Jury bespreking keuze oefenstof Algemeen 2 score’s: d-score en e-score De d-sore



Dovnload 37.11 Kb.
Datum15.12.2017
Grootte37.11 Kb.
Jury bespreking keuze oefenstof

Algemeen
2 score’s: D-score en E-score

De D-sore

bestaat uit Moeilijkheids waarde (MW), Samenstellingseisen (SE) en Verbindingswaarde (VW).



Moeilijkheidswaarde:

Tel in niveau 5 t/m 7 de 7 hoogst geturnde elementen. In niveau 8 de 6 hoogst geturnde elementen. TA=0,1 A = 0,1 B = 0,2, C = 0.2 D=0,2 Niveau 5 rn 6. Niveau 7 en 8 zijn alle elementen max 0,1 waard. Ook de B-elementen

De rest van de geturnde elementen heeft geen toegekende MW maar je telt wel alle technische fouten voor aftrek bij de E-score

De afsprong moet altijd 1 van die elementen zijn, ook als dit niet de hoogste waarde heeft. Bij balk en vloer moeten minimaal 3 dans elementen geteld worden. Dus afsprong + 3 danselementen. De overige 3 (niveau 5-6-7) of 2 (niveau 8) mogen ingevuld worden met dans of acro, afhankelijk wat de hoogste waarde heeft.

Geen afsprong geeft lagere E-score.

Geen afsprong bij vloer niet meer nog extra aftrek -0,5 (sinds dit seizoen) Wel bij de andere toestellen.
MW mag alleen gevuld worden met verschillende elementen.

Elementen die hetzelfde nr hebben zijn hetzelfde.



  • Wissel hurk hoek afzet met 1 been of met 2 benen is hetzelfde element want heeft hetzelfde nr.

Uitzonderingen: In niveau 5 t/m 8 zijn overslag en loop overslag 2 verschillende elementen. Zo ook flick-flack en loop flick-flack.

Salto’s in andere houding (hurk-hoek-strek) zijn ook verschillende salto’s Ook al hebben ze het zelfde nummer.


Een element telt voor MW als het herkenbaar geturnd is. Ook als een sprongetje weinig hoogte heeft, is het element geturnd. Wel aftrek voor te weinig hoogte (-0,3).

Houdings element (zweefstand ed) telt pas voor MW als het 2 sec is aangehouden. Geen 2 sec dan geen waarde. Er zijn een aantal elementen, zoals vluchtige handstand, die wel tellen bij 1 sec. Dan is het een TA element. Moeten ze wel bij de TA elementen staan.


In niveau 5 t/m 8 mag een handstand of rol als acro geteld worden.
Elementen die niet zuiver uitgevoerd worden, kunnen een waarde lager krijgen.

  • Wisselspagaat zonder 45 gr opzwaai van het inzetbeen wordt spagaat.

  • Wisselspagaat zonder beenspreiding van 180 gr wordt wisselloop (TA element)

Element mag niet herhaald worden voor waarde. Maar als een wissel spagaat de 1e keer is afgewaardeerd naar spagaat en verderop komt hij nogmaals maar nu goed, dan is er een ander element geturnd. Nu dus wel tellen. (dit geldt niet voor wisselloop)

Gedevalueerde elementen mogen wel meetellen voor de MW en VW

Turnsters mogen moeilijkere elementen turnen dan voor hun niveau is toegestaan. Echter deze elementen krijgen de MW van de maximaal toegestane elementen. Dus in niveau 5-6-7 mogen max B elementen geturnd worden. Turnt een meisje een C element of hoger, dan krijgt dat element max de waarde van een B (0,2) element. In niveau 8 max een A (0,1) waarde.


Samenstellingseisen:

Samenstellings eisen mogen alleen vervuld worden met elementen uit de FIG code en de TA lijst.

1 Element mag wel meerdere SE invullen. Niet elke SE hoeft apart ingevuld te worden met verschillende elementen.

Een element mag niet herhaald worden om een 2e SE in te vullen.

Ook elementen die niet meegeteld worden voor de MW kunnen SE vervullen. De SE hoeven dus niet vervuld worden met de elementen die MW krijgen.

Alle samenstellings eisen moeten OP het toestel uitgevoerd worden, behalve de afsprong. De opsprong telt dus niet mee voor samenstellingseisen. Behalve bij brug de halve draai eis. Deze mag wel in de opsprong zitten.

Samenstellings eisen zijn max 0,5 per eis waard. Alleen de afsprong kan een andere waarde hebben. Kijk goed naar de waarde.
Verbindingswaarde:

Direct verbonden is ZONDER



  • Aarzeling of stop

  • Extra stap tussen elementen

  • Extra aanraking van de balk door de voet

  • Evenwichtsverlies

  • Extra arm/beenzwaai

Elementen gebruikt voor VW hoeven geen deel uit te maken van de elementen die geteld zijn voor MW

Niveau 7 en 8 kennen geen VW.
Elementen mogen niet herhaald worden in een andere verbinding voor VW

Elementen mogen wel herhaald worden binnen 1 verbinding voor VW.

Bijv boogje-boogje tel 1 keer MW voor het boogje. Tel wel de VW 0,1

Radslag-radslag tel 1 keer MW voor de radslag. Tel wel VW 0,1


VW alleen als uitgevoerd zonder val.
Een dansserie is een serie sprongen die direct met elkaar verbonden zijn.

Een danspassage is een serie sprongen waar huppeltjes tussen mogen zitten. Hoeft dus geen directe verbinding te zijn.


In een danspassage zijn alle sprongen afzet met 1 been, landen op 1 been. Alleen de laatste sprong van de passage mag landen op 2 benen (wel afzetten op 1 been)

E-Score

De E-score bestaat uit



  • uitvoering,

  • artisticiteit.

  • Algemene aftrek tabel,

  • Toestelspecifieke aftrektabel,

  • Technische aftrekken

Basis E-score gaat uit van een 10

Maar bij het turnen van te weinig elementen gaat de basis E-score volgens de tabel naar beneden: Bij de keuze oefenstof geldt niet “ZE HEEFT WEL EEN POGING GEDAAN TOT….” Een mislukt element telt NIET mee.



Maximale
E-score


Niveau
5 t/m 7


Niveau
8


10.00

6 of meer

5 of meer

6.00

4-5

3-4

4.00

2-3

2

2.00

1

1

0.00

geen

geen

Aftrekken: -0,1 -0,3 -0,5 -1,0 (=Val)


Eindcijfer is D-Score + E-score
Neutrale aftrekken trek je af van het Eindcijfer:

  • Tijd overschrijding (-0,1)

  • Niet presenteren voor en/of na de oefening (-0,3)

  • Niet correct gebruik magnesium (-0,1)

  • Incorrecte kleding (-0,3)

  • Incorrect gedrag (-0,3)

  • Verplaatsen landingsmat tijdens de oefening (-0,5)

  • Niet gebruiken 10 cm landingsmat bij afsprongen (-0,5)

  • Hulp verlenen door de trainer (-1,0)

  • Trainer op de verkeerde plaats bij het toestel. (-0,5) Dit geldt NIET voor brug. Daar mag de trainer wel overal staan.

Sprong

  • Elke sprong heeft zijn eigen D-score.

  • Alleen sprong uitvoeren uit de eigen tabel, anders 0

  • 2 Sprongen, beste sprong telt. Sprongen mogen verschillend zijn, maar hoeft niet.

  • 3 aanlopen voor 2 sprongen. Toestel of plank aangeraakt: Sprong is gemaakt.

  • Niet aanraken van pegasus met beide handen: Sprong is 0.

  • Sprongnummer moet getoond (gezegd) worden. Zo niet dan -0,3. Andere sprong dan getoond/gezegd geeft geen aftrek.

  • Afzetten met maar 1 hand geeft 2 (hele) punten aftrek.

  • Niet eerst landen op de voeten: Sprong is 0

  • Eerst landen en dan vallen: Sprong is gemaakt. Alle aftrekken + 1 punt extra voor de val.

  • D-score gaat met -1 (heel) punt naar beneden bij gebruik trampoline.

  • Er mag niet gewisseld worden tussen plank en trampoline tussendoor. Beide sprongen moeten met hetzelfde afzet toestel gedaan worden. Bij wisselen is de 2e sprong ongeldig.

  • Afzet moet met 2 voeten, anders 0 score.

  • Let op de lijnaftrek bij de landing. Recht achter toestel landen is geen aftrek. Net naast de rechte lijn is -0,1. 1 Voet links, 1 voet rechts van de schuine lijn (zie je boek/FIG) is -0,3. Beide voeten ernaast is -0,5. Eerste contact met de mat is bepalend.

  • Een sprong heeft geen waarde (ook geen D-score) als hij niet is uitgevoerd.


Brug

Brugturnen is in principe alles tot handstand. In niveau 5 t/m 8 zul je die echter niet tegen komen.

Elementen niet tot handstand geturnd krijgen 1 moeilijkheidswaarde lager.

Voorbeelden: losom tot handstand = C, onder handstand meer dan 10 graden afwijking = B-waarde.

Overzwaaitje (halfje over) tot handstand = D, niet tot handstand geeft C-waarde.
Bij een val is de onderbrekingstijd 30 sec. Deze gaan pas tellen als turnster weer op haar voeten staat. Onderbrekingstijd stopt als de turnster weer op het toestel klimt. Beoordeling van de oefening start bij aannemen beginhouding voor volgende element.
Tussenzwaai is -0,5 per plek. Dus als er voor een buikdraai 3 keer een tussenzwaai is, dan 1 keer aftrek -0,5. Is er verderop in de oefening weer een tussenzwaai of meerdere, dan weer 1 keer -0,5
In niveau 7 en 8 is strekhangzwaai aan de hoge ligger voorzwaai achterzwaai een TA element. Dit niet tellen als tussenzwaai. Wordt het 2 keer uitgevoerd, dan wel een tussenzwaai.
Afsprong moet altijd 1 van de tellende MW elementen zijn.
Kip als opsprong en kip aan de lage ligger in de oefening zijn 2 verschillende elementen.
In niveau 5 en 6 is een SE dat er 180 gr draai element in moet zitten. Geen afsprong, maar mag wel opsprong zijn.

Aanspringen, zwaai-halve draai (TA)-kip (A-element) voldoet aan deze eis. Hier begint het element op de grond.


Voor deze eis mag ook gekozen worden voor een opzwaai 45 gr boven horizontaal (niveau 5) of horizontaal (niveau 6).

Deze moeten dan wel zuiver geturnd zijn om voor deze eis in aanmerking te komen. Met zuiver bedoelen we hier de minimale hoogte gehaald hebben. Geen graden afwijken.


Een opzwaai mag wel afwijken in hoogte om nog TA waarde te krijgen voor MW: Horizontaal is TA in niveau 7 en 8. 45 graden boven horizontaal is TA voor niv 5 en 6.

Maar zo’n afwijkende opzwaai komt dan NIET in aanmerking om de SE te vervullen.


Zolendraai gehurkt is TA. Gehoekt is A. Ophurken-zolendraai is 1 element

Om voor gehoekt in aanmerking te komen moet de zolendraai voor meer dan ¾ met rechte benen gedraaid zijn. Op het allerlaatste moment inhurken om naar boven te springen. Dan is het pas een A en is er met een kip achteraan ook pas VW te krijgen. Een gehurkte zolendraai geeft geen VW want dat is TA-A



Samenstellings eisen:

Letterlijk lezen. Ze moeten doen wat er staat. Opzwaai minimaal horizontaal is dus ook horizontaal en GEEN afwijking in graden naar beneden om hiervoor in aanmerking te komen!

Liggerwissel vanuit element: Ophurken is een element
BALK
Beoordeling van de oefening start bij afzet van de plank of mat.

2e aanloop/afzet mag, maar geeft aftrek -1 (heel punt) 3e aanloop mag niet. turnster moet op de balk klimmen en haar oefening starten.

Aftrek geen element uit tabel als opsprong -0,1
Leiding mag nergens staan. Doen ze dat wel, dan -0,5 neutrale aftrek.

Hulp: Element telt niet voor MW en lagere E-score als er niet genoeg andere elementen geturnd zijn + aftrek hulp -1 (heel punt) van de Eindscore. Hier geldt niet: Ze heeft een poging gedaan tot….!!!


Bij 20 cm matten moet extra landingsmat gebruikt worden. Tijdens de oef mag de mat niet verplaatst worden naar andere uiteinde balk.

Geen gebruik mat -0,5

Verplaatsen mat -0,5
Tijd

Niveau 5 90 sec

Niveau 6 en 7 80 sec

Niveau 8 en 9 70 sec


Bij val 10 sec onderbrekingstijd. deze tijd begint pas als turnster weer op de voeten staat! Zolang ze blijft liggen, staat de tijd van zowel de oefening als de onderbrekingstijd, stil. Tijd gaat weer lopen als turnster klaar staat voor haar volgende element of choreografie.
Tijd overschrijding -0,1
Rol en handstand mogen als acro gerekend worden in niveau 5 t/m 8

Radslag is op de balk een element zonder vlucht

Draaien moeten helemaal gedraaid zijn om voor MW in aanmerking te komen. Geen afwijking in graden te weinig gedraaid. Te weinig gedraaid: Element krijgt andere waarde. Kattensprong hele draai (B) die niet heel gedraaid is, wordt kattensprong halve draai (A)

Elementen uitgevoerd in dwars of parallelstand zijn de zelfde elementen. Een element in dwars of parallel stand kan wel een andere moeilijkheidswaarde hebben. Bijv een hurksprong hele draai in dwarsstand is B. In parallel is het C. Wordt eerst een hurksprong hele draai in dwarsstand uitgevoerd en verderop nog 1 in parallel stand. Dan telt die 2e niet meer. Is nl wel hetzelfde element, ook al is het nu een C.


Toestel specifieke aftrekken:

Dit is een aparte aftrek tabel naast de algemene aftrek tabel. Houdt deze erbij.

Turnster mag max 1 keer draaien op 2 voeten. Anders -0,1

Er moet een beweging dicht bij de balk zijn. Anders -0,1



Samenstellingseisen
Niveau 5:

Eis 1: Dansserie incl beenspreiding 180 gr minimaal A. Beide elementen moeten dus een A of hoger zijn. Geen 2 keer

Een spagaat sprong moet geturnd zijn met een spreiding tussen 135 en 180 graden om voor deze eis in aanmerking te komen. 180 graden geeft geen aftrek, minder spreiding geeft wel aftrek, maar mag dus nog wel de SE vervullen.



Eis 2: Moet een element uit de tabel zijn. Geen halve draai op 1 been. Mag ook een sprong zijn met een halve draai. Let op: Hier bedoelen ze een sprong met 180 graden draai. Niet met 180 graden beenspreiding.

Eis 3: Beide acro elementen moeten A zijn. TA geldt niet om deze eis te vervullen.

Eis 4 en 5 spreken voor zich


Niveau 6

Eis 1: 1 van beide sprongen moet een A zijn. Beenspreiding heeft geen graden voorschrift

Eis 2: Moet uit de tabel komen. Dus ook geen halve draai op 1 been.

Eis 3: Moet een A element zijn. TA geldt niet.

Eis 4 en 5 spreken voor zich


Niveau 7 en 8 spreekt alles voor zich.

VLOER

Om je D score te bepalen ga je eerst naar


  • Afsprong

  • Dan naar de 3 hoogste danselementen

  • Dan naar de overige 3 of 2 hoogste elementen

Een acrolijn is 1 of meer acro element met vlucht, met afzet van 1 of 2 voeten en met of zonder handensteun.

1 Lijn kan dus uit meerdere acro elementen bestaan, maar ook uit maar 1 acro element. arabier-flick flack-salto is 1 lijn die uit 3 elementen bestaat. Een losse radslag ergens op de vloer is ook 1 acro lijn

De afsprong is bij vloer niv 5 en 6 het acro element met de hoogste waarde in de laatst tellende acro lijn. In niv 7 en 8 is het het laatste acro element, ook als deze zonder vlucht is. Er moeten wel minimaal 2 acrolijnen geturnd zijn!


In niveau 7 en 8 mogen max 3 acro lijnen geturnd worden. In niveau 5 en 6 max 4

Worden er meer acrolijnen geturnd, dan tellen deze elementen niet meer mee voor MW, SE en VW. Wel alle aftrekken voor de E-Score meetellen.


Is het laatste acro element uit de laatste tellende lijn een herhaald element, dan is er dus geen afsprong gedaan. SE 5 telt niet.
Een dansserie is een serie sprongen zonder tussenpassen.

Een danspassage is een serie sprongen waar wel tussenpassen in mogen zitten. De sprongen in de danspassage moeten wel allemaal voorwaarts zijn en afzetten met 1 been en landen op 1 been. Alleen de laatste sprong mag landen op 2 benen


Samenstellings eisen:

Als er staat acrobatisch element vw/zw dan moet je lezen vw OF zw

Bij niveau 5-6-7 staat acrobatisch element VW/ZW EN AW

Hier 1 element VW of ZW en 1 element AW



Bij niveau 5 eis 1 moeten beide sprongen minimaal A zijn TA geldt niet om deze eis in te vullen







De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina