Issue / Series / Title PsychoPraktijk



Dovnload 27.88 Kb.
Datum22.07.2016
Grootte27.88 Kb.
Aan het woord

Issue

Issue / Series / Title

PsychoPraktijk

Issue / Series / Volume Nr

4

Issue / Date

2011

Issue / Pages / First Page




Issue / Pages / Last Page



Johan Van de Putte over narratieve therapie: ‘Zelden was ik zo geraakt door een model.’




Johan Van de Putte is helemaal bevlogen van narratieve therapie. Zijn hele gezicht straalt bij de herinnering aan de eerste kennismaking hiermee. 'Ik denk dat ik zelden zo getroffen was door een model.' In zijn werkkamer thuis in Gent vertelt hij met veel enthousiasme over zijn zoektocht naar de beste en meest respectvolle therapie voor zijn cliënten. Hij las er niet alleen veel over, maar volgde ook veel opleidingen en workshops in de meer- en minder gangbare vormen van psychotherapie. Gedragstherapeutische technieken wijst hij niet af, maar hij gebruikt ze nu op een narratieve manier. Naast zijn werk als psychotherapeut geeft hij workshops in mindfulness en narratieve therapie.
door Marijke van Eijkeren
In deze rubriek vertelt iemand uit de GGZ of de academische wereld over zijn of haar ervaringen.

M. van Eijkeren is journaliste (info@mvetekstenbeeld.nl).

'Ik ben via een omweg bij psychologie terecht gekomen omdat ik eerst een studie rechten heb gedaan. Ik denk dat ik die studie nodig had om er achter te komen wat ik graag doe en wat ik belangrijk vind. In het vijfde jaar van mijn rechtenstudie besloot ik dat ik niet in een beroep terecht wilde komen waar mensen zich soms bezighouden met het profijt halen uit conflicten. Ik wilde op een positieve manier met mensen bezig zijn.' Zo begon Johan op zijn 23ste aan de studie psychologie.

Opleiding en bijscholing


Al tijdens zijn studie psychologie liet Johan zien dat hij iemand is die graag buiten de gebaande paden kijkt. Voor het vak groepstherapie koos hij niet voor een formule die door de universiteit was georganiseerd voor studenten, maar zocht het daarbuiten. 'Ik voelde mij erg aangesproken door een aanbod van Nand Cuvelier, bekend als psychodramaturg en oprichter van de Relatie-Studio.' Ook na zijn studie volgde Johan hier meerdere seminars die hij als heel kostbaar heeft ervaren. In zijn eerste ervaring met de praktijk bij de psychiatrische dienst van een ziekenhuis merkte hij toch een tekort in zijn opleiding. 'Ik kwam daar in contact met mensen die worstelden met problemen, maar niet zo'n boodschap hadden aan psychotherapie zoals ik dat zag.´ Hij besloot om de opleiding gedragstherapie te volgen hoewel hij daar niet zo'n gevoel mee had. ´Maar mensen willen hulp´, verklaart hij lachend deze stap. ´Ik ben toen geïnteresseerd geraakt in klachtgericht werken. Ik volgde naast gedragstherapie, de opleiding hypnotherapie. Voordat ik daarmee klaar was, raakte ik geïnteresseerd in oplossingsgerichte therapie. Die leek me goed te passen bij directief, klachtgericht werken.' Tijdens de introductie kwam Johan er achter dat oplossingsgerichte therapie niet uitgaat van problemen, maar van de goede en gewenste momenten in het leven. 'Op dat model werd ik een beetje verliefd en ik ben me er stilletjes in gaan bekwamen.´

1 Wie is Johan Van de Putte?

Johan Van de Putte (1963) studeerde rechten en vervolgens Klinische Psychologie aan de Katholieke Universiteit Leuven. Daarna volgde hij opleidingen in een aantal psychotherapeutische perspectieven en methodieken: o.a. in de Relatie-Studio bij Nand Cuvelier, gedragstherapie, hypnotherapie, EMDR, oplossingsgerichte therapie, mindfulness en narratieve therapie (o.a. in het Dulwich Centre in Australië). Hij werkt als psychotherapeut en therapeutisch coördinator op een afdeling in de psychosenzorg in het psychiatrisch ziekenhuis Sint-Amandus in Beernem. Daarvoor werkte hij ondermeer als psycholoog in het Universitair Ziekenhuis Gent, bij het Psychiatrisch Ziekenhuis Onze-Lieve-Vrouw in Brugge en het AZ OLV Ter Linden in Knokke. Hij geeft opleiding in psychotherapeutische methoden (zowel gedragstherapeutische en cognitief-therapeutische, als oplossingsgerichte en vooral narratieve). Daarnaast geeft hij cursussen in mindfulness. Hij was mede-auteur van het boek Cognitieve gedragstherapie bij depressie (2004).



Kennismaking met Michael White


Via een boek dat een neerslag was van een conferentie georganiseerd door bekende mensen van het oplossingsgerichte denken en het narratieve model maakte Johan vijftien jaar geleden voor het eerst kennis met de narratieve aanpak. ´In het boek stonden artikelen van ene Michael White. Ik weet nog hoe fascinerend ik die vond.´ In 2005 volgde Johan een workshop van Michael White in Antwerpen. ´Ik denk dat ik zelden zo getroffen was door een workshop, zo geraakt door een model.' Johan is zichtbaar ontroerd bij de herinnering, zijn ogen glinsteren als hij hierover vertelt. 'De manier waarop die benadering respect probeert te beoefenen in relatie tot mensen in de cliëntpositie sprak mij heel erg aan. Ik wist toen al dat dit mijn werk sterk zou beïnvloeden.' Hij volgde een zesdaagse workshop in Ierland en vervolgens de postgraduaat opleiding in het Dulwich Centre in Australië. Drie opleidingsblokken van twee weken in Adelaide werden afgewisseld met zelfstudie, reflectie, feedback en supervisie via een skypeverbinding.
Is je manier van werken hierdoor veranderd?

'Ik ben opgeleid als gedragstherapeut en geef daar ook supervisie in. Het is dus niet zo dat ik daar helemaal afstand van heb genomen. Maar mijn manier van werken is wel heel narratief geworden. Bij de directieve manier van werken construeer je de persoon in de cliëntpositie als redelijk incompetent. Hij heeft geluk dat hij bij zo'n competente expert terecht kan. Ik was heel stellig in wat het probleem was van mensen en waar oplossingen gezocht moesten worden. Dat kan ik nu niet meer op die manier. Ik ben minder opdringerig en luister meer.' Johan legt de controle over de therapie nu meer bij de cliënt. Hij herinnert zich uit de periode waarin hij narratief ging werken een cliënt met wat hij een dwangprobleem noemde. Hij realiseerde zich dat hij het was die zo betekenis gaf aan haar ervaring. Dus vroeg hij: 'Ik ben het dwangproblematiek gaan noemen, maar vind je dat een goede naam?' Na doorvragen bleek deze mevrouw haar probleem liever een zoektocht naar orde en structuur te noemen. 'Die naam heb ik overgenomen en ik heb verder vragen gesteld over haar zoektocht naar orde en structuur. Ik heb wel ook gedragstherapeutisch met haar gewerkt, omdat ik vind dat daar goede technieken inzitten. Maar ik zal nu vragen aan de cliënt of deze geïnteresseerd is om hier meer over te horen.' Een simpel ja is niet genoeg. Johan wil ook horen waarom de cliënt er iets in ziet. "Hoe komt het dat je je daar iets bij voor kan stellen? Heb je een bepaalde ervaring in je leven die daarbij past?" En daar stelt hij dan weer vragen over. 'Dat is narratief. Vroeger had ik dat nooit gedaan.' Johan noemt nog een ander voorbeeld van deze vragende manier van werken. 'Als mensen hun huiswerk hadden gedaan zou ik vroeger gedacht hebben dat het zo moet zijn: een brave, ijverige cliënt. Nu zou ik nieuwsgierig zijn naar hoe ze ertoe gekomen zijn om dat te doen. Wat zegt dat over hen? Wat zegt dat over wat de cliënt belangrijk vindt?'


Nieuwsgierigheid hoort dat bij narratieve therapie of hoort dat ook bij jou?

'Alle twee. Door samen ervaringen uit te diepen en ze te verbinden tot rijke verhalen ontdekt de cliënt wie en wat belangrijk is voor hem of haar. Door de cliënt te ondersteunen krijgen mensen de ervaring dat ze in staat zijn om hun eigen leven te sturen in een richting waar zij achter kunnen staan.'

'Het verhaal is een metafoor die centraal staat in narratieve therapie. Met een verhaal geven mensen betekenis aan hun ervaringen.' Johan legt op het whiteboard uit hoe dit werkt. 'Minstens twee ervaringen worden in de loop van de tijd met elkaar verbonden volgens een thema of plot. Zo ontstaat een verhaallijn. In verhalen kun je een onderscheid maken tussen een actiedimensie (wie doet wat?) en een identiteitsdimensie (wat zegt dit verhaal over de identiteit van de persoon of de relatie?). Als we naar een film kijken is onze verbeelding erg actief: wie is die persoon, wat beweegt hem? Een goed verhaal gijzelt je. Je kunt er niet naar luisteren zonder bewogen te worden. Die wetenschap wordt in de narratieve gespreksvoering gebruikt om verhaallijnen die erg ondersteunend kunnen zijn op een rijke manier te helpen ontwikkelen.' Door nieuwsgierig te zijn en door te vragen komen steeds meer details van een kleine positieve ervaring naar boven. De herinnering eraan wordt steeds levendiger. Het verhaal krijgt steeds meer betekenis en de waarde ervan wordt steeds duidelijker.



Uitgangspunten van narratieve therapie


'Narratieve therapie bestaat niet uit technieken die een probleem oplossen. Het maakt de sense of agency van een persoon sterker. Je reconstrueert bijvoorbeeld samen een probleemverhaal tot een verhaal over de effecten van het probleem en over de waarden die geraakt worden. Door deze waarden in verhaal te laten komen, bijvoorbeeld de waarde van een goede band met de gezinsleden, krijgt de cliënt aan het eind van het gesprek hier meer voeling mee. Dat maakt het mogelijk om van hieruit stappen te zetten die mogelijk stokken in de wielen steken van het probleem.'

Problemen worden op een externaliserende manier onderzocht uitgaande van het axioma dat persoon en probleem niet samenvallen. 'Mensen hebben de neiging om zich te vereenzelvigen met het probleem. Het feit dat ik dit probleem heb zegt dan zogezegd iets over mij, namelijk dat ik faal, dat ik geen succesvol lid ben van de samenleving. Een uitgangspunt van narratieve therapie is dat probleem en persoon niet hetzelfde zijn.' De eerste tien minuten van een gesprek met een nieuwe cliënt praat Johan daarom bewust niet over het probleem waar de cliënt voor komt. 'Stel dat jij in de cliëntpositie zou komen dan zou ik vragen: "Marijke het is de bedoeling dat we vandaag spreken over wat jou hier brengt, wat misschien een schaduw over jouw leven werpt. Maar is het oké dat we enkele minuutjes praten over jou los van de moeilijkheid die jou hier brengt, over wie je bent en wat je belangrijk vindt?" Pas daarna stel ik vragen over het probleem, maar op zo'n manier dat het probleem geen negatief idee over de identiteit van de cliënt suggereert. Ik zal een ervaringsnabije naam of omschrijving vragen van het probleem en ik zal vragen naar de effecten van het probleem. Dat doe ik op een externaliserende manier door de vraag grammaticaal anders te stellen. Ik zal niet vragen: "Sinds jij depressief bent geworden Marijke, hoe voel jij je, hoe denk je over jezelf?" Ik zal vragen: "Marijke wat voor invloed, wat voor effecten heeft depressie op jou, doet depressie jou op een bepaalde manier over jezelf denken? Heeft depressie invloed op jouw relatie met je partner of je kinderen?" Het probleem is het onderwerp en jij of je gezin het lijdend voorwerp. Zeg je "Ja, ik isoleer mij van mijn gezinsleden", dan breng je dat op een internaliserende manier naar voren. Je lokaliseert het probleem in jou als persoon. Ik zal dat terugspelen en zeggen: "Wacht, klopt het dat depressie een kloof creëert tussen jou en je partner?"’


Johan evalueert vervolgens met de cliënt de effecten van het probleem. Aan welke effecten tilt de persoon zwaar en waarom? Wat is kostbaar en hoe kan dit in verhaal komen? Samen ontdekken ze zo waardevolle momenten in het leven van de cliënt. De wijze van gespreksvoering brengt hen soms bij een kleine, al lang vergeten, maar heel belangrijke positieve jeugdervaring die door het praten erover weer heel sterk en levendig wordt herinnerd. 'Iemand heeft bijvoorbeeld de smaak leren kennen van een goede band met het gezin thuis bij een vriendinnetje, waar de sfeer heel anders was dan in het gezin waar de cliënt opgroeide.' Van het in steekwoorden op het whiteboard opgeschreven verhaal maakt Johan een foto voor zichzelf en voor de cliënt.





2 Narratieve therapie

Mensen vertellen verhalen om ervaringen te verklaren en er betekenis aan te geven. Narratieve therapie of verhalende therapie maakt hier gebruik van. Het probleemverhaal heeft een reële invloed op de ervaring van een cliënt en op zijn doen en laten. Maar er zijn ook verhalen te ontwikkelen en te vertellen waarin het probleem niet speelt. Narratieve therapie is begin jaren tachtig ontwikkeld door de Australische maatschappelijk werker/gezinstherapeut Michael White (1948-2008). Hij was directeur van het Dulwich Centre in Adelaide, Australië en schreef o.a. het handboek Narratieve therapie in de praktijk. Verhalen die werken (2008). Informatie over workshops en opleidingen: Basisworkshop, opleiding en supervisie Johan Van de Putte (www.narratievetherapie.be).



Een tweede verhaal


Door betekenis te geven aan soms kleine voorvallen die niet passen in het verhaal van het probleem, ontwikkelt zich een nieuw verhaal dat steeds meer aan betekenis kan winnen. 'We hebben zoveel ervaringen op een dag, zelfs 's nachts als we dromen, dat we aan heel veel ervaringen geen betekenis geven. Door te vertrekken vanuit een klein sprankeltje ontwikkel je samen met de cliënt andere betekenisvolle verhaallijnen die de basis kunnen zijn voor inspiratie en initiatieven die daarbij passen.'
Gebeurt dat in de praktijk ook? Komen mensen zelf op het idee welke stappen ze zouden moeten zetten?

‘Ja, dat gebeurt. Ik herinner mij een gesprek met een ernstig depressieve, suïcidale man. Ik vroeg iets te vertellen over de ups en downs sinds ons vorige gesprek. Die had hij niet gehad, het had gewoon lichtjes geschommeld. Op mijn vraag om een licht schommelingetje naar boven te halen vertelde hij over de dag ervoor.' Hij was met zijn vrouw bij zijn dochter en kleinkind geweest en ze hadden in haar tuin gewerkt. Door de wijze waarop Johan het gesprek ondersteunde kwam via de ervaring dat hij zijn kleindochter in een kruiwagen had rondgereden de herinnering naar boven aan de tijd dat zijn dochters klein waren, over het gezin dat hij samen met zijn vrouw heeft proberen te creëren. Het was eigenlijk een hele gezellige dag geweest en zijn stemming was veel meer dan een licht schommeltje naar boven. 'Aan het eind van het gesprek vroeg ik of hij hier iets mee kon voor komende week. Hij zei: "Nou weet je, nog voordat je het vroeg dacht ik, ik ga dat nog doen, ik ga met mijn vrouw afspreken. Want alle drie mijn dochters hebben tuinen. Die gaan het zeker een goed idee vinden dat we een beetje komen helpen." En hij heeft dat gedaan ook. Ik vond dat zo treffend, het was helemaal geen huiswerk dat ik had bedacht. Hij bedacht het zelf. Die initiatieven hadden niet zoveel te maken met dat hij onder de depressie uit wilde, maar met de ervaring dat hij toch iets goed had gedaan in zijn leven, met het besef hoe kostbaar dit omgaan met zijn gezin is.’


Je krijgt eigenlijk een ander verhaal?

'Door de narratieve inspiratie worden verhalen nieuw leven ingeblazen. Alles wat mogelijk is om de depressie te verminderen, krijgt op die manier nieuwe zin. Het is niet zomaar vechten tegen een probleem, het is ook een positieve verhaallijn. Dat uitgangspunt is mij erg dierbaar. Michael White had de stelling “life is multistoried”. Het is minder preferabel om maar één thema in je leven te hebben. Potentieel zijn er heel veel verhaallijnen. Het idee dat het leven multistoried is en dat wij kunnen bijdragen aan een veelverhalig leven spreekt mij meer aan dan het idee dat mensen enkel problemen hebben en dat de hulpverlener moet bijdragen aan de oplossing ervan. Dat laatste maakt mij kwetsbaar voor een burn out.'


Narratieve therapie heeft ook effect op de therapeut?

'Ja, heel erg vind ik. Terugkijkend naar de periode dat ik exclusief gedragstherapeutisch werkte had ik regelmatig dagen dat ik op was. Het verschil met narratieve gesprekken is dat ik geregeld het gevoel heb dat ik een geschenk heb gekregen, dat ik getuige mag zijn van al die prachtige, kostbare, waardevolle verhalen. Die meneer van die ups en downs kwam uit een gezin dat hij zelf als erg koud had ervaren. Hij had voeling gekregen met warmte door het gezin van zijn vrouw. De simpele vraag van zijn schoonmoeder aan hem als volwassene hoe het op het werk was geweest had indruk op hem gemaakt. Hij doet dat nu met zijn schoonzonen, die komen graag bij hem thuis. De vraag "Hoe is het geweest vandaag" kan ik niet meer als een triviale vraag zien nu ik ontdekt heb hoe kostbaar die kan zijn. Van dat soort gesprekken krijg ik energie.'

Johan gebruikt dat effect ook in groepstherapie. 'De laatste twee jaar heb ik een keer per week een groepje met mensen die stil staan bij positieve ervaringen. Ik heb een interview met die persoon en de anderen spelen de rol van getuige. Vervolgens interview ik de getuigen op zo'n manier dat het maximaal ondersteunend is voor de ontwikkeling van een rijke verhaallijn (“Outsider Witness practices”). Op mijn vorige werk waren die gesprekken op woensdag, dat was mijn lievelingsdag. Die verhalen pakten mij, maakten mij bewust van dingen. Wat ik in die gesprekken hoor, dat vind je niet terug in de professionele literatuur (met alle respect daarvoor, mijn boekenkast staat er vol mee). Daar ben ik de narratieve inspiratie zo dankbaar voor. Er zit zoveel inspiratie in om van iets triviaals de schoonheid te zien en de kostbaarheid ervan te ontdekken.’
Past deze vorm van therapie binnen het werken met richtlijnen?

Over deze vraag moet Johan goed nadenken. Hij formuleert zijn antwoorden voorzichtig. Hij wijst de gangbare therapievormen niet zonder meer af. Maar hij heeft er wel moeite mee dat hij als gedragstherapeut en medeauteur van een boek over gedragstherapie en depressie zich niet hoefde te verantwoorden. Naarmate hij meer narratief ging werken en daar ook voor uitkwam werd hij verdacht. Narratieve therapie is nog niet evidence based. Maar voor het Dulwich Centre, centrum voor narratieve therapie, is het wel een belangrijk aandachtspunt. Op de website zijn de resultaten van internationaal onderzoek te vinden en het instituut ontwikkelt onderzoeksmethoden die voldoen aan de gangbare onderzoeksstandaarden waarmee het narratieve model onderzocht kan worden. Maar vooral onderzoekt de therapeut voortdurend tijdens de therapie het effect van de gesprekken. 'Tijdens de therapie vraag ik frequent hoe het loopt, of het helpt, of we het echt hebben over dingen die belangrijk zijn voor de cliënt en waarom dat dan zo is.'

Een ander aspect van de richtlijnen is het aantal sessies voor een behandeling. Johan kan er inkomen dat er zorgvuldig met geld moet worden omgegaan. 'Het narratieve model is geen model dat zegt dat je twintig jaar therapie nodig hebt. In die zin lijkt het op het oplossingsgerichte model dat kort wordt genoemd.' Het narratieve model zegt niets over de duur van het therapeutisch proces, maar Johan schat het eerder in als kort. 'Dat heeft te maken met het feit dat mensen voortdurend in hun eigen kracht worden geplaatst. Daardoor komen ze niet in een afhankelijkheidspositie.'



Mogelijke citaten:


‘Door samen ervaringen uit te diepen en ze te verbinden tot rijke verhalen ontdekt de cliënt wat goed werkt.’

‘Mensen hebben de neiging om zich te vereenzelvigen met het probleem.’



‘Door te vertrekken vanuit een klein sprankeltje ontwikkel je samen andere betekenisvolle verhaallijnen.’

‘Er zit zoveel inspiratie in om van iets triviaals de schoonheid te zien en de kostbaarheid ervan te ontdekken.’



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina