Locatie: Nieuwe Kerk of Maria- en St. Catharinakerk



Dovnload 7.92 Kb.
Datum25.07.2016
Grootte7.92 Kb.
Amsterdam, gemeente Amsterdam, NH

Locatie: Nieuwe Kerk of Maria- en St. Catharinakerk.

Bisdom: Haarlem.

Cultusobject: H. Catharina van Alexandrië (beeld (?) + reliek).

Datum: 25 november.

Periode: Eind 15e eeuw (?) - ca. 1578.


Een waarschijnlijk aan het eind van de 15e eeuw ontstane cultus rond een reliek van Catharina van Alexandrië, waarover maar weinig bekend is. Hoewel er mogelijk een jaarlijkse toning van de reliek plaatsvond, is het niet duidelijk of aan de cultus ook een bedevaart verbonden was.

______________________________________________________________________


Topografie

- De Nieuwe Kerk, gelegen aan de Dam in de Nieuwe Zijde van middeleeuws Amsterdam, werd in 1421 voltooid. De kerk kreeg na enige tijd naast Maria, zoals dat ook wel op andere plaatsen gebeurde, een tweede beschermheilige, namelijk Catharina. Het verhaal dat na de brand van 1452 Catharina aan Maria werd toegevoegd, omdat de laatste in haar eentje niet in staat was gebleken de kerk te behouden, is historisch waarschijnlijk onjuist. De naam Catharinakerk heeft men eerst na de hervorming aan de kerk gegeven. Deze naam komt in geen enkel officieel stuk voor. In 1578 ging de kerk over in calvinistische handen en werd ze ontdaan van beelden, altaren en versierselen.


Cultusobject

- Catharina van Alexandrië zou in de 4e eeuw als martelares zijn gestorven. Zij wordt meestal afgebeeld met haar foltertuig: een rad. St. Catharina behoort tot de ‘14 Noodhelpers’. Zij is de patrones van wagenmakers, molenaars en filosofen.

- De verering van Catharina zal zijn begonnen toen de kerk een reliek van haar in bezit kreeg. Een vermelding dat in de kerk een deel van het gebeente van Catharina bewaard werd, komen we pas tegen na 1578. Wallich Sywaertsz. schrijft in 1604 in de voorrede van zijn Roomsche Mysterien:: ‘De nieuwe Kercke alhier is Sinte Catharina Patronesse, van gemaeckt: van welckers gebeente het hooch Autaer, als met eene Reliquie voorsien was, gheleyt in een looden Busken met een parkementghen daeromme, waer op stonde: Dit ist ghebeente van Sinte Catharina’. De auteur heeft de reliek overigens nog met eigen ogen gezien. Hij schrijft dat, hoewel de legende van Catharina zegt dat er uit haar gebeente altijd olie vloeit, hij geen olie zag vloeien uit het deel hiervan dat rustte in de Nieuwe Kerk. Naast de reliek moet in de kerk ook nog een beeld van Catharina hebben gestaan.
Verering

- In de bronnen is niets te vinden over de vereringspraktijk rond deze reliek. De Amsterdamse geschiedschrijver Le Long vermoedt dat de reliek van Catharina ‘waarschijnlijk op haaren Heyligen dag aan 't Volk vertoont wierdt’.



- In de Amsterdamse correctieboeken van de 15e en 16e eeuw werden bedevaarten opgelegd naar diverse bekende bedevaartplaatsen in binnen- en buitenland, waaronder het eigen Amsterdamse heiligdom de Heilige Stede en de Nieuwe Kerk. Omdat de Nieuwe Kerk op een lijn wordt geplaatst met andere bedevaartplaatsen mag men veronderstellen dat deze locatie ook als zodanig werd beschouwd. Vanwege de aanwezigheid van een Catharinareliek zou men kunnen aannemen dat strafbedevaarten naar de Nieuwe Kerk deze reliek tot bestemming hadden; dit is echter een veronderstelling.
Bronnen

A Amsterdam, gemeentearchief: archief van de Nieuwe Kerk.

B Wallich Sywaertsz, Roomsche Mysteriën ontdeckt in een cleyn Tractaetgen (Amsterdam: Ambrosius Janszoon, 1604); Johannes Isacius Pontanus, Historische beschrijvinghe der seer wijt beroemde coop-stadt Amsterdam (Amsterdam: Iuda Hondius, 1614) p. 20; Melchior Fokkens, Beschrijving der wijdt vermaarde Koopstadt Amstelredam (Amsterdam: Marcus Willemsz. Doornik, 1662) p. 200-201; Isaak Le Long, Historische beschryvinghe van de Reformatie der Stadt Amsterdam (Amsterdam: Johannes van Septeren, 1729) p. 515; J.C. van der Loos, Geschiedenis der voormalige S. Catharina-Kerk te Amsterdam (Haarlem: drukkerij van het St.Jacobs-Godshuis, 1936) p. 11-12; J. van Breen, ‘De geschiedenis van den bouw der Onze Lieve Vrouwe Parochiekerk of Nieuwe Kerk te Amsterdam’, in: Jaarboek Amstelodamum 40 (1943), p. 52-116; J.E.A. Boomgaard, Misdaad en straf in Amsterdam. Een onderzoek naar de strafrechtspleging van de Amsterdamse schepenbank 1490-1552 (Zwolle: Waanders, 1992) p. 156, 158, 198-199.

C PJMI Bin-dossier Amsterdam-Catharina.
Marcel Ficheroux




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina