Kinderen zijn een geschenk van God



Dovnload 150.89 Kb.
Pagina1/8
Datum26.08.2016
Grootte150.89 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7   8
Kinderen zijn een geschenk van God.
God is zeer betrokken bij de geboorte van een kind. Logisch, want Hij heeft het kind zelf gemaakt! En Hij geeft het als een geschenk aan de ouders. Soms laat Hij hen van tevoren weten dat ze een kind zullen krijgen. Soms vertelt Hij welke naam ze aan het kind moeten geven. En wat het kind later zal gaan doen. Zo kreeg Zacharias van de engel Gabriël te horen dat hun zoon Johannes van de moederschoot aan vervuld zou zijn van de Heilige Geest en dat hij vele mensen tot God zou bekeren. Ook heeft God aan vele onvruchtbare vrouwen kinderen geschonken. In de volgende bijbelteksten kun je het duidelijk merken: kinderen zijn een Godsgeschenk.
Esau vroeg aan zijn broer Jacob die hij al jaren niet gezien had:

“Wie hebt gij daar bij u?” En hij antwoordde: “De kinderen, die God in zijn genade aan uw knecht geschonken heeft.” (Genesis 33:5)


Jesaja zei:

Zie, ik en de kinderen die mij de Here gegeven heeft, zijn tot tekenen en tot zinnebeelden onder Israël vanwege de Here der heerscharen, die op de berg Sion woont. (Jesaja 18:8)


In de Psalmen van David:

Wie is als de Here, onze God….die de onvruchtbare huisvrouw doet wonen als een blijde moeder van kinderen. Halleluja. (Psalm 113:5 en 9)


Zie, zonen zijn een erfdeel des Heren, een beloning is de vrucht van de schoot. Als pijlen in de hand van een held, zo zijn de zonen der jeugd. Welzalig de man die zijn pijlkoker met deze heeft gevuld. (Psalm 127:3-5)
Uw vrouw zal zijn als een vruchtbare wijnstok binnen in uw huis; uw zonen als olijfscheuten rondom uw dis. (Psalm 128:3)
De Here moge u vermeerderen, u en uw kinderen. (Psalm 115:14)
De Here, uw God, zal u in overvloed het goede schenken (…) in de vrucht van uw schoot. (Deuteronomium 30:9)
Onze kinderen behoren God toe.

Zelfs is het zover gekomen luidt het woord van de Here Here, dat gij de zonen en dochters die gij Mij gebaard had genomen en ten offer gebracht hebt, hun tot spijze. Was uw ontucht niet voldoende, dat gij ook mijn zonen geslacht hebt en die hebt overgegeven door ze voor hen te verbranden? (Ezechiël 16:19-21)


Gods tederheid naar kinderen toe:

Hij zal als een herder zijn kudde weiden, in zijn arm de lammeren vergaderen en ze in zijn schoot dragen; de zogenden zal Hij zachtkens leiden. (Jesaja 40:11)


Maar Ik zal Mijn hand tot de kleinen wenden. (Zacharia 13:7)




Vanaf het allereerste begin is God betrokken bij het ontstaan van een nieuw leven:

Zo zegt de Here, uw Maker en van de moederschoot aan uw Formeerder, die u helpt: Vrees niet, mijn knecht Jakob, (Jesaja 44:2)


Uw handen hebben mij gewrocht en gevormd , geheel en volledig; en wilt Gij mij in het verderf storten? Bedenk toch, dat Gij mij als leem hebt gevormd, en wilt Gij mij tot stof doen wederkeren? Hebt Gij mij niet als melk uitgegoten, en mij als kaas laten stremmen, met huid en vlees mij bekleed, met beenderen en spieren mij doorweven? Leven en genade hebt Gij mij geschonken, en uw zorg heeft mijn geest bewaakt. (Job 10:8-12)
Heeft Hij, die mij in de moederschoot maakte, ook hem niet gemaakt? Heeft niet Eenzelfde ons in de baarmoeder bereid? (Job 31:15)


Want Gij hebt mijn nieren gevormd, mij in de schoot van mijn moeder geweven. Ik loof U, omdat ik gans wonderbaar ben toebereid, wonderbaar zijn uw werken; mijn ziel weet dat zeer wel. Mijn gebeente was voor U niet verholen, toen ik in het verborgene gemaakt werd, gewrocht in de diepten van het aardrijk; uw ogen zagen mijn vormeloos begin; in uw boek waren zij alle opgeschreven, de dagen, die geformeerd zouden worden, toen nog geen daarvan bestond. (Psalm 139:13-16)




Gij toch hebt mij uit de moederschoot getogen, Gij deed mij vertrouwend rusten aan de borst van mijn moeder; aan U werd ik overgegeven bij mijn geboorte, van de moederschoot af zijt Gij mijn God. (Psalm 22:9-10)


Op U heb ik gesteund van de moederschoot aan, van het ingewand mijner moeder aan zijt Gij mijn helper. U geldt bestendig mijn lofzang. (Psalmen 71:6)
Eer Ik u vormde in de moederschoot, heb Ik u gekend, en eer gij voortkwaamt uit de baarmoeder, heb Ik u geheiligd. (Jeremia 1:5)
Alle mensen worden echter wel geboren met een zondige natuur.

Zie, in ongerechtigheid ben ik geboren, in zonde heeft mijn moeder mij ontvangen. (Psalm 51:7)


Jezus werd als baby aan de Here voorgesteld / opgedragen. Bij deze gelegenheid werd er een profetie over zijn leven uitgesproken.

En toen de dagen hunner reiniging naar de wet van Mozes vervuld waren, brachten zij Hem naar Jeruzalem om Hem de Here voor te stellen (‘om hem aan de Heer op te dragen’ – zegt de Leidse vertaling en de Petrus Canisius vertaling), gelijk geschreven staat in de wet des Heren*: Al het eerstgeborene van het mannelijke geslacht zal heilig heten voor de Here, en om een offer te brengen overeenkomstig hetgeen in de wet des Heren gezegd is, een paar tortelduiven of twee jonge duiven. En zie, er was een man te Jeruzalem, wiens naam was Simeon, en deze man was rechtvaardig en vroom, en hij verwachtte de vertroosting van Israël, en de Heilige Geest was op hem. En hem was door de Heilige Geest een godsspraak gegeven, dat hij de dood niet zou zien, eer hij de Christus des Heren gezien had. En hij kwam door de Geest in de tempel. En toen de ouders het kind Jezus binnenbrachten om met Hem te doen overeenkomstig de gewoonte der wet, nam ook hij het in zijn armen en hij loofde God en zeide : Nu laat Gij, Here, uw dienstknecht gaan in vrede, naar uw woord, want mijn ogen hebben uw heil gezien, dat Gij bereid hebt voor het aangezicht van alle volken: licht tot openbaring voor de heidenen en heerlijkheid voor uw volk Israël. En zijn vader en zijn moeder stonden verwonderd over hetgeen van Hem gezegd werd. En Simeon zegende hen en zeide tot Maria, zijn moeder: Zie , deze is gesteld tot een val en opstanding van velen in Israël en tot een teken, dat weersproken wordt (en door uw eigen ziel zal een zwaard gaan), opdat de overleggingen uit vele harten openbaar worden. (Lukas 2:22-35)


* Wanneer dan de Here u gebracht heeft naar het land der Kanaänieten, zoals Hij u en uw vaderen gezworen heeft, en het u gegeven heeft, dan zult gij al wat het eerst uit de moederschoot voortkomt, de Here wijden. (Exodus 13:11-12)

God voorzegt soms de geboorte van een kind.
Hij vertelde Hagar dat ze Ismaël zou krijgen.

Voorts zeide de Engel des Heren tot haar: Zie, gij zijt zwanger, en zult een zoon baren, en hem Ismaël noemen (= “God verhoort”), want de Here heeft naar uw ellende gehoord. (Genesis 16:11)


Hij vertelde Sara dat ze een zoon zou krijgen, hoewel ze daar al te oud was.

Maar God zeide: Neen, maar uw vrouw Sara zal u een zoon baren, en gij zult hem Isaak noemen (=”Men lacht”), en Ik zal mijn verbond met hem oprichten tot een eeuwig verbond, voor zijn nageslacht.

(Genesis 17:19)

En Hij zeide: Voorzeker zal Ik over een jaar tot u wederkeren, en dan zal uw vrouw Sara een zoon hebben. (Genesis 18:10)


Hij vertelde de vrouw van Manoach dat zij een zoon zou krijgen (Simson), en wat hij voor Israël

zou gaan betekenen.

En de Engel des Heren verscheen aan de vrouw en zeide tot haar: Zie, gij zijt onvruchtbaar en baart niet, maar gij zult zwanger worden en een zoon baren. Dus neem u in acht en drink geen wijn of bedwelmende drank en eet niets onreins. Want zie, gij zult zwanger worden en een zoon baren; geen scheermes zal ooit op zijn hoofd komen, want van de moederschoot af zal de jongen een nazireeër Gods zijn; hij zal een begin maken met de verlossing van Israël uit de macht der Filistijnen. (Richteren 13:3)


Een man Gods voorspelt de geboorte van Josia, die op zijn achtste koning werd, op zijn 18e ernstig de Heer ging zoeken en op zijn 20e het land begon te reinigen van de afgodendienst.

Deze nu predikte tegen het altaar door het woord des Heren, en zeide: Altaar, altaar, zo zegt de Here: zie, een zoon zal aan Davids huis geboren worden met name Josia (= “Door de Here gesteund”); en hij zal op u de priesters der hoogten slachten, die offers op u ontsteken, en mensenbeenderen zal men op u verbranden. (1 Koningen 13:2)


Elisa, de profeet, vertelde de Sunamitische vrouw die hem gastvrij had ontvangen dat zij een

zoon zou krijgen. Zij was eerst onvruchtbaar.

Toen zeide hij: Op deze zelfde tijd over een jaar zult gij een zoon omhelzen. Maar zij zeide: Och neen, mijn heer, gij man Gods, spiegel uw dienstmaagd niets voor. En de vrouw werd zwanger en baarde een zoon op dezelfde tijd een jaar later, zoals Elisa tot haar gesproken had. (2 Koningen 4:16,17)


God voorspelt bij monde van de profeet Jesaja de geboorte van Zijn Zoon op aarde.

Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de heerschappij rust op zijn schouder en men noemt hem Wonderbare Raadsman, Sterke God, Eeuwige Vader, Vredevorst. (Jesaja 9:6)


God liet Jozef via een engel weten dat Maria een zoon zou baren en hoe hij het kind moest noemen.

Toen die overweging bij hem opkwam, zie, een engel des Heren verscheen hem in de droom en zeide: Jozef, zoon van David, schroom niet Maria, uw vrouw, tot u te nemen, want wat in haar verwekt is, is uit de heilige Geest. Zij zal een zoon baren en gij zult Hem de naam Jezus (= “God redt“) geven. Want Hij is het die zijn volk zal redden van hun zonden. Dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden hetgeen de Here door de profeet gesproken heeft, toen hij zeide: Zie, de maagd zal zwanger worden en een zoon baren, en men zal Hem de naam Immanuel geven, hetgeen betekent: God met ons. (Matteüs 1:21)


De geboorte en taak van Johannes de Doper werden door een engel aan zijn vader voorspeld:

Maar de engel zeide tot hem: Wees niet bevreesd, Zacharias, want uw gebed is verhoord en uw vrouw Elisabet zal u een zoon baren en gij zult hem de naam Johannes (= “Welbehagen van God”) geven. En blijdschap en vreugde zal uw deel zijn en velen zullen zich over zijn geboorte verblijden. Want hij zal groot zijn voor de Here en wijn en sterke drank zal hij niet drinken en met de Heilige Geest zal hij vervuld worden, reeds van de schoot zijner moeder aan, en velen der kinderen Israëls zal hij bekeren tot de Here, hun God. (Lukas 1:13-16)





  1   2   3   4   5   6   7   8


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina