Let op: uiterste inlever- en ontvangstdatum bij de gemeente is 27 mei 2010 !



Dovnload 13.72 Kb.
Datum17.08.2016
Grootte13.72 Kb.
Let op: uiterste inlever- en ontvangstdatum bij de gemeente is 27 mei 2010 !

U kunt uw brief tot die datum ook in de brievenbus doen bij ons secretariaat op Fuut 13; wij zorgen er dan voor dat deze op tijd bij de gemeente komt.
Van:

Naam/namen

Adres

Postcode en woonplaats


Aan:


Gemeenteraad van Breukelen

Postbus 116

3620 AC BREUKELEN

Betreft:


Zienswijze Ontwerp Bestemmingsplan Vierde Kwadrant Kockengen (gemeente Breukelen)

Kockengen, (datum)


Geachte voorzitter en leden van de gemeenteraad Breukelen,


Met deze brief maakt/maken ondergetekende(n) gebruik van de gelegenheid tot het indienen van een inspraakreactie/zienswijze op het Ontwerp Bestemmingsplan Vierde Kwadrant Kockengen.

Het Ontwerp Bestemmingsplan Vierde Kwadrant Kockengen is gebaseerd op het Voorontwerp Bestemmingsplan Vierde Kwadrant. Door diverse inwoners en belangengroeperingen is al een zienswijze ingediend op dit voorontwerp. In de onderstaande zienswijze is met de reactie van het college hierop rekening gehouden.



Ik/wij ben/zijn van mening dat het Vierde Kwadrant niet dient te worden ontwikkeld als bouwlocatie en dat in de eventuele woningbehoefte vanuit de kern Kockengen op een andere wijze sneller, beter en op effectieve wijze kan worden voorzien.
Betreffende de inhoud van het Ontwerp Bestemmingsplan vraag/vragen ik/wij specifiek aandacht voor de volgende punten:


  • Het ontwerp is strijdig met het overheidsbeleid ten aanzien van het Groene Hart en met het provinciale Streekplan 2005-2015. Van verdere bebouwing dan waarin het plan voorziet kan al helemaal geen sprake zijn. Het ontwerp maakt hier echter nog wel steeds op diverse plaatsen melding van en ook de uitvoering ervan is gericht op het later weer verder bouwen in het Vierde Kwadrant.

  • Er vindt onnodige aantasting plaats van het cope-landschap, de natuur, de cultuur en de landschapsidentiteit. Het cope-gebied waarin Kockengen is gelegen wordt algemeen gezien als het meest gave voorbeeld van een dergelijke verkaveling. Dit landschap verdient bescherming van overheidswege en de gemeente dient daarin een centrale rol te spelen. In reactie op de ingediende zienswijzen op het voorontwerp geeft het college zelf ook toe dat het cope-landschap, de natuur, de cultuur en de landschapsidentiteit door de bebouwing zullen worden aangetast!

  • De vragen of er woningen in Kockengen moeten worden gebouwd en zo ja, welke woningen, in welke aantallen, waar en wanneer, kunnen en mogen niet los gezien worden van de aanstaande gemeentelijke herindeling. Overleg met de andere bij de herindeling betrokken gemeenten heeft niet plaatsgevonden, maar is gezien de forse investeringen en risico’s die met het plan gemoeid zijn zeer wenselijk, zo niet noodzakelijk.

  • Alternatieve bouwlocaties zijn onvoldoende onderzocht. Bouwen elders leidt tot minder aantasting van het Groene Hart en voldoet op de aspecten fasering, nabijheid van het dorp voor diverse doelgroepen, grondverwerving/-bezit en realisatietermijn beter dan het voorliggende plan. Het college stelt dat alleen in het Vierde Kwadrant van Kockengen uitbreiding van de woningvoorraad mogelijk is. Dit is onjuist, mede omdat de provinciale regels de mogelijkheid bieden de bouwlocatie te wijzigen met de “touwtjesmethode”.

  • Naast de algemene aantasting door bebouwing is de herontworpen dorpsrand aan de oostzijde, maar ook aan de noordzijde op sommige punten te “hard” vormgegeven. Met name het centrale appartementengebouw aan de oostzijde is met vier verdiepingen veel te massaal voor plaatsing aan de buitenrand. Zeker als het gebouw nog verder zou worden verhoogd door plaatsing van zonnecollectoren.

  • De woonvisie, die als basis dient voor het voorontwerp, is gebaseerd op de woningbehoefte van de gehele gemeenten Loenen en Breukelen en niet specifiek op die van Kockengen alleen. In de komende jaren zullen slechts enkele tientallen woningen nodig zijn voor de eigen behoefte van de kern Kockengen.

  • De gehanteerde woonvisie is bovendien achterhaald en onbruikbaar, enerzijds door de sterk gewijzigde economische omstandigheden en anderzijds doordat een eventuele realisatie tenminste vier jaar later zal plaatsvinden dan door de gemeente beoogd. Er zijn minder kopers en verhuizers, de woonwensen zijn gewijzigd en het verkrijgen van een financiering is vaak problematisch en soms zelfs onmogelijk. Momenteel staan in de kern Kockengen relatief veel huizen langere tijd leeg en/of te koop zonder zicht op spoedige verbetering van de markt. Een grootschalig niet gefaseerd bouwproject zou de lokale woningmarkt verder verstoren.

  • In de “Beleidsregels bindingseisen woningmarkt provincie Utrecht 2006” is opgenomen dat de gemeente Breukelen voor Kockengen in de gemeentelijke verordening kan bepalen dat (een deel van) de aangeboden woonruimte onder een bepaalde huur- dan wel koopprijsgrens bij voorrang kan worden toegewezen aan woningzoekenden die in Kockengen werken en/of wonen dan wel in de afgelopen tien jaar langere tijd gewoond hebben. U dient deze regeling zo spoedig mogelijk van toepassing te verklaren. Dit is te meer noodzakelijk vanwege de komende gemeentelijke herindeling.

  • De door het college bij herhaling toegezegde fasering is in het ontwerp niet terug te vinden. Het college stelt in een reactie op ingediende zienswijzen alleen dat er “mogelijk gefaseerd gebouwd gaat worden”. Dit is niet acceptabel. Als er geen fasering plaats vindt, bouwt Breukelen eerder voor bijvoorbeeld Maarssen dan voor Kockengen!

  • De geplande bouwdichtheid per hectare komt niet overeen met het maximum aantal van 25 woningen voor “landelijk dorps bouwen”, dat steeds het gemeentelijk uitgangspunt was voor de planontwikkeling. Blijkbaar is de insteek gewijzigd en wil de gemeente Breukelen vanwege de onzekerheid over het verder (mogen) bebouwen van het Vierde Kwadrant nu ter compensatie zo veel mogelijk woningen bouwen binnen de rode contour. Dat gaat ten koste van de eigen woningzoekenden, de woonkwaliteit en de landschappelijke inpassing.

  • Het natuurwaardenonderzoek is te optimistisch en niet volledig. Met name naar bepaalde vogelsoorten die frequent zijn waargenomen – en in het onderzoek niet worden genoemd – is aanvullend onderzoek vereist. Dit geldt eveneens voor bepaalde reptielen, zoogdieren en libellen.

  • De economische haalbaarheid kan niet worden vastgesteld op basis van de gepubliceerde gegevens. Deze zijn te algemeen, belangrijke elementen ontbreken, kosten zijn te laag ingeschat of gebaseerd op onduidelijke kengetallen en er is geen rekening gehouden met de extra kosten van de door het college toegezegde fasering van de realisatie.

In afwachting van uw reactie,


met vriendelijke groet,

(handtekening[en])



Naam/namen






De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina