Jeugdwerking sk aaigem opleidingsplan



Dovnload 82.45 Kb.
Datum23.08.2016
Grootte82.45 Kb.

JEUGDWERKING SK AAIGEM





OPLEIDINGSPLAN





Opgemaakt 2010 – 2011

door

GEERT DE BEER

Technisch Verantwoordelijke Jeugd Opleiding

Bijgewerkt seizoen 2011 – 2012

door

Robin Paerewyck

Technisch Verantwoordelijke Jeugd Opleiding


INHOUD

  1. Voorwoord

  2. Visie

  3. Missie

  4. Categorie U6 – U7

  5. Categorie U8 – U9

  6. Categorie U10 – U11

  7. Categorie U13

  8. Doelstellingen BASICS

  9. Tips Positief Coachen

  10. Slotwoord



  1. Voorwoord

De club SK AAIGEM kan trots terugblikken wat betreft jeugdwerking in de regio.

Meerdere spelers die zich als jonge speler aanmelden bij de club hebben in de fanionploeg gespeeld of spelen er nog steeds.

Als “kleine” club is de concurrentie van de grotere clubs steeds toegenomen, maar ook wij hebben onze troeven die we kunnen uitspelen.

Daarvoor verwijs ik u graag naar de visie en missie van de club. Een opleidingsplan kon dus niet achterwege blijven.

Dit jaar- of opleidingsplan is ingedeeld per categorie en bestaat uit cycli van 3 X 3 maanden namelijk AUG/SEPT/OKT , NOV/DEC/JAN en FEB/MA/APRIL.

In elke cyclus wordt naar verschillende doelen gewerkt per categorie.

Dit wordt gedaan door themagerichte trainingen. Na elke cyclus worden de spelers geëvalueerd.

Dit gebeurt door de trainer en TVJO. De evaluatie van de speler wordt zorgvuldig bijgehouden in hun persoonlijk dossier. De trainers krijgen steeds feedback van de TVJO zodat de club een kwaliteitsvolle jeugdopleiding kan voorleggen.

De trainers hebben een uitgebreide keuze in de bibliotheek van de club qua boeken, cd’s ,DVD’s, enz…


  1. Visie




  • De club volgt de visie van de K.B.V.B ( zonevoetbal )

  • Opbouw van achter uit

  • Creatief en initiatiefrijk op alle posities

  • Verdedigen als middel en niet als doel

  • De tegenstander zo hoog mogelijk onder druk zetten ( vanaf U10 )

  • Dominantie in het duel 1-1 aanvallend en verdedigend

  • Vasthouden eigen speelwijze onder weerstand tegenstander

  • Belangrijke rol voor het positiespel verdedigend en aanvallend

  • Gezonde wil om te winnen

  • Aanvallend voetbal



  1. Missie



  • Aandacht voor het individu; verbeteren van sterke punten, bijwerken zwakke punten ( evaluatie ! )

  • Bijbrengen technische- en tactische vaardigheden

  • Leren samenspelen

  • Voorbeeldfunctie ( samenhorigheid )

  • Creëren wederzijds respect ( tegenstanders, spelleider, trainers, medespelers, ea…

  • Lange termijn : doorstroming eerste ploeg



  1. Categorie U6 – U7

Spelend leren wordt door de club als rode draad gebruikt voor de allerkleinsten die hun eerste voetbalpasjes op een voetbalplein demonstreren.

Het thema “FUN” wordt dus heel het voetbalseizoen gebruikt.De trainers van de club worden in deze fase meer animator (dan coach) en spreken de taal van het kind.



THEMA’s

  • FUN : belangrijk thema, dient om de aandacht van de spelertjes vast te houden door middel van loopspelen ( met of zonder bal ), reactiespelen ( ratten en raven ), ea..

  • COORDINATIE : samenwerking tussen hersenen, zenuwen, zintuigen en spieren om een beweging juist, aangepast, ergonomisch en efficiënt uit te voeren.

Globaal ( huppelen, hinken, springen, rollen, enz…)

Oog – hand ( bal rollen, vangen, stuiten, enz…)

Oog – voet (bal behandelen met de voet )


  • Balbeheersing : het leiden van de bal met veel balcontacten ( toepassen coerver-methode

  • Lichaamsbeheersing : aanleren looptechniek en reactievermogen

  • Spelbeheersing : laatste 3 maanden van het voetbalseizoen

Wedstrijdgericht trainen via wedstrijdvormen (2-2/3-3/4-4)

  • BASICS :

  • bal veroveren, behouden, doorspelen, afwerken (zie cat. U8-U9)

  • Bij de wedstrijden wordt gebruik gemaakt van het systeem “vliegtuig”; piloot=voorspeler, staart=achterspeler, vleugels=linker en rechterspeler



  • De club wil vermijden dat de spelers na enkele jaren voetballen een burn-out krijgen en bied een breedmotorische opleiding aan vanaf de allerjongsten, zodat de trainingen minder saai en als leuker worden ervaren.

U6 – U7

Periode AUG/SEPT/OKT

Thema’s :



FUN

COORDINATIE

Periode NOV/DEC/JAN

Thema’s :



FUN

COORDINATIE

BAL en LICHAAMSBEHEERSING

Periode FEB/MAART/APRIL

Thema’s :



FUN

SPELBEHEERSING

BASICS

Coachingswoorden

KIJK ”

DURF “

NAAM “

SCOOR “

POSITIEF COACHEN ( punt 9 )

Training 2 x per week ( duur 1u tot 1u15 min. )

Zoveel mogelijk gebruik maken van synthetisch plein.



Basiseigenschappen U6 – U7 CLUSK

Coördinatie : algemene motorische vaardigheden ontwikkelen

Lenigheid : zeer lenig, algemene lenigheid, speels, natuurlijke beweeglijkheid

Uithouding : beperkt, lopen erg economisch maar evolueren snel, kunnen lang sporten mits voldoende recuperatie, recuperen snel.

Hoe trainen? Niet specifiek, sport en spel ( psychomotorisch )



Snelheid : reactiesnelheid ( reageren in spelvormen op verschillende signalen )

Kracht : geen krachttraining, enkel laten spelen met eigen lichaamsgewicht, in spelvormen.

TRAININGSLEER : het bewegingsspel staat centraal “ AL SPELEND LEREN


  1. Categorie U8 – U9

De rode draad in deze categorie bestaat uit BASICS ( basis motorische vaardigheden ).

Bij deze categorie worden de trainingen samengesteld in 3 delen nml. opwarming, tussen- en wedstrijdvormen, en naar een bepaald thema ( hoogstens 3 ).

In bijlage de doelstellingen i.v.m. basics bij B+ en B- .

Bij de wedstrijden wordt reeds gebruik gemaakt van positienummers;

1 – Keeper

4 – achterspeler

7 – rechtervleugel

11 – linkervleugel

9 – voorspeler

Ook bij de trainingen worden deze nummers regelmatig gebruikt!

Extra aandacht voor tweevoetigheid bij deze spelerscategorie.

U8 – U9

Periode AUG/SEPT/OKT

Thema’s :



BASICS

LEIDEN EN DRIBBELEN

CONTROLE LAGE BAL

KORTE PASSING

Periode NOV/DEC/JAN

Thema’s :



BASICS

INTEGRATIE DOELMAN

DOELPOGING ( AFWERKEN NA VOORZET )

DUEL

JUISTE VOET ( INGEDRAAID )

OPENEN ( BREED & DIEP )

GIVE & GO

Periode FEB/MAART/APRIL

Thema’s :



BASICS

SPECIFICITEIT ( GEZIEN THEMA’S )

B- ( druk zetten, interceptie, remmend wijken, korte dekking )

Coachingswoorden

- SPEEL - VOLG - SPREEK

- BREED - DRIBBEL - LOOP VRIJ

- DIEP - KIJK - SNEL

- TRAP - DURF - CONTROLE

- PLAATS - KORT( a/d voet ) – STEUN

POSITIEF COACHEN ( zie punt 9 )

Training 2 x per week ( duur 1u tot 1u15min )

Zoveel mogelijk gebruik maken van synthetisch plein !



Basiseigenschappen U8 – U9 CLUSK

Coördinatie : looptechnische scholing en sportspecifieke vaardigheden.

Lenigheid : meest lenig op 8-9 jaar, nadien dalend met de leeftijd; in spelvorm: eenvoudige oefeningen voor de lies.

Uithouding : beperkt, kunnen reeds langdurige inspanningen verdragen ( tot 30min ).

Hoe trainen? Niet specifiek, trainingsduur laten toenemen, combinatie met looptechniek, veel variatie, zoveel mogelijk met bal.



Snelheid : startsnelheid vanuit de looptechniek

Kracht : beperkt, niet specifiek trainen, wel springen, trekken-duwen, hindernissen, startkracht, korte duels 1-1.

Trainingsleer : veel recuperatie geven.


  1. Categorie U10 – U11

Bij deze categorie gaan we over naar uitbreiding halflangspel en is de omschakeling van B- naar B+ de rode draad. De teamtactics waar we bij de jongere spelers weinig aandacht aan schenken, komt bij deze categorie eens te meer aan bod. De trainingen worden zoals bij de U8-U9 in 3 delen samengesteld ( opwarming, tussen- en wedstrijdvormen ) naar een bepaald thema( hoogstens 3 ).

Deze thema’s worden uitgedrukt als spelprobleem. Er wordt een oplossing gezocht via wedstrijdgerichte trainingen ( wie, wat, wanneer en waar ).

Bij wedstrijden en trainingen worden volgende positienummers gebruikt :


  1. Keeper

2 – Rechterverdediger

4 – Centrale verdediger

5 – Linker verdediger

7 – Rechtermiddenvelder

10 – Centrale middenvelder

11 – Linkermiddenvelder

9 – Centrale voorspeler

U10 – U11

Periode AUG/SEPT/OK

Thema’s :



BASICS

PASSING( KORTE- HALFLANGE )

CONTROLE (LAGE BAL – HALFHOGE BAL )

INTEGRATIE DOELMAN

Periode NOV/DEC/JAN

Thema’s :



AFWERKEN ( DOELPOGING )

GIVE & GO

OPENEN ( BREED – DIEP )

DRUK ZETTEN

REMMEND WIJKEN

JUISTE KEUZE ( PASS – DRIBBEL )

JUISTE VOET ( INGEDRAAID )

Periode FEB/MAART/APRIL

Thema’s :



LIJN OVERSLAAN ( HALF – LANGE PASSING )

KANTELEN ( BLOKVORMING )

CORNERS , VRIJE TRAP

INFILTRATIE ( MET OF ZONDER BAL )

Coachingswoorden

ZIE U8 – U9

KANTEL

HALFHOGE VOORZET

POSITIEF COACHEN ( zie punt 9 )

Training 2 x per week ( duur 1u tot 1u15min )





Basiseigenschappen U10 – U11 CLUSK

Coördinatie : looptechnische scholing en sportspecifieke vaardigheden.

Lenigheid : kracht neemt toe, lenigheid daalt, zeer goede coördinatie onderhouden, flexibiliteit onderhouden, aandacht voor benen.

Uithouding : steeds beter, betere looptechniek = economischer bewegen, onder de anaërobe grens blijven, minder rustpauses nodig.

Hoe trainen?niet specifiek,trainingsduur laten toenemen, niet de intensiteit, combinatie met looptechniek : veel variatie, zoveel mogelijk met bal.



Snelheid : maximale snelheid trainen met veel recuperatie.

Kracht : langzame ontwikkeling, voornamelijk met eigen lichaamsgewicht laten experimenteren, niet met zware gewichten laten werken, enkel algemene kracht trainen met accent op technisch, wel veel startoefeningen vanuit verschillende uitganghoudingen, ook trapkracht en duels.

Trainingsleer : psychomotorisch koppelen aan snelheidsaccent.


  1. Categorie miniemen U13



    1. Opstelling = 1-4-3-3

    2. Hier zie je de driehoek in het midden met de punt naar voor, we kunnen deze ook zetten met de punt naar voor (dit hangt af van welke tegenstander + hun formatie)

    3. De trainer moet zelf evalueren wat er kan in functie van zijn beschikbare spelers

    4. Spelers leren schuiven in blok, bij balverlies op flank naar binnen knijpen van andere flank, bij balbezit speelhoek groet maken




U13

Periode AUG/SEPT/OK

Thema’s :



BASICS

LANGE PASSING

KORTE DEKKING OP LANGE PASSING

CONTROLE OP HOGE BAL

DOELPOGING VANAF 20 METER

DIRECTE VRIJE TRAP

SPEELHOEKEN AFSLUITEN

INTEGRATIE DOELMAN

ZO SNEL MOGELIJK DE BAL NAUWKEURIG DOORSPELEN

Periode NOV/DEC/JAN

Thema’s :



DOELPOGING OP HOGE VOORZET

INTERCEPTIE OF AFWEREN LANGE PASSING

DRIEHOEKSPEL (JUISTE ONDERLINGE AFSTANDEN)

SPEELRUIMTE VERKLEINEN (SLUITEN 35M/35M)

MEDIUM BLOK

RUIMTE CREËREN EN HET BENUTTEN ERVAN

VRIJLOPEN OM EEN MEDESPELER AANSPEELBAAR TE MAKEN

EEN EINDPASS IN DE DIEPTE BELETTEN

ONDEMIDDELIJK NA BALVERLIES DRUK ZETTEN EN DIEPTESPAS VERHINDEREN

Periode FEB/MAART/APRIL

Thema’s :



VRIJLOPEN DOOR DIEP IN DE VRIJE RUIMTE TE LOPEN (BUITENSPEL OMZEILEN)

ONDERLINGE DEKKING

EEN ZO HOOG MOGELIJKE BALSNELHEID ONTWIKKELEN

DIEPTE INDUIKEN MAAR OPGELET OFF-SIDE

BALRECUPERATIE: 1ste ACTIE IS DIEPTEGERICHT

DIEP BLIJVEN SPELEN

GEEN KRUISBEWEGING MAKEN MET NABURIGE SPELER

EEN VOORZET BELETTEN

Coachingswoorden

ACTIE – BREED –VERANDER –OPEN -SLUIT BIJ/AAN – VOORACTIE- HAAK AF –DIEP – TUSSEN- AFDEKKEN – SLUITEN – INTERCEPTIE – RUIMTE – SLUITEN – UITZAKKEN – VOET/BORST – RUGDEKKING- ONDERLINGE DEKKING - KANT VAN DE BAL- LAAT LOPEN

POSITIEF COACHEN ( zie punt 9 )

Training 2 x per week ( duur 1u tot 1u30min )



Basiseigenschappen U10 – U13 CLUSK

Coördinatie : basistechnieken herhalen, zeker op het eind evan de fase bij het begin van de puberteit (groeispurt)

Lenigheid : grote algemene stijfheid, dus aan werken!

Uithouding : de omvang van de training + korte duurinspanningen met de bal

Snelheid : explosief vermogen en magimale snelheid in spelvorm (juiste arbeid/rust verhouding respecteren)

Kracht : geen specifieke krachttraining, natuurlijke bewegingen, veelzijdigheid, duels tussen homogene groepen

8. DOELSTELLINGEN BASICS

BIJ BALBEZIT

VRIJLOPEN :

  • speler kan zich aanspeelbaar opstellen op het ogenblik dat speler aan de speler kan passen

  •  ( diep ) op de flank, centraal

BALCONTROLE :

  • speler kan zo snel mogelijk in het bezit van een lange pass komen

  • speler kan een correkte balcontrole op een lage pass uitvoeren.

  •  speler ( centraal of flank ) met of zonder tegenspeler, controle naar juiste richting oriënteren ( ingedraaid staan ).

LEIDEN :

  • speler weet wanneer hij moet leiden ( niemand in gunstige positie aanspeelbaar + een werkelijke doelkans )

  • speler kan zo snel mogelijk terreinwinst boeken bij het leiden

  •  speler wordt niet aangevallen op de flank of centraal

  •  ruimte ( centraal of flank ) overbruggen met bal aan de voet en onder druk.

DRIBBEL :

  • speler weet wanneer hij moet dribbelen ( niemand in gunstige positie aanspeelbaar + geen werkelijke doelkans )

  • speler kan een tegenspeler uitschakelen bij het dribbelen

  • speler kan bij het dribbelen zoveel mogelijk terreinwinst richting doel boeken

  •  speler komt centraal of op de flank in 1-1 situatie, kappen binnen-en buitenkant voet, overstap, enkele schaar

PASSING :

  • speler kan een pass geven naar een medespeler die dichtbij staat

  • speler kan de korte pass op een zodanige manier trappen dat de passontvanger in de meest gunstige omstandigheden verder kan spelen ( rollende bal )

  •  naar speler die aanspeelbaar is, over de grond

  •  voorzet, over de grond

DOELPOGING :

  • speler weet wanneer hij naar doel kan/moet trappen ( bij werkelijke doelkans )

  • speler kan van dichtbij een doelpunt maken

  •  doelpoging dichtbij, schuin gericht komende van flank, centraal gericht

  •  afwerken op lage voorzet

BIJ BALVERLIES

DRUK ZETTEN :

  • speler kan tegenspeler aan de bal zo snel mogelijk onder druk zetten als die in zijn zone komt

  • speler weet dat hij tegenspeler aan de bal tot op 2 m moet aanvallen

  • centraal, op de flank

  •  anticiperen op de passing maar geen interceptie mogelijk

INTERCEPTIE vóór BALCONTROLE :

  • speler weet wanneer hij naar de bal moet gaan om hem te intercepteren

  • anticiperen op de passing met mogelijke interceptie

AFWEREN :

  • speler kan een korte pass, een mogelijke doelkans of een doelpunt afweren

  •  afweren van voorzet of doelpoging

DUEL :

  • speler kan een goede verdedigende positie aannemen waardoor hij in gunstige omstandigheden het duel kan aanvatten

  • speler kan het duel winnen na een goede tackle

  •  centraal, op de flank

REMMEND WIJKEN :

  • speler weet wanneer hij remmend wijken moet toepassen ( als hij de bal niet kan afnemen )

  • speler kan de snelheid uit de actie van de tegenspeler halen waardoor speler(s) kunnen terugkeren en druk kunnen zetten

  • speler kan de tegenspeler bij remmend wijken naar buiten duwen

  •  actie van tegenpartij door centrum

KORTE DEKKING :

  • speler kan door een goede dekking beletten dat zijn rechtstreekse tegenspeler ofwel aangespeeld wordt ofwel in gunstige omstandigheden de bal ontvangt

  •  opstelling tussen tegenspeler en doel



  1. POSITIEF COACHEN



  1. WEES POSITIEF EN TAAKGERICHT

( in plaats van negatief en resultaatgericht )

  1. VERTEL JE SPELERS DAT ZIJ ALTIJD WINNAARS ZIJN ALS ZIJ HUN UITERSTE BEST DOEN



  1. PRAAT MET EEN SPELER VOORAL OVER ZIJN OF HAAR VOORUITGANG



  1. SCHEP EEN KLIMAAT WAARIN JOUW SPELERS FOUTEN DURVEN MAKEN



  1. VUL DE “ EMOTIONELE TANK “ VAN JE SPELERS, BIJVOORBEELD DOOR COMPLIMENTEN TE GEVEN



  1. LUISTER NAAR JE SPELERS DOOR OPEN VRAGEN TE STELLEN



  1. SLOTWOORD

De club SK AAIGEM is en blijft een amateurploeg die op professionele wijze de spelers aangesloten bij de club een degelijke en kwaliteitsvolle opleiding aanbiedt.

De « voetballer » staat centraal in deze club !



We streven ernaar respect te creëren tussen ouders, opleiders, spelers, vrijwilligers en bestuursleden ; een positieve sfeer te scheppen en ieder individu de kans te geven om zijn favoriete spelletje te beoefenen nl. Voetbal !




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina