Introductie



Dovnload 147.23 Kb.
Pagina1/4
Datum24.07.2016
Grootte147.23 Kb.
  1   2   3   4



Subsahara Afrika of Zuidoost Azië: waar is men beter af?



INTRODUCTIE



De blijvend hoge voedselprijzen leiden op menige markt in Afrika al tot Madurodamisering. Producten worden in steeds kleinere hoeveel­heden verkocht om het nog betaalbaar te houden voor de klant. (Bron: IS 2009)
Ontbossing als gevolg van palmolieproductie. Palmolie wordt wereldwijd als brandstof, maar ook als toevoeging in veel voedselproducten gebruikt.





Thema
Op wereldniveau zijn er grote verschillen tussen productie en consumptie van voedsel in Noord en Zuid. In deze opdracht richten we ons op twee specifieke regio’s: Zuidoost Azië en Afrika ten zuiden van de Sahara. Binnen deze regio’s gaan we weer inzoomen op vier specifieke landen; voedselzekerheid is namelijk sterk afhankelijk van tijd en plaats.



Probleemstelling
Voedselzekerheid is sterk afhankelijk van tijd en plaats. Op het gebied van voedselzekerheid zijn er tussen landen in de zuidelijke regio subtiele verschillen. Uiteraard zijn er ook overeenkomsten: in vele gevallen kunnen zij elkaar een hand geven.
ORIËNTATIE




Hoofdvraag-deelvragen


Wat zijn verschillen en overeenkomsten tussen landen in subsahara Afrika en Zuidoost Azië als het gaat om voedselproblematiek en waar zijn ze beter af?






Voorkennis
Deze opdracht sluit aan bij de opdracht ‘Wereldvoedselcrisis’. Bij het wereldvoedsel­vraagstuk spelen veel verschillende factoren. Zowel oorzaken als gevolgen van de voedsel problemen, vinden we terug in alle geografische dimensies. Zo leidt overexploitatie van landbouwgrond (economische oorzaak) vaak tot bodemdegradatie (fysisch gevolg). Op haar beurt kan bodemdegradatie er weer toe leiden dat mensen hun huis en haard moeten verlaten, met alle sociale gevolgen van dien.

Waar de opdracht ‘Wereldvoedselcrisis’ zich op het mondiale niveau richt, zoomt deze opdracht in op twee specifieke regio’s: Zuidoost Azië en Afrika ten zuiden van de Sahara.





Eindtermen

Aardrijkskunde
Domein A Vaardigheden

  • Relevante informatie selecteren, analyseren, interpreteren en produceren bij gegeven geografische vragen

  • Geografische vragen herkennen

  • Verschijnselen en gebieden vergelijken in ruimte en tijd

  • Relaties leggen binnen een gebied en tussen gebieden

  • Verschijnselen en gebieden vanuit verschillende dimensies beschrijven en analyseren

  • Verschijnselen en gebieden in hun geografische context plaatsen

  • Verschijnselen en gebieden op verschillende ruimtelijke schalen beschrijven en analyseren (= inzoomen en uitzoomen)

  • Verschijnselen en gebieden analyseren door relaties te leggen tussen het bijzondere en algemene


Subdomein B1: Samenhang en verscheidenheid in de wereld

De kandidaat kan ten aanzien van samenhang en verscheidenheid in de wereld mondiale spreidingspatronen van economische, culturele, demografische, sociale en politieke verschijnselen beschrijven, in hoofdlijnen verklaren en aan elkaar relateren.


VWO Subdomein B2: Mondiaal verdelingsvraagstuk

De kandidaat kan met betrekking tot een … verdelingsvraagstuk vanuit het perspectief van het subdomein 'Samenhang en verscheidenheid in de wereld' (B1):



  1. actuele discussies over het vraagstuk kritisch beoordelen en relaties leggen met relevante natuurlijke factoren;

  2. beleid beoordelen dat is gericht op het oplossen van het vraagstuk op macroregionale schaal.




  1. de actuele discussies over het wereldvoedselvraagstuk kritisch beoordelen en relaties leggen met relevante natuurlijke factoren

Het vraagstuk van de voedselzekerheid



  • Beargumenteren dat het voedselvraagstuk ook een maatschappelijk (verdelings)probleem is.

De invloed van natuurlijke en maatschappelijke factoren op de voedselzekerheid in verschillende gebieden, op verschillende tijd en ruimteschalen

De kwetsbaarheid van natuurlijke systemen in verschillende gebieden en hun draagkracht voor de landbouw

De kwetsbaarheid van sociale groepen in verschillende gebieden voor voedseltekorten


  1. beleid beoordelen dat is gericht op het vergroten van de voedselzekerheid in Afrika

Noodhulp, handelspolitiek en ontwikkelingssamenwerking



  • Uitleggen dat de gevoerde handelspolitiek van de rijke landen vaak niet strookt met de doelstellingen van ontwikkelingssamenwerking

Economische ontwikkeling, sociale verhoudingen, politieke stabiliteit, demografische ontwikkeling en duurzaam landgebruik

  • Aangeven in hoeverre interne factoren de verhoging van de voedselzekerheid in een land afremmen of verhogen


Subdomein D1: Afbakening en gebiedskenmerken

De kandidaat kan een geografische vergelijking maken tussen Zuidoost Azië en een andere macro-regio (in dit geval Afrika ten zuiden van de Sahara).


Subdomein D2: Actuele vraagstukken

De kandidaat kan actuele vraagstukken in de in subdomein D1 bedoelde macroregio vanuit een geografisch perspectief beschrijven, analyseren en verklaren. Het betreft:



  1. milieuvraagstukken samenhangend met het gebruik van natuurlijke hulpbronnen en natuurlijke gevaren samenhangend met natuurrampen



het gebruik van natuurlijke hulpbronnen in Zuidoost-Azië door de tijd heen

  • Aan de hand van een voorbeeld (bijv. ontbossing) aangeven dat exploitatie van natuurlijke hulpbronnen wordt gestuurd door buiten de regio gelegen actoren.



  1. kenmerken van de hedendaagse ontwikkeling (in de steden en) op het platteland van de betreffende macroregio, samenhangend met het proces van mondialisering (deels)



Kernbegrippen

Natuurlijke mogelijkheden en

beperkingen

Maatschappelijke belemmeringen

Politieke stabiliteit
Carrying capacity /draagkracht

Bodemdegradatie

Droogteresistentie
Sociale stratificatie

Positie van vrouwen, minderheden

Aids

Grootfamilie



Grondbezitverhoudingen

Voedselcrisis

Voedselhulp

- noodhulp

- projecthulp

- programmahulp

Hulporganisaties:

- internationaal

- gouvernementeel / NGO’s

Handelspolitiek



  • dumping

Neerslagregiem

Droogtelandbouw

Good governance

Territoriale conflicten

Landhervorming


Houtkap / bosbouw

Roofbouw


Duurzaamheid

- milieuproblemen

- aantasting (verlaging)

- biodiversiteit

- uitputting

- landdegradatie

- waterbalans
Landbouw:

- zelfvoorzienend / commercieel

- Groene Revolutie

- dé-agrarisatie

- subcontracting

- agribusiness







Eindproduct

Je maakt een stripverhaal waarin je op originele en aansprekende wijze zorgt dat jongeren weten wat er speelt in Zuidoost Azië en subsahara Afrika op het gebied van voedselzekerheid. Omdat het om jongeren gaat, wil je graag dat het ze in korte tijd duidelijk wordt hoe het probleem van de voedselzekerheid in elkaar zit. In je stripverhaal laat je daarom twee vertegenwoordigers van de continenten uitleggen hoe het in hun deel van de wereld in elkaar steekt. Je laat hen alle oorzaken en gevolgen van de problematiek belichten. Op basis hiervan moet een jongere kunnen kiezen waar hij of zij beter af zou zijn, nu en op langere termijn.

De strip is minimaal 1 en maximaal 3 pagina’s lang.
In het eindproduct wordt duidelijk:


  • Welke begrippen en processen een sleutelrol spelen

  • Wat de overeenkomsten en verschillen zijn tussen de onderzochte Afrikaanse landen

  • Wat de overeenkomsten en verschillen zijn tussen de onderzochte Aziatische landen

  • Wat de overeenkomsten en verschillen zijn tussen de verschillende regio’s

  • Welke regio beter af lijkt te zijn (en eventuele kanttekeningen hierbij)


Criteria waarop de opdracht wordt beoordeeld:

Uitwerking van het kleurenschema 20 punten

Vergelijking binnen de regio’s 20 punten

Vergelijking tussen de regio’s 20 punten

Uitwerking strip 30 punten

Samenwerking in de groep _10 punten

Totaal te behalen 100 punten



WERKWIJZER




Vooraf



Groepsgrootte: 6 personen
Tijd

Voor de opdracht heb je ongeveer 8 uur nodig.







Stappenplan

Blauw gekleurde onderdelen moeten terug te vinden zijn in je eindproduct.


Stap 1 Bestudeer de bronnen

Bij de Bronnen vind je zes (series) artikelen. Ieder krijgt één bron toegewezen.

Arceer met de kleuren uit onderstaand schema in het artikel dat je bestudeert, welke oorzaken en gevolgen je tegenkomt binnen de verschillende dimensies.
Stap 2

Vul samen onderstaand schema in met gevonden factoren (oorzaken en gevolgen) die spelen bij de voedselzekerheid. Zorg dat je uiteindelijk minstens 75% van de hokjes hebt gevuld.


Kijk bij de leerdoelen en bijbehorende begrippen. Zijn er zaken die echt nog niet aan de orde zijn gekomen in het schema, zoek ze dan op in De Geo Wereld: Arm en Rijk en De Geo: Zuidoost-Azië actueel. Ook The CIA World Factbook of de Bosatlas kunnen nog helpen met gegevens.
Je bent enkele keren tegengekomen dat er oorzaak-gevolg relaties zitten tussen de factoren (bv. door armoede (sociaal-economische oorzaak) kappen boeren bossen (fysisch gevolg) om landbouw te kunnen bedrijven. Geef dit waar mogelijk aan met tekst dan wel pijlen. Als je een vicieuze cirkel vindt (bv. door ziekte kunnen boeren niet meer goed werken, waardoor zij weinig eten, zieker worden en dus nog minder goed kunnen werken), geef dit dan ook aan.





Artikel 1: Afrika algemeen

Artikel 2: Zuid-Afrika

Artikel 3: Kenya

Artikel 4:

Azië algemeen



Artikel 5:

Filippijnen



Artikel 6:

Indonesië



Fysische dimensie

Klimaat, bodem etc.





















Sociaal-economische dimensie




















Sociaal-culturele dimensie




















Politieke (juridische) dimensie




















Demografische dimensie





















Niet te plaatsen binnen één dimensie, wel belangrijk





















Stap 3 Analyse

Analyseer waar de overeenkomsten en verschillen zitten binnen de regio’s (maak eventueel weer een schemaatje, dat analyseert makkelijk)

Analyseer waar de overeenkomsten en verschillen zitten tussen de regio’s (maak eventueel weer een schemaatje, dat analyseert makkelijk)
De schema’s zijn de basis voor je strip. Ze zeggen natuurlijk niet alles, want je hebt maar twee landen per regio onderzocht; je generaliseert veel op basis van weinig gegevens. Omwille van de tijd gaan we het toch zo doen. Bovendien: de macroregio’s zijn niet voor niets zo begrensd; er zijn veel interne overeenkomsten (tussen de landen).
Stap 4 Strip

Pak met zijn allen een groot blad en bespreek hoe je de strip in grote lijnen vorm wilt gaan geven. Teken dit uit. Bedenk ook welke stijl je wilt; simplistisch of uitgebreid?



Verdeel wederom de taken. Het omwille van de tijd het best als zoveel mogelijk mensen bezig zijn (tekenen, tekstballonnen maken, kleuren, ….). Een klein verschil in tekenstijl binnen de strip is geen probleem.




BRONNEN




Hyperlinks



  • Schema wereldvoedselvraagstuk:
    www.digischool.nl/ak/2efase/toetsen/2efase/wereldvwo/schema_8_wereldvoedselvraagstuk_.html




  • www.nationalgeographic.com




  • Internationale Samenwerking online
    www.isonline.nl/




  • CIA The World Factbook:oost en zuidoost Azië https://www.cia.gov/library/publications/the-world-factbook/region/region_eas.html



  • CIA The World Factbook: Afrika https://www.cia.gov/library/publications/the-world-factbook/region/region_afr.html




1 Afrika algemeen



  1   2   3   4


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina