden uit de tekst en afbeeldingen.

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

In de tekst staat er één van de zeven sacramenten. Kan je al de andere sacramenten nog opsommen? Welke zou je zelf nog zeker willen ontvangen? …………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………



  1. Godsdienstbeleving in België

In de rij van belangrijke waarden plaatst de modale Belg – of hij nu Vlaming, Waal of Brusselaar is – godsdienst pas op de vijfde plaats. Het gezin, vrienden, vrije tijd en werk krijgen voorrang.

Uit de drie opeenvolgende waardeonderzoeken (1981, 1990 en 2000) blijkt het vertrouwen, dat de kerk de burgers inboezemt, de voorbije twintig jaar almaar terug te lopen.


Uit het onderzoek ("Verloren Zekerheid") van de gegevens volgens leeftijdsgroepen blijkt tevens dat de ontkerkelijking de komende jaren nog zal toenemen. Van de jongste generatie, geboren na 1970, zegt 55 procent onkerkelijk te zijn tegenover 25 procent in de vooroorlogse groep.
De katholieke kerk maakt voor vele mensen niet langer deel uit van hun leefwereld. Doorgaans heeft zij alleen nog betekenis voor het duiden van belangrijke overgangsmomenten in het leven, de zogenaamde rites de passage.

Welke van de vier kerkelijke rituelen kent de sterkste terugval?

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

Kan je een verklaring vinden voor het feit dat de terugval steeds het grootst is in Brussel?

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

De terugval voor het sacrament van het doopsel is veel kleiner. Waarom zou dit zo zijn?

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

Verwacht je dat de verschillende rituelen in de toekomst nog een sterkere daling zullen ondervinden? M.a.w. zal de crisis van de rituelen zich verder zetten of komt er –zoals velen beweren - een opleving van het ritueel?

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

Hoe sta je tegenover de crisis in de rituelen? Vind je dit jammer? Waarom wel/niet?

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………


  1. Het doopsel

    1. Breng allemaal je eigen geboortekaartje mee. Lees vooral goed de gedichtjes en probeer te ontdekken welke emoties ouders hier proberen uit te drukken. Hoe beschrijven ze hun kindje? Waar leggen ze grote nadruk op? Welke visie hebben deze ouders op het leven en de waarde daarvan?

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

    1. De kinderdoop in de katholieke kerk

Waar de orthodoxe kerk de praktijk van de eerste christenen - die voornamelijk volwassenen doopten - grotendeels heeft behouden, heeft de katholieke kerk een aangepaste liturgie uitgewerkt voor het dopen van onmondige kinderen. De doop met water, de zalving met olie en de eerste deelname aan de communie dreven hierdoor wel uit elkaar. Doopsel en vormsel behoren tot de sacramentele zeven, de'eerste communie' die meestal op zevenjarige leeftijd plaatsvindt, heeft dat statuut niet.

Op het tweede Vaticaans concilie (1962-1965) werd de'Orde van dienst voor de liturgie van het kinderdoopsel' vastgelegd. Hierin wordt niet langer vast gehouden aan de illusie dat het kind een persoon is die zelfstandig om het doopsel kan vragen en slechts een peter en meter behoeft om in zijn naam te spreken. Er wordt nu rekening gehouden met het feit dat het de ouders, gesteund door de doopouders, zijn die vragen om hun kind te dopen. In het vernieuwde ritueel is daarom ook meer aandacht voor deze volwassenen. Zij worden meermaals op hun verantwoordelijkheid voor de gelovige opvoeding van hun (pete)kind gewezen. Daarom hecht men nu meer belang aan het gemeenschapskarakter van en het Paasgebeuren in het ritueel. De reinigende functie van het ritueel verschuift hierdoor meer naar de achtergrond. De orde van dienst houdt slechts een ideaal voor, in realiteit hebben ouders veel inspraak in het verloop van de viering. De vieringen op de volgende websites tonen deze verscheidenheid:

Omdat de ouders nu de hoofdverantwoordelijken zijn in dit sacrament, zijn zij het ook die voorbereid worden. Meestal wonen zij daarom enkele vormingsavonden bij waarop de betekenis van de katholieke doop uiteenzet wordt. Men hoopt dat ouders op die manier bewuster zullen omgaan met de doop van hun kind zodat de veelgehoorde verzuchting "zij vragen om een ritueel, en wij geven ze een sacrament dat zij eigenlijk niet kennen" in de toekomst zal verdwijnen.

Een doopsel gebeurt best in de plaatselijke parochiekerk en in het bijzijn van de parochieleden opdat die het nieuwe leven – of liever nog verschillende nieuwe levens - in hun midden kunnen opnemen. Meestal vindt de viering plaats op een zondagnamiddag, hoewel een zondagvoormiddag, nog voor de eucharistieviering begint, als ideaal wordt voorgehouden. De normale bedienaar van het doopsel is de priester. Nood breekt echter wet. In geval van levensgevaar mag iedereen, mits goede intenties, het doopsel toedienen. Vroeger doopte men zo snel mogelijk. Tegenwoordig wacht men vaak meerdere maanden alvorens het kind te dopen.



De doopviering vangt aan in het portaal van de kerk waar de priester de ouders, de doopouders, het kind en de ganse familie opwacht. Hij vraagt de ouders naar de naam van hun kind. Het kind wordt hierdoor onmiddellijk als individu erkent en hartelijk verwelkomd als het nieuwste lid van de geloofsgemeenschap. Zijn naam wordt 'gegrift in de palm van Gods hand'. Vooraleer ze naar binnen kunnen gaan, moet de priester zich vergewissen van de goede intenties van de ouders en doopouders en hen wijzen op hun verantwoordelijkheden. Hij vraagt de ouders daarom naar hun motieven om het kind te laten dopen. De doopouders vraagt hij naar hun bereidheid om hun deel te doen in de geloofsopvoeding van het kind. De eerste fase van de begroeting wordt afgesloten met een kruisje op het voorhoofd van het kind. De tweede fase van de ceremonie, de woorddienst vindt binnen in de kerk plaats. Iedereen verzamelt zich rond de lezenaar en luistert naar de bijbellezingen. Daarna volgen de homilie en de voorbeden, veelal gekozen door de ouders. De voorbeden worden afgesloten met het zogenaamde exorcismegebed waarin de priester God vraagt om het kind in de toekomst te beschermen tegen het kwade. Men kan er immers niet van uitgaan dat zulk een jong kind al voldoende op zijn kerfstok heeft om de duivel in hem/haar te verjagen. De priester zet zijn woorden kracht bij door een handoplegging, een teken van bescherming, tederheid en geborgenheid.

Na de woorddienst volgt dan in een derde fase de eigenlijke doop. Het hele gezelschap begeeft zich naar de doopvont. Daar herinnert de priester de aanwezigen aan alle heilzame daden die God reeds verrichtte met water (zondvloed, exodus, Jezus'doop) en vraagt hij God om ook dit water bron van leven te laten zijn voor de dopeling. Dan volgen de doopbelofte en geloofsbelijdenis uit monde van de ouders, peter en meter. Tot driemaal toe worden zij gevraagd of zij aan het kwade willen verzaken.



Belooft gij u ten allen tijde te verzetten tegen kwaad en onrecht,
om in vrijheid te leven als kinderen van God?
Belooft gij u te verzetten tegen de bekoring van zonde en onrecht
zodat het kwaad zich geen meester van u maakt?
Belooft gij uw kind naar best vermogen op te voeden
in de geest van het evangelie?


Na hun verzaking van het kwade wordt hen allen gevraagd hun geloofsbelijdenis nogmaals te herhalen. Dit is belangrijk aangezien zij getuigen voor het geloof van hun kind en dus de volledige verantwoordelijkheid op zich nemen. Hoewel de 'orde van dienst' het doopsel door volledige onderdompeling verkiest, wordt het doopsel door begieting het meest gepraktiseerd. Hierbij houdt de moeder het kind boven de doopvont en laat de priester drie keer water over het hoofd van de baby vloeien. Ondertussen zegt hij: 'N., ik doop u in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.'

Op de doop volgen in een vierde fase de zogenaamde verklarende riten die de dieperliggende betekenis van het doopsel moeten blootleggen. De zalving met chrisma geeft het kind de kracht van de Geest en voltooit en bekrachtigt de doophandeling. Niet alleen verwijst men met de zalving naar Jezus, Christus de Gezalfde, men laat de verandering die het doopsel in het lichaam van het kind te weeg bracht hierdoor echt doordringen. Daarenboven wijst men al vooruit naar het vormsel. Het kind dat nu op zijn kruin gezalfd wordt, zal dan op het voorhoofd worden gezalfd. Het kind is nu 'bekleed met Christus'. Om dit te symboliseren zou het kind nu pas zijn witte doopkleed mogen krijgen, in de praktijk gebeurt dit echter niet meer. De vader steekt nu de doopkaars van het kind aan de paaskaars – teken van verrijzenis - aan. Het doopsel wordt hier uitdrukkelijk verbonden met het Paasmysterie. Daarenboven geeft het uitdrukking aan het lichtende voorbeeld dat de gemeenschap dient te vormen voor het kind dat dan op zijn beurt weer een licht kan zijn voor anderen. De doopkaars zou elk jaar thuis weer ontstoken moeten worden op de verjaardag van het kind. Na het ontsteken van de doopkaars volgt de effeta-ritus (effetta betekent letterlijk 'open u'). Hierbij raakt de priester de ogen en de mond van het kind aan om aan te duiden dat Jezus doven doet horen en stommen doet spreken. Hieruit spreekt de hoop dat het kind een mondige getuige van Gods kracht zal worden.

De viering eindigt dan in de slotfase bij het altaar waar men het Onze Vader bidt. Vervolgens worden kind, ouders en peetouders ingeschreven in het doopregister. Tenslotte spreekt de priester een zegening uit die de ouders moet sterken in hun taak tot geloofsopvoeding.

Na de viering gaat het feest gewoonlijk verder in familieverband. Veelal is er een koffietafel of feestmaaltijd voorzien.



  1. Ben jij blij dat je wel/niet gedoopt bent?

……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

  1. Zou jij later je eigen kind laten dopen?

……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

    1. Interview motieven doopselritueel (Anne Van Meerbeeck)

Lees deze citaten. Welke motieven halen ouders aan om hun kind te laten dopen? Kan je die motieven begrijpen? Waarom wel/niet? Naar welke functies van een ritueel verwijzen deze ouders?

……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………



Geertrui: Ik bedoel die weken d'ervoor dan had ik zo oh nu is hij nog niet gedoopt en als er nu eens iets moest gebeuren ... Voor mij had dat zo, nu is hij gedoopt, nu is hij .. veilig. [...] Dat God d'er nu, ja 'k heb daar eigenlijk nooit over gesproken, maar dat God er nu zijn oog op hield, zal ik maar zeggen, dat er met hem niks zou ... gebeuren. Wat ik bijvoorbeeld ook elke avond doe, en hij ook, maar niet als er iemand vreemd bij is, hè, dat is een kruiske geven, voor dat hij gaat slapen [...] vanaf dat onze Lukas geboren werd, heb ik da elke avond gedaan, zo van die schrik van dat er 's nachts met hem niks zou gebeuren, zo wiegendood of ...

Alex: Ik denk ook het is een voordeel hè, als ge uw kindje laat dopen, behoort het tot een gemeenschap, hè. Ik denk dat anders als ge het niet zou dopen dat dat maar een kind uit de zovele is, als ge snapt wat ik bedoel.

Patricia: Ik zeg niet dat ik dat wil laten dopen, maar ik wil iets doen rond die geboorte en niemand biedt een alternatief.

Interviewer: U kent dus geen alternatieven voor het doopsel?

Patricia: Nee, eigenlijk niet, geen alternatieven die door de gemeenschap waarin ik leef, aanvaard worden.

Dries: De betekenis van het doopsel ... normaal gezien is dat één van de beginselen voor een katholiek geloof, hè. Maar ik wil Maarten wel ... niet in de zin van echt katholiek te zijn, maar te proberen hem een goei opvoeding te geven, en ik denk dat dat wel bij de katholieken beter is.

Carolien: Ja, mijn moeder, want ik heb dat eens gezegd dat ik dat eigenlijk niet belangrijk vond en dan was ze wel kwaad, ze zei "ik zou dat niet op mijn geweten willen hebben dat ik mijn kind niet laat dopen", ik zei "maar dat is precies of ge doet ik weet niet wat". Ze zou dat wel heel erg vinden als we dat niet moesten ...

Marc: Ja, maar, allee, 't is meer een onderdeel van onze cultuur enzo zou ik zeggen hè, ge woont ergens onder de kerktoren, wij zien hem hier ook bijvoorbeeld, en het, het is een deel van uw leven hè, gelijk hoe dat ge het bekijkt hè, zeker in de Vlaanders hè, gelijk waar dat ge gaat, maar hè, wij hebben d'er eigenlijk altijd, en samen ook hè, nooit nie, nooit bij stilgestaan of gezegd.

Filip: Maar voor de rest zegt mij dat maar bitter weinig. Allee en ge hebt dan nog eens heel de familie bijeen en daarna een feestje en die kleine dan kan die zijn plechtige communie doen, maar voor de rest ...

Interviewer: Is dat feest belangrijk?

Filip: Ja, belangrijk ... t'is plezant hè. Ge komt nog eens bijeen euh, met allemaal bijeen euh zal ik zeggen ... Wa plezier maken, da feest is da belangrijk? Ja? Eigenlijk zou die doop het belangrijkste moeten zijn, maar eigenlijk is da feest ...

Piet: Hmm, al wat dat bij ons met 't katholiek ritueel te maken heeft, is gewoon omdat ik voor mijn werk, 't op die ene school waar ik les geef 't ontzettend katholiek is en men 't daar absoluut niet zou appreciëren als men om één of andere reden maar zou vernemen dat mijn kinderen niet gedoopt zouden zijn. Da's trouwens de enige reden waarom dat wij voor de kerk getrouwd zijn. Da's trouwens de enige reden waarom da wij voor de kerk getrouwd zijn hè. Anders was da ook nooit gebeurd.

Geert: Ik denk dat dat zo'n traditie van de familie is. Ik ben ook gedoopt, zij ook, dus ...

Mia: Nu echt gelovig zijn wij ook niet, maar toch, dat is zo.

Geert: Als dat voor ons gedaan is, dan doet ge dat ook. Da's een traditie. Ik heb twee broers, die zijn ook allemaal gedoopt.

Interviewer: U heeft nooit getwijfeld?

Mia: Nee, want die wij kennen, die laten allemaal dopen. Zodus, da's bij ons zo'n gewoonte.

Geert: Ik denk dat dat normaal is.

Kathy: Ja, die vroegen niet "gaat ge hem laten dopen?", die vroegen "wanneer gaat ge hem laten dopen?".

 Anja: Dat stond op voorhand vast dat dat kind gedoopt moest worden. [...] Dat is zo, dat moest zo gebeuren euh. Ik ben ook gedoopt, ik kom uit een christelijk gezin, dus waarom niet?



David: [...] Ik vind euh ik ben gene kerkloper allez, 'k zal dat zo uitdrukken euh maar ik ben wel christelijk hè en dus heel het christelijk idee, dat vind ik goed en daarom wil ik hè, wil ik mijn kind laten dopen. Hij kan dan achteraf ook zelf kiezen wat hij daarin doet en laat wat hij wil.

  1. Pak meer Vlamingen kiest voor ontdopen (De Morgen)

03/07/10 08u18

Sinds de zaak Vangheluwe losbarstte, laten veel meer mensen zich ontdopen



Sinds de affaire-Vangheluwe losbarstte, willen steeds meer Vlamingen zich laten ontdopen. De tendens is te merken in elk bisdom, zo leert een rondvraag van De Morgen. Antwerpen spant met ruim 400 dossiers de kroon. De kanseliers in de bisdommen kunnen de toestroom amper aan.

Alleen al in het bisdom Brugge hebben meer dan 255 mensen een aanvraag ingediend om zich te laten ontdopen. Ter vergelijking: in heel 2009 waren dat er 117. Niet geheel toevallig begon het aantal afvalligen dit jaar spectaculair toe te nemen vanaf eind april, rond de periode dat bisschop Roger Vangheluwe zijn ontslag indiende nadat hij had bekend een minderjarige te hebben misbruikt.

Ook in Gent ziet het bisdom zich genoodzaakt steeds meer namen uit het doopregister te schrappen. Antwerpen zit al aan 402 aanvragen. "En dan tel ik enkel die van 23 april, de dag van de persconferentie over de zaak-Vangheluwe, tot nu", zucht Paul Smets, kanselier in het bisdom Antwerpen. "In heel 2009 kreeg ik slechts 149 verzoeken."
Ook het Humanistisch Verbond  ziet dat er in Vlaanderen wat veranderd is.

In Kortrijk organiseert men bijvoorbeeld al een jaar of tien uittredingsacties, maar sinds kort stromen de aanvragen echt binnen. Op 6 juni lokte een ontdoopmoment 75 gegadigden. Ook een aantal BV's zoals Davy Brocatus of Kristl Strubbe hebben de procedure in gang gezet, wat het ontdopen onder de aandacht bracht. "Zie het als een administratieve rechtzetting", zegt Strubbe. "Religie heeft nooit een rol gespeeld in mijn leven. Nu ik zie hoe de kerk een totaal gebrek aan inleving toont, ben ik blij dat ik ontdoopt ben."



Meer dan louter symbolisch
Diegenen die een dossier hebben ingediend zullen het nodige geduld moeten oefenen: de hele procedure moet opgestart worden met een handgeschreven brief aan het bisdom waar men gedoopt is. Pas dan start de behandeling van de aanvraag. Bijkomend probleem: volgens kerkjuristen kan de kerk het doopsel helemaal niet ongedaan maken en is ontdopen louter symbolisch. "Het sacrament is onuitwisbaar", zegt Rik Torfs. De ontdopers zijn het daar niet mee eens. "Ontdopen is een heel sterk signaal: een aanklacht tegen de aanmatigende houding van de kerk, die denkt zomaar in jouw naam te mogen spreken vanwege die paar druppels water."

Bij het aartsbisdom in Mechelen liggen ze naar eigen zeggen niet echt wakker van de ontdopingstrend. "We respecteren de wensen van de mensen", zegt de woordvoerder.


Antwerps kanselier Smets is daarentegen allerminst te spreken over de stortvloed aan ontdopingsverzoeken. "402 aanvragen in twee maanden tijd: dat is een titanenwerk voor één man", zucht Smets. "Het is voor de kerk een droevige zaak dat zoveel mensen zich willen laten ontdopen. Het mag stilaan stoppen."  (Kim Van De Perre)

  1. Wat betekent ‘ontdopen’?

………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

  1. Waarom is ontdopen voor kerkjuristen enkel ‘symbolisch’?

………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

  1. Zou je het zelf overwegen? Waarom wel/niet?

……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

Geboorterituelen in de verschillende wereldgodsdiensten

Jodendom

Het ritueel begint wanneer de moeder haar kind overhandigt aan de gevatterin. Deze draagt het kind op haar beurt over aan de gevatter, (Deze twee functies kan je vergelijken met een meter en een peter) die het kind vervolgens naar de sandik brengt. De sandik houdt het kind op zijn schoot tijdens de ingreep. Hij vormt met zijn knieën als het ware het altaar waarop dit kind aan het verbond met JHWH gewijd wordt. De sandik neemt plaats op een dubbele bank, de zogenaamde stoel van Elias. Elias, de engel van het verbond, had immers van JHWH de opdracht gekregen om bij elke besnijdenis aanwezig te zijn. Daarom is er een plaats voorgehouden voor Elias op deze bank.

De moheel (Deze is een specialist in de besnijdenis en de rituelen rondom die procedure.)doet de ingreep. Vervolgens doet de moheel een heilsdronk waarbij hij de wijn, het verbond en het kind zegent. Hij bevochtigt de lippen van het kind even met de wijn. Hierna wordt de Hebreeuwse naam van het kind bekend gemaakt. Waarna de gevatterin de jongen terug naar zijn moeder brengt.

Na de plechtigheid vindt er een receptie plaats waarop vrienden en familieleden hun cadeaus overhandigen. Een gebedenboek behoort altijd tot de cadeaus. Meestal schrijft de moheel er een opdracht in. Op de receptie volgt dan een religieuze maaltijd met de familie en de minjan. Hierbij worden religieuze gebeden uitgesproken.

Indien het om een eerstgeborene gaat vindt 31 dagen na de geboorte nog een extra ritueel plaats: de lossing. 'Eerstgeborene' heeft voor de joden een specifieke betekenis. Het betekent niet het eerste kind van een gezin zoals wij dat zouden begrijpen. Een eerstgeborene wordt gedefinieerd als het mannelijke kind dat ervoor zorgt dat "de schoot van een vrouw wordt geopend". Dus een man kan meerdere eerstgeborenen hebben bij verschillende vrouwen, een vrouw die als eerste kind een meisje kreeg zal nooit een eerstgeborene hebben.

Islam


Islam – geboorterituelen



Het amulet: Moeders beschermen hun pasgeboren kindje met een amulet. Het boze oog of een medaillon met de inscriptie 'zo God het wil' dienen hier perfect voor. Telkens iets over het kindje wordt gezegd zal men ook 'in de naam van God' erbij zeggen.

Het influisteren: Wanneer het pas is geboren moet een man een oproep tot gebed influisteren in het oor van het kindje. Soms fluistert men daarna nog de shahada of geloofsbelijdenis in. Hiermee wil men aantonen dat de islam reeds van bij het begin erg belangrijk is in het leven van het kind.

De naamgeving: Het is goed om een kind een mooie naam te geven. Mooie islamitische namen zijn namen die ook in de Koran voorkomen. Deze wordt na het koranvers ingefluisterd bij het kind.

De zevende dag na de geboorte: Op de zevende dag scheert men het hoofdje van de baby kaal en gaat men een dier slachten. Met dit offer toont de moslim zijn dankbaarheid aan Allah. Het zou teruggaan op Abraham die zijn zoon wilde offeren aan God. Tijdens de slachting van het dier moet de naam van het kind worden uitgesproken. Voor moslims in België is dit moeilijk, want dieren thuis slachten mag niet. Men moet beroep doen op een slachthuis, maar zeker van het juiste verloop van het ritueel is men dus niet. Daarom laat men vaak de slachting in het islamitische thuisland uitvoeren.

De besnijdenis: De besnijdenis bij moslims is dezelfde als die bij de joden: het weghalen van de voorhuid zorgt ervoor dat de eikel bij jongens onbedekt blijft. In de praktijk zijn haast alle moslims besneden. Het wordt gezien als het teken van islamitische identiteit. De besnijdenis is nauw verwant met rituele reinheid. Immers onbesneden mannen zouden geen geldige Salat kunnen uitvoeren omdat ze niet ritueel rein zijn. Over het tijdstip van besnijden bestaat discussie. Het argument voor een jongere leeftijd is dat de pijn minder zou zijn, voor oudere leeftijd dat het kind dan beter begrijpt waar het om gaat. Doorgaans worden Marokkaanse jongens voor hun vijf jaar besneden, Turkse jongens tussen hun drie en zeven jaar. Omdat de besnijdenis ook bij baby's kan, vermelden we het hier toch bij geboorterituelen.
In België zijn de sociale en structurele voorzieningen anders dan in islamitische landen. Dit maakt het soms moeilijker voor moslims om de besnijdenis uit te voeren. Toch is de situatie in België vrij gunstig, want men is door het bestaan van de joodse gemeenschap reeds vertrouwd met het ritueel. Hier gebeurt de besnijdenis in het ziekenhuis. Een islamitische dokter gebruikt moderne middelen, vaak onder volledige verdoving. Het kindje wordt vaak wel in rituele kleren naar de kliniek gebracht, maar de familie kan niet aanwezig zijn bij de ingreep. Daarom kiezen sommige ouders de besnijdenis in het islamitische thuisland te laten gebeuren. Daar wordt de ingreep uitgevoerd door een hadzam (Marokko) of een sunnetçi (Turkije). Na de besnijdenis volgt vrijwel altijd een groot feest.

Hindoeïsme

In het hindoeïsme noemt men de rituelen op een bepaald moment van het leven samskara's. Omdat overgangsmomenten vaak een stap in het onbekende betekenen, wil men die begeleiden met een ritueel dat het kwade afweert. Meestal spreekt men over zestien rituelen in een mensenleven. Men groepeert de samskara's rond geboorte, leerling zijn, de volwassenheid en de dood. Belangrijke elementen die bij elke samskara voorkomen, zijn het heilige huisvuur, spirituele reiniging met water en het uitvoeren van puja, een ritueel offer.

Negen van de zestien samskara's hebben met geboorte te maken. Dit toont aan dat het krijgen van kinderen erg belangrijk is. Een eerste reeks vindt plaats in de loop van de zwangerschap, de andere samskara's na de geboorte van het kind. Het is de vader die deze rituelen uitvoert, soms met de hulp van een brahmaan.

Het ritueel van de conceptie (Garbhadana): Dit ritueel licht het koppel in over het krijgen van kinderen. Tegenwoordig maakt het ritueel deel uit van de huwelijksceremonie.

Het verlangen naar een zoon (Pumsavana): Men deelt aan de omgeving mee dat de vrouw in verwachting is en dat men verlangt naar een zoon. De vader raakt hierbij de buik van de moeder aan. Daarna gaat de moeder rechtstaan, kijkt in de richting van het westen en krijgt het sap van de banyan-boom in haar rechterneusvleugel gegoten om haar tegen zwangerschapskwaaltjes te beschermen.

De haarscheiding bij de moeder (Simantonnaya): De aanstaande vader brengt een middenscheiding aan in het haar van de vrouw. Hiermee wil hij de kwade geesten verdrijven zodat ze het leven van zijn vrouw en ongeboren kind niet verstoren.

De geboorteceremonie (Jatakarma): Dit ritueel vindt plaats op de dag van de geboorte of tien dagen erna. Eerst kijkt de vader de baby aan en peilt daarmee naar de intelligentie van het kind. Hij geeft het kindje zijn eerste badje en voedt het met een gouden lepeltje wat honing en wat geklaarde boter. Daarna tekent hij het ohm-teken op de tong van het kindje. Ohm, goud, geklaarde boter en honing zijn tekenen die ziektes tegenhouden en voor intelligentie zorgen. Daarna spreekt de vader een aantal spreuken (mantra's) uit opdat het kindje lang zou mogen leven. Hij zegt die op de hoogte van de navel van de baby. Soms vraagt men ook brahmanen (priesters) om hun adem over het kindje te blazen. Door die extra adem zou de adem van het kind sterker worden.

Het naamgevingritueel (Namakarana): Tijdens dit ritueel krijgt het kindje zijn religieuze of astrologische naam. Het is niet de naam die de ouders al hebben gegeven. Dit gebeurt op de twaalfde dag na de geboorte, door de familiepriester. Deze stelt de horoscoop op en schrijft een geboortebrief met astrologische gegevens. Daarna fluistert hij de astrologische naam in het oor van het kindje, gevolgd door een aantal mantra's.

Tenslotte volgen nog een aantal andere rituelen in verband met de geboorte. De eerste keer dat het kindje het huis verlaat, spreekt de vader een rituele spreuk uit. Vaak wordt hierbij een groot feest voor vrienden en familie gegeven. Wanneer het kindje vast voedsel krijgt, spreekt men opnieuw mantra's uit en offert men ook voedsel. Het is de grootvader die de baby zoete rijst in een gouden lepeltje geeft. Vóór de eerste verjaardag scheert men ook de haren van de baby. Het krijgt een mengsel van water en geklaarde boter op het hoofdje en men scheert de haren in een patroon dat typisch is voor de familie waartoe men behoort. Men prikt hierbij ook gaatjes in de oren zodat de baby oorringen kan dragen als bescherming voor allerlei ziektes en opdat het heilige woorden beter zou begrijpen.

Boeddhisme

De geboorte van een kind wordt dan ook eerder met culturele gebruiken gevierd dan er sprake is van een echt religieus ritueel.


In uitzonderlijke gevallen vindt er enkele maanden na de geboorte een zegeningmoment plaats. De ouders brengen het kindje naar de tempel en nodigen ook familie en vrienden uit. Het is een leraar of lama die een welkomstwoord uitspreekt, teksten voorleest en zegenwensen uitspreekt. Het zijn zinnen die hij zelf opstelt, noch de wensen, noch de teksten liggen dus ritueel vast. Er is niet echt een vast stramien volgens hetwelk het 'ritueel' dient te verlopen. Wel brengen ouders en familie soms offergaven aan. Na afloop schenkt de lama doorgaans ook een gezegend beschermkoordje aan het kind.

Dit ritueel is geen opname in de boeddhistische geloofsgemeenschap. Daar de nadruk in het boeddhisme komt te liggen op de persoonlijke levensstijl van een mens, is het zinloos het kind al op jonge leeftijd op te nemen. Deze keuze moet op een latere leeftijd worden gemaakt. Dit ritueel blijft dus vrij algemeen en beperkt zich tot het toewensen van geluk in het leven. Daarom komt het in het westen ook voor dat deze zegewens wordt gecombineerd met een geboorteritueel uit een andere religie, bijvoorbeeld het christelijk doopsel.



  1. Welk geboorteritueel trekt je aan? Welk niet?

……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

  1. Zie je veel verschillen onderling? Zie je ook gelijkenissen?

………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………


  1. Opdracht:

Knutsel zelf een geboorteritueel in elkaar. Je mag verschillende elementen gebruiken uit verschillende godsdiensten. Hou hierbij volgende vragen in het achterhoofd:

Belangrijke vragen moeten hiervoor worden opgelost:



  • Ben je van mening dat men op jonge leeftijd kan worden opgenomen in een geloofsgemeenschap of pleit je eerder voor een welkomstritueel?

  • Welke gebruiken spraken je het meest aan in de verschillende traditie?

  • Wil men zich strikt houden aan de traditie en dus de formele kenmerken van een bepaalde religie volledig overnemen?

  • Wordt de basisstructuur van een bepaalde traditie behouden en brengt men daarbinnen een aantal persoonlijke toetsen aan?

  • Wordt het een religieus ritueel en verwijst men naar God?

  • Kiest men voor een vrijzinnig ritueel met eigen creatieve ontwerpen?

  • Welke muziek kan worden gebruikt?

  • Wie nodigen we allemaal uit?

  • Wil je mystieke/ magische elementen in je geboorteritueel?

  • Vind je het belangrijk dat het aspect 'verantwoordelijkheid' aan bod komt? En moeten ouders die verantwoordelijkheid alleen dragen?

  • Is er zichtbaar of blijvend lijfelijk teken nodig in het geboorteritueel?

  • Zijn de rituelen niet veel te serieus? Mag er wat humor aan bod komen?

  • Waar wil je het ritueel laten doorgaan? Is een religieuze plaats noodzakelijk, huur je een feestzaaltje of mag het ook gewoon thuis?

  • Moet men een bepaalde opdracht hebben volbracht of aan bepaalde voorwaarden voldoen vooraleer men het ritueel mag meemaken? Is en bijvoorbeeld een voorbereidingstijd nodig?







De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina