Latijn bij genealogisch onderzoek



Dovnload 18.39 Kb.
Datum21.08.2016
Grootte18.39 Kb.
september 2007
INFORMATIEBLAD

LATIJN BIJ GENEALOGISCH ONDERZOEK

Enig begrip van een aantal veel voorkomende Latijnse woorden en uitdrukkingen die in de vooral rooms-katholieke doop-, trouw- en begraafboeken worden gebruikt, is bij genealogisch onderzoek noodzakelijk. Dit informatieblad geeft daarbij enige hulp. Wil je meer informatie dan kun je het beste de volgende uitgave aanschaffen:

P.J.W. van den Berk, Latijn bij genealogisch onderzoek (Den Haag 1997).

Dit boek is te koop bij de infobalie in de centrale hal van het BHIC, locatie ’s-Hertogenbosch.



Veel gebruikte woorden en uitdrukkingen


adolecens = jongeman

jongedochter,

jongehuwde man,

vrouw


alias = anders gezegd,

genoemd, geheten

ambo = beiden

anno Domini = in het jaar des Heren

annus = jaar

ante = voor, vroeger

avunculus = oom van moederszijde

avus/avia = grootvader,

grootmoeder

avus = grootvader,

voorouder

baptisatus (a) = gedoopt

circa = ongeveer

coelebs = ongehuwd,

vrijgezel

confirmatie = gevormden

(belijdenis)

coniugis = van de echtgenoot

coniuges = de echtgenoten,

gehuwden


coniunx = de echtgeno(o)t(e)

consanguineus = (bloed-)verwant

copulatio(s) = (kerkelijke) huwelijks-

voltrekking

cum = met

decem/decimus/o = tien/tiende

decimononius/o = negentiende

decimoquartus/o = veertiende

decimotertius/o = dertiende

defunctus = overleden, gestorven

denuntiare = (huwelijksgeboden)

afkondigen

derelicta = weduwe

desponsare = verloven, uithuwen

dictus = gezegd, geheten,

genoemd

dies = dag



discessus = dood (gegaan),

weggaan, scheiden

dominus = heer

dum viveret = tijdens zijn leven,

toen hij leefde

duo = twee



ecclesia = kerk

eodem die = op dezelfde dag

eorundum = van dezelfde ouders

ex(e) = uit

extraneus = vreemdeling

extrema unctio = Heilig Oliesel

extremis munitus = van de laatste

sacramenten voorzien



filius/filia = zoon/dochter

filii = van de zoon

frater = broeder

gemelli = mannelijke tweelingen

gemini (geminae) = tweelingen



habitans = inwoner, inwonend

hodie = vandaag

hora = uur

illegitimus = onwettig

in facie ecclesiae = ten overstaan van de kerk

in loco = in de plaats

incerti partis = waarvan de vader

onzeker is

incola = inwoner

infans = kind, kleinkind

infantis = van het kind

infantes = kinderen

legi(timus/tima) = wettig echtgenoot,

kind, rechtmatig

loco = in plaats van

magister = meester, meerdere

maritus(a) = echtgeno(o)t(e)

mater = moeder

matertera = tante van

moederszijde

matricularius = koster

matrimonium = zij sluiten een

contrahunt huwelijk

mensis = maand

miles(itis) = soldaat

mortuus = gestorven

natus = geboren

nonus/nono = negen, negende



obierunt = zijn overleden

obiit = hij/zij overleed

obstetrix = vroedvrouw

octavo/octavus = acht, achtste

ortus = afkomstig

pagus = dorp

parentes = ouders

partus = pas geboren kind,

bevalling

pater = vader

patrinus(ina) = peter, meter

patris = van de vader

patrinis = van de peter

patruus = oom van vaderszijde

post = na

primo = eerste

privigna = stiefdochter

privignus = stiefzoon

pro = voor

proclamatio = afkondiging van het

voorgenomen

huwelijk

proles naturalis = natuurlijk kind

proles spuria = onwettig kind, bastaard

prae = voor


pridie = gisteren, daags

tevoren


primus = eerste, voorste

proles = kinderen

puer = jongen

quattuor/quartus = vier/vierde

quartus/decimus = veertiende

quondam = eens, vroeger

quinque/quintus(o) = vijf/vijfde

quintus decimus = vijftiende

secundo = tweede

sepultus = begraven

septem/septimus(o) = zeven/zevende

septimus decimus -= zeventiende

sex, sexto, sextus = zes/zesde

sextus decimus = zestiende

sexus = geslacht

sine sacramentis = zonder

sacramenten

solvit = heeft betaald

soror = zuster

sororius = zwager, van de

zuster,

zwagerman



sponsus (a) = aanstaande

bruidegom,

verloofde

spurius = onecht, bastaard

sub = onder, omstreeks

susc.(eptor) = doopheffer



tres/tertio/tertius = drie/derde

testes = getuigen

tricesima = dertig

tricesima prima = eenendertig



undecimus(o) = elf

unus = een

ut supra = als hierboven

(staat beschreven)

uxor = echtgeno(o)t(e)

vero = waarachtig

verso = op de achterkant

van het blad

vidua (uus) = weduwe,

weduwenaar

vicesimus = twintigste

viginti = twintig

vir = man

virgo = maagd, ongetrouwde

vrouw, non







De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina