Mate van controle geaggregeerde data interactieplot



Dovnload 122.75 Kb.
Datum20.08.2016
Grootte122.75 Kb.
2-FACTOR ANOVA
INLEIDING VOORBEELD

ELEMENTAIR RAPPORT

DESIGN

MATE VAN CONTROLE



GEAGGREGEERDE DATA

INTERACTIEPLOT

NUL HYPOTHESES
DE ANOVA SUMMARY TABLE

BRONNEN


DEGREES OF FREEDOM

SUMS OF SQUARES

MEAN SQUARES

F-WAARDEN

P-WAARDEN

R2-WAARDEN


BESLISSINGEN

CAUSALE INTERPRETATIE



INLEIDING VOORBEELD
We kijken weer naar de invloed van

Kijkgedrag Burger {zwart, blank}

op

Verdachte Indruk {1-9}



bij politiefunctionarissen.
Het onderzoek wordt gedaan met Surinaamse politie functionarissen. Een politieman die is georienteerd op de Surinaamse cultuur zal zwart kijkgedrag

wellicht niet verdachter vinden. De auteurs hebben daarom onderzocht of het iets uitmaakt in hoeverre de

politie functionaris (de beoordeelaar) is geintegreerd in de Nederlandse samenleving. We voegen dus een tweede factor toe als OV:
Integratie Beoordeelaar (laag, hoog}.

Conceptueel model:




DATA MATRIX (schematisch)




Cel

Proef-persoon

Kijkgedrag Burger

Integratie Beoordelaar

Verdachte Indruk



















1

1

1

5




2

1

1

6

zwart &

laag


:

:


:

:


:

:


:

:





:

1

1

6




:

1

1

4




:

1

2

5




:

1

2

4

zwart &

hoog


:

:


:

:


:

:


:

:





:

1

2

7




81

1

2

3




82

2

1

6




83

2

1

5

blank &

laag


:

:


:

:


:

:


:

:





:

2

1

7




:

2

1

5




:

2

2

6




:

2

2

4

blank &

hoog


:

:


:

:


:

:


:

:





:

2

2

5




195

2

2

7

DESIGN
Onafhankelijke variabelen:

Aantal factoren = 2

Domein: between-subject


Naam van de factor

Aantal niveau’s

Namen van de niveau’s

Kijkgedrag Burger

2

zwart, blank

Integratie Beoordelaar

2

laag, hoog

Afhankelijke variabele:

Aantal metingen: 1

Naam van die meting: Verdachte Indruk




MATE VAN CONTROLE
Kijkgedrag Burger wordt gemanipuleerd en gerandomiseerd.
Integratie Beoordelaar wordt niet gemanipuleerd.
Het onderzoek is dus deels experimenteel mbt. de ene factor, maar passief-observerend mbt. de andere factor.
GEAGGREGEERDE DATA (fictief)



Cel-gemiddelde










Integratie Beoordelaar





Rij-gemiddelden







laag

hoog







Kijkgedrag Burger

zwart



gem = 1

var = 6


(n = 5)

gem = 4

var = 7


(n = 5)




2.5
(10)



blank


gem = 2

var = 5


(n = 5)

gem = 3

var = 6


(n = 5)




2.5
(10)



















Kolom-

gemiddelden



1.5
(10)


3.5
(10)






totaal-

gemiddelde

= 2.5 (N = 20)


INTERACTIEPLOT
Dit is een plot van de celgemiddelden
Verdachte

Indruk


6|

5|


4| *

3| *

2| o

1| o


------------------ Kijkgedrag

1 2 Burger

zwart blank
Integratie Beoordeelaar:

o = laag


* = hoog
Maw. als de beoordeelaar hoog

geintegreerd is, leidt blank kijkgedrag

tot een minder verdachte indruk. Als de

beoordeelaar laag geintegreerd is, leidt blank kijkgedrag juist tot een meer verdachte indruk.



NUL-HYPOTHESES
1. Er is geen hoofdeffect van Kijkgedrag Burger op Verdachte Indruk: De rij-gemiddelden zijn gelijk in de populatie.
2. Er is geen hoofdeffect van Integratie Beoordeelaar op Verdachte Indruk: De kolom-gemiddelden zijn gelijk in de populatie.
3. Er is geen interactie-effect van Kijkgedrag Burger x Integratie Beoordeelaar op Verdachte Indruk: Na

aftrekken van de hoofdeffecten zijn de cel-gemiddelden gelijk in de populatie.


Dit laatste betekent zoiets als:

De celgemiddelden hebben een regelmatig patroon.

Dat wordt volgende week verder behandeld.

DE ANOVA SUMMARY TABEL
Deze zal er uiteindelijk zo uit zien:


BRON

DF

SS

MS

F

p

R2


Between

3

25

8.33









Kijkgedrag (A)

1

0

0

0.00

1.00

0.00


Integratie (B)

1

20

20

3.33

< 0.10

0.17


Interactie A x B

1

5

5

.83

> 0.10

0.04


Within

16

96

6









Total

19

121












Het verschil met 1-factor ANOVA is dat de Between-bron verder wordt gesplitst in Kijkgedrag, Integratie, en hun interactie.


Splitsing SS en DF



DE DFs
DFBetween = (aantal cellen) - 1


DFA = (aantal nivo’s factor A) - 1

DFB = (aantal nivo’s factor B) - 1

DFInteractie = DFA * DFB
DFWithin = N - (aantal cellen)
DFTotal = N - 1

In het voorbeeld:




DFBetween = 4 - 1 = 3




DFKijkgedrag = 2 - 1 = 1

DFIntegratie = 2 - 1 = 1

DFInteractie = 1*1 = 1


DFWithin = 20 - 4 = 16
DFTotal = 20 - 1 = 19
DE SSen
SSBetween:

Gebruik de celgemiddelden als scores en bereken de SS daarvan (dus variantie maal (N-1)).


SSA:

Gebruik de rijgemiddelden als scores en bereken de SS daarvan.


SSB:

Gebruik de kolomgemiddelden als scores en bereken de SS daarvan.


SSInteractie A x B:

Bereken SSBetween - SSA - SSB


SSWithin:

Bereken de SS in elke cel (dus celvariantie * (n-1)) en tel die op.


SSTotal:

Bereken SSBetween + SSWithin.

In het voorbeeld:
SSBetween:


Cel-gemiddelde

(score)


Aantal ppn in de

cel

(frequentie)



1

5

4

5

2

5

3

5

De variantie is dan 1.3158, dus




SSBetween = 1.3158 * (20 - 1) = 25




SSKijkgedrag:


Rij-

gemiddelde

(score)


Aantal ppn in de

rij

(frequentie)



2

10

2

10

De variantie is dan 0. Dus




SSKijkgedrag = 0 * (20 - 1) = 0


SSIntegratie:


Kolom-gemiddelde

(score)


Aantal ppn in de kolom

(frequentie)



1.5

10

3.5

10

De variantie is dan 1.0526. Dus




SSKijkgedrag = 1.0526 * (20 - 1) = 20




SSInteractie Kijkgedrag x Integratie:
We hebben al berekend

SSBetween = 25

SSKijkgedrag = 0

SSIntegratie = 20


Dus

SSInteractie = 25 - 0 - 20 = 5


Als de cellen niet even veel subjecten bevatten moet je SSInteractie op een andere manier berekenen, en hoeft het niet meer op te tellen tot SSBetween.


SSWithin:


Cel-

variantie



Aantal ppn in de

cel

SS in de cel

6

5

6 x (5-1) = 24

7

5

7 x (5-1) = 28

5

5

5 x (5-1) = 20

6

5

6 x (5-1) = 24

Dus

SSWithin = 24 + 28 + 20 + 25 = 96

SSTotal:
We hadden

SSBetween = 25

SSWithin = 96


Dus

SSTotal = 25 + 96 = 121



BEREKENING MS, F, p, en R2
Voor elk der bronnen:

MS = SS / DF

F = MS / MSWithin

p opzoeken in F-tabel bij DF(Bron) / DFWithin



R2 = SS / SSTotal


BRON

DF

SS

MS

F

p

R2


Between

3

25

8.33









Kijkgedrag (A)

1

0

0

0.00

1.00

0.00


Integratie (B)

1

20

20

3.33

< 0.10

0.17


Interactie A x B

1

5

5

.83

> 0.10

0.04


Within

16

96

6









Total

19

121













BESLISSINGEN
Behoud alledrie H0’s.
1. Er is in de populatie geen hoofdeffect van Kijkgedrag op Verdachte Indruk (de rijgemiddelden zijn gelijk).
2. Er is in de populatie geen hoofdeffect van Integratie op Verdachte Indruk (de kolomgemiddelden zijn gelijk).
3. Er is in de populatie geen interactieeffect van Kijkgedrag x Integratie op Verdachte Indruk (de celgemiddelden hebben een regelmatig patroon).

Dwz. de gevonden effecten liggen binnen

de grenzen van wat redelijkerwijs door

steekproeftoeval kan worden verklaard (rekening houdend met de spreiding binnen groepen en de steekproefgrootte).


CAUSALE INTERPRETATIES
1. Met betrekking tot Kijkgedrag is er sprake van een experiment. Er is daarom maar 1 verklaring mogelijk: Kijkgedrag heeft geen invloed op Verdachte Indruk (althans gemiddeld over alle politiefunctionarissen, van beide Integratie-nivo’s).
2. Met betrekking tot Integratie is er sprake van passief-observerend onderzoek. Er zijn daarom meerdere verklaringen mogelijk. De primaire verklaring is dat Integratie geen invloed heeft op Verdachte Indruk (althans gemiddeld). Een alternatieve verklaring is:

+
Integratie


-
(laag, hoog)

Culturele Achtergrond

(


+
Creools, Javaans)

Verdachte Indruk



(1-9)
Een hoge Integratie leidt op zichzelf tot minder Verdachte Indrukken, maar dat dit wordt gecompenseerd doordat degenen met een hoge Integratie dat vaak zijn tgv. een andere culturele achtergrond, waarin men sneller achterdochtig is.
3. Mbt. Interactie: Te moeilijk. In principe is de causale interpretatie niet uniek, het was geen experiment.







De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina