Jezus zeide tot hen: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u: Eer Abraham was, ben Ik



Dovnload 12.9 Kb.
Datum26.08.2016
Grootte12.9 Kb.
Het eeuwige voorbestaan van de Zoon

Jezus zeide tot hen: Voorwaar, voorwaar zeg Ik u:


Eer Abraham was, ben Ik” (Johannes 8:58)

Bron: http://www.middletownbiblechurch.org/

Indien niet anders vermeld komen de Schriftaanhalingen uit de Statenvertaling (1977 of HSV)
Vertaling en voetnoten door M.V.

Indien Jezus Christus God is, dan moet Hij eeuwig zijn. God heeft geen begin. Er is nooit een tijd geweest dat Hij niet bestond in al de volheid van wie Hij is.

“Eer de bergen geboren waren, en Gij de aarde en de wereld voortgebracht had, ja, van eeuwigheid tot eeuwigheid zijt Gij God” (Psalm 90:2)

Sommige ketterse sekten1 ontkennen Christus’ eeuwige bestaan. Zij beweren dat Hij een geschapen wezen is. In contrast met deze valse leer presenteert de Bijbel Hem als de ongeschapen Schepper:

Alle dingen zijn door het [Woord] ontstaan en zonder dit [Woord] is geen ding ontstaan, dat ontstaan is” (Johannes 1:3).

Hij werd niet geschapen of gemaakt. In het begin was Hij er al!

“In het begin was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God. Dit was in het begin bij God” (Johannes 1:1-2).

De apostel Paulus verklaart:

“En Hij is vóór alle dingen, en alle dingen bestaan tezamen door Hem” (Koloss. 1:17).

De profeet Micha voorzei dat de Messias geboren zou worden in de kleine stad Bethlehem (Micha 5:1). Wie is Deze die geboren zou worden? Lees het:

“En gij, Bethlehem Efratha! zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? Uit u zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israël, en Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid” (Micha 5:1)

“But thou, Bethlehem Ephratah, [though] thou be little among the thousands of Judah, [yet] out of thee shall he come forth unto me [that is] to be ruler in Israel; whose goings forth [have been] from of old, from everlasting” (Micha 5:2, KJV)

Johannes de Doper wees duidelijk op het feit van het voorbestaan van Christus:

“Die na mij komt, is voor mij geworden, want Hij was [er] eerder dan ik” (Joh. 1:15).

Deze paradoxale uitspraak kan enkel begrepen worden als we onderscheid maken tussen de twee naturen van Christus. Vanuit het standpunt van Zijn menselijkheid kwam Hij na Johannes de Doper. Maria baarde Hem zes maanden nadat Elizabeth Johannes de Doper baarde (Lukas 1:16). Maar als eeuwige Zoon van God was Hij vóór Johannes de Doper, van eeuwigheid aan bestaand in de schoot van de Vader:

“Niemand heeft ooit God gezien; de eniggeboren Zoon, Die in de schoot(49) van de Vader is, Die heeft [Hem ons] verklaard” (Johannes 1:18).

Kantt. 49 (SV): in den schoot. Dat is, die eenswezens met den Vader is, van Hem geliefd,
en wien derhalve al de geheime wijsheid des Vaders bekend is.

Misschien heeft onze Redder Zèlf wel de duidelijkste verklaring gegeven van Zijn voorbestaan. Toen Hij sprak tot een groep ongelovige joodse religieuze leiders, zei Hij:

“Abraham, uw vader, verheugde zich er sterk op dat hij Mijn dag zou zien; en hij heeft [die] gezien en heeft zich verblijd” (Johannes 8:56).

Deze joden waren verbaasd over deze woorden en begrepen dat Hij bedoelde dat Hij en Abraham tegelijk op deze aarde bestonden:

“De Joden dan zeiden tegen Hem: U bent nog geen vijftig jaar en hebt U Abraham gezien?” (Johannes 8:57).

Zij wisten dat Jezus geen halve eeuw oud was en dat Abraham zo’n 2000 jaar eerder leefde en gestorven was! Hoe kan deze man dan beweren 2000 jaar oud te zijn? Zij waren geschokt en boos wegens de finale woorden van de Heer:

“Jezus zeide tegen hen: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Vóór Abraham was, ben Ik2
(Johannes 8:58).

“Jesus said unto them, Verily, verily, I say unto you, Before Abraham was, I am2


(Johannes 8:58, KJV).

Zij beschouwden dit als een ultieme godslastering: “zij namen dan stenen op om ze op Hem te werpen” (Johannes 8:59).

Enkel de eeuwige God kan zo’n bewering doen. Inderdaad, Jezus kon ook gezegd hebben: “Vóór Adam, ben Ik”! Hij kon zelfs gezegd hebben: “Vóór het universum, ben Ik”! In feite doet Hij zo’n bewering in Johannes 17:

“En nu verheerlijk Mij, Gij Vader, bij Uzelf, met de heerlijkheid die Ik bij U bezat voordat de wereld was … Vader, Ik wil dat waar Ik ben, ook zij bij Mij zijn die U Mij gegeven hebt; opdat zij Mijn heerlijkheid aanschouwen, die U Mij gegeven hebt, omdat U Mij hebt liefgehad vóór de grondlegging van de wereld” (Johannes 17:5, 24).

De Zoon van God was in het licht van de liefde van de Vader voordat de wereld ooit was! Van eeuwigheid tot eeuwigheid is Hij de Zoon van de liefde van de Vader.

E-mail: verhoevenmarc@skynet.be

Homepage: www.verhoevenmarc.be of users.skynet.be/fa390968

Ga hier naar de Nieuwste Artikelen



1 Bv. Jehovah’s getuigen. Lees hier meer: http://www.verhoevenmarc.be/jg.htm.

2 Dit is tevens de Godsnaam, Grieks ego eimi: “Ik Ben”, “I Am”. Zie: http://www.verhoevenmarc.be/PDF/Ik-Ben.pdf.







De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina