Lopen in Het Landschap



Dovnload 74.06 Kb.
Datum25.07.2016
Grootte74.06 Kb.




Lopen in Het Landschap


2004

Wandelroute Geuldal

Epen, ca. 15 km


WANDE­LING door het Geuldal

ca. 15 km

Routekaart aanwezig

Start: VVV Heuvelland in Epen

De wandeling is ongeveer 15 kilometer lang. Maar de soms steil klimmende en dalende wegen en smalle paadjes maken de wande­ling pittig. Aange­past schoeisel is sterk aanbevo­len.

In Sippenaeken (B) en Epen zijn horeca gelegenheden.
U maakt gedurende de wandeling automatisch kennis met het werk van Stichting het Limburgs Landschap.

Er zijn veel fraaie landschappen op verschillende plaatsen in Limburg. Mocht u die gebieden willen verkennen besluit dan nu om Beschermer te worden van Het Limburgs Landschap (zie achterzijde).

Als welkomstgeschenk ontvangt u gratis het Uit en Thuisboek­, met uitgebreide informatie over onze natuurterreinen en wandel­kaarten op schaal, en viermaal per jaar ons kleurrijke natuurblad.

En tegelijkertijd helpt u mee om Limburg aantrekkelijk te hou­den, ook in de toekomst.

De Geul heeft in de miljoenen jaren een dal uitgesleten in de vele plateaus van Zuid-Lim­burg. Hierdoor worden verschil­lende oude lagen doorsne­den. Deze komen aan de oppervlakte en worden zo voor ons zicht­baar.

Tijdens deze wandeling komen verschil­lende geologi­sche periodes ter sprake. Het biedt de moge­lijkheid om de gesteentes uit de Steenkooltijd te bekijken. Maar ook de jongere gesteentes kunnen bekeken worden. In de bodem, maar ook in de vele oude boerde­rijen en woon­huizen die het landschap aankleden.


Routebeschrij­ving:
* Vanuit de VVV Heuvel­land in Epen links de hoek om:

Kr­ekel­straat. U daalt zo de weg af het dorp in.


* T-split­sing rechts.
* Na ca. 50 meter bij X-krui­sing links de holle weg in: Boven­pad.
* Y-split­sing rechts houden het smalle wandel­pad volgend.
U loopt nu in een holle weg. Deze 'wegen' zijn van natu­re afvoer­geulen voor regenwa­ter. Door de jaar­lijkse re­genval slijten deze grubben steeds verder uit. Maar onder natuur­lij­ke om­standig­heden zijn ze redelijk begroeid. De mens is een aantal ervan gaan ge­bruiken als weg waar­door de begroei­ing verdween en de erosie door het regenwa­ter ver­sterkt werd.
* T-split­sing rechts.
* Bij Herberg de Smid­se de (drukke) weg overste­ken en door het draaihek­je de weilan­den in.
* Hier ligt langs de Geul de Volmo­len. Bij het gebouw

ligt een brugge­tje, zo komt u op de binnen­plaats, die u overstee­kt.


De Vol­molen met bijgebou­wen is door de Vereni­ging Natuur­mo­nu­menten gekocht uit de gelden van de Geuldal­actie in de jaren 1975 en 1976. De molen is beperkt opengesteld.
* Via de binnen­plaats komt u op de toegangs­weg.
U heeft hier zicht op de molen­tak. Deze wordt gevoed door Geul­water. Zo blijft de molen voorzien van water. De Geul stroomt zelf aan de ande­re kant van de Volmo­len, daar waar u het brug­getje overging.
* De toe­gangs­weg aflopen en aan het einde scherp links de dood­lopende weg in.
Een eind verder langs deze weg ziet u achter de boom­groep de scheiding tussen Geul en molen­tak.
* U loopt via deze weg naar Hoeve Vernels­berg.
Bijzonder van­we­ge haar driehoe­ki­ge vorm. Deze is waar­schijnlijk ingege­ven door de wig­vormige hoogte in het Geul­dal. De boerde­rij is ge­bouwd uit ge­steente uit de Steenko­len­tijd (Carboon, zo'n 270 miljoen jaar geleden geëindigd). De hoeve staat ook met haar funda­ment op zulk gesteen­te. In het Geuldal komt het Carboon­gesteente aan de opper­vlakte door de schuren­de wer­king van het Geul­water. Ook meer noorde­lijk is dat gesteente aanwe­zig, maar niet zichtbaar omdat er nog jongere gesteen­tes bo­venop liggen die nog niet wegge­sle­ten zijn.
* Na de Vernels­berg links het wandel­paadje tussen de wei­lan­den door.
* Na het ijzeren bruggetje over de Geul gaat u naar rechts.
Het Limburgs Land­schap heeft een aantal jaren geleden een groot deel van deze weilan­den en de hel­ling­bos­sen kunnen kopen.

De popu­lieren zijn uit­heems en vormen een eento­nig bos. Door de bladval kunnen kruiden veel moeilij­ker tot ontwik­ke­ling komen.

Op de plek van de popu­lie­ren zullen essen en elzen komen staan. Hoe zo'n bos er uit kan gaan zien krijgt u verder langs de wande­ling nog te zien. Om dat bostype de ruim­te te geven is een deel van de populieren gekapt.
* Blijf het wandel­paadje door de weilan­den volgen tot aan de kale berg­wand aan de lin­kerhand.
De Geul heeft het dal hier uitgesle­ten. Omdat dit deel van Neder­land door natuurlij­ke pro­cessen nog steeds omhoog komt en de Geul nog steeds de dalbo­dem verder uitslijt, zullen de hellingen steeds hoger worden, maar dat zullen wij als mensen niet meer echt merken.
De kale helling is de Hei­mans­groeve, genoemd naar een van de eerste natuur­bescher­mers in Neder­land. Het is een geolo­gisch monu­ment.

U ziet hier gesteen­tes van meer dan 270 miljoen jaar oud. Deze leisteen is des­tijds ge­vormd uit lagen zeeklei maar ook is er kolen­zand­steen ontstaan. Van rechts naar links kijkend ziet u een soort golvende lijn in het ge­steente. Door de enorme krachten van de ver­schui­ving van de aard­korst, is de steen­laag geplooid geraakt. Men neemt aan dat dit is gebeurd onge­veer 30 mil­joen jaar na de vorming van het oor­spronkelij­ke gesteente.
Rechts ziet u in de dalwand van de Heimansgroeve een soort inham, de Steen­kool­grot. Hier heeft Heimans zijn onderzoekingen gestart. Waar­schijnlijk is de grot aan het einde van de vorige eeuw ont­staan toen men hoopte hier steenkool te kunnen win­nen.
Na de aankoop door Het Limburgs Landschap is een herstelope­ratie gestart zodat iedereen in de toekomst optimaal van dit geologische monument kan genieten.
* Meteen na de Heimansgroeve naar links de helling op en daar het smalle bospad naar rechts volgen.
U heeft hier van bovenaf een goed beeld van een helling­bos.

Dat zijn soortgelijke bossen als waar u straks onder­langs voorbij gelopen bent. Aan de voet komt grond­water aan de oppervlakte (kwel), dit zorgt voor speciale milieu-om­stan­dighe­den waardoor er een grote rijkdom aan plan­ten tot bloei komt. Vooral in de lentemaanden is het hel­ling­bos hierdoor bijzon­der fraai, maar ook in de voor­herfst is het bos een aantrekke­lijk wandel­gebied.
* Einde bos door draaihekje het gebied verlaten en het pad blijven volgen.

U loopt onder langs een oude vakwerkboerderij. Deze wordt door Het Limburgs Landschap gerestaureerd. In Zuid-Limburg komt een bijzonder boerderijtype voor: de vakwerkboerderij. Bij deze bouwwijze is er sprake van houtskeletbouw waarbij balken de constructie sterk en stabiel houden. De tussenruimte wordt gevuld met een vlechtwerk van takken en twijgen en aangesmeerd met een mengsel van stro en leem. Dit levert enkele voordelen op:

het pand is licht waardoor er geen zware fundamenten nodig zijn, goed geïsoleerd en demontabel. Vakwerkbouw was in eerste instantie door de behoefte aan goede lange balken een dure bouwvorm. Later is zij doordat er ook met kleinere delen genoegen genomen werd, in de ogen van velen verworden tot 'armeluisbouw'. In de loop van de tijd werden de tussenruimten ook wel opgevuld met baksteen of werden uitbreidingen geheel van baksteen opgetrokken. Dit is de verstening van het vakwerk.
* U ziet verder langs het pad eerst een houten brug (die u niet oversteekt) en direct ernaast een doorwaadbare plaats in de Geul. Daar rechts het voetpaadje langs de Geul volgen.
* Het paadje volgend langs de Geul komt u langs de grens­paal en bent dus in België. De route loopt door de cam­ping.
* In bocht bordje Vijlenerbos fietsroute volgen (= eerste rechts).
Op deze manier steekt u weer de Geul over. U merkt dat het

ri­viertje sterk slingert door het landschap. Dit heet meanderen.
* Via een brug komt u op de halfverharde weg naar Sippenaeken.
Net buiten de camping staat aan de linker­hand een vak­werkhuis (vroeger watermolen) dat uit diverse bouwmaterialen is opgebouwd. Zo zit er breuk­steen in (de grote brokken) afkomstig uit de kolenzand­steengroe­ve (waarschijnlijk bij Cottessen) verder baksteen gemaakt uit de klei uit het dal, gebakken in veld­ovens en verder vakwerk met leem, stro en twijgen in een raamwerk van stevig eikenhout. Allemaal materia­len die uit de buurt kwamen.

Er is een nieuw gebouw bijgeplaats gebouwd uit oude materialen. Het is een voorbeeld van een boerenbouw die door recreatief gebruik behouden blijft.
* In de bocht gaat het pad over in een asfaltweggetje.
Als u zich na de beklimming van de helling omdraait heeft u hier een goed zicht op het Geuldal.
Nu ziet u net na het diepste punt de grasgroene weilanden om­hoog gaan. Dit is een golfbaan die op de ooit bloemrij­ke weilan­den aangelegd is. In België is de bescherming van het Geuldal minder ver gevorderd. U ziet wat dieper in de verte ver­schillende minder groene grasvelden. Dat zijn de weilan­den van Het Limburgs Land­schap en van Natuurmonumen­ten.

Wij strooien geen mest en bestrij­dings­middelen waar­door het wei­land een veel ruiger uiter­lijk heeft maar vooral ook veel soorten­rijker is.

* Het asfaltweggetje volgend komt u bij een pleintje met grote bomen voor de kerk. Het pleintje oversteken en meteen na de kerk linksaf. U moet nu, jammer genoeg, even een wat drukkere asfaltweg volgen. Maar het land­schap biedt afwisseling.


* Bij splitsing met klein kapelletje (blauw dak) linksaf rich­ting Gemmenich.
U kunt als u op het bruggetje over de Geul staat de oude watermo­len zien liggen, het meest linkse gebouw met het groene waterrad. Ook deze molen heeft een molentak en de oude Geul met stuw en water­val.
* Direct na huis aan rechterhand (no. 41) naar rechts, onverharde weg in. Dit is de eerste weg naar rechts nadat u de Geul bent overgestoken.
Kijkt u nog even om. Daar ziet u aan de overkant een berg met steenafval. Dit zijn slakken en mijnstenen die overgebleven zijn van de ooit hier bloeiende tin- en lood­mij­nen. In het carboongesteente zitten veel van deze zware metalen. Dit belang leidde ooit tot een ministaatje, met Moresnet en Plom­bière. Zo was er tot die tijd een vierlan­denpunt. Later is het gebied in België opgegaan.
De gevolgen van de zware meta­lenwinning zijn nog steeds merk­baar. De regen spoelt de restanten uit waardoor het Geulwater veel giftige zware metalen bevat. Enkele plan­tensoorten kunnen daartegen zoals Zinkviooltje, Zinkboe­ren­kers en Engels gras, de reden waarom we die alleen in dit deel van het Geuldal tegenkomen.

Meer stroomafwaarts van Epen zijn de zware metalen vastgelegd in het slib van de Geul.
Het met steenslag verharde pad voert u langs de Geul met een nog zeer kleinschalig landschap. Links ziet u een voorbeeld van de bossen met elzen en essen die kunnen ontstaan aan de voet van de hellingen waar kwelwater aan de oppervlakte komt. Ook aan de rechterhand is dat te zien aan de begroeiing met Zegges en Watermunt en dergelijke in de weilanden. Wat verder passeert u een grote vijver aan uw linkerhand..
* U komt op een T-splitsing daar moet u voor de route naar rechts.
Maar u kunt nog even naar de naar links gelegen kleine leisteen­groeve. U treft hier soortgelijk materiaal aan als in de Heimans­groeve.
* Meteen nadat u op de T-splitsing naar rechts gegaan bent moet u links aanhouden. Het pad voert u geleidelijk naar de ran­den van het Geuldal.
* Dit stijgende pad gaat geleidelijk over in een asfaltweg, deze blijven volgen.
U merkt aan de oude huizen langs de weg dat ook hier veel materialen uit de streek gebruikt worden. Veel van de huizen worden bewoond door Duitsers uit Aken. Ook zij hebben gemerkt hoe grenzeloos mooi het Geuldal is. In de hele grensstreek wonen ook veel Nederlanders. Ook de diverse talen komen hier van oudsher bij elkaar.
* De asfaltweg komt uiteindelijk bij een T-splitsing met aan de rechterhand een huis. Daar naar links: Rue de Terstraeten.
* In bosje aan de rechterhand, ligt een stijgend bospad, daar ingaan.
Het is een bos met haagbeuk en eiken. Een van de bosty­pen van de rijkere gronden.
* Vóór de erosiegeul links het bospad volgen.
U loopt zo op de rand van het bos en de weilanden.

In het bos groeit van nature hulst. Die komen we vaker tegen in bossen die rond de 300 meter of hoger liggen.
* Waar erosiegeulen samenkomen buigt het pad linksaf. Blijf dit afbuigende pad volgen.
U loopt langs de rand van een beukenbos. Beukenbossen zijn erg donker waardoor er weinig ondergroei is.
* U loopt nu het bos weer uit. Bij T-splitsing gaat u rechts­af. Zo loopt u over een veldweg langs de rand van het bos en heeft u een mooi doorkijkje het Geuldal in.
Het dal is zoals eerder gemeld uitgesleten door de rivie­ren.

Deze hebben ooit dus ook op het plateau gestroomd. Daardoor is er materiaal zoals grind afgezet wat nu nog deels aanwezig is.

Voe­dingsstof­fen zijn door het regenwa­ter vaak uitge­spoeld.

De combi­natie van die verschillende ontwik­kelin­gen maakt dat er voedsel­armere plekken zijn op de koppen van het hellingbos.

Dat is hier goed te zien aan het bostype.
* Bij het einde van de veldweg gaat u langs de weilanden het holle weggetje in.

In deze holle weg ziet u aan uw rechterhand al snel een grenspaal staan. Het is misschien wel de best verstopte grenspaal van Nederland.


* Bij de grenspaal slaat u linksaf. Nu goed opletten!
* U kruist al snel een voetpad. Recht tegenover u bevindt zich een paadje langs een boom die gemarkeerd is door een oranje kruis. Over dit pad hangt een omgeknakte boompje. Ga hier onderdoor of langs! Dit smalle en onopvallende pad slaat u in, dus recht oversteken de heuvel op het bos in.
* Al snel, na ca. 50 meter, komt u bij holle weg uit. U gaat links de holle weg in en loopt verder de helling op.
* Aan het einde van de holle weg komt u uit op een bos­pad.

Hier links aanhouden. U komt uit op een breder pad, ook hier zal u linksaf moeten slaan.


Het dal is zoals eerder gemeld uitgesleten door de rivieren. Deze hebben ooit dus ook op het plateau gestroomd. Daardoor is er materiaal zoals grind afgezet wat nu nog deels aanwezig is. Voedingsstoffen zijn door het regenwater vaak uitgespoeld.

De combinatie van die verschillende ontwikkelingen maakt dat er voedselarmere plekken zijn op de koppen van het hellingsbos.

Dat is hier goed te zien aan het bostype met eiken en berken en soms aangeplante sparren.
* Onzichtbaar kruist u, dit pad volgend, de grens. U komt nu uit op een halfverharde weg door het bos. Deze naar links opgaan.
Een deel van het oorspronkelijke hellingbos is omgevormd tot sparrenbos. Men probeert daardoor wat meer opbreng­sten uit de bossen te halen. De bossen zijn echter vanwege hun onnatuurlijke karakter zeer soortenarm.
* Blijf de halfverharde weg geruime tijd volgen. Negeer alle zijwegen. U komt zo bij een monument voor Russische krijgsgevangenen uit (een dubbelkruis met kruisbeeld). Ook hier het halfverharde pad blijven volgen.
* Na nog enkele bochten steekt u een kruising over en dan komt u bij een X-kruising met een kei. Op deze X-kruising gaat u linksaf.
* Blijf de dalende grindweg volgen tot op asfaltweg, daar linksaf.
* In de bocht gaat een halfverharde weg rechtdoor, deze ingaan.
U kunt vanaf hier weer goed het Geuldal inkijken en ziet zo verschillende plaatsen waar u eerder gelopen heeft.

U kunt goed de golfbaan zien als u richting de kerk van Sippe­naeken kijkt. U ziet in de hellingen lijn­vormige hoogtes in het weiland. Dit zijn de restanten van oude graften. Vroeger waren er in de weilanden overal hagen om het vee bij elkaar te houden en eigen­domsgrenzen aan te geven. Door jaren­lange bladval, door de dieren achtergelaten mest, maar ook afstro­mende grond, ontstond een soort terras: de graft.

Als men de grond als akker gebruikte werd het effect nog ver­sterkt. De boer ploegde namelijk met de hoogte­lijnen mee. Een paard kon moeilijk de helling op. De laat­ste ploeg­voor, was naar de graft toe en verhoogde daar de grond. U kunt als u het pad verder volgt na de bocht nog een mooie intacte graft zien in de weilan­den van Het Limburgs Land­schap aan uw linkerhand. Na de aan­koop van gronden worden graften en hagen waar moge­lijk her­steld. Om­dat u hier langs het wan­delpad de kans heeft een graft van de zijkant te zien, kunt u de hoogtever­schil­len aan beide zijden goed zien.
Als u richting boerderijen het dal inkijkt kunt u ook de nieuw aangeplante hoogstamboomgaard zien bij de Cottes­serhoe­ve

(De vakwerkboerderij die Het Limburgs Land­schap kon veilig­stellen met gelden uit de Geuldalactie).
* Als u het slingerende weggetje het dal in volgt komt u lang­s verschillende vakwerkboerderijen.
De eerste laat duidelijk het gebruik van breuksteen uit het car­boon zien. De steen komt uit een groeve verder het dal in gele­gen.

Bij veel andere boerderij­en zijn alleen de onderste delen van het gebouw uit breuksteen opge­bouwd, de rest uit vakwerk.
Ter hoogte van de oprit van de tweede boerderij (Cottes­ser­hoeve) ligt aan de rechterhand een hol weggetje.

De route voert welis­waar rechtdoor, maar als u een druk belopen dassen­burcht wilt zien, kunt u even het holle weg­getje ingaan.

De Cottesserhoeve is in 2003 gerestaureerd. De schuur is in de jaren '80 al volledig gerestaureerd. Na het vertrek van de laatste bewoners is de restauratie van het hoofdgebouw opgepakt.

De woning is bewoond en het terrein is daarom niet toegankelijk.
* Voor de route moet u echter de halfverharde weg aan de rech­terkant van de boerderij blijven volgen. Het wordt een asfaltweg.
* Na de camping rechts de asfaltweg ingaan.
Beneden aangekomen ziet u ruig begroeide weilanden langs de beek. Het Limburgs Landschap heeft hier na de aan­koop enkele jaren geleden ook het merendeel van de populieren gekapt.

Alleen die met grote vogelnesten of met maretak zijn gespaard.

De begroeiing kan nu weer volop reage­ren op de natuurlijke omstandigheden met bronnen, klimaat­verschillen en dergelijke. Het beekje dat u hier ziet ont­staat uit diverse bron­nen. Het komt uit­eindelijk uit in de Geul en u heeft het al een keer gepas­seerd in het eerste deel van uw wandeling toen u onderlangs de vakwerkboerderij in de omgeving van de Heimansgroeve liep.
* Blijf de asfaltweg volgen. U komt zo bij de Bellethoeve.
Naast de vakwerkboerderij zoals de Cottesserhoeve zijn er ook de gesloten hoeves, die ook wel onder de naam carréboerderij bekend staan. De gebouwen waarin gewoond en gewerkt werd zijn rond een binnenplaats opgetrokken. Deze boerderijen zijn oorspronkelijk naar buiten toe gesloten. Als dat niet door de aan elkaar gekoppelde gebouwen gebeurde, dan werden er hoge muren langs de open zijden opgetrokken. De hof is via een grote poort toegankelijk. In Zuid-Limburg is het vooral moeilijk om voor de gigantische bijgebouwen van de gesloten hoeves een passende herbestemming te vinden. Het aantal kubieke meters is zo groot dat er vaak meerdere partijen bijeen gezocht moeten worden om de ruimte volledig te kunnen benutten. Hier zijn er appartementen ingebouwd en dus zijn er nieuwe ramen en deuren in de buitenmuren gekomen.

De gesloten hoeve is opgebouwd uit breuksteen uit plaat­selijke groeven. De boerderij is al bekend uit de 14-de eeuw. Boven de ingang zit een steen met wapenspreuk. Vertaald staat er 'de Heer zal u voorzien'.

Aan de overzij­de van de bocht staat een enorme holle linde met kruis­beeld.
* Net na de boomgaard aan de linkerhand bij de Bellethoeve zit een V-vormig toegangshekje waar u ingaat. U gaat nu weer even 'terreinlo­pen'.
* Na ca. 15 meter, tussen boomgaard en uitgegroeide haag, zit weer een V-hekje, daar doorgaan.
U ziet aan uw rechterhand een ruige begroei­ing met Reuzenpaardenstaarten, een teken dat er grondwater aan de op­per­vlak­te komt (kwelwater). U merkt dat aan de drassigheid van het weiland.
* U loopt door weilanden die privé-eigendom zijn. Blijf zoveel mogelijk het prikkeldraad volgen tot in het dal.
* Via het moerasbosje het dal doorkruisen en weer bergop gaan.
* Via V-hekje komt u in de Belletboomgaard.
* U loopt tegen een beekje op. Dit kraakheldere beekje kunt u, iets meer het dal in, via wat stapstenen goed overste­ken.

De boomgaard is eigendom van Het Limburgs Land­schap.

Van oorsprong hoorden al deze gronden bij de Bellet-boerderij.

De familie heeft echter een deel van de gronden aan de Stichting verkocht. We zijn zeer blij met deze bijzondere boomgaard. In het verleden heeft de familie Crombach nooit met bestrij­dingsmiddelen in de boom­gaard gewerkt. Er is in het verleden zeer veel achterstallig onderhoud ontstaan in de boom­gaard. Bomen werden daardoor te zwaar waardoor takken uit­scheurden.

Het Limburgs Landschap is al jaren bezig met een restauratie-project. De bomen werden door professionele snoeiers die lid zijn van de Pomologische Vereniging onder handen genomen.

Opengevallen plaatsen zijn opgevuld met jonge exemplaten van zeldzame oude rasse. Zo werden met het 65-jarig jubileum van Het Limburgs Landschap 65 jonge bomen geplant, geschonken door Beschermers van de Stichting. Ook bij andere gelegenheden hebben mensen en bedrijven bomen geschonken. Jaarlijks worden eind oktober door vrijwillighers de appels geraapt. Deze worden verkocht en er wordt Eau de Vie de Limbourg, een soort Calvados van gemaakt.
* In de boomgaard gaat u, na het oversteken van het beekje, recht de berg op, naar het prikkeldraadraster.
Aan uw rechterhand ziet u poelen die gevoed worden door bronnen in de helling. U komt bij een oude, nu met bramen dichtgegroeide, kleinschalige mergelgroeve. Hier is in het verleden door de boeren uit de omgeving kalk gewonnen om de landbouwgronden te bekalken.

Later is het gat opgevuld met vuil en puin. Na aankoop door Het Limburgs Landschap is dit afval verwijderd en kwam de mergel weer aan de oppervlakte. Hemelsbreed, is dit een paar honderd meter van het dal van de Geul waar de Heimansgroeve ligt.

Hier ligt een gesteente van ongeveer 60 miljoen jaar oud aan de opper­vlakte, vlak bij een gesteente van 270 miljoen jaar oud.

Een gesteente van een totaal andere samenstelling, struc­­tuur en daar­door andere eigen­schap­pen voor plant en dier.
* Loop aan de linkerkant langs het groevetje. U ziet dan links voor u een grijs boerderijdak met vier dakramen. Die kant uitlo­pen en daar door het V-poortje gaan.
* U loopt nu tussen een dubbel prikkeldraadraster. Aan het einde linksaf richting boerderij.
* De halfverharde weg wordt asfalt.
Langs deze weg staan ver­schillende vakwerkhuizen van het gehucht Camerig. Bijna allemaal worden ze ook door recreanten gebruikt. Heel bijzon­der is aan uw linkerhand een volledig ver­vallen boer­de­rijtje (lichtblauwkleurig) waar ook mergel als bouwma­teriaal verwerkt is. Dat is voor het oostelijke deel van Zuid-Limburg bijzonder.
* T-splitsing met vier beuken en kruisbeeld linksaf. Het wordt weer onverhard als u het dal ingaat.
U loopt zo tussen de hagen en de hoge bermen van deze holle weg. De erosiegeultjes zijn in de verharding te zien.
* Bij het tweede draaihek met naambord 'Geuldal' van Natuur­monumenten (aan uw rechterkant) afslaan.
* U ziet helemaal links de Vernelsberg, beneden de Geul en later rechts de Volmolen. Blijf langs de haag lopen ga door draaihek­je. Het volgende weiland weer doorlopen en zo komt u bij een

V-hekje, daar doorheen de halfverharde weg links opgaan.


* Meteen weer door een V-hek het weiland in en daar richting dal lopen. U loopt zo in de weilanden die bij de Volmolen behoren.
* Niet doorlopen naar de Volmolen, maar beneden aangeko­men rechts­af door het draaihekje gaan en het pad langs de sport­velden aflopen. Doorlopen over de asfaltoprit van de sport­velden tot bij de hoofdweg (asfalt), daar linksaf. (Rechts ligt een volledig vervallen monumentale boerderij).
* De weg kruist de Geul hier. Even verder zit in de bocht van de weg een paadje naar rechts, daar ingaan.
* Verder lopen tussen weilanden door tot asfaltweg, hier links af tot u weer achter Herberg de Smidse uitkomt. Hier rechtsaf holle weg in.
* Bovenaan als u weer in het dorp bent, rechtsaf.
* Borden VVV volgen zo komt u weer bij het vertrekpunt.
Het Limburgs Landschap hoopt dat u een plezierige wandeling heeft gehad.




Ja, de natuur verdient ook mijn steun


Daarom meld ik mij aan als 'Beschermer van

Het Limburgs Land­schap'.

Vul onderstaande bon in en stuur deze op naar:

Stichting het Limburgs Landschap

Postbus 4301

5944 ZG ARCEN
Ik ontvang als nieuwe Beschermer het Uit en Thuisboek gratis. Aansluitend ieder kwartaal het natuurblad van de Stichting inclusief speciale excursies voor Beschermers.

Naam + voorletters: _______________________________M/V
Adres :__________________________________________
Postcode/Woonplaats:________________________________
Geboortedatum : __________________________________

O Ik word Beschermer voor € 17,50 per jaar

(een hoger bedrag altijd wel­kom).
Ik betaal na ontvangst van uw acceptgirokaart.

Datum: Handtekening:







De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina