Leidraad ‘Eerste hulp bij een epileptische aanval’ Algemene regels



Dovnload 29.01 Kb.
Datum24.08.2016
Grootte29.01 Kb.

Platform Epilepsieverpleegkundigen



Leidraad ‘Eerste hulp bij een epileptische aanval’
Algemene regels:

  • laat de persoon niet alleen

  • zorg ervoor dat zij / hij zich niet kan verwonden

  • probeer de persoon weg te halen uit een gevaarlijke situatie

  • houdt de tijd in de gaten, hoe lang duurt de aanval al

  • observeer wat er gebeurt: welke verschijnselen zie je

  • leg de persoon zonodig in stabiele zijligging

  • stel na de aanval de persoon gerust en vertel wat er gebeurd is



Partiële aanvallen:

Bij partiële aanvallen is één deel van de hersenen betrokken. Partiële aanvallen waarbij geen bewustzijnsdaling optreedt worden eenvoudige partiële aanvallen of partieel elementaire aanvallen genoemd. Daarnaast zijn er complex partiële aanvallen die wel een bewustzijnsdaling geven.


Eenvoudig partiële aanvallen:

Afhankelijk van de plaats op de hersenschors waar de ontlading zich afspeelt heeft de persoon verschijnselen. Het bewustzijn is intact en de persoon beseft dat er een aanval is. Er kan een spiertrekking zijn, de persoon kan iets zien (lichtflitsen, strepen, sterretjes, wolken), ruiken (meestal een onaangename geur), horen (geluiden, tonen), proeven (meestal onaangenaam), een emotie ervaren, tintelingen of prikkeling voelen, transpireren, een benauwd gevoel of misselijk gevoel in de maag hebben.

Na een aanval zijn er doorgaans geen klachten.

Advies:


  • zie algemene regels. Stabiele zijligging is niet nodig.


Complex partiële aanvallen.

Dit is een aanval waarbij het bewustzijn geheel of gedeeltelijk is gestoord. De betrokkene kan onbewuste en doelloze handelingen uitvoeren, zoals smakken, slikken, wrijven, friemelen of rondlopen. Het gezicht kan rood of bleek zijn. De aanval duurt meestal enkele minuten. Sommige complex partiële aanvallen kunnen ook langer duren. Het begin van de aanval wordt soms bewust beleefd.



Advies:

  • de persoon niet beet pakken, omdat dit verkeerd kan worden uitgelegd

  • zaken waaraan iemand zich kan bezeren buiten bereik houden

  • met zachte hand iemand van gevaar af wenden

  • er bij blijven tot de aanval over is en de persoon gerust stellen

  • uit leggen aan de omgeving dat iemand na de aanval nog wat verward is of vreemd kan reageren, maar daar zelf niets aan kan doen

  • observeer wat er gebeurt om dit later aan de persoon of een hulpverlener te kunnen melden

  • na de aanval (de post ictale fase) kan de persoon nog een periode verward zijn, zorg ervoor dat de persoon rustig bij kan komen. Ook kan de persoon last hebben van hoofdpijn en / of vermoeidheid

Soms kan een eenvoudig partiële aanval overgaan in een complex partiële aanval.

In incidentele gevallen kan een eenvoudig partiële aanval of complex partiële aanval overgaan in een gegeneraliseerde tonisch-clonische aanval (zie voor beschrijving pagina 2), dit wordt ‘secundaire generalisatie’ genoemd.

Gegeneraliseerde aanvallen:

Bij gegeneraliseerde aanvallen is er epileptische activiteit in beide hersenhelften. Het bewustzijn is verstoord of de persoon is buiten bewustzijn.


Absences:

Absences zijn hele korte, lichte aanvallen met meestal alleen een bewustzijnsstoornis. De bewusteloosheid begint en eindigt plotseling en duurt vaak slechts enkele seconden tot hooguit een minuut. Tijdens de aanval staart iemand voor zich uit en reageert niet. Soms knippert zij / hij met de ogen of zijn er lichte spierschokjes. Verder is er nauwelijks iets aan de persoon te merken. Soms duurt de afwezigheid zo kort dat deze nauwelijks waarneembaar is. Als er meerdere absences in korte tijd optreden zijn vaak concentratiestoornissen op te merken. Absences komen het meest voor bij kinderen in de basisschool leeftijd en kunnen schoolprestaties nadelig beïnvloeden.

Na een aanval gaat de persoon gewoon door met waar zij / hij mee bezig was. Bij korte absences hebben de persoon zelf en de omstanders vaak niet eens door dat er een aanval geweest is.

Na een aanval zijn er doorgaans geen klachten.



Advies:

  • zie algemene regels. Stabiele zijligging is niet nodig.


Myoclone aanvallen:

Myoclone aanvallen zijn enkelvoudige of in reeksen optredende spierschokken in armen en / of benen met een erg kortdurende bewustzijnsstoornis. Ook schokjes met het hoofd en in het gelaat vallen hieronder. Doordat de schokken zo kort duren, valt de bewustzijnsstoornis vaak niet op. Mensen herstellen snel na een myoclone aanval. Als de spierschokken hevig zijn, kan iemand vallen.

Na een aanval zijn er doorgaans geen klachten.

Advies:


  • zie algemene regels. Stabiele zijligging is in de regel niet nodig.

  • bij vallen: observatie verwondingen en eventueel hulp hierbij


Atone aanvallen:

Atone aanvallen gaan gepaard met verslapping van de spieren. De aanval begint zonder waarschuwing vooraf. Door de verslapping van alle spieren kan iemand een harde, plotselinge val maken. De verslapping kan ook in een deel van het lichaam plaatsvinden, bijvoorbeeld in de nekspieren. De persoon knikt dan met het hoofd naar voren. De bewusteloosheid duurt meestal enkele seconden. Na het vallen herstelt de persoon weer snel.

Behalve mogelijk letsel door het vallen zijn er na een aanval meestal geen klachten.

Advies:


  • zie algemene regels. Stabiele zijligging is in de regel niet nodig.

  • observatie verwondingen en eventueel hulp daarbij



Tonisch-clonisch (grote) aanval:

Een grote aanval bestaat uit bewusteloosheid gevolgd door verkramping van het lichaam met daarna trekkingen (schokken) in het hele lichaam. Tijdens de verkramping en de trekkingen is de ademhaling verstoord; de persoon kan daardoor bleek, blauw of grauw verkleuren. Een tongbeet is meestal niet te voorkomen. Er is meer speekselproductie tijdens de aanval. Een tonisch-clonischee aanval duurt meestal niet langer dan een paar minuten en gaat in de regel vanzelf over. Ingrijpen is daarom meestal niet nodig. Als een aanval langer dan 5 minuten duurt is het vaak wel nodig om coupeermedicatie te geven (zie pagina 4 : ‘Als de aanval langer duurt…’)


Advies:

  • de aanval op zijn beloop laten en goed observeren

  • gevaarlijke situaties voorkomen

  • proberen het hoofd te beschermen door er iets onder te leggen

  • zonodig knellende kleding los maken en bril af zetten, zonodig een slecht zittende gebitsprothese verwijderen

  • niet proberen de aanval tegen te houden door de heftige bewegingen van armen en benen te stoppen

  • niet proberen de persoon bij bewustzijn te brengen door water in het gezicht te sprenkelen of mond-op-mond beademing toe te passen

  • niets tussen de tanden stoppen als de aanval al begonnen is; de kaken zijn namelijk al verkrampt en het kan schade geven indien men dan nog tracht iets tussen de tanden te stoppen..

  • de tijd in de gaten houden

  • Als de aanval over is komt de ademhaling weer snel op gang. Die is dan meestal diep en rochelend door het in overmaat aanwezige speeksel. Om te voorkomen dat er speeksel in de luchtpijp komt is het goed de persoon op de zij te leggen met het hoofd iets naar achteren (stabiele zijligging). Omdat de spieren verslappen, wordt zo ook voorkomen dat de tong in de keelholte zakt en deze afsluit. Ook slijm en braaksel kan op deze manier makkelijk uit de mond lopen.

  • Geef iemand de tijd om bij te komen


Tonische aanval:

Deze aanval lijkt veel op een tonisch-clonische aanval alleen ontbreekt het clonische gedeelte met schokken. Tijdens een tonische aanval ontstaat en een verkramping van bijvoorbeeld armen en gelaat, of van het hele lichaam.

Advies:


  • zie advies tonisch-clonische aanval


Clonische aanval:

Deze aanval lijkt veel op de tonisch-clonische aanval alleen ontbreekt het tonische begin van de aanval. De aanval begint dus gelijk met schokken in de armen en benen. Het verdere verloop van de aanval is gelijk. Omdat het tonische gedeelte van een tonisch-clonische aanval vaak maar kort duurt worden tonisch-clonische en clonische aanvallen nog al eens door elkaar gehaald.

Advies:


  • zie advies tonisch-clonische aanval


Na de aanval (post ictale fase)….

De persoon kan nog enige tijd wat verward zijn als hij / zij weer bijkomt. Ook kunnen er klachten zijn van vermoeidheid, misselijkheid, hoofdpijn en spierpijn. De persoon kan incontinent zijn van urine (soms ook van ontlasting).

Belangrijk is de persoon die hulp te bieden die nodig is. Een rustige kamer zoeken om te laten bijkomen of zonodig naar huis laten brengen. Hulp bij het verschonen en omkleden is vaak nodig.

De duur van de herstelfase kan verschillend zijn. Soms is de persoon na enkele minuten weer helemaal hersteld en soms kan dit enkele uren tot dagen duren voor de persoon weer in staat is de gewone dagelijkse dingen te doen.




Als de aanval langer duurt…

Duurt een tonisch-clonische aanval langer dan 5 minuten of volgen er na de eerste aanval meerdere aanvallen dan is het nuttig om coupeermedicatie (noodmedicatie) toe te dienen. Dit dient altijd volgens voorschrift van een arts te zijn. Er dient vastgelegd te zijn:



    • wanneer coupeermedicatie toegediend moet worden (na hoeveel minuten of na de hoeveelste aanval binnen een bepaalde tijd)

    • welk middel gegeven moet worden in welke dosering

    • of en wanneer de dosering herhaald moet worden.

Voorbeelden van noodmedicatie zijn: Stesolid rectiole, Rivotril druppels, of Midazolam buccaal (in de wangzak) of neusspray.

Van belang is te weten dat na toedienen van noodmedicatie een (geringe) kans bestaat op het optreden van een ademhalingsdepressie (het lichaam “vergeet” te ademen), waarvoor observatie ged. c.a. een ½ uur na toediening van de noodmedicatie nodig is. Als een ademhalingsdepressie optreedt, is het aantikken van de persoon in de regel voldoende om de ademhaling weer op gang te brengen.



Schakel een arts in of bel 112 indien:

  • de noodmedicatie geen effect heeft gehad

  • iemand gewond is geraakt en medische zorg nodig heeft

  • iemand water binnen heeft gekregen


NB: Bij twijfel altijd bellen!


Bronvermelding:

  • Epilepsie een tijdelijke storing in het functioneren van de hersenen,

Drs. M. Engelsman

  • Epilepsie: zelfzorgboek, Stichting September

  • Protocol epilepsie, G.L. Wagner, AGIO Neurologie, MCH Westeinde

Den Haag, december 2000

  • Epilepsie Richtlijnen voor diagnostiek en behandeling, jan 2006, samengesteld door de Nederlandse Vereniging voor Neurologie en de Nederlandse Liga tegen Epilepsie

  • www.kinderneurologie.eu/ziektenbeelden/epilepsie






Leidraad ‘Eerste hulp bij een epileptische aanval’, definitief januari 2011





De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina