Muziek als taal –sprekend pianospel Geoffrey Madge introductie



Dovnload 20.07 Kb.
Datum27.09.2016
Grootte20.07 Kb.
Muziek als taal –sprekend pianospel

Geoffrey Madge

INTRODUCTIE

Het praktische verband tussen taal, communiceren en musiceren heeft mij altijd gefascineerd.

Als bijdrage aan een dialoog over de uitvoeringspraktijk aan de piano breng ik hierbij enkele inleidende gedachten te berde over muziek en communicatie.
Compositie, hedendaagse muziek en het vertolken van minder toegankelijke werken hebben mijn interesse al vele jaren. Welk werk uit de muziekliteratuur je ook speelt: tijdens een recital is het altijd een uitdaging om de aandacht van het publiek vast te houden. Echter bij een uitvoering van voor uitvoerenden veeleisende werken van componisten zoals o.a. Sorabji (zijn Opus Clavicembalisticum duurt bijna 4 uur) of Xenakis is dit extra van toepassing. Net als enkele andere muzikanten denk ik aan te kunnen voelen in hoeverre mijn vertolking de mensen raakt. Het geeft een intens gevoel van communicatie en inspiratie, een ultieme ervaring, als …..

HET “PREMIÈRE-GEVOEL”

Hoe een werk uit te voeren? Vroeger waren componisten, meer dan nu, zelf vaak uitvoerende musici. Om in de tegenwoordige tijd een uitvoering te geven alsof je de componist bent, alsof je de muziek nog nooit eerder hebt gehoord roept de vraag op: wat geeft het premièregevoel?


Alle muziek is ooit nieuw geweest. Mozart werd in zijn tijd bekritiseerd voor zijn chromatische 12-toons muziek.. het is bijna niet te geloven, maar destijds werd zijn muziek door het publiek als erg moeilijk ervaren.
Stel je voor wat het moet zijn geweest om iedere week, of zelfs iedere dag, een nieuwe cantate of een nieuw instrumentaal werk uit te voeren. Een aartsbisschop of muziekliefhebber die zijn gasten een plezier wilde doen met een intelligente of alternatieve ervaring, stond letterlijk in de nek van de componist te hijgen.
Muziekmaken moet een communicatie- of contactmiddel zijn of, tenminste, een menselijke ervaring bieden binnen de grenzen van de compositie.
Volgens betrouwbare bronnen stond Bach erop dat zijn studenten cantabile speelden. Ik stel me voor dat hij een grondige kennis van het muzikale detail en de muzikale lijn eiste. Ongetwijfeld moesten ze ook alle contrapunten en voorkomende ingewikkelde ontwikkelingen goed kunnen horen. In Bach’s voorwoord bij zijn Sinfonias besteedt hij veel aandacht aan het legato en cantabile spel. Als Mozart in zijn brieven beschrijft wat hij van zangers verwacht, dan heeft hij het over de expressie die nodig is bij het uitvoeren van zijn werken.
TEMPO

Ik ben ervan overtuigd, dat iedere componist uit elke periode wilde, dat het door hem genoteerde muzikale detail moest kunnen worden gehoord, dus is het gekozen tempo van het grootste belang.

Hoe komen we tot een sprekende uitvoering ? Een uitvoering die lang in het geheugen blijft ? Welke principes zijn belangrijk ? Iedere periode heeft prioriteiten die extra aandacht vragen. Bach heeft zijn eigen tempo, nauw verbonden aan grote complexiteit; ook op Mozart en Xenakis, hoewel duidelijk verschillend, zijn dezelfde basis principes van toepassing.
Eén van de moeilijkheden in de uitvoeringspraktijk is het conflict dat kan ontstaan als een componist het tempo dat hij beoogde toen hij het werk schreef niet terughoort bij de uitvoering. Het tempo moet een fysieke mogelijkheid zijn en geen intellectueel concept. Veel componisten hadden problemen met hun tempo-aanduidingen en waarschijnlijk bestonden er binnen de verschillende periodes ook verschillende ideëen hieromtrent. Beethovens Hammerklavier Sonate bijvoorbeeld geeft metronoomaanduidingen die zo snel klinken, dat het moeilijk te geloven is dat hij ze werkelijk zo bedoelde. De helft van de details kunnen we op die manier niet horen. Hieruit zou je kunnen concluderen dat de aanduidingen alleen zijn bedoeld voor de minder gecompliceerde maten, waarin alles wel hoorbaar is.
Volgens Mahler moet je bij de snelste noten de naam van de noot kunnen noemen; kortere noten moeten dus niet absurd snel zijn. De beproefde methode, waarbij iedere musicus alle lijnen van een partituur moet kunnen zingen, is nu nog even belangrijk. Zelfs werken van Xenakis en Boulez hebben bas- en binnenstemmen; hierop is deze methode ook van toepassing/ pas ik deze methode ook toe.
We kunnen hier een eenvoudige conclusie uit trekken: als het tempo te snel is gaan veel details verloren en wordt het spel minder sprekend voor het publiek. Wanneer alles te horen is zal dit zeker bijdragen aan een goede communicatie.
Jammer genoeg bestaat er maar heel weinig zinnige literatuur over de juiste aanpak van tempi en vooral de verbinding tussen de tempo en de inhoud.

HOORBARE ELEMENTEN IN DE MUZIEK.

Wat moeten we tenminste kunnen horen in een logische, rationele uitvoering? Een modulatie bijvoorbeeld is een sleutelelement dat gehoord moet worden. Dit betekent: niet jagen, misschien eerder wat breder in tempo nemen. Hetzelfde geldt voor een complexe serie accoorden of contrapunten. Dikwijls horen we tempi die totaal voorbijgaan aan deze voor communicatie essentiële punten.


De bekendste manier om te werken naar een sprekende, communicatieve interpretatie is misschien wel het zingen of dirigeren van de frase. Accenten bijvoorbeeld kunnen de natuurlijke lijn en stemming van de muziek verstoren. ”Ieder accent maakt een nieuw begin”, zoals Artur Schnabel ooit zo prachtig heeft gezegd.

Verder kunnen maten worden gehoord in groepen. Ook de indeling van de tekst in maatgroepen kan door te zingen of dirigeren worden uitgeplozen. Soms leidt dit tot nieuwe inzichten over de emotionele inhoud van een stuk.


Net zoals bij een arend die hoog in de lucht opstijgt is er een overweldigende energie (de impuls) en daarna een ontlading waarbij de arend naar beneden glijdt langs de natuurlijke luchtstroom (de repose).
Tot op de achterste rij van de zaal te worden gehoord en begrepen is een kwaliteit van een sprekende uitvoering. Achter ons instrument gezeten zijn we er ons niet altijd van bewust hoe het twintig meter of verder klinkt. Akoestiek heeft heel veel invloed op de muzikale expressie en een zaal met veel nagalm heeft nu eenmaal meer tijd nodig dan een zaal met droge akoestiek. Muziek brengt de lucht in beweging en dit is nauw verbonden met de akoestiek van de zaal en de impact die de muziek kan bereiken. De grote pianist Busoni zei dan ook: ”Muziek is lucht”.

OPBOUW

Hoe meer climaxen er zijn, des te minder effectief ze worden. Kijk dus uit voor teveel climaxen ! Rachmaninov’s idee om alle facetten van een werk te bestuderen in relatie tot de climax, geldt vandaag nog steeds. Het tempo wat verbreden tijdens de complexere passages, vooral bij een hoofdclimax, behoort tot de mogelijkheden. Zo ook het benadrukken van de momenten van rust, zo komt een climax beter tot zijn recht. Bij het analyseren van een lezing over een willekeurig onderwerp is het bijna grappig, ware het niet zo treurig, om te zien hoe het betoog zijn doel totaal kan missen doordat het hoofdargument niet duidelijk naar voren komt! Net als bij een lezing is bij muziek de combinatie van beweging, accent, stemming en dynamiek van het grootste belang.


VISUALISEREN BIJ HET MUSICEREN.

De visuele indruk die muziek kan overbrengen, de manier waarop ze zonder woorden maar met enkele subtiele lijntjes een verhaal kan vertellen. De uitvoerder bedenkt gewoon iets, misschien spelen er maar een of twee woorden in zijn hoofd, en de kans is heel groot dat het publiek het oppakt. Het is fascinerend om te ervaren dat de luisteraars soms dezelfde woord associaties hadden als jij tijdens de uitvoering. Vertouw op je eigen intuïtie. Hoe meer ik op deze manier werk, hoe meer ik de onderlinge afhankelijkheid en samenhang van veel aspecten ontdek. De gemaakte klanken moeten hun weerklank vinden in de kleuren en de stemmingen van de tonaliteiten die we horen.


Hoe klinkt de muziek? Kan het in een of twee woorden of in een beeld worden samengevat? Blijft de muziek na het concert nog naklinken, met andere woorden kan er een mentale voorstelling van worden gemaakt? Opnames van lang geleden, soms wel meer dan honderd jaar, die niet te lijden hadden van de onnatuurlijke editing manie van deze tijd, geven ons veel prachtig materiaal om dit te bestuderen. Het is overigens soms ook interessant om componisten uitvoeringen van eigen werk te horen geven.
ARTICULATIE.

Het verband tussen een muziekinstrument bespelen en spreken vind ik heel erg belangrijk. Bij zowel musiceren als bij spreken speelt articulatie een sleutelrol. Er zijn bijvoorbeeld variaties in portato en verschillende schakeringen van staccato en portato naar legato. Een goede uitvoering moet melodisch herkenbare groepen laten zien. Door portato te spelen kan een illusie van legato worden gecreëerd, afhankelijk van de manier waarop in de groepen de accenten worden geplaatst om de illusie van een legato te projecteren. Ferruccio Busoni vond staccato/portato


spel erg belangrijk en ging zelfs zo ver dat hij een melodische passage soms met één vinger speelde.
De klank moet, zelfs in de ingewikkeldste passages, te volgen zijn. Opnames door grote pianisten, waaronder Josef Hofmann, Ferruccio Busoni en Percy Grainger laten zien dat passages dikwijls worden gespeeld met een non-legato toucher maar door hulp van het pedaal toch legato klinken. En dit geldt niet alleen de voor de snellere passsages maar ook voor veel melodische passages die staccato of portato worden gespeeld maar niet als zodanig klinken. Groepen noten kunnen zo tot sprekende melodieën omgevormd worden. Het is heel interessant om te experimenteren met combinaties van staccato plus pedaal terwijl je er ondertussen subtiele dynamische variaties aan toevoegt. Op deze manier gaat een passage klinken alsof de vingerzetting legato is, maar dan wel met meer helderheid, een effect dat veel grote pianisten toepasten.
Een hulpmiddel om het pedaalgebruik te bepalen bij het vorm geven aan een uitvoering is het bestuderen van de koperblazers, vooral de hoorns, in orkestpartituren, de rol van de ondersteunende instrumenten in partituren bekijken en in pianowerkende parallelle passages vinden om een organisch geheel te maken.
FRASERING EN ARCHITECTUUR IN EEN UITVOERING.

Hoe kunnen we echt architectonische opbouw horen. Heel vermoeiend lezen, CS? Vooral korte en lange maatgroepen maken en niet teveel impuls momenten. Weinig accentuering van eerste tellen en meer aandacht voor tussentellen, zeker de laatste noten van een maat. De tweede helft van een lange noot goed laten doorklinken. Een mooie uitspraak van Brahms luidt: “de tweede helft van een lange noot is het belangrijkst”.


Om de architectuur goed door te laten klinken is het belangrijk dat bij het spelen van een transitie de passages blijven wat ze zijn, nl. een transitie. Zo moeten ze klinken, net zoals een doorwerking moet klinken als een doorwerking, het naar een climax toewerken als een toenemen van de spanning, een stretto als een stretto, enzovoort. Om muziek te laten spreken moet ieder onderdeel zijn vaste taak hebben.

Als we de piano willen laten spreken en de klank projecteren in grote zalen wil dat niet zeggen dat we luider moeten spelen. Maak de articulatie en de scheiding tussen frases duidelijk door articulatie, bijvoorbeeld portato of misschien non-legato of staccato.


Bij het maken van een plan voor een uitvoering zij slechts enkele eenvoudige beslissingen nodig. Alternatief: Een plan voor een uitvoering kan worden teruggebracht tot enkele eenvoudige beslissingen. Waar zijn de rustpunten en waar de aanzet naar meer spanning? Hoe ontwikkelen de melodische intervallen zich in de loop van het stuk? Zorgen zij voor een toename of een afname van de spanning ? Klinken ze wel als intervallen ? Ook een pianist intoneert intervallen. Wat voor invloed hebben de harmonieën ? Welke noten vertellen een verhaal, en waar veranderen ze? Zo kan worden beslist welke noten of akkoorden nodig zijn om de emotionele lijn door de compositie heen te leiden.
Ik vond vroeger de benadering van Heinrich Schenker bijzonder, maar nu geloof ik in een nieuwere vorm. Ik ben meer bezig met de ontwikkeling van de communicatieve en sprekende kracht van de muziek en wil me niet te eenzijdig concentreren op de technische, analytische kant. Het lichamelijke aspect is net zo belangrijk als het intellectuele.
Copyright Geoffrey Madge



De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina