Nationaal Landschap Veluwe Integraal Uitvoeringsprogramma



Dovnload 155.13 Kb.
Pagina1/4
Datum24.08.2016
Grootte155.13 Kb.
  1   2   3   4
Integraal Uitvoeringsprogramma

Nationaal Landschap

Veluwe







De groene long verzilverd!!!

Voorlopig vastgesteld door GS Gelderland d.d. 15 mei 2007


Nationaal Landschap Veluwe

Integraal Uitvoeringsprogramma

Voorwoord


De Veluwe is in de Nota Ruimte (2005) aangewezen als Nationaal Landschap.
Doel van de aanwijzing van de Nationale Landschappen is dat de kwaliteit van het landschap in deze gebieden wordt behouden en versterkt. Er is geen sprake van nieuw beleid. Alleen een stimuleringsregeling is aan de orde. Het landschap van de Veluwe, van stuifzanden tot aan rivier- en randmeerkust, krijgt een kwaliteitsimpuls.

Dat gebeurt door investeringen te doen in het landschap zelf, in de cultuurhistorie, in de toegankelijkheid en vooral ook in het beheer van het landschap.


Een Nationaal Landschap is geen ‘museumlandschap’. Economische functies op de Veluwe kunnen zich –binnen de grenzen van het Streekplanbeleid- blijven ontwikkelen. Een mooi landschap heeft vitale functies nodig.

“Behoud door ontwikkeling’’ is dan ook het uitgangspunt voor de Nationale Landschappen.

De Veluwe kent bijzondere en unieke natuurgebieden en landschappen om van te genieten en om te gebruiken voor duurzame vormen van recreatie met respect voor de kwaliteit. Om dat genieten beter mogelijk te maken is financiële ondersteuning vanuit het uitvoeringsprogramma Nationaal Landschap beschikbaar.
De Provincie Gelderland wil op de Veluwe graag aan de slag met de aanpak van complexe en integrale projecten, maar wel gekoppeld aan heel duidelijke doelen en randvoorwaarden. Daarvoor is beleid vastgelegd in Streekplan en Reconstructieplan. De Veluwe groeit daarmee uit tot een Nationaal Landschap wat de internationale toets der kritiek kan doorstaan. De Veluwe kan een voorbeeld zijn voor de realisatie van zeer hoogwaardige omgevingskwaliteit in een sterk verstedelijkte omgeving. Een gebied waar een sterke aantrekkingskracht van uit zal gaan als vestigingsgebied en als toeristisch- recreatief kerngebied. Een gebied waarin de economische potenties ten volle benut worden terwijl tegelijkertijd de omgevingskwaliteit beschermd en ontwikkeld wordt.

Een levend landschap is een landschap waarin gewerkt kan worden, waarin geld wordt verdiend en waar geïnvesteerd wordt in de kwaliteit van de omgeving. Een sterke en een vitale Veluwe is de basis voor de bescherming van het landschap. Dat is onze uitdaging!!

GS van Gelderland, mei 2007


Inhoudsopgave

Voorwoord
Hoofdstuk 1: Inleiding
Hoofdstuk 2: Beleidskader
Hoofdstuk 3: Visie op de ontwikkeling van het Nationaal Landschap Veluwe
Hoofdstuk 4: Kernkwaliteiten
Hoofdstuk 5: Begrenzing
Hoofdstuk 6: Uitvoeringsprogramma

Bijlagen:
1: Kernkwaliteiten uit de Streekplanuitwerking Kernkwaliteiten Waardevolle Landschappen
2:Indicatoren
3: Successen in Uitvoeringscontract 2005-2006

4: Ambitielijst Prestaties Nationaal Landschap Veluwe 2007-2013




Hoofdstuk 1

Inleiding

De Veluwe is in de Nota Ruimte (2005) aangewezen als Nationaal Landschap.

Nationale Landschappen zijn gebieden met een uitzonderlijk mooi landschap. Vaak hebben zij een interessante cultuurhistorie en een bijzondere recreatieve waarde.
Doel van de aanwijzing van de Nationale Landschappen is dat de kwaliteit van het landschap in deze gebieden wordt behouden en versterkt.

Dat gebeurt door investeringen te doen in de ontwikkeling van het landschap zelf, in de cultuurhistorie en in de toegankelijkheid van het landschap. Een Nationaal Landschap is geen ‘museumlandschap’. Economische functies in het landschap kunnen zich –binnen de grenzen van het beleid zoals dat is vastgelegd in het Streekplan- blijven ontwikkelen. Een mooi landschap heeft vitale functies nodig. “Behoud door ontwikkeling’’ is dan ook het uitgangspunt voor het ruimtelijk beleid in de Nationale Landschappen.


Provincies zijn verantwoordelijk voor de uitwerking van het beleid voor Nationale Landschappen.

Het rijk heeft de provincie gevraagd om:

- de exacte begrenzing van de Nationale Landschappen vast te stellen;

- de kernkwaliteiten van ieder Nationaal Landschap uit te werken;

- een globale projectenlijst op te stellen voor ieder Nationaal Landschap.
De projectenlijst geeft aan welk type projecten er in het Nationaal Landschap kunnen worden uitgevoerd waarmee de kwaliteit van het landschap kan worden versterkt. Voor de uitvoering van deze projecten is rijksfinanciering beschikbaar.
Positie Veluwe in Noordwest Europa
De Veluwe is een uniek gebied in Nederland en in West Europa. Zo’n groot aaneengesloten bos- en natuurgebied met zulke bijzondere overgangsgebieden naar de Randmeerkust en de IJssel (>150.000 hectare) met zoveel cultuurhistorische waarden in een zo’n sterk verstedelijkte omgeving komen wij in West Europa bijna nergens meer tegen.
De Status Nationaal Landschap
In het Masterplan Veluwe 2010 is de gewenste status, organisatieverband en financiering van het nationaal landschap Veluwe belangrijk onderdeel van de inzet van de Provincie geweest. Op 10 mei 2000 hebben Rijk en Provincie in de “Intentieverklaring Kwaliteitsimpuls Veluwe “vastgelegd dat een onafhankelijke adviescommissie dit vraagstuk zou onderzoeken.

De betreffende commissie met de naam “Adviescommissie Grenzenloze Veluwe” onder leiding van de heer A.J.Evenhuis heeft haar bevindingen hieromtrent vastgelegd in het rapport “Een goede Raad voor de Veluwe. “


Advies van de Adviescommissie Grenzenloze Veluwe ten aanzien van de Status:

De commissie adviseert de Veluwe de status van Nationaal Landschap te geven en een ontwikkelingsgerichte landschapsstrategie toe te passen. Het Rijk heeft in 2005 dit advies overgenomen door in de Nota Ruimte aan de Veluwe de status Nationaal Landschap toe te kennen.

De Provincie Gelderland beschouwt de status van Nationaal landschap met daarbinnen liggende Nationale Parken als een kroon op het werk van de afgelopen decennia gebiedsgerichte aanpak van de Veluwe. Dit is een bezegeling van de inspanning die overheden en particuliere partijen zich de afgelopen jaren hebben getroost.
De uitwerking van deze status en de begrenzing zijn nu onderdeel van discussie in het kader van dit onderhavige project.

Procedure

Het rapport dat voor u ligt is het integraal uitvoeringsprogramma Nationaal Landschap Veluwe. De provincie Gelderland heeft dit uitvoeringsprogramma voor het Nationaal Landschap Veluwe opgesteld in nauw overleg met de Bestuurlijke Klankbordgroep Nationaal Landschap Veluwe. Deze bestuurlijke klankbordgroep bestaat uit 7 wethouders van Veluwse gemeenten, bestuurders van LTO, GPG, het Veluws bureau voor toerisme, Waterschap Veluwe en Staatsbosbeheer.


Doelgroepenoverleg

In het najaar van 2006 is dit plan besproken met de gemeenten en met de Veluwecommissie. Ook zijn informatieavonden in het gebied gehouden voor inwoners en geïnteresseerden.

Vervolgens zijn gesprekken gevoerd met een aantal ( vertegenwoordigers van) doelgroepen, n.l. LTO, Vereniging Kleine Kernen, individuele Gemeenten, WGR regio’s Stedendriehoek, Noord Veluwe, Stadsregio, WERV, Stichting IJsselhoeven, Toer de Boer op, Vereniging Veluwe IJsselzoom, Stichting tot behoud van de Veluwse Sprengen en Beken, Regionale Belangenvereniging Midden Veluwe, Stichting Landschapsbeheer Gelderland, Gelders Particulier Grondbezit.

De meeste van deze partijen staan positief tegenover de ontwikkeling van het Nationaal Landschap. Vanuit de gemeenten is de zorg uitgesproken of de gewenste- en in een uitwerking van het Streekplan Gelderland vastgelegde- ontwikkelruimte voor verstedelijking en bedrijfsterreinontwikkeling ook binnen het Nationaal Landschap kan worden benut en zichtbaar kan worden gemaakt op kaartbeelden. Vanuit de provincie is duidelijk aangegeven dat het vastgestelde streekplan Gelderland en de Streekplanuitwerkingen Zoekzones verstedelijking en Kernkwaliteiten leidend zijn voor ontwikkelingen in Nationaal Landschap en daar geen extra beleid uit voortvloeit.

Vanuit LTO is dezelfde zorg uitgesproken ten aanzien van het grondgebruik en is de vraag gesteld wat de toegevoegde waarde voor de agrarische grondgebruikers is. Ook hiervoor geldt dat vastgelegd beleid in Streekplan en Reconstructieplan leidend is. Alle ontwikkelruimte die daarin is beschreven blijft onverkort overeind binnen het Nationaal Landschap. De ontwikkelingsmogelijkheden van agrariërs in een nationaal landschap is- binnen de kernkwaliteiten van het waardevol landschap-

onomstreden.

Feit is dat het vastgelegde beleid door de titel Nationaal Landschap niet ter discussie staat. Nationaal Landschap biedt enkel mogelijkheden om stimulering van gewenst beleid vorm te geven.

In mei 2007 stellen Gedeputeerde Staten het plan voorlopig vast en vragen zij advies aan de Provinciale Commissie Fysieke Leefomgeving. In Juli 2007 stellen zij het plan definitief vast.

De uitvoering van projecten kan dan beginnen.
Leeswijzer

In hoofdstuk 2 wordt het rijks- en provinciale beleid voor de Nationale Landschappen beschreven.

In hoofdstuk 3 leest u de beleidsmatige voorgeschiedenis van het Nationaal Landschap. De gedetailleerde begrenzing en de motivering daarvoor vindt u in hoofdstuk 4. De kernkwaliteiten zijn uitgewerkt in hoofdstuk 5. Het uitvoeringsprogramma wordt beschreven in hoofdstuk 6.


Hoofdstuk 2: Beleidskader
Nota Ruimte

In de Nota Ruimte is de volgende tekst opgenomen voor de Nationale Landschappen:


“Nationale Landschappen zijn gebieden met internationaal zeldzame of unieke en nationaal kenmerkende landschapskwaliteiten en in samenhang daarmee bijzondere natuurlijke en recreatieve kwaliteiten. Landschappelijke, cultuurhistorische en natuurlijke kwaliteiten van nationale landschappen moeten behouden blijven, duurzaam beheer en waar mogelijk worden versterkt.

In samenhang hiermee zal de toeristisch-recreatieve betekenis moeten toenemen.

Binnen nationale Landschappen is daarom ‘behoud door ontwikkeling’ het uitgangspunt voor het ruimtelijk beleid. De landschappelijke kwaliteiten zijn medesturend voor de wijze waarop gebiedsontwikkeling plaatsvindt. Uitgangspunt is dat de nationale landschappen zich voldoende moeten kunnen ontwikkelen, terwijl de bijzondere kwaliteiten van het gebied worden behouden of worden versterkt (ja-mits regime).”
Nationaal Landschap en het Streekplan Gelderland 2005

Het ruimtelijk beleid in de Nationale Landschappen in Gelderland is verwoord in het Streekplan 2005.

In deze paragraaf wordt dit beleid toegelicht voor twee onderdelen:


  1. hoe wordt omgegaan met ruimtelijke ontwikkelingen, zoals uitbreiding van bebouwing, infrastructuur e.d. in het landschap?

  2. Hoe gaat de provincie om met het migratiesaldo uit de Nota Ruimte?


a. Ruimtelijke ontwikkelingen.

Het Nationaal Landschap Veluwe omvat de waardevolle landschappen en waardevolle open gebieden van de Veluwe uit het Streekplan 2005.


Ter toelichting is hier het ruimtelijk beleid beschreven, zoals verwoord in de Streekplanuitwerking Kernkwaliteiten Waardevolle landschappen:

Het ruimtelijk beleid voor waardevolle landschappen is: behouden en versterken van de landschappelijke kernkwaliteiten. Voor waardevolle open gebieden geldt de grootschalige openheid als belangrijkste kernkwaliteit. Derhalve geldt dat ruimtelijke ingrepen die de openheid aantasten, zoals nieuwe bouwlocaties, niet zijn toegestaan. Ook kleine aantallen en kleinschalige vormen kunnen de waardevolle openheid aantasten. Voor overige ruimtelijke ingrepen in de waardevolle open gebieden geldt de nee-tenzij benadering. Dat wil zeggen dat de ruimtelijke ontwikkeling afhankelijk is van de bijdrage aan de landschapskwaliteit. Hierbij kan sprake zijn van compensatie op gebiedsniveau. Uitbreiding van agrarische bebouwing binnen of aansluitend op het bestaande bouwperceel is mogelijk. Een beeldkwaliteitsplan is bij omvangrijke uitbreiding vereist.
Voor waardevolle landschappen geldt,, binnen de voorwaarde dat de kernkwaliteiten worden versterkt, en bij inachtneming van het beleid voor functieverandering in het buitengebied, een ja-mits benadering voor het toevoegen van nieuwe bouwlocaties en andere ruimtelijke ingrepen.

Dit beleid is geheel verankerd in het Streekplan en uitgewerkt in de Streekplanuitwerking Kernkwaliteiten Waardevolle Landschappen (2006). Het beleid is in overeenstemming met het beleid uit de Nota Ruimte. De provincie voegt in de Nationale Landschappen geen ruimtelijk beleid toe aan het Streekplanbeleid. Zoals de Nota Ruimte vraagt zal er wel een Streekplanuitwerking voor de Nationale Landschappen komen. Deze zal zich echter richten op de programmering en in relatie daarmee de begrenzing van het betreffende nationale landschap ( de programmagrens). Bovenstaande houdt ook in dat, naast de beleidsruimte in het Streekplan, ook de ruimte die in het kader van het Reconstructieplan is geboden aan de landbouw ongewijzigd blijft door de Streekplanuitwerking voor het Nationaal Landschap de Veluwe.


b. Migratiesaldo nul

Het rijk heeft in de Nota Ruimte opgenomen dat voor Nationale landschappen het migratiesaldo 0 geldt. Dit houdt in dat er in Nationale landschappen woningen mogen worden gebouwd voor de eigen bevolkingsaanwas. Het migratiesaldo, dat is het verschil tussen de verhuisbewegingen naar en vanuit het Nationaal Landschap, mag maximaal op nul uitkomen.



Het rijk vraagt de provincies met de gemeenten in Nationale Landschappen afspraken te maken over de omvang en locatie van de woningbouw in relatie tot dit migratiesaldo 0. Het rijk gaat daarbij dus ook van een regionale benadering uit, op het niveau van een Nationaal Landschap.
De provincie Gelderland heeft in het streekplan Gelderland 2005 en het Kwalitatief Woningbouwprogramma (KWP) de beleidslijnen vastgelegd voor wonen. Deze passen volledig binnen de benadering van het rijk om terughoudend te zijn met stedelijke functies in de Nationale landschappen. De provincie zal dan ook geen aanvullende afspraken met de gemeenten maken over woningbouw in Nationale Landschappen. De provincie hanteert derhalve geen migratiesaldo nul benadering in haar beleid.

Toelichting
Ruimte voor stedelijke functies

Bij het accommoderen van ruimte voor stedelijke functies spelen twee belangrijke principes een rol: bundeling en intensivering.

Bundeling houdt in dat een belangrijk deel van de woningbouw plaatsvindt in zogenaamde bundelingsgebieden van de stedelijke netwerken (KAN, WERV en Stedendriehoek) en in de regionale centra (Doetinchem, Harderwijk en Tiel).

Intensivering houdt in dat er binnen bestaand bebouwd gebied een netto toevoeging aan de woningvoorraad plaatsvindt.

Voorts mag er in beginsel in het hele buitengebied geen nieuwbouw plaatsvinden, met name in het zogenoemde groen-blauwe raamwerk; dat is de EHS, de waardevolle open landschappen en de (zoekgebieden voor) waterbergingsgebieden.
De provincie heeft met de WGR-regio’s afspraken gemaakt over de omvang en aard van de woningbouw. Voorts hebben de regio’s in de vorm van zoekzones aangegeven in welke gebieden zij voor de komende tien jaar uitbreiding voor woningbouw en bedrijventerreinen verwachten. De provincie heeft de plannen voor de zoekzones beoordeeld op de uitgangspunten van het KWP en Streekplan en vastgelegd in een afzonderlijke streekplanuitwerking. Daarmee kunnen de procedures die leiden tot uitvoering van de woningbouw worden vereenvoudigd.
Vrijkomende gebouwen in het buitengebied.

Ook voor functieverandering van vrijgekomen bebouwing in het buitengebied naar wonen is zuinig omgaan met de beschikbare ruimte uitgangspunt. In eerste instantie wordt uitgegaan van hergebruik en als dat niet kan mag na sloop vervangende nieuwbouw plaatsvinden. Binnen het beleidskader van het streekplan kunnen de WGR-regio’s zelf een regionale beleidsinvulling opstellen die de provincie voor de betreffende regio kan vaststellen als afwijking van de gehanteerde normen uit het streekplan. Ook moet het beleid voor functieverandering passen binnen de uitgangspunten van het Kwalitatief woonprogramma. Dat betekent dat de nieuwe wooneenheden moeten voorzien in de regionale woonbehoefte en onderdeel zijn van het regionaal woonprogramma. De regionale invulling treedt na accordering door GS en vertaling in de bestemmingsplannen in de plaats van het Streekplanbeleid.
Hoe pakt dit ruimtelijk beleid voor wonen uit voor het migratiesaldo in Nationale Landschappen?

Gelderland verwacht dat er in de periode 2005-2015 sprake is van een licht positief migratiesaldo op provinciaal niveau. Omdat er bundeling in stedelijke netwerken en regionale centra en intensivering van bestaand bebouwd gebied wordt nagestreefd en in het buitengebied geen nieuwe bouwlocaties worden toegevoegd , is het onwaarschijnlijk dat het migratiesaldo 0 in Nationale Landschappen wordt overschreden. De zoekzones voor stedelijke functies zijn eind 2006 vastgelegd in een afzonderlijke streekplanuitwerking. De provincie zal haar ruimtelijke monitoring van stedelijke functies vooral richten op de mate waarin bundeling en intensivering worden gerealiseerd en vrijkomende gebouwen in het buitengebied adequaat worden hergebruikt.

Nationaal Landschap en kansen voor de toekomst

De provincie Gelderland is trots op de grote rijkdom aan mooie landschappen binnen haar grenzen. De provincie is dan ook blij met de aanwijzing van Nationaal Landschap Veluwe! Een mooi landschap draagt bij aan een goed woonklimaat, een wervend werkklimaat en aan de ontwikkeling van recreatie en toerisme.

Gelderland ziet in de aanwijzing van Nationale Landschappen een kans om gebieden met een hoge ruimtelijke kwaliteit en hoge landschaps- en cultuurhistorische waarden te behouden en te versterken, ten behoeve van de inwoners van Gelderland, maar ook van die daarbuiten.
Het Nationaal Landschap is een mooi predikaat om de kwaliteit van het gebied meer bekendheid te geven en de streekidentiteit te versterken. Voor recreatie en toerisme biedt dit groeimogelijkheden voor bezoek en het aantal overnachtingen. Daarnaast biedt de status Nationaal Landschap kansen op extra investeringen van de landelijke overheid.


Hoofdstuk 3: Visie op de ontwikkeling van het Nationaal landschap Veluwe

De Veluwe is een uniek gebied in Nederland en in West Europa. Zo’n groot aaneengesloten bos- en natuurgebied met zulke bijzondere overgangsgebieden naar de Randmeerkust, de Nederrijn en de IJssel (>150.000 hectare) met zoveel cultuurhistorische waarden in een zo’n sterk verstedelijkte omgeving komen wij in West Europa bijna nergens meer tegen.



De lange termijn visie voor de Veluwe is het realiseren van een grenzenloze Veluwe waarin zowel voor de economie als voor de ecologie een duurzaam ontwikkelingsperspectief aanwezig is. Hoe ziet die grenzenloze Veluwe er in 2020 uit?

Nationaal Landschap de Veluwe in 2020: De Droom:


  • Het Nationaal Landschap Veluwe is in 2020 een recreatie- woon-, werk-, leef- en natuurgebied van internationale allure gelegen tussen Randstad en Ruhrgebied. De Veluwe dient als voorbeeld voor de inrichting van de groene ruimten rondom vergelijkbare grotere stedelijke agglomeraties in Europa ( groot Parijs, Milaan, Berlijn, Londen).

  • De Veluwe biedt op Europees schaalniveau een schat aan landschappelijke- en natuurlijke kwaliteitswaarden, heeft een grote aantrekkingskracht als zeer wervend woonmilieu en kent een zeer sterk economisch investeringsklimaat.

  • Delen van de Veluwe zijn door de Unesco tot werelderfgoed benoemd vanwege de bijzonder cultuurhistorische – en aardkundige waarden

  • Binnen het Nationaal Landschap Veluwe zijn de bestaande Nationale Parken vergroot en is een derde Nationaal Park op de Midden-Noord Veluwe gerealiseerd

  • Het Randmerengebied heeft zich ontwikkeld tot een groene as tussen Amersfoort en Zwolle waar binnen de bestaande bebouwingscontouren een enorme kwaliteitsslag in wonen en werken heeft plaatsgevonden

  • Langs de Zuid- en Oostrand van de Veluwe is een uitgebreid landgoederenlandschap ontstaan met duurzame agrarische bedrijven waarin de robuuste ecologische verbindingszones zijn gerealiseerd

  • In alle dorpen rond de Veluwe is een evenwichtig woon- en werkklimaat ontstaan wat ruimte heeft geboden voor de ontwikkeling en de groei van de eigen bevolking. Er is voor iedere burger uit die plaatsen een passende woning beschikbaar.

  • De woon- en werkmogelijkheden zijn ingebed in landschappelijke- en natuurlijke structuren die tot inspiratie leiden. Naast een scala aan arbeids- en kennisintensieve bedrijven zien wij dat de ontwikkeling van kunst en cultuur een enorme impuls heeft doorgemaakt.

  • De complexen met verouderde functies ( als voormalige zorgcomplexen, militaire terreinen, landbouwbedrijven) hebben een transitieslag doorgemaakt waardoor zij beter ingepast in het landschap en in de ecologische hoofdstructuur een belangrijke rol voor de regionale economie vervullen.

  • De gezondheidstoestand en levensverwachting van de bewoners en de gebruikers van het Nationaal Landschap Veluwe zijn uitmuntend door een scala aan recreatiemogelijkheden, schoon drinkwater, bijzonder hoge natuurwaarden naast uitmuntend functionerende gezondheidsdiensten die geleverd worden in de dorpen en steden.

  • De grondgebruikers binnen het Nationaal Landschap Veluwe produceren voedsel van een zeer hoge kwaliteit en zetten dat voor een groot deel af in de stedelijke agglomeraties die zich in rond het Nationaal Landschap bevinden.

  • De economische rendabiliteit van de voedselproducerende bedrijven is goed omdat zij naast de vergoedingen die zij voor hun voedsel krijgen ook in de vorm van plattelandstoeslagen in staat gesteld worden om tegen kostprijs de landschappelijke kernkwaliteiten te onderhouden

  • De rendabiliteit van de recreatiebedrijven op- en rond de Veluwe is goed vanwege het hoogwaardige aanbod van kwaliteit en voorzieningen

  • De Veluwe is weer recreatiegebied nummer 1 in Nederland



Concrete ambities,opgaven en instrumentarium waarmee bovenstaande visie voor 2020 gerealiseerd kan worden liggen voor een belangrijk deel al vast in de afzonderlijke plannen. Het Reconstructieplan en Veluwe 2010 kennen integrale uitvoeringsopgaven die middels (deels majeure-) projecten geprogrammeerd zijn in het Provinciaal Meerjarenprogramma. Deze programmering geldt voor de periode 2007-2013. Bij de programmering is de Veluwecommissie betrokken als adviseur voor het provinciaal bestuur. Daarnaast zijn de in het Nationaal Landschap Veluwe veel actieve stuurgroepen betrokken, zoals voor de gebiedsuitwerkingen van Harderwijk-Elburg, Epe-Vaassen, Agrarische Enclave Uddel-Elspeet en de Ecologische Poorten.

Met behulp van het reguliere uitvoeringsinstrumentarium zal het nationaal landschap vormgegeven worden. De uitvoeringsstructuur van Nationaal Landschap zal nader worden ingevuld in de komende periode.



Extra impuls door Nationaal Landschap:

Een aantal thema’s die voorkomen in de droom voor 2020 zijn in de huidige plannen nog niet voldoende van instrumenten en geldmiddelen voorzien. Daar liggen dan ook kansen en opgaven om in het kader van het nationaal landschap nader aandacht aan te schenken.


Het gaat dan om de volgende aspecten:
* Stad-landrelaties:
De Nota Ruimte geeft aan dat het gewenst is om in de Nationale Landschappen extra aandacht te besteden aan de relatie tussen stad en platteland.
Om die reden is het van belang dat, daar waar de zoekzones voor verstedelijking en de zoekzones voor landschappelijke versterking rond de kernen aansluiten bij de waardevolle landschappen in het Nationaal landschap, naar een vloeiende overgang wordt gezocht. In die overgangen zullen regionale routenetwerken voor de recreatie vanuit de zoekzones naar het buitengebied soepel in elkaar kunnen overlopen. Er is extra aandacht nodig voor kwaliteitsverbetering van het landschap in de overgangszones en landschappelijke inpassing van bebouwing. Ook is extra aandacht nodig voor beeldkwaliteit van de stadsranden in relatie tot het omringende landschap.
* Recreatie:
Recreatie is een van de belangrijkste factoren in de nationale landschappen, gerelateerd aan de draagkracht van het gebied. Doel is in het Nationaal Landschap Veluwe een klimaat voor de ontwikkeling van duurzame recreatie te scheppen.
Het gaat daarbij in de eerste plaats om de toegankelijkheid van de gebieden, de ontsluiting van de kernkwaliteiten voor de recreant, de beleving van de kernkwaliteiten, de realisering van opvangvoorzieningen. Maar ook voor de verblijfs- en dagrecreatieve concentratiepunten zal het Nationaal Landschap een belangrijke rol vervullen. Voor de kwetsbaar gelegen verblijfsrecreatiecomplexen wordt in het kader van Groei en Krimp gezocht worden naar mogelijkheden voor uitplaatsing vanuit kwetsbare delen van de Veluwe.
* Landbouw:
Algemeen geldt voor de Centrale Veluwe, de IJsselvallei en de Randmeerkust dat de landbouw het landschap heeft gemaakt tot wat het is. Landbouw is- en blijft- de drager van een groot aantal kernkwaliteiten in het Nationaal Landschap Veluwe. We leggen de landbouw in een Nationaal Landschap dan ook geen beperkingen op. Alles wat volgens het Streekplan en het Reconstructieplan mag, mag ook in een Nationaal Landschap. Daar komt geen beperking bij. We willen graag de landbouw in Nationale Landschappen ondersteunen.


Landbouw is de bouwer van het landschap

De celtic fields zijn al door prehistorische landbouwers aangelegd; een kleinschalig cultuurlandschap is ontstaan door landbouwkundig gebruik even als de kenmerkende agrarische enclaves op de Veluwe en de heidevelden . De grote ontginningen in de IJsselvallei, Randmeerkust en de polder Oosterwolde hebben geleid tot een waardevol landbouwgebied en een waardevol landschap. De kenmerkende landschapskwaliteiten van landgoederen zijn zonder landbouw ondenkbaar.
Nu zijn de ontwikkelingen binnen de landbouw de afgelopen decennia stormachtig verlopen, evenals de verstedelijkingsdruk en de ruimteclaim voor natuurontwikkeling die op het landelijk gebied is ontstaan.

Op een aantal plaatsen binnen het Nationaal Landschap is het zo dat de productieomstandigheden minder optimaal zijn dan in delen van de landbouwgebieden daarbuiten.

Voor de instandhouding en de versterking van de landschappelijke kernwaarden is het daarom van groot belang om te zoeken naar grondgebruikers die in staat zijn om de kernkwaliteiten duurzaam in stand te houden en daar toch een voldoende inkomen uit kunnen behalen.
De Provincie Gelderland is van mening dat de landbouw een blijvende belangrijke rol speelt bij de instandhouding en de ontwikkeling van de kernkwaliteiten. Daarom zal de Provincie Gelderland waar mogelijk kansen aangrijpen om de positie van de landbouw in het nationaal landschap te versterken.

Concrete mogelijkheden om de positie van de landbouw in de nationale landschappen te verbeteren zijn:

  • actieve inzet van verkavelingsinstrumenten ( planmatige-, wettelijke- of ondersteunende kavelruil en financiering van kavelaanvaardingswerken)in het gehele nationaal landschap Veluwe

  • bedrijfsverplaatsing

  • financiering van beeldkwaliteitsplannen vanuit Nationaal landschap (NL)

  • actieve inzet en ontwikkeling van groen-blauwe diensten in NL

  • fiscale maatregelen

  • inzet groenfinanciering

Dit gebeurt niet alleen door inzet van middelen vanuit de titel Nationaal Landschap. De provincie stelt binnen het PMJP veel middelen beschikbaar voor het verbeteren van de verkaveling, duurzaam ondernemen, innovatie e.d.

* Landgoederen


De landgoederen op de Veluwe zijn van uitzonderlijk belang voor de instandhouding en de versterking van de kernkwaliteiten.
Het bestaande landgoederenbeleid en de ruimte voor ontwikkelingen sluit dan ook goed aan bij hetgeen hierboven over de landbouwbedrijven is gezegd. Nationaal Landschap biedt voor de landgoederen helderheid over de continuering van het bestaande beleid ten aanzien van beheerovereenkomsten, gebruik maken van groene- en blauwe diensten, herstel en ontwikkeling van cultuurhistorische elementen en gebouwen en de economische vitalisering door functieveranderingmogelijkheden. Nationaal Landschap geeft kansen voor de landgoederen en draagt in hoge mate bij aan het beheer.
* Cultuurhistorie:
De eeuwenlange ontstaansgeschiedenis van de Veluwe resulteert in veel feiten en daaruit voortvloeiende verhalen over Veluwe. Het in beeld brengen- en het vertellen van die verhalen, het toegankelijk maken ervan en het bieden van nieuwe economische benuttingmogelijkheden van de cultuurhistorische waarden is de grote uitdaging voor het Nationaal Landschap Veluwe.
Juist deze elementen, die in de landelijke Belvedère- en de provinciale Belvoir aanpak naar voren komen- bieden grote kansen in het Nationaal landschap. In de verre prehistorie, via de industriële en landbouwkundige ontwikkeling, de menselijke occupatie van het gebied, de krijgsgeschiedenis zijn vele aanknopingspunten te vinden om het Nationaal Landschap beter te begrijpen, om de verhalen te vertellen en de binding van de bewoner en de bezoeker met het gebied te versterken.
In de opsomming van de kernkwaliteiten ( bijlage 1) zijn de belangrijkste cultuurhistorische waarden genoemd. Deze zijn verder uitgewerkt in de landelijke nota Belvedere en de Gelderse nota Belvoir Een belangrijk deel van de uitvoeringsprojecten in het Nationaal Landschap zal in de sfeer van herstel en ontwikkeling van de cultuurhistorie liggen.

* Natuur
Natuur en landschap zijn met elkaar verbonden. Natuur heeft namelijk een landschappelijk aspect en een grote belevingswaarde.
Het natuurbeleid is op de Veluwe erg belangrijk en kan een grote rol spelen bij de versterking van het landschap. Natuurbeleid kan bijdragen aan de herkenbaarheid (leesbaarheid) van het landschap, nieuwe natuur kan zo worden ingericht dat de toegankelijkheid en beleefbaarheid van het landschap toenemen, investeringen in natuur kunnen benut worden als motor voor aanpassingen in andere functies (bijvoorbeeld aard van recreatie- en landbouwbedrijven)


* Landschapsontwikkelingsplannen:

Landschapsontwikkelingsplannen (LOP’s)geven invulling aan beheer-, onderhoud- en vernieuwing van het landschap. LOP’s vervullen ook een uitermate belangrijke rol bij het ontwikkelen en doorvertellen van het “verhaal”van het landschap. Het Landschap moet gaan “leven”.



Enkele gemeenten op de Veluwe hebben al een landschapsontwikkelingsplan gemaakt en diverse gemeenten gaan zo’n plan binnenkort opstellen. In deze plannen zullen de in dit uitvoeringsprogramma opgesomde kernkwaliteiten verder op lokaal niveau uitgewerkt worden. De LOP’s zijn daarmee complementair aan dit uitvoeringsprogramma en bieden op lokaal schaalniveau heel concrete invullingmogelijkheden en subsidiekaders voor de kwaliteitsverbetering en het beheer van het landschap,maar ook voor de communicatie en bewustwording van het landschap door de bewoners en de gebruikers.Om die rede is cofinanciering uit Nationaal Landschapsgelden gewenst.

* Draagvlakontwikkeling: van communicatie tot educatie
Brede participatie van burgers en organisaties is belangrijk om draagvlak te verkrijgen voor de doelstellingen van het Nationaal Landschap Veluwe. Meer kennis van de verschillende deelgebieden in het Nationaal Landschap en bekendheid met het verhaal van deze gebieden (de kernkwaliteiten) en de identiteit draagt bij aan waardering in brede kring van het Nationaal Landschap Veluwe.
Gerichte activiteiten rond voorlichting (informatiemateriaal als folders, nieuwsbrieven en websites), educatie (excursies voor een brede doelgroep, themaroutes, lessen op scholen) en participatie (speciale bijeenkomsten voor bewoners, bestuurders en ondernemers) zorgen voor de gewenste waardering en draagvlakontwikkeling. Maatschappelijke organisaties met hun netwerk en specifieke kennis kunnen hierbij een belangrijke rol spelen.
Om dit draagvlak, middels activiteiten, te realiseren is het van belang om in overleg met Veluwe partners over het Nationaal Landschap Veluwe te communiceren. De communicatie over het Nationaal Landschap Veluwe wordt ingebed in de Veluwebrede communicatiestrategie zoals die momenteel wordt ontwikkeld.


Hoofdstuk 4: Kernkwaliteiten

De kernkwaliteiten uit de Nota Ruimte zijn in de Streekplanuitwerking Kernkwaliteiten Waardevolle Landschappen ( GS Gelderland 2006) uitgewerkt. In Bijlage 1 is de tekst voor de Veluwse deelgebieden opgenomen.

In dit hoofdstuk volstaat de verwijzing naar betreffende bijlage met tekst en kaarten.
Uit de kernkwaliteiten zijn een aantal thema’s gedestilleerd die de sleutel vormen voor de verschillende uitvoeringsprojecten.

In het uitvoeringsprogramma in hoofdstuk 6 werken wij deze thema’s nader uit.



Hoofdstuk 5 : Begrenzing
Uitgangspunt

Voor de begrenzing van het Nationaal Landschap Veluwe hebben wij gekeken naar de aanwezige samenhang tussen de landschappen en naar de mate van dynamiek die wij binnen die landschappen verwachten in de komende decennia.


Samenhang

Wij constateren dat de in het Streekplan vastgelegde waardevolle landschappen van de Veluwe tussen Randmeerkust, IJssel, Neder-Rijn en Gelderse Vallei in een sterke onderlinge samenhang aanwezig zijn.

De hoge gestuwde en verstoven zandgronden vangen vanouds het regenwater op en laten oppervlakkig beeksystemen ontstaan en vanuit het diepere grondwater ontstaat aan de randen van de stuwwallen kwel, Dit watersysteem van de Veluwe is de motor voor de ontwikkeling van de Veluwe-economie- en daarmee het Veluwelandschap- geweest. In de gebieden grenzend aan de centrale zandgebieden zijn de cultuurlandschappen van de overgangszones ontstaan met landgoederen, nederzettingen en graslandgebieden, onlosmakelijk verbonden met enerzijds de hogere zandgronden en anderzijds de rivieren en de voormalige Zuiderzee. Deze samenhangende landschapsvormende factoren bepalen het nationaal landschap Veluwe.
De in het Streekplan opgenomen Waardevolle landschappen van de Randmeerkust, Noordelijke IJsselvallei, Zuidelijke IJsselvallei en Centraal bos- en natuurgebied van de Veluwe zijn van Nationaal belang en verdienen de status Nationaal Landschap.
Dynamiek passend binnen de kernkwaliteiten
Ecologische Poorten

Het Veluwebeleid (zoals vastgelegd in Veluwe 2010 en het Reconstructieplan Veluwe) kent enkele grote ontwikkelopgaven voor bestaande landschappen: de Ecologische Poorten. Rondom de Veluwe zullen 7 Ecologische poorten in de vorm van Robuuste verbindingen uitgevoerd worden. Deze poorten hebben invloed op het bestaande landschap en zullen leiden tot een aanvulling op- en versterking van de bestaande kernkwaliteiten. Hier wordt invulling gegeven aan landschapsontwikkeling met een Nationale kwaliteit. Deze Ecologische poorten zullen daarom ook deel uitmaken van de begrenzing Nationaal Landschap.


Landbouwenclaves

In de landbouwenclaves op de Veluwe hebben wij het voornemen om de bestaande landschapskwaliteit te vergroten en daarmee de kernkwaliteiten te verbeteren. Deze gebieden ( o.a. Agrarische Enclave Uddel-Elspeet, enclave Renkum, zone ter weerszijde van het Apeldoorns Kanaal) nemen wij daarom ook op in het Nationaal landschap met een ontwikkelingsgerichte opgave.


Enken in de Gelderse vallei

Grenzend aan de westrand van de Veluwse bos- en natuurgebieden liggen waardevolle enken. Deze aangrenzende enken (o.a. bij Wageningen, Ede, Lunteren) nemen wij op binnen het Nationaal Landschap Veluwe vanwege hun grote waarde als kernkwaliteit.



Stad-landrelaties

Rond de dorpen en steden liggen zones die voor een deel als uitbreidingsruimten zullen dienen voor die plaatsen. Wij hebben die zoekzones voor stedelijke ontwikkeling en de zoekzones voor landschapsversterking vastgelegd in een afzonderlijke streekplanuitwerking. Daarmee is in het ruimtelijk beleid van de Provincie helder waar de ontwikkelingsrichtingen van de dorps- en stadsuitbreidingen alsmede de ontwikkelingen van bedrijfsterreinen hun ruimte kunnen vinden. Bestaande afspraken in dit verband zullen niet door de toekenning van de titel Nationaal Landschap worden beïnvloed.

Wij hechten sterk aan de inpassing van de nieuwe uitbreidingen van dorpen en steden in het omliggende landschap. Om dat proces te ondersteunen is opname in het Nationaal Landschap gewenst. Daarmee kan een ontwikkelingsgerichte landschapsimpuls worden gegeven aan de uitbreidingsgebieden. Daar waar de waardevolle landschappen uit het streekplan niet de bestaande dorpsgebieden en zoekzones omvatten, nemen wij deze gebieden toch op binnen het Nationaal landschap. Wij geven hiermee aan een robuust- en aaneengesloten Nationaal landschap Veluwe te willen ontwikkelen, maar tevens de ontwikkeling van kernen in een landschappelijk verantwoorde setting te laten geschieden.
Groen om de Stad

De realisering van Groen In en Om de Stad (GIOS) achten wij een ontwikkelingsgerichte landschapsopgave die bijdraagt aan de kernkwaliteiten van het Nationaal Landschap. Het gaat daarbij in het Nationaal Landschap Veluwe met name om de zogenaamde “Groene Mal”van Apeldoorn ( Weteringsebroek, Woudhuis. Wolvenbos) en de overige grote groenopgaven die in de regionale structuurvisie voor de Stedendriehoek zijn vastgelegd (regionaal park rond Twello , Bussloo en de Beekbergse poort) . Wij begrenzen deze gebieden dan ook mee in het Nationaal Landschap.



Dynamiek niet passend binnen de kernkwaliteiten
Hoge dynamiek in de Stedendriehoek

Binnen het bundelingsgebied van de Stedendriehoek zijn enkele hoogdynamische en grootschalige verstedelijkingsopgaven voor wonen en werken vastgelegd in de Regionale Structuurvisie Stedendriehoek. Vanwege hun grootschalige karakter passen deze ontwikkelingen niet goed binnen het Nationaal Landschap. Het gaat dan om de bedrijfsterreinontwikkeling bij Apeldoorn, grootschalige woningbouwlocaties voor Apeldoorn,Twello, Deventer en Zutphen en de ontwikkelingsmogelijkheden rond het VAR-terrein, herstructurering glastuinbouw en verbreding A1.



Wij begrenzen daarom deze voorgenomen hoogdynamische gebieden uit de Regionale Structuurvisie Stedendriehoek niet als Nationaal Landschap.
Hoge dynamiek Landbouwontwikkelingsgebied

In het Reconstructieplan Veluwe en in het Streekplan is bij Vaassen een zone aangegeven als Landbouwontwikkelingsgebied. Hier ligt een opgave om de Intensieve veehouderij te concentreren. Dat willen wij wel samen laten gaan met een ontwikkelingsgerichte landschapsopgave, maar de ontwikkelingen zijn van en zodanige schaal en dynamiek dat wij ze niet vinden passen binnen het Nationaal Landschap Veluwe. Om die rede begrenzen wij het Landbouwontwikkelingsgebied in de IJsselvallei niet als nationaal landschap.



Samenvattend:

De provincie Gelderland hecht eraan om een consistent beleid te voeren ten aanzien het Nationaal Landschap Veluwe. Een robuuste en aaneengesloten begrenzing biedt daarvoor de beste garantie.
Op grond van het voorgaande wordt het gebied dat op de kaart is aangegeven begrensd als Nationaal Landschap Veluwe. Dit gebied beslaat nagenoeg het hele grondgebied van de Veluwe zoals dat is begrensd in het Reconstructieplan Veluwe exclusief het hoogdynamische gebied binnen het bundelingsgebied van de stedendriehoek Apeldoorn, Deventer en Zutphen en het Landbouwontwikkelingsgebied IJsselvallei.

Hoofdstuk 6 : Uitvoeringsprogramma

 

 





  1   2   3   4


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina