No Pain, No Glory. Camino Portugues Central Voettocht van Jan Aartsen en Jef Buijs Lissabon – Santiago de Compostela



Dovnload 339.33 Kb.
Pagina1/7
Datum22.08.2016
Grootte339.33 Kb.
  1   2   3   4   5   6   7



No Pain, No Glory.

Camino Portugues Central
Voettocht van Jan Aartsen en Jef Buijs

Lissabon – Santiago de Compostela

13 mei – 06 juni 2009


Lissabon Fatima Santiago de Compostela
Voorwoord.
De Caminho Portugues met als startplaats Lissabon is nog niet erg bekend. De meeste pelgrims, die deze pelgrimstocht doen, starten in Porto of Tui.

Om deze reden zijn ook de voorzieningen, speciaal voor pelgrims vóór Porto zeer beperkt.

Voor aanvang was voor ons de grote vraag hoe zullen de markeringen zijn? Is het goed bewegwijzerd? Na Porto is algemeen bekend, dat de route goed is aangegeven, maar vóór Porto is een grote vraag.

Op Internet is er niet veel te vinden, behalve misschien in het Spaans of Portugees.

Ook routeboeken zijn er weinig. Ik heb er 2 kunnen vinden en aangeschaft.

Nl. :


  • Le Chemin Portugais Van Géreard Rousse. Dit boekje is een Franse uitgave en beschrijft de route via Fatima.

  • Pilgrimguide to the Camino Portugues van John Brierley. Dit boekje is een Engelse uitgave en beschrijft de route via Tomar.

De kaartjes en teksten in de boekjes zijn zeer goed te gebruiken.


De route.
De route van de Caminho Portugues start in Lissabon.

Vervolgens loopt de route langs de volgende grotere plaatsen: Franca de Xira, Santarem, Fatima, Coimbra, Albergaria, Porto, Barcelos, Ponta de Lima en Valenca in Porugal.

In Spanje worden de volgende plaatsen gepasseerd: Tui, Redondela, Pontevredra, Calas de Reis en Santiago de Compostela.

In de 16e eeuw heeft een Italiaanse priester deze route voor de 1e maal te paard afgelegd. Deze route is destijds ook beschreven en dient nog als belangrijkste leidraad voor de huidige route.

De totale afstand bedraagt ca. 635 kilometer.

De route is redelijk vlak. Het hoogste punt ligt op ca. 425 meter.




Dag 0: Dinsdag 12 mei 2009. Etten-Leur - Lissabon.
Het vliegtuig vertrekt vanuit Brussel naar Lissabon om ca. 17.00 uur. We hoeven nu niet bang te zijn, dat we ons zullen verslapen.

Om 7.30 uur sta ik op en loop alles nog even na voor thuis en de reis.

Corrie en Jeanne zullen met ons mee reizen naar Roosendaal.
We vertrekken tijdig, zodat we in Roosendaal nog even samen koffie kunnen drinken.

De trein vertrekt in Roosendaal om 11.30 uur.

We nemen afscheid, stappen in de trein en vertrekken.

In Brussel Centraal zullen we overstappen naar het vliegveld Zaventem.

De trein stopt in Brussel. We hebben niet het bord Brussel Centraal gezien. Ik stap uit om te kijken. Meteen sluiten de deuren. Jef zit in de trein en ik sta buiten. Dat is fraai.

Even later belt Jef. We spreken af ieder op eigen gelegenheid naar het vliegveld te reizen. Het is niet zo’n probleem.

Ik ben vrij snel op het vliegveld en Jef volgt na een kwartier.

We hebben ruim de tijd voor het vertrek. Dooe een behulpzame juffrouw laten we onze tickets uit de automaat halen m.b.v. onze internetreservering. In het vervolg kunnen we het zelf.

Onze bagage kunnen we meteen inklaren. Het gewicht van mijn rugtas is 13 kg. De tas van Jef weegt 15 kg, exclusief wat hij nog als handbagage heeft. Dat wordt onderweg sjouwen voor Jefke.

We moeten instappen bij Gate 56. De mensen, die ook zitten te wachten gaan allemaal lopen. We kijken op het scherm en zien, dat onze instapgate is gewijzigd in 44. Dus we verplaatsen naar 44.


Vrij snel kunnen we instappen. Er zit een Australische Nederlander naast mij. Hij heeft veel te vertellen. Hij spreekt “bloemkolen” Nederlands. Dus moeilijk te verstaan.

Hij gaat eerst naar Lissabon en dan naar Porto. Dan weer terug naar Lissabon en dan naar Helsinki. Hij was vroeger boxer en woonde in Rotterdam en zat in 1952 in de Olympische selectie.

In Australië was hij aannemer. De laatste 20 jaar heeft hij gewerkt als masseur.

Op 16 juni vliegt hij terug naar Sidney.

Om 18.45 uur landen we in Lissabon. De tijd in Lissabon is een uur vroeger dan bij ons.

We lopen de luchthaven uit naar de taxi’s. Ik laat aan een chauffeur het adres zien van de Jeugdherberg. Het is hem helemaal duidelijk.

Hij rijdt een half uur door Lissabon. Hij stopt en wijst ons het gebouw, waar we moeten zijn.

Als we bij het gebouw aankomen, zien we, dat het niet de jeugdherberg is. Het gebouw wordt gerestaureerd.

We vragen een paar jonge dames waar de juiste straat is. Er komt een jongen bij. Het is ons wel duidelijk, dat we nog ver verwijderd zijn van de Jeugdherberg.

We laten een taxi stoppen. De chauffeur weet meteen waar we moeten zijn. Hij rijdt ook weer een half uur eer we bij de jeugdherberg zijn. Totale kosten taxi’s: € 14,-. Het valt nog niet tegen.

We laten ons inschrijven in de jeugdherberg. We slapen in een 4 persoonskamer.

We gaan eten in het tegenover liggende winkelcentrum.

Als we terug op de kamer komen, hebben we 2 kamergenoten gekregen. Een Australiër en een Fransman. De Australiër is gedurende 6 weken op vakantie in Europa. De Fransman heeft eerder een Camino gelopen vanaf Bayonne.

Om 22.00 uur gaan we slapen.

Morgen begint het.
============

Dag 1: Woensdag 13 mei 2009. Lissabon – Alverca de Ribatejo: 32 km.
Om ca. 7.30 uur vertrekken we na een slechte nachtrust. Om 8.30 uur is het ontbijt in de jeugdherberg. We wachten er niet op.

Tegenover de Jeugdherberg is een bar, die al open is. Het is eigenlijk een pasteleria. Dat is een banketbakkerij met een bar, café, lunchroom en soms nog restaurant.

We gaan naar binnen. We eten ieder een broodje en nemen 2 koffie. Kosten € 4,- Dus, dat is erg goedkoop.

We lopen via de Avenue de Libertade richting de Cathedral Sé. Deze Cathedraal is het beginpunt van de Caminho Portugues.



Op diverse kruispunten staan grote monumenten en standbeelden uit de gouden tijden van Portugal.

Aan het eind van een straat zien we de Santa Justa lift.

Deze lift brengt de mensen van de Santa Justastraat naar het hoger gelegen Carmoplein. Deze lift werd in 1900 ontworpen door een leerling van Eiffel en is gebouwd van staal en hout.

Aan het eind van de Avenue staat een triomfboog met daar achter een ruiter te paard.

Op het trottoir liggen nogal wat zwervers op banken. Ze hebben zich ingepakt in plastic vuilniszakken.

We moeten een paar keer informeren waar de kerk staat. De kerk staat tussen andere hoge gebouwen. De kerk is op afstand niet te zien. De kerk heeft ook geen hoge torens.

Als we bij de kerk aankomen, is de kerk nog gesloten. De kerk gaat pas om 9.30 uur open. We wachten hier niet op.



Op een hoek van de kerk is de eerste gele pijl aangebracht.

Als we hier verder gaan, lopen we door heel smalle straatjes met op de begane grond kleine winkeltjes en op de verdiepingen bovenwoningen. In de winkeltjes is van alles te koop. Van brood tot wasmachines en specerijen. Er staat ook veel uitgestald op het trottoir.

Het weer is goed. De zon schijnt volop en het is ca.15 graden.

Er zijn hier veel gele pijlen aangebracht. Als het zo blijft, dan komt een blind paard ook in Santiago aan.

Als we de pijlen volgen zien we de rivier de Taag (Rio Tego). Er ligt nog een groot spoorwegemplacement tussen.

Op een bank ritsen we onze broeken af en gaat het vest in de rugtas.

Het is heerlijk lopen zo.

Om 9.30 uur hebben we nog steeds Lissabon niet verlaten.

We lopen door oude straten met veel verkeer en lawaai. De meeste gebouwen staan er wat triest bij. Verf, dat afbladdert en stucwerk, dat van de gevels valt, etc.

We arriveren bij het Parc des Nations. Dit is een park met kantoren en evenementgebouwen.

Er staat veel, dat herinnert aan de Wereldtentoonstelling van 1998.

We lopen langs de Torre de Vasco de Gama. Dit gebouw was gezichtsbepalend in 1998, zoals het Atomium in Brussel in 1956. Er wordt nu een lelijk gebouw naast de toren gebouwd, waardoor de toren maar gedeeltelijk zichtbaar is.

Hier treffen we voor het eerst de gecombineerde routeaanduiding voor de Caminho de Santiago en de Caminho de Fatima. De pijlen naar Santiago zijn geel en naar Fatima blauw. Ze wijzen tot Fatima in dezelfde richting.

We komen bij de Ponte (brug) de Vasco de Gama. Het is een brug van ca. 17,2 kilometer lang en is de langste van Europa.




We lopen via pontons door een moerassig gebied. We geraken nu Lissabon uit.

We blijven een tijd langs de Tejo lopen.

Om ca. 11.30 uur verlaten we de Tejo en gaan verder langs de Rio Francao.

We zien steeds meer, naast de gele pijlen, ook blauwe pijlen richting Fatima.

We gaan richting Scavenem. We drinken koffie in een bar langs de route.

De TV staat aan. Er is een uitzending van een misviering vanuit Fatima. Het is vandaag 13 mei. Dat is de dag, waarop Maria voor de eerste maal is verschenen aan de 3 herderskinderen.

Deze datum is in Portugal een feestdag en zijn er heel veel pelgrims in Fatima. Velen zijn te voet naar Fatima gelopen. De meesten lopen langs de grote wegen in gele hesjes.



Voor Scavenem gaan we een brug over en gaan via een industriegebied verder zonder in Scavenem te komen.

We gaan door een vallei. De rivier met aan beide zijden heuvels. Het is een natuurgebied met heel veel vogelgeluid.

Tegen en op de heuvels liggen de dorpen.

We zien, dat hier veel huis- en bouwafval wordt gedumpt.

Naast de rivier is het gebied moerassig en vliegen er plotseling meerdere vogels boven ons, die veel lawaai maken. Jef zegt, dat het Oranjefranjepoten zijn. Wij lopen door hun broedgebied. Ze willen ons verjagen. Ik geloof Jef wel.

Na 12,5 kilometer en ca. 3 uur lopen komen we langs Granja.

Regelmatig passeren we stukjes terrein, die afgezet zijn met golfplaten en gaas. Er staat ook een hutje van plaatwerk, dat bewoond wordt. Er lopen meestal een aantal honden rond. Soms is er ook een groentetuintje. Hoe kunnen mensen zo wonen.

Het is intussen ca. 20 graden, soms bewolkt, soms helder. Er waait een zacht windje. Het is prima wandelweer.

Om ca. 14.00 uur zijn we in Alpriate. Er is een marktplein. We gaan op een bank zitten en eten wat.

Na Alpriate lopen we even langs de weg. Als we deze verlaten, lopen we over een puinpad. Dit pad is aan beide zijden begroeid met bamboe. Het is aangenaam lopen.
We passeren weer een hutbewoner, want we horen hondengeblaf vanuit het riet.

Het pad wordt weer ontsierd door illegale vuilstortingen.

We komen in Pavoa. Langs de weg naar het dorp staan aan beide zijden veel garagebedrijven. Na het dorp gaan we een spoorbrug over en gaan richting de Tejo. In de verte zien we de rivier.

Onderweg drinken we een cola in een bar en lopen verder langs een spoorlijn. Aan de andere kant van de weg zijn veel industriële gebouwen, die meest betrekking hebben op de logistiek. Vele grote hallen en veel opslag.

Als we het industrieterrein verlaten, lopen we door een gebied met gemaaid gras, drogend gras en gras, dat al is gepakt.

Na een viaduct moeten we langs een weg verder en komen we bij het station in Alverca.

We vragen naar de Bombeiros (brandweer). We moeten door het station naar de andere kant en de weg vervolgen. Regelmatig vragen we naar de Bombeiros Voluntaris (vrijwillige brandweer).

Om 16.00 uur arriveren we bij de Bombeiros. We gaan naar binnen en vragen of we hier kunnen slapen. Helaas, we kunnen hier niet slapen. Ze verwijzen ons naar de Bombeiros 5 kilometer verder in Alhandra. Dat is teveel.

Er wordt iemand bijgehaald, die een beetje Engels spreekt. Hij vertelt, dat er 1,5 kilometer terug een Hostal is. Hij belt en reserveert voor ons.

We lopen terug. Na een paar maal vragen komen we bij Dormidas Alojamentos Particulares.




We krijgen een 2 persoons kamer.

Na het douchen en kleren wassen ga ik schrijven.

Om 19.00 uur gaan we eten in een restaurantje aan de overzijde. We krijgen een menu voor

€ 7,25 per persoon. Het bestaat uit soep, spaghetti met gehakt en een schaaltje aardbeien. Ook een fles wijn voor 2 personen. De koffie hebben we geweigerd.

Daarna gaan we terug naar onze kamer. Ik ga verder met schrijven. Jef maakt brood klaar voor morgen.

Om 21.30 uur zijn we helemaal klaar en gaan slapen.

Morgen gaan we naar Azambula.
===========

Dag 2: Donderdag 14 mei 2009. Alverca do Ribatejo – Azambuja: 32 km.
Na een redelijke nachtrust en een blarenbehandeling bij Jef gaan we om 7.00 uur naar de bar voor een ontbijtje.

We nemen 2 grote koffie en een broodje. Kosten € 4,75 voor 2 personen.

Het is weer erg druk, waarschijnlijk meest bouwvakkers of i.d.

Om 7.30 uur vertrekken we. We moeten weer terug naar de route. Het is ca. 1,5 kilometer lopen.

We lopen vrij snel Alverca uit en lopen langs een eenvoudig voetbalstadion en richting een industriegebied. Het heeft ook hier weer te maken met logistiek.

We lopen door het plaatsje Sobralinho en gaan meest langs een verkeersweg. Veel asfalt en veel lawaai.


Na de verkeersweg N10 komen we Alhandra binnen. We verlaten de weg en lopen naar het centrum. Op het marktplein drinken we koffie.

Rond het plein staan veel mooie betegelde huizen. Dit zijn geschilderde tegels ter versiering. Deze tegels heten Azulejos.

Daarna lopen we door het station, waar we aan de andere kant verder gaan door het stadspark.

We gaan via 2 trappentorens over de spoorlijn.

We gaan weer langs de N10 verder. Steeds weer asfalt, druk verkeer en lawaai.

Links van de weg staan veel flatgebouwen, allemaal dezelfde gebouwen. Bijna alle rolluiken zijn dicht en er hangt veel wasgoed buiten.

We lopen Villa Franca de Xira binnen.

Er staan hier veel kleurloze gebouwen en huizen betegeld in de Azulejosstijl.



Er is een arena voor stierengevechten. Er staan diverse standbeelden bij de arena, die betrekking hebben op stierengevechten.

Na Villa Franca gaan we weer via een verkeersweg verder. We hebben nu ca. 10 kilometer afgelegd. Het is ca. 10.00 uur.



Bij een benzinestation zie ik, dat de benzineprijs hier € 1,24 bedraagt. Dat is ongeveer gelijk aan de prijs bij ons.

Links van de weg staan weer flats en rechts industriële gebouwen.

We verlaten deze drukke weg en gaan via een iets minder drukke weg naar Castanheira do Ribatejo.

We komen niet in deze plaats, maar passeren wel een splinternieuw station. Het is een groot, meest glazen complex. Er zijn eigenlijk geen mensen te zien. Het is er vrij stil, hoewel er veel auto’s op de parkeerplaats staan.

In een bushokje eten we onze broodjes.

Even verder verlaten we deze weg en gaan we richting een kerncentrale met 2 koeltorens en veel schoorstenen.


Het is nu bijna 12.00 uur.

We komen in de plaats Carregado en gaan een brug over naar de kerncentrale.

Volgens ons routeboek zullen de markeringen de komende kilometers erg schaars zijn.
Het waait hier erg hard. Het is bewolkt en fris.

Hier zien we voor de 1e keer, dat het land bewerkt is. Akkers met aardappelen en land, dat bewerkt wordt door boeren.

Op de weg is het erg rustig. We komen weinig auto’s tegen. Het is hier, ondanks het asfalt, zalig lopen.

We komen uit bij de N3 en moeten deze weg volgen, na een uitstapje naar Nova de Raina.

We lopen naar de witte kerk. Deze is echter gesloten.

We vervolgen onze route via de N3 en lopen nog steeds over de weg met aan beide zijden industrie.

Het is nu nog ca. 7 kilometer naar Azambuja.

We verwachten er om ca. 15.00 uur te arriveren.

In een bushokje eten we een broodje. Als we daar zitten, passeert ons een groep van ca. 10 vrouwen. Ze stoppen en vragen of we naar Fatima en Santiago gaan. Zij zijn onderweg naar Fatima. Dus dit zijn de Portugese pelgrims, die met een klein rugzakje, met gele hesjes en sportschoenen langs de verkeerswegen naar Fatima gaan. Het beeld klopt helemaal.

Als we bevestigen, in het Engels, dat we via Fatima naar Santiago gaan, willen ze alles weten.

Als we verder gaan, passeren we hen weer. Dan vragen ze waar we begonnen zijn en waar we vandaan komen.
Sinds 13.00 uur is de lucht helemaal opgeklaard en schijnt de zon volop.

Om 15.00 uur arriveren we in Azambuja. De Bombeiros Voluntaris is snel gevonden. We kunnen hier slapen.

We zien hier, dat de Bombeiros niet alleen brandweer is, maar ook de ambulancediensten verzorgt.

De slaapgelegenheid is een toneelzaal met wat losse matrassen op de grond.

Er is een Koreaanse vrouw en een man uit Bilbao gearriveerd. De Koreaanse heet Kim Hyo Sun. Kim is haar achternaam. Ze heeft alleen kleine kaartjes voor de route. Ik geef haar mijn boek, zodat ze kan overnemen, wat ze belangrijk vindt.

Vorig jaar heeft ze de Ruta de la Plata en de Camino Frances gedaan. Ze is schrijfster en schrijft boeken over de verschillende Camino’s in het Koreaans.



Na het douchen en wassen (kleren gedroogd in de droger van Bombeiros) ga ik schrijven.

Kim komt ons een Koreaans waaiertje geven met haar naam erop als herinnering.

Om ca. 19.00 uur gaan Jef en ik eten. We eten een Portugese beeftek en een flesje wijn uit deze streek.

Om ca. 20.30 uur zijn we terug bij de Bombeiros en gaan om 21.00 uur slapen.


===========


Dag 3: vrijdag 15 mei 2009. Azambuja – Santarem: 32 km.
We staan vroeg op en vertrekken al vóór 7.00 uur.

We hebben allebei redelijk goed geslapen.

De twee anderen zijn al vertrokken.

De route is nabij de Bombeiros. We komen bij het station, waar we koffie drinken in een bar annex pastelaria.

We gaan via een brug over het spoor en zijn vrij snel Azambuja uit.

We lopen over een asfaltpad met aan beide zijden grote bomen, waaronder ook eucalyptusbomen. Het zijn oude dikke bomen, die flink vervellen.

We horen de vogels fluiten, waaronder zelfs een nachtegaal.

Als we een brug gepasseerd zijn, gaan we over een zand/puinpad tussen de akkers.

Op de meeste akkers staan kleine plantjes met ernaast slangetjes om de plantjes te bevochtigen.

Als we de plantjes van nabij goed bekijken, zien we, dat het tomatenplantjes zijn. De plantjes staan maar 10 cm uit elkaar en de rijen wel een meter.



We zien steeds meer tomatenvelden. Er loopt ook een irrigatiekanaal tussen de velden met kleine aftakkingen, waaruit water wordt gepompt.

Om ca. 8.00 uur lopen we nog steeds tussen de tomaten. Soms zijn de planten erg klein, soms wat groter.

Het weer is goed. De zon schijnt volop en het is een heldere hemel.

We komen langs het vliegveld van Azambuja. Ik denk, dat het bestemd is voor sportvliegtuigjes. Er zijn geen activiteiten.

De teelt op de akkers blijft nog steeds tomaten.

We komen bij een perceel, waar men bezig is de tomaten te planten.

De plantjes staan in plantenbakken in een kluitje van 1,5 x 1,5 cm. Er staan ca. 350 plantjes in een tempex bak.

Op de machine gooien vrouwen de plantpotjes uit de bak en de plantjes rollen in de voorgevormde gaatjes in de grond. Er lopen een paar vrouwen achter de machine om de mislukte plantjes alsnog in de gaatjes te plaatsen.

Met dezelfde machine wordt gelijktijdig de bevloeiingsslang gelegd.

Het is interessant dit te zien.

We komen op een asfaltweg, die richting Reguengo loopt. Om ca. 9.00 uur arriveren we in deze plaats.

Het is een kleine plaats met mooie huizen.

We vervolgen de weg en komen in Valada. Hier zijn we om ca. 10.00 uur.

We lopen hier weer vlak langs de Tejo. Naast de weg ligt een basaltstenen geplaveide dijk.

Over het algemeen staan er mooie huizen. Er staat ook een mooi kerkje.


Buiten de plaats is de bebouwing soms mooi, maar er staan ook nogal wat bouwvallen. Het verschil is erg groot.



Na een paar kilometer komen we in Porto de Mugo. Aan het eind van het plaatsje drinken we koffie bij een houten gebouwtje.

Als we onder een brug door gelopen zijn, komen we op een breed pad. De bodem is gewalst puin. Dat is erg fijn lopen.

Het is tot Santarem nog 15 kilometer lopen. Het is nu 11.30 uur.

De teelt wordt hier meer druiven, graan, maïs en broccoli.

We zien hier ook, dat de rijen maïs regelmatig worden voorzien van irrigatieslangetjes.

Het weer is nog steeds goed.

In de verte zien we Santarem liggen op een berg. Het zal nog wel een paar uur duren eer we


daar aankomen.

We gaan richting een brug over de Tejo. Aan beide zijden van het pad ligt hier veel illegaal gestort afval. Het is niet fraai en dat is jammer.

Als we onder de brug door zijn, komen we even later in Omnias.

Hier gaan we links af en begint de klim naar Santarem.

Om ca. 14.00 uur arriveren we bij het bord Santarem. We lopen door. Als we in de stad zijn, vragen we naar het gebouw van de Bombeiros. We worden overal heen gestuurd.

Jef heeft nu behoorlijk last van zijn blaren. Het gaat steeds minder met hem.



Een man, die goed Engels spreekt, adviseert ons naar het Hospital te lopen en daar nog eens te vragen naar de Bombeiros. Het is daar in de buurt. Dus naar het Hospital. Het is toch weer 30 minuten lopen en meerdere keren vragen.

Het gebouw van de Bombeiros is nieuw en ziet er fraai uit.

We melden ons bij de receptie. Een norse commandant deelt ons mede, dat we daar niet kunnen slapen. Dit is al de 2e keer, ondanks, dat in het boek staat, dat je hier kunt slapen.

Als we naar buiten gaan, komt ook Kim aanlopen. Ik vertel haar, dat we er niet kunnen slapen.

We houden een taxi aan. Hij brengt ons naar de jeugdherberg. Hier krijgen we te horen, dat er geen plaats is.

We vragen de vrouw van de receptie naar een Hostal. Ze gaat bellen en we kunnen terecht bij Residential Vitoria. Er is een kamer voor 3 personen beschikbaar.

We gaan op pad. Het is ca. 20 minuten lopen. We arriveren er om ca. 16.30 uur.

We krijgen een ruime kamer.

Terwijl ik ga douchen, geeft Kim Jef een blarenbehandeling. Hij heeft flink last van de blaren. Ze lijkt mij een goede verpleegster. Bovendien geeft zij hem een voetmassage.

Ik was mijn kleren nog en ga schrijven. Om ca. 18.30 uur ben ik klaar met schrijven.


In de hal van de Residential staan wel 10 kleine rugzakjes. Die zullen wel van Portugese Fatimagangers zijn. Ze zijn nog niet gearriveerd.

Om 19.00 uur gaan Jef en ik eten in een Shoppingscenter vlakbij de Residential. De 2e verdieping bestaat uit alleen restaurantjes. Hier kunnen we maar kiezen.

We eten draadjesvlees met frietjes en een glas wijn. We nemen een ijsje na.

Daarna gaan we terug naar de Residential.

Kim vraagt of ze morgen met ons mee kan lopen, omdat ze vandaag alleen langs de hoofdweg heeft gelopen. Wij kunnen wel een goede verpleegster gebruiken.

Ik reserveer voor 3 man in Casa O primo Brazillo in Arneiro das Milharicos.

De wandeling was vandaag mooi en interessant, maar 3 uur zoeken naar onderdak was minder.

Om 21.00 uur liggen we in bed.


===========


  1   2   3   4   5   6   7


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina