Natuurwetenschap in het Nieuws



Dovnload 136.55 Kb.
Pagina2/3
Datum24.08.2016
Grootte136.55 Kb.
1   2   3

Griepvirus is geen loser

Kennislink, 24 december 2004

Het griepvirus wordt vaak gezien als het halfzachte eitje onder de virussen. Na een paar dagen koortsig en snotterig in bed liggen, heeft je immuunsysteem de strijd alweer gewonnen tenzij je gezondheid al zwak was. Desondanks houdt het griepvirus prima stand op aarde; een kortdurende, milde infectie kan dus evolutionair gezien zeer succesvol zijn. Biologen van de Universiteit van Amsterdam hebben met computersimulaties het geheim achter dit succes blootgelegd.



De verspreiding van een virusziekte in het model. Links een niet zo besmettelijke ziekte die een lange infectieduur heeft; rechts een waarbij dat andersom is.

Om te bestuderen hoe de verspreiding van een ziekte verloopt en wanneer deze succesvol is, gebruikten de wetenschappers een computermodel. Het model is eigenlijk heel simpel. Het ziet er uit als een dambord maar dan met veel meer vakjes. Elk vakje is een zogeheten gastheer, bijvoorbeeld een mens. Die gastheer kan gezond, ziek of resistent zijn. Een zieke gastheer kan de ziekte doorgeven aan de gastheren om hem heen. In het model zijn wiskundige vergelijkingen opgenomen voor ondermeer de duur en de besmettelijkheid van de ziekte.

Bij een ziekte die een lange infectieduur heeft maar die niet zo besmettelijk is, zie je de ziekte op het “speelbord” als lokale uitbraken die niet zo groot zijn. Het verspreidingspatroon ziet er heel anders uit voor een heel besmettelijke ziekte waarvan de infectieduur kort is. Bij zo’n ziekte gaat de verspreiding in golven. Dergelijke golven zijn daadwerkelijk waargenomen bij ziektes, zoals bij de verspreiding van griep en de mazelen in Europa, maar ook bij de verspreiding van knokkelkoorts in Thailand.
Kloppend kunsthart

Nooit was nep zo echt

Noorderlicht, 13 december 2004

Wat is gemaakt van hartcellen en klopt als een hart? Onderzoekers van Massachussetts Institute of Technology (MIT) hebben een plakje kunsthart gemaakt, kloppend en wel. Ooit te gebruiken als ‘levende pleister’ voor op een ziek hart, schrijven de onderzoekers.

Niet eerder was nep zó echt. Met de hartcellen van een rat zijn Amerikaanse onderzoekers erin geslaagd een plakje hartweefsel te maken, dat ook echt ‘klopt’, net als een echt hart.




Met kleurstof bewerkt hartweefsel onder de microscoop. (Universiteit van Washington)

Op een dag zal de techniek misschien helpen een ‘gebroken hart te helen’, zoals hoofdonderzoekster Gordana Vunjak van het technologie-instituut MIT jolig opmerkt. Het probleem dat ze aansnijdt is uiterst serieus: alleen al in Nederland lopen jaarlijks tussen de dertig- en de veertigduizend mensen hartschade op door een hartinfarct. En hartspierweefsel dat eenmaal is beschadigd door zuurstofgebrek, herstelt niet meer. Aan ‘levende pleisters’ voor op een beschadigd hart is daarom grote behoefte.

“We hadden aanvankelijk geen idee of het zou werken,” erkent teamlid Milica Radisic in een persbericht. “Maar naar later bleek was de elektrische stimulatie cruciaal voor een snelle samenstelling van functioneel weefsel.” Haar collega Robert Langer: “Het grote voordeel is dat we nadoen wat het lichaam zelf ook doet.”
Koekje van eigen deeg

Schimmel krijgt malariamug eronder

Noorderlicht, 25 november 2004

Wageningse onderzoekers willen de malariamug een koekje van eigen deeg geven. Door de mug te besmetten met een verwoestende schimmelziekte, kan misschien driekwart van de malariabesmettingen worden voorkomen, suggereren de cijfers.

Je zou haast medelijden met hem krijgen, met de malariamug. Het insect mag dan verantwoordelijk zijn voor één tot drie miljoen doden per jaar. Maar wat Wageningse onderzoekers voor de mug in petto hebben, is ook niet misselijk. De Wageningers willen hem een langzame en gruwelijke dood laten sterven, door hem te besmetten met een schimmel.

Op dag één landt de mug nietsvermoedend op een doek die is geïmpregneerd met sporen van de grondschimmel ‘Metarhizium anisopliae’. De schimmel sproeit een enzym op de mug dat zijn uitwendige skelet afbreekt, en dringt zo het lijf van het insect binnen. Ergens tussen dag drie en dag tien wordt de mug doodziek, en legt hij het loodje. Als de lucht vochtig genoeg is, zal de schimmel daarna naar buiten groeien en het lijk overwoekeren, als een lichtgroene, harige massa.

 

Twee rode bloedcellen scheuren open en laten jonge malariaparasieten vrij.



Een dode mug raakt overgroeid met de schimmel die hem heeft gedood, de grondschimmel Metarhizium anisopliae.

Scholte bestudeerde vijf schimmelsoorten, en kwam uiteindelijk uit op een stam die in Kenia al wordt getest als biologisch wapen tegen tseetseevliegen en teken. “Het prettige is dat je deze schimmel zó kunt gebruiken. De veiligheid en de gevolgen voor de menselijke gezondheid zijn al uitgebreid getest.”

De methode heeft een aantal prettige bijkomstigheden. Zo blijken muggen die met de schimmel zijn besmet, minder eetlust te hebben. Dat scheelt weer een paar muggenbeten. Bovendien acht Scholte de kans klein dat muggen weerstand opbouwen tegen de schimmel. De schimmel valt de mug namelijk aan met een stuk of vijf giffen tegelijk.

Nog meer goed nieuws: de schimmel lijkt álle muggensoorten ziek te maken. Dat betekent dat de schimmel in theorie overal ter wereld kan worden gebruikt. Wereldwijd zijn er zo’n zeventig muggensoorten die de ziekte kunnen overbrengen.



Liever langzame suikers dan weinig vet

NRC, 29 november 2004

Vet maakt dik. Maar om echt af te vallen kun je beter een dieet kiezen van 'langzame' koolhydraten dan een vetvrij dieet.



Op een dieet met 60% van hun dagelijkse energiebehoefte deden mensen op een laag-vet-dieet er 69 dagen over om 10% van hun lichaamsgewicht kwijt te raken. De diëters die vooral de 'snelle' suikers lieten staan waren vier dagen eerder klaar. Ze gaven ook aan zich iets minder hongerig te voelen. En als ze stil zaten verbruikten ze wat meer energie dan de laag-vet-lijners.

Het experiment toont aan dat er bij dezelfde inname van calorieën, uitsluitend door variatie in menusamenstelling verschillen kunnen bestaan in ruststofwisseling, gewichtsverlies en hongergevoel.

Maar het uiteindelijke verschil is klein (nog geen halve boterham per dag, of 2 kilometer wandelen) en dat betekent, schrijven de onderzoekers, dat dit onderzoek niet de claims ondersteunt van diëten die beloven dat je je energiestofwisseling ingrijpend kunt versnellen en vlot overtollig vet kunt kwijtraken door het weglaten van componenten uit de voeding. Dit soort wonderen worden beloofd door de Atkins- en Montignacdiëten die de laatste jaren populair waren.

'Schijf van vijf' terug: geen kaas, wel tofu

NRC, 17 november 2004

De 'Schijf van vijf' is na 25 jaar terug. Eet iedere dag iets uit alle vijf vakken, varieer binnen de vakken en eet vooral niet te veel. Met die boodschap en het herstelde symbool van de schijf gaat het Voedingscentrum de slechte voedingsgewoonten te lijf.

De nieuwe schijf heeft niet alleen plaatjes, maar ook tekst. Bij gezond eten gaat het om variatie, om niet te veel, maar ook om veilig, weinig verzadigd vet en veel groenten, fruit en brood.

Jong en oud in Nederland eten veel te weinig groenten, fruit en brood, en te veel verzadigd vet. Dat verzadigde vet zit vooral in melk, boter, yoghurt en kaas en in vlees. Het is een nieuwe klap voor de bulkproducten van de Nederlandse zuivelindustrie. Op de nieuwe schijf staat een kuipje halvarine, een pakje magere melk en een lapje mager vlees.

Kaas, kip, ei, alcohol, koffie, rijst en boter ontbreken ook. Wel zalm, geen haring. In de wandelgangen van het Amersfoortse congres barstte de discussie los over voedingsmiddelen die géén plaatsje op de schijf hebben gekregen. Diëtisten en voedingonderzoekers spraken soms honend over het pakje tofu dat wél op de schijf staat.



Trouw afvallen

Soort dieet maakt niet uit

Noorderlicht.nl, 7 januari 2005

Het straatbeeld in het westen wordt steeds meer bepaald door te dikke mensen. We eten teveel en bewegen te weinig, met alle gevolgen voor onze gezondheid. Om het tij te keren, worden er allerlei diëten ontwikkeld. Dat grote aanbod maakt het extra moeilijk om een keuze te maken. Want welk dieet geeft nou de beste resultaten?

Om hierin enig inzicht te krijgen, hebben Amerikaanse onderzoekers van het Tufts-New England Medical Center in Boston enkele diëten, die in hun land populair zijn, met elkaar vergeleken. Hun bevindingen publiceerden zij in The Journal of the American Medical Association (JAMA) van woensdag 5 januari.

In totaal deden 160 volwassenen met overgewicht mee aan deze studie. Zij werden willekeurig ingedeeld in vier even grote groepen, en kregen de geenzins lichte opdracht om een jaar lang een bepaald dieet te volgen. Eén daarvan was het Atkins-dieet, dat bestaat uit koolhydraatarm en vetrijk eten. Een tweede groep moest juist weinig vet eten volgens het vegetarische Ornish-dieet. Veertig andere personen volgden het Weight Watchers-programma dat vooral kleinere porties voorschrijft om de hoeveelheid calorieën te beperken. De vierde groep diende zich te houden aan het Zone-dieet dat koolhydraat- en eiwitrijk voedsel bevat en een supplement van omega-3 visolie.

Van de vrijwilligers die de afgesproken periode stug hadden volgehouden, was iedereen enkele kilo’s afgevallen. Het onderscheid tussen de verschillende groepen bleek te verwaarlozen. Ook verminderden bij allen de risicofactoren voor hartziekten, zoals het cholesterolgehalte. De onderzoekers concluderen dat het niet uitmaakt welk dieet je volgt, als je er maar niet mee stopt.

Suikerziekte door ongezonde leefstijl is levensgevaarlijk

UN, 24 november ’04

Iemand met ouderdomsdiabetes gaat eerder dood dan de gemiddelde Nederlander. Het risico op vroeger overlijden is 40 procent. Elk jaar komen er 36.000 nieuwe diabetespatiënten bij in Nederland.

De ziekte neemt epidemische vormen aan, constateert L.Ubink na haar promotieonderzoek aan de universiteit in Groningen. Ze volgde drie jaar lang een groep van 3369 mensen met ouderdomsdiabetes. In die periode overleed 9,6 procent van de onderzoeksgroep. Ze vergeleek dit cijfer met het gemiddelde aantal doden in dezelfde leeftijdsgroep.De meeste diabetespatiënten overleden aan hart- en vaatziekten, anderen aan ‘gewone’ zaken als leeftijd of een ongeval.



Tijgers aan vogelgriep bezweken

Volkskrant, 27 november 2004

AMSTERDAM - Een groot tijgerpark in Thailand dat ruim een maand gesloten was als gevolg van de vogelgriep, opent vandaag de deuren weer voor het publiek. Van de tijgers zijn er 45 aan de ziekte bezweken, terwijl er 102 zijn geslacht om de epidemie in het park onder de knie te krijgen.

Tijgers van de Sri Rache Tiger Zoo, tachtig kilometer ten oosten van de hoofdstad Bangkok, zijn in oktober ziek geworden nadat ze rauw kippenvlees hadden gegeten dat was besmet met het vogelgriepvirus. Uit voorzorg zijn alle dieren gedood die ziekteverschijnselen hadden, een omstreden actie omdat de Bengaalse tijger een beschermde soort is.

De overgebleven 294 tijgers blijven onder strenge controle van de autoriteiten. De leverancier van het voer wordt vervolgd, aldus het Thaise ministerie van Landbouw.

In Thailand en Vietnam zijn als gevolg van de vogelgriepepidemie inmiddels 32 personen overleden, veelal na direct contact met zieke kippen of hun uitwerpselen. Onderlinge besmetting bij mensen is niet aangetoond. Tijgers die niet van het besmette voer hadden gegeten, bleken echter toch ziek te worden. Dat tijgers het virus aan elkaar kunnen overbrengen, versterkt het vermoeden dat het vogelgriepvirus gevaarlijk is voor zoogdieren.



Vaccin tegen kanker

Baarmoederhalskanker straks te voorkomen

Noorderlicht, 2 november 2004

Het is misschien wel het eerste échte succesverhaal in de strijd tegen kanker. Drie jaar geleden meldden onderzoekers van het Amerikaanse kankerinstituut NCI dat ze een ‘opmerkelijk veelbelovend’ middel op het spoor waren om baarmoederhalskanker te voorkomen. Een jaar later vertelde onderzoekster Laura Koutsley op een congres in Amsterdam dat de inenting ‘nagenoeg af’ was. En nu blijkt het vaccin inderdaad te beschermen tegen de meeste soorten baarmoederhalskanker. Fabrikant Merck, Sharp & Dohme hoopt het middel volgend jaar in productie te nemen. Het vaccin is geen geneesmiddel voor vrouwen die al ziek zijn, maar moet de ziekte voorkomen.




Komt er binnenkort een vaccin tegen kanker?


Deeltjes van het humane papillomavirus HPV, gezien door de electronenmicroscoop.

Voor het eerst brengt de wetenschap een vaccin in stelling dat kanker moet voorkomen. Te genezen is baarmoederhalskanker nog niet, maar te voorkomen straks wel, zo blijkt uit gisteren gepresenteerd onderzoek.

Wereldwijd worden ieder jaar haast een half miljoen gevallen van baarmoederhalskanker geconstateerd. Zo’n 60 procent sterft. In westerse landen als Nederland ligt de sterfte op 27 procent, met dank aan het systeem van uitstrijkjes, waardoor de ziekte tijdig wordt opgespoord. Jaarlijks krijgen zo’n zevenhonderd Nederlanders te horen dat ze de ziekte hebben.


Stamcellen & Klonen

Gekloonde aap nabij

Mensen klonen kan tóch

Noorderlicht, maandag 6 december 2004

Na Zuid-Korea is ook het westen erachter. Het is tóch mogelijk om apen – en dus ook mensen – te klonen. Het is alleen wél verschrikkelijk moeilijk, constateren de Amerikaanse onderzoekers die erin slaagden een klontje gekloonde apencellen te maken.

Voor wie het overzicht een beetje was kwijtgeraakt: tussen alle gekloonde koeien, apen, katten, honden, muizen en andere dieren die inmiddels door de laboratoria en de proefweilanden stappen, zit nog steeds géén gekloonde aap – en dus al helemaal geen mens. Maar het lijkt een kwestie van tijd voor het zo ver is.

Zelfs de onderzoekers die tot voor kort om het hardst riepen dat het per definitie onmogelijk is om een mens te klonen, nemen die uitspraak terug. Klonen kan best. Het is alleen wél verschrikkelijk moeilijk, geven Gerald Schatten en collega’s van de Universiteit van Pittsburgh vandaag toe.

In Zuid-Korea zal men die knieval ter kennisgeving aannemen. Eerder dit jaar slaagde onderzoeker Woo Suk Hwang erin om na 242 keer proberen één gekloond mensenembryootje te verkrijgen – het allereerste echte, gekloonde menselijke embryo ter wereld. Het embryo werd overigens vernietigd toen het een paar honderd cellen groot was. Maar Hwang had er toen al wel een paar ‘stamcellen’ uit gehaald: de felbegeerde, blanco oercellen, die nog tot alle andere celtypen kunnen uitgroeien.




In 2001 presenteerde het Amerikaanse bedrijf ACT deze menselijke kloon, vier cellen groot en 72 uur oud.

Inmiddels, haast een jaar later, is ook het westen om. Gerald Schatten haalde vorig jaar zomer nog groot het nieuws met de ‘ontdekking’ dat het klonen van mensen en andere apen ten principale onmogelijk is. Na 716 keer tevergeefs proberen, kwamen de onderzoekers tot het inzicht dat gekloonde apencellen twee stofjes ontberen die essentieel zijn voor het delen. Zonder die eiwitten worden de chromosomen verkeerd gesorteerd en loopt de kloon al na een paar celdelingen in de soep.




De twee gekloonde poesjes Tabouli en Baba Ganoush. Volgens Genetic Savings & Clone lijken ze erg veel op de poes waaruit ze gekloond zijn.


Stamcel in je oog

Netvlies bevat levenselixer

Noorderlicht, 26 oktober 2004
Misschien is de spiegel van de ziel ooit te repareren met wat stamcellen. Canadese onderzoekers hebben ontdekt dat zelf zestigplussers de genezende wondercelletjes nog in hun ogen hebben, als een soort reserveonderdelen.

Het is nog maar een begin, benadrukt het onderzoeksteam van de Canadese microbioloog Derek van der Kooy. Maar: een begin ís het. Samen met collega’s uit Zwitserland is Van der Kooy erin geslaagd stamcellen te vinden in gewone mensenogen. Met een beetje gepruts kun je uit de cellen zelfs gewoon, werkend oogweefsel maken.

De Canadezen voerden een spectaculair experiment uit om dat te bewijzen. Bij de medische oogbank kochten ze enkele oogbollen van overleden menselijke donors – pasgeborenen en zestigers – en sneden die in stukjes. Die plakjes zetten de onderzoekers op kweek. Al snel verraadden de stamcellen hun aanwezigheid: vitaal vermeerderden ze zich.




Oogcontact: Levende netvliescellen in het oog van een muis, afkomstig uit een mensenoog.

Sinds enkele jaren proberen onderzoekers bepaalde netvliesaandoeningen te behandelen door gezond oogweefsel te transplanteren. Maar voor zover bekend werkt dat tot dusver niet: het weefsel hecht niet goed. Hoornvliestransplantaties lukken overigens wél: in Nederland wordt de ingreep al sinds 1939 uitgevoerd.

De weg naar zulke medische wonderen is nog lang. De volgende stap is onderzoeken of de oogstamcellen iets uithalen tegen échte ziektes. Daarvoor zal de wetenschap zieke muizen moeten behandelen met stamcellen.

DNA & Genen

Dierlijk gen beschermt tomatenplant

Noorderlicht, 2 november 2004

Zes jaar geleden voerde Greenpeace met de leus “Rattengenen in uw sla” campagne tegen genetische manipulatie. Deze week publiceert het wetenschapsblad Proceedings of the National Academy of Sciences een opmerkelijk gelijkluidend bericht: “Wormen-gen beschermt de tomatenplant.” In dit geval tegen een veel voorkomend plantenvirus.


Door het CMV-virus aangetaste tomaten

Een dierlijk gen kan tomatenplanten beschermen tegen een schadelijk plantenvirus. Maar volgens een Wageningse plantenkundige vormen de gemodificeerde gewassen een besmettingshaard voor hun omgeving. Ze zouden het virus verspreiden zonder zelf ziek te worden.

Het komkommer mozaïekvirus (CMV) is niet kieskeurig in zijn slachtoffers. Maar liefst twaalfhonderd plantensoorten zijn er gevoelig voor. Komkommerplanten, tomaten, aubergines, maar ook chrysanten. Het virus wordt overgebracht door bladluizen en het beschadigt planten en vruchten, waardoor tuinders gevoelige verliezen kunnen lijden in de opbrengst. Tomatenplanten hebben van nature geen afweer tegen het virus. Planten krijgen verwrongen bladeren, beschadigde vruchten en soms dode plekken (‘necrose’) aan de stam.

Farmarijst voorbode van nieuwe toepassing van gentechnologie

Noorderlicht.nl, 3 januari 2005



Het is de jongste trend in de gentechwereld: voedingsmiddelen zo aanpassen dat er bij voorbeeld menselijke eiwitten mee kunnen worden gekweekt. Die eiwitten kunnen worden gebruikt als medicijn tegen infecties, als groeihormoon of als antilichaam.

De toelating van farmarijst in Californië riep felle protesten op. Boeren zien hun gangbare oogsten bedreigd door dit soort farmagewassen. Zij zijn niet van voedingsgewassen te onderscheiden. Er is dan een risico dat de twee oogsten zich ergens mengen en als medicijnen bedoelde planten in de menselijke voedselketen terechtkomen.

De biotechnologische industrie, die er alles aan doet om zich deze nieuwe bron van inkomsten niet te laten ontnemen, benadrukt dat de farmagewassen niet tussen de voedingsgewassen zullen worden geteeld. Ironisch genoeg hebben de Amerikaanse levensmiddelenfabrikanten de farmaboeren op het hart gedrukt dat zij hun productie strikt moeten scheiden van de voedingsgewassen.

De Nederlandse Consumentenbond heeft naar aanleiding van de discussie in de VS laten weten verontrust te zijn over de ontwikkeling van de medicijngewassen. In een brief aan de minister van vrom, die toestemming moet geven voor veldproeven, brengt de bond het risico van vervuiling van voedingsgewassen onder de aandacht. De bond eist daarin dat, mocht Nederland overgaan op de teelt van farmagewassen, dat uitsluitend mag gebeuren in gesloten kassen. Ook moet Nederland als grote voedingsimporteur alert zijn op met farma vervuilde voedingscomponenten, zo waarschuwt de bond.



Elastieken genen buigen hondensnoet

Nieuw principe evolutie ontdekt

Noorderlicht, 13 december 2004

Voor het eerst hebben evolutiebiologen waargenomen hoe honden door de generaties heen geleidelijk een andere snuit krijgen doordat hun genen zwellen of juist krimpen. Een diepzinnige ontdekking, die heel nieuw licht werpt op een van de grootste vragen van allemaal: hoe werkt evolutie?



Snelle evolutie bij de Sint Bernardshond: van boven naar beneden exemplaren uit 1850, 1921 en 1967. (Fondon en Garner, PNAS)

Honderdtwintig jaar na Darwin heeft de evolutie nog altijd verrassingen in petto. Eindelijk denken onderzoekers te begrijpen hoe het komt dat dier- en plantensoorten soms opeens razendsnel van gedaante veranderen. Ons DNA blijkt daarvoor een ingenieuze truc te hebben: als de nood aan de man is, maken we gewoon onze genen een beetje langer of korter. John Fondon en Harold Garner van de Universiteit van Texas vergeleken van 92 hondenrassen de skeletkenmerken met hun DNA. En wat bleek: de vorm van hun snuit houdt verband met de lengte van bepaalde slierten letterherhalingen in hun DNA.

De hond is een evolutionair raadsel. Alle nu levende rassen stammen af van één oerhond die nog maar vijftien- tot honderdduizend jaar geleden leefde. Van tekkel tot terriër, en van hazewind tot herder – de hond is in een mum van tijd opgesplitst in honderden totaal verschillende rassen.

De gebruikelijke verklaring is dat evolutie wordt aangedreven door willekeurig verspringende DNA-lettertjes, bijvoorbeeld tijdens de celdeling. Maar dat proces gaat veel te langzaam om het bestaan van hondenrassen te verklaren. Daarvoor moeten er complete genen veranderen.





1   2   3


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2019
stuur bericht

    Hoofdpagina