Lesbeschrijvingsformulier Praktijkdag 27-04-2011



Dovnload 21.42 Kb.
Datum23.08.2016
Grootte21.42 Kb.
Lesbeschrijvingsformulier Praktijkdag 27-04-2011


Naam cursist

Datum

Aantal kinderen

Groep

Lesnummer

BO

Annemiek de Rover

27 april 2011

26

8













Lesindeling




Plattegrond (tekening of foto):
























Organisatievorm:

klassikaal


X in 3 groepen
 vrij
Groeperingswijze:

 hakken
 afnummeren

X namen noemen
 oplezen vooraf gemaakte groepen
Homogene groepen op basis van:

X vaardigheid


 sexe

 lengte
 anders




Leerdoelen m.b.t. het leerkrachtgedrag:

  • Concrete aanwijzingen/ tips geven voor het beter uitvoeren van een sprong.

  • Waar nodig (uiteraard goede) fysieke hulp verlenen bij de salto voorover.



Materiaal:

  • dikke mat

  • klein matje (tussen dikke mat en muur)

  • trampoline

  • hinkelbaan op grond

  • 2 kleine pylonen en 1 grote stoppylon



Tijdsindicatie:

8.40 – 9.20 (40 minuten)


Rondes: 3 x 8 minuten


Naam activiteit + beschrijving

Regels

Doelstellingen


Leerhulp



Vrije sprong en salto voorover
Sprongen:

Streksprong

Hurksprong

Spreidsprong

Sprong met halve draai

Sprong met hele draai

Skatersprong

Vrije sprong

Salto voorover


Altijd landen op 2 voeten (en zoveel mogelijk in balans).
De volgende mag gaan als de voorgaande van de mat af is.
We lopen terug via de hinkelbaan.
Als de pylon op de trampoline staat mag niemand springen.

Vaardig:

Loopt in een hoog tempo aan, springt ruim naar de minitramp toe, zweeft hoog en in balans.


Middengroep:

Kiest tempo van aanlopen zo dat het zweven meer omhoog is dan naar voren en compenseert in de zweeffase balansverstoringen.


Minder vaardig:

Springen vanuit een rustige aanloop met beide voeten tegelijk in de minitramp, hebben een korte zweeffase en landen met 2 voeten op de mat.


Zorg:
Aarzeling bij de aanloop en springen met één voet tegelijk in de trampoline.



Geven van een eigen voorbeeld (Of een vaardig kind)
Hulpverlenen

Vanghulp:

Met z’n tweeën: tegenover elkaar, hand bij trampoline geven.



Alleen:

Verste hand geeft ondersteuning bovenrug.


Aanwijzingen geven

Neem een goede aanloop. Maak vaart in je aanloop.

Felle afzet.

Gebruik je armen in je voorbereiding (tijdens de aanloop), tijdens je afzet en je sprong (neem ze mee omhoog).


Aanpassing aan opstelling van de materialen

Iets ophangen wat ze proberen aan te raken.

Over een stok springen.

Over banken aanlopen (verhoogde aanloop).



Trampoline iets schuiner afstellen.






De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina