Kennis lay-out



Dovnload 36.87 Kb.
Datum07.10.2016
Grootte36.87 Kb.
Kennis lay-out A
Titel

Ieder boek, ieder krantenstukje, ieder recept heeft een titel. Dit is de naam van het stuk. Vaak kun je aan de titel al een beetje zien, waar het over gaat.


Opdracht 1

Hieronder staan een paar titels. Waar denk je dat het stuk over gaat ?



  1. Aardappelsalade met tonijn en uien



  1. Gilian Alleen



  1. Politie pakt dader na wilde achtervolging


Opdracht 2

Hieronder staan korte stukjes zonder titel. Kun jij een passende titel bedenken ?


A. Titel 



Filmster Mary-Kate Olsen blijft nog een poosje in de herstelkliniek waar zij probeert te genezen van anorexia. De mooie actrice wil er absoluut zeker van zijn dat zij helemaal van die nare ziekte af is, zodat zij sterk genoeg is om te beginnen aan het eerste jaar van de universiteit.



B. Titel 

Ingrediënten

1 à 2 bakjes cherrytomaatjes, 1 bakje paturain linesse 5% vetgehalte, zilveruitjes


Benodigdheden

Was en snij de cherrytomaatjes doormidden. Hol de binnenkant uit met een lepeltje. Vul de tomaatjes met de paturain linesse. Zilveruitje erbovenop. Heerlijk!


C. Titel 

De puberteit, hoe voelt dat eigenlijk? Jij verandert, maar doen je ouders dat ook? Of denken ze nog steeds dat een kleuter bent? Wat doe je als je ouders het er niet mee eens zijn dat je: -graffiti gaat spuiten –een piercing laat zetten – en er een eigen mening op na houdt? En wat doe je als je gepest wordt, terwijl je wilt dat iedereen je bewondert? Rosa bedenkt voor al deze vragen een oplossing: Rooz, de nieuwe versie. Maar is ze daar zelf nu wel zo blij mee? En is de wereld blij met Rooz? Dit boek staat boordevol tips. Over moeilijk opvoedbare ouders en verstandige kinderen. Over de liefde, uiterlijk, onzekerheid en over moed en verandering. Een onmisbaar boek voor elke puber, of iedereen die van plan is dat te worden. Met veel E & Me-mails!


D. Titel 

Start het programma met de tweede bouwplaat. Als je de bouwplaat dichtvouwt krijg je een doosje met acht driehoekjes. Kijk goed naar de kleuren van de driehoekjes.

Alinea’s

Een tekst is vaak in stukjes verdeeld. Dit doen schrijvers, omdat mensen het prettiger vinden om zo’n tekst te lezen. Kijk maar eens naar de volgende twee stukjes tekst. Welke vind jij prettiger om te lezen ?




Een jonkvrouw dient zich als boodschapster bij het hof van koning Arthur aan. Zij komt uit haar vaderland met een opdracht: de ridder die dapper genoeg is om een door leeuwen bewaakt hert te doden, mag met de prinses trouwen. Als bewijs moet de ridder de 'witte voet' van het hert overleggen. De jonkvrouw heeft een wit hondje bij zich, dat als gids zal optreden. Als eerste trekt Keye, de hofmaarschalk van koning Arthur, er op uit, maar keert onverrichterzake terug, terwijl hij tevergeefs het hondje tracht te doden om zijn lafheid te maskeren. Nu laat ridder Lancelot zich naar het hert brengen. Lancelot verslaat de leeuwen en het hert. Hij snijdt de onderpoot van het hert af, maar omdat hij gewond is, geeft hij de 'witte voet' aan een langskomend ridder mee. De doortrapte ridder geeft Lancelot nog een klap na met zijn zwaard, en dient zich vervolgens bij het hof aan met de mededeling dat hijzelf het hert heeft gedood. Inmiddels is ridder Walewein erop uitgetrokken om zijn vriend Lancelot te zoeken, en als hij hem vindt, brengt hij hem naar een arts. Na de ware toedracht te hebben vernomen, beschuldigt Walewein, vlak voor de inzegening van het huwelijk met de prinses, de louche ridder van oplichting. Er volgt een gerechtelijk tweegevecht dat door Walewein gewonnen wordt. Lancelot mag nu met de prinses trouwen, maar hij slaat het aanbod af.








Een jonkvrouw dient zich als boodschapster bij het hof van koning Arthur aan. Zij komt uit haar vaderland met een opdracht: de ridder die dapper genoeg is om een door leeuwen bewaakt hert te doden, mag met de prinses trouwen. Als bewijs moet de ridder de 'witte voet' van het hert overleggen. De jonkvrouw heeft een wit hondje bij zich, dat als gids zal optreden.

Als eerste trekt Keye, de hofmaarschalk van koning Arthur, er op uit, maar keert onverrichterzake terug, terwijl hij tevergeefs het hondje tracht te doden om zijn lafheid te maskeren.

Nu laat ridder Lancelot zich naar het hert brengen. Lancelot verslaat de leeuwen en het hert. Hij snijdt de onderpoot van het hert af, maar omdat hij gewond is, geeft hij de 'witte voet' aan een langskomend ridder mee. De doortrapte ridder geeft Lancelot nog een klap na met zijn zwaard, en dient zich vervolgens bij het hof aan met de mededeling dat hijzelf het hert heeft gedood.

Inmiddels is ridder Walewein erop uitgetrokken om zijn vriend Lancelot te zoeken, en als hij hem vindt, brengt hij hem naar een arts. Na de ware toedracht te hebben vernomen, beschuldigt Walewein, vlak voor de inzegening van het huwelijk met de prinses, de louche ridder van oplichting.

Er volgt een gerechtelijk tweegevecht dat door Walewein gewonnen wordt. Lancelot mag nu met de prinses trouwen, maar hij slaat het aanbod af.

Zo’n stukje tekst, als hierboven, noemen we een alinea.




Opdracht 3

A. Uit hoeveel alinea’s bestaat de tekst van “Lancelot en het hert met de witte voet” ?



B. Wat is de eerste zin van de derde alinea ?



C. Wat is de laatste zin van de eerste alinea ?





Kopjes

Soms geeft de schrijver iedere alinea ook nog een naam. Zo’n titel noemen we dan een kopje.





WAT EEN ONTDEKKING
De jongens snappen er niets van. Waar is hun hond opeens gebleven ? Ze roepen en fluiten, maar hij laat zich niet zien. Dan horen ze geblaf. Het geluid komt uit een hoop stenen. Daar zien ze het gat waar de hond ingekropen is. Een van de jongens werkt zich naar binnen. Daar doet hij de ontdekking van zijn leven. Het gat is het begin van een grote onderaardse ruimte . . .
Grotbeschilderingen

De volgende dag gaan de jongens met een olielamp de grot in. Daar wacht hen nog een verrassing. Op de wanden zien ze afbeeldingen van dieren. Ze herkennen bizons, rendieren en een groep herten. Even verderop zien ze wilde paarden en een enorme stier van wel zes meter lang.


De grot van Lascaux

De grot van Lascaux, die de jongens in 1940 ontdekten, werd snel wereldberoemd. De schilderingen waren 13.000 jaar oud. Ze zijn gemaakt tijdens de laatste ijstijd, toen het veel kouder was dan nu. Op de wanden zijn ook oerossen en mammoeten geschilderd. Dat zijn dieren die allang uitgestorven zijn. Lascaux ligt in Zuid-Frankrijk. Net las in het noorden van Spanje komen er veel grotten met wandbeschilderingen voor. De mooiste van Spanje vind je in de grot van Altamira. De afbeeldingen in deze grot zijn ook door een kind ontdekt !


De grot van Altamira

Rond het jaar 1880 woonde in Altamira het twaalfjarige meisje Maria. Met haar vader stapte ze de grot op hun landgoed binnen. Maria wees meteen naar de kleurige afbeeldingen van dieren op het lage plafond. Die waren haar vader nog nooit opgevallen. Hij moest er namelijk altijd gebukt lopen . . .






Opdracht 4

A. Wat is de titel van bovenstaande tekst ?



B. Hoeveel alinea’s heeft het verhaaltje ?



C. Hoe heten de drie kopjes in deze tekst ?





Opdracht 5

Hieronder staan een paar losse alinea’s, die niet bij elkaar horen. Lees de stukjes door en probeer bij iedere alinea een keuze te maken uit een van de twee kopjes, die eronder staan.


A. Welk kopje kies je ? Varen op een woeste zee / Kapitein

Nooit wil ik kapitein van een schip worden. Stel je voor, in donkere nachten op een woeste zee tegen een ander schip varen, bah. En dan in de ijzige koude op een rubbervlot tussen scherpe ijsschoten drijven. Wat een ellende, dat nooit.


B. Welk kopje kies je ? Politieman / Mensen pesten

Voor politieman ben ik ongeschikt. Stel je voor, steeds maar mensen pesten met het geven van bekeuringen. Of iemand opsluiten in een donkere cel. En een hele nacht ergens op wacht staan om een dief te vangen. Daar is toch niets aan ? Je hebt ook nog de kans, dat ze op je schieten. Nee, daar vinden ze mij niet voor.



Illustraties

Een illustratie is een moeilijk woord voor tekening. En een andere naam voor tekenaar is dan ook illustrator.


Opdracht 6

Pak eens het boek, dat je nu aan het lezen bent. Wie is de illustrator daarvan ?




Een illustrator wordt door de uitgeverij gevraagd om bij een boek tekeningen en/of een voorkant te maken. Hiervoor moet hij natuurlijk wel eerst het boek lezen. Ook aan de titel kan hij een beetje zien wat voor soort tekeningen het moeten worden.
Opdracht 7

Stel je voor, dat je een boek uit de bieb haalt met de titel : “Het geheimzinnige bos”.

Welke van de onderstaande illustraties zou je dan op de voorkant verwachten ? En waarom ?






Opdracht 8

Kies een zwart-wit illustratie uit een leesboek en laat die kopiëren. Plak deze hieronder en probeer de tekening zo waarheidsgetrouw mogelijk in te kleuren. Staat er in de tekst niets over de kleuren van de kleding, dan mag je die natuurlijk een zelfgekozen kleur geven.







Opdracht 9

Hieronder staan een aantal illustraties van boeken en de titels. Maar alles is door elkaar geraakt. Zoek de juiste titel en illustratie bij elkaar












Pluk redt de dieren
Kikker en een heel bijzondere dag

Scoebidoe Pret
De schrijver

Een ander woord voor schrijver is “auteur”. Soms gebruikt een schrijver niet zijn echte naam. Dan verzint hij een andere naam, die helemaal niet bestaat. Zo’n naam noemen we een pseudoniem. Sommige schrijvers staan bekend om hun boeken voor volwassenen. Als ze dan een kinderboek gaan schrijven – en dat blijkt helemaal geen goed boek te zijn – dan is een schrijver bang dat ook niemand zijn boeken voor volwassenen meer wil kopen. Daarom neemt hij dan een pseudoniem. Als de boeken later een succes blijken te zijn, kan hij altijd nog zeggen, dat hij ze heeft geschreven. Sommige schrijvers vinden het gewoon leuk om een andere naam te nemen, zonder dat ze daar een speciale reden voor hebben.

In de volwassen literatuur zijn er wel een paar voorbeelden te noemen.

Piet Paaltjens heette eigenlijk Francois Haverschmidt.

En Kronkel was de naam voor Simon Carmiggelt.

Ook Multatuli was een pseudoniem. Namelijk van Eduard Douwes Dekker.


Opdracht 10

We gaan een quiz doen. Voor ieder goed antwoord kun je 1 punt krijgen. We spelen het in onze tafelgroepjes. Je mag overleggen voor je het antwoord geeft.


Wie is de schrijver van de volgende boeken :

  1. Jip en Janneke

  2. Kikker is verliefd

  3. Hoe overleef ik de brugklas

  4. Gegijzeld

  5. De Koning van Katoren

  6. Suske en Wiske

  7. Achtste groepers huilen niet

  8. De rode prinses

  9. De suikersmoes

  10. Dolfje Weerwolfje

  11. Sneeuwwitje

  12. Kruistocht in Spijkerbroek

  13. Harry Potter en de gevangene van Azkaban

  14. Matilda

  15. Nijntje op reis

  16. Floortje gaat kamperen

  17. Pippi Langkous

De stamgroepleerkracht heeft de antwoorden. Hoeveel punten heeft jouw tafelgroepje ?


De tekstdrager

De tekstdrager is het materiaal waar de tekst op staat. Dit kan een folder zijn, een CD, een flyer, een uithangbord, een poster, een boek. Teveel om op te noemen.


Opdracht 11

Probeer in de komende week zoveel mogelijk verschillende tekstdrager te verzamelen en deze mee te nemen voor de kijktafel. Hoeveel kunnen we er in 1 week vinden ?




BIJLAGE 1
Opdracht 10

Antwoorden bij de schrijversquiz




  1. Jip en Janneke Annie M.G. Schmidt

  2. Kikker is verliefd Max Velthuijs

  3. Hoe overleef ik de brugklas Francine Oomen

  4. Vals Carry Slee

  5. De Koning van Katoren Jan Terlouw

  6. Suske en Wiske Willy van der Steen

  7. Achtste groepers huilen niet Jacques Vriens

  8. De rode prinses Paul Biegel

  9. De suikersmoes Mirjam Oldenhaave

  10. Dolfje Weerwolfje Paul van Loon

  11. Sneeuwwitje Gebroeders Grimm

  12. Kruistocht in Spijkerbroek Thea Beckman

  13. Harry Potter en de gevangene van Azkaban J.K. Rowling

  14. Matilda Roald Dahl

  15. Nijntje op reis Dick Bruna

  16. Floortje gaat kamperen Cok Grashoff

  17. Pippi Langkous Astrid Lindgren




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina