Noch slet, noch slavin interview met Fatoumata Sidibé en Pierre Efratas



Dovnload 43.77 Kb.
Datum26.08.2016
Grootte43.77 Kb.
Noch slet, noch slavin

interview met Fatoumata Sidibé en Pierre Efratas



Er waren de boeken van Fadela Amara, stichter van de Franse voorstedenbeweging ‘Ni putes ni soumises’ waarin veel zaken stonden, die ons interesseerden, en vooral inspireerden. Er was de ontmoeting van onze voorzitter met de zeer dynamische voorzitster van de Belgische tak van de ‘Ni putes ni soumises’ beweging en er is de blijvende wil van het Masereelfonds de problematiek van het intercultureel samenleven seculier en sociaal-economisch te analyseren. Kortom reden genoeg om rond tafel te gaan zitten met voorzitter Fatoumata Sidibé en ondervoorzitter Pierre Efratas van de voorlopig nog enkel Franstalige Belgische tak van de in Frankrijk zeer succesvolle, maar ook gecontesteerde ‘ni putes, ni soumises’ beweging.

De beweging ‘ni putes, ni soumises’ ontstond na de gruwelijke moord door allochtone jongens uit de voorsteden (banlieus) op een allochtoon meisje. Kun je kort het ontstaan schetsen?

Fatoumata Sidibé (FS): Deze beweging is inderdaad geboren in Frankrijk, in de voorsteden, als gevolg van de revolte van jongens en meisjes tegen het geweld, waar vooral de meisjes het slachtoffer van waren. Dit geweld werd enerzijds gestimuleerd door de geestelijken, die een scheiding van de geslachten voorstonden en de vrouwen in hun vrouwenrol wilden opsluiten, en ook door het ontstaan van een door religieuze extremisten ondersteund lokaal patriarchaat. Schokkend was de moord op een negentienjarig meisje, die levend verbrand werd in haar wijk. Fadela Amara, en vele anderen met haar, hebben toen een mars georganiseerd tegen de vorming van getto’s en voor gelijkheid. De organisatoren wilden de stilte doorbreken over de situatie in de voorsteden. Deze mars van vele weken verenigde uiteindelijk op 8 maart 2003 meer dan 30.000 deelnemers, mannen en vrouwen – de beweging was toen reeds gemengd. Als slogan werd gekozen voor ‘ni putes, ni soumises’ (in het Nederlands vertaald als ‘noch slet, noch slavin’) De meisjes oordeelden dat ze geen hoer waren, enkel omdat ze niet volgens bepaalde religieuze regels wilden leven. En tezelfdertijd contesteerden ze de beeldvorming bij een deel van de Franse bevolking, die hen afschilderde als ‘onderworpen’, omdat ze zich niet tegen de situatie verzetten. Ze hebben een manifest voor een nieuwe, feministische strijd gelanceerd. En het lijkt erop dat de beweging internationaal wordt.



Was er geen protest tegen deze naamkeuze?

Pierre Efratas (PE): Op de speelplaatsen van de scholen, in de wijken, op straat zijn ‘putes’ en ‘PD’ de meest gebruikte scheldwoorden die diep kwetsen. Uiteraard is deze naamkeuze zeer provocatief. Maar wat is het alternatief? Heel beleefd zijn tegenover de realiteit ? Sommige mensen waren inderdaad gechoqueerd door die slogan. Daartegenover hebben in het prostitutie-milieu een aantal vrouwen beslist onze beweging te ondersteunen omdat ons doel erin bestaat elke vrouw te bevrijden. Oppositie ondervinden we en die komt niet alleen uit enkele volksmiddens. Ze komt uit wat ik zou noemen alle reactionaire sectoren van de maatschappij, van mensen die uit principe gelijkheid en gemengdheid (mixité) afwijzen. En hier vinden we die even goed in Sint-Pieters-Woluwe als in Anderlecht.

FS: In de voorsteden verweten sommigen ons dat wij de meisjes en de jongens stigmatiseerden alsof alleen de migrantenmilieus gewelddadig waren. Maar wij werken wel met meisjes die alles beleven in hun dagelijks leven. Die meisjes spreken als bewoonsters van de volkswijken, met alle ervaringen vandien, die bewust werden van de noodzaak van een feminisme in de volksmilieus. Frankrijk draagt drie waarden uit: vrijheid, gelijkheid, broederlijkheid. Blijkbaar gelden die voor een deel van de bevolking en is er een ander gedeelte dat er geen recht op heeft. Welnu, wij eisen die rechten op voor de vrouwen, wij eisen voor alle mannen en alle vrouwen dezelfde rechten, dezelfde plichten als voor elk Frans burger.

Is er een evolutie in de samenstelling van de bevolking in de banlieus?

PE: Vroeger woonden de volksklassen in de voorsteden die tussen 1958 en 1965 waren gebouwd. Het ging om arbeiders, die zich meestal links organiseerden, in linkse partijen en vakbonden. Langzamerhand verpauperden die wijken. Vele van die arbeiders verbeterden hun sociale positie en hebben de banlieus verlaten. Zij werden vervangen door nieuwe golven van eenvoudige werkmensen, meestal van vreemde origine, uitgebuit, blij dat ze in de voorsteden tegen een lage prijs konden wonen. De gebouwen werden verwaarloosd en vervielen, de buurten verwerden tot een getto waar alle miserie van Frankrijk samenkwam. Bovendien leidt het architectonisch opzet van de banlieus, allemaal reuzeflatgebouwen met kale tussenruimtes, vuil en vervallen, tot anonimiteit, tot een gettogevoel bij die jongeren. Af en toe leiden alle opgekropte frustraties tot gewelddadige uitbarstingen. Ik wil er echter aan toevoegen, dat wij nu verder zitten dan de fase van de voorsteden.



Maar was er dan geen onderdrukking, geen geweld tegen jonge vrouwen in andere sociale milieus?

PE: Volgens cijfers van Amnesty International wordt één vrouw op vijf in België slachtoffer van geweld gedurende haar leven. En of je als vrouw nu afgeranseld wordt door een werkloze, of door een rijke intellectueel, het probleem blijft hetzelfde. De discriminatie van de vrouwen is enorm. Naast het geweld is er de economische achterstelling. 46 % van de loontrekkenden zijn vrouwen, maar de vrouwen ontvangen slechts een derde van de totale loonmassa.



Is er een verklaring voor het opflakkeren van dat machogedrag, voor de drang bij jongens hun zusjes weer in een huisrol te dwingen en de conservatieve islamitische regels? Veel interculturele werkers vinden het teruggrijpen naar conservatieve, islamitische waarden normaal. De jongeren zijn hier uitgesloten, hun herkomstland (of dat van hun ouders) is iets dat ver weg is, islam is hun enig mogelijke identiteit? Wat denkt U hiervan?

FS: Het machogedrag is niet beperkt tot de jongeren, en het is evenmin nieuw. In elke samenleving bestaat er discriminatie t.a.v. de vrouw, in België, in Frankrijk, in Afrika, in China. Het komt erop aan de visie op de vrouw in de samenleving te veranderen. We willen niet dat enkel de migranten met een beschuldigende vinger gewezen worden. Bij de relletjes in de Franse voorsteden waren er ook blanken betrokken (n.v.d.r.: beide geïnterviewden hebben een grote hekel aan de term allochtoon en autochtoon, erg discriminerend tot zelfs gewelddadig in hun ogen want het scheidt de burgers en bewoners onderling in die van ‘binnen’ en die ‘van buiten’, ze verkiezen eerder te spreken van “black, blanc, beur”.) Dat het Fransen waren van generaties ver, daar wordt nooit over gesproken. Dat die opstandige jongeren ook Fransen zijn en niet van een eerste, zelfs tweede generatie, dat wordt evenmin vermeld. Jongeren revolteren niet als migrant, maar omdat ze sociaal gediscrimineerd worden. Ze hebben geen werk, krijgen moeilijk toegang tot een behoorlijke vorming, tot een degelijk leefmilieu, tot de sociale diensten... De rebellie was van sociale aard, en vormde deels ook een alarmsignaal voor de toestand in de voorsteden, voor het toenemend geweld. Ook in de scholen is er toenemend geweld, onderling en tegen de leraars. Het is zonder meer foutief alles tot cultuur of religie te herleiden, het sociale primeert.

PE: Onze beweging zoekt contact met andere sociale bewegingen, vrouwenbewegingen, holebi-bewegingen, met sociale bewegingen en syndicaten, mensen uit allerlei maatschappelijke groeperingen, progressieve en lekenverenigingen. We werken samen aan gemeenschappelijke doelstellingen, we hebben het getto verlaten en strijden overal tegen discriminatie. We proberen de vinger op de wonde te leggen, en verzwijgen daarbij niets voor niemand.

Biedt de Islam dan geen ruimte aan de jongeren om zich een identiteit aan te meten?

PE: Welke Islam bedoel je dan? De islam die bevrijdt of die onderdrukt. De islam die compatibel is met een lekenstaat, of niet. Net zomin als er één christendom, één jodendom bestaat, bestaat er één islam. Meneer en Madam Islam bestaan niet! Binnen de islam, zoals in alle godsdiensten, bestaat er een kloof tussen democraten en theocraten, diegenen die van de godsdienst een politiek wapen willen maken en diegenen die de godsdienst binnen hun persoonlijk leven willen houden en gelijkheid aanvaarden. Wat opvalt is dat onze beweging altijd geviseerd wordt door de meest conservatieve, de meest repressieve strekkingen en de leden ervan voor verraders worden gescholden, of ze nu islamieten of joden zijn. Maar de islam is een huis met vele kamers, net zoals de progressieve beweging dat is. Er zijn genoeg moslims die even vrij denken en handelen als de westerlingen of die aanhangers zijn van de ‘Verlichting’, een denkstroming die in de moslimwereld is doorgedrongen, en niet alleen hier.



Er is uiteraard een verschil tussen islam en islamisme. Maar heeft de islam ook geen revolutionair potentieel?

PE: Ik wil hier toch wijzen op een gevaarlijke denkfout. De vijand van mijn vijand is daarom nog niet mijn vriend. Het is niet omdat bepaalde islamstaten zich anti-imperialistisch of tegen Amerikaanse agressie opstellen, dat we ze als bondgenoten mogen beschouwen. Men mag of kan geen pakt sluiten met tirannen. Kijk wat het Iraans regime gedaan heeft met de democraten die protesteerden tegen de sjah. Een bondgenootschap sluiten met totalitaire groepen kunnen en mogen we niet. Want dat blijkt telkens een tragische vergissing.

FS: Elke religie heeft haar gevaarlijke kantjes. In Europa hebben we bovendien te maken met een kelderislam (‘L’islam des caves’). We worden geconfronteerd met zelfverklaarde religieuzen die een boodschap uitdragen die niets of amper iets te maken heeft met een verlichte of progressieve islam. Het gaat hier om puur obscurantisme. Er moet meer controle zijn op welke boodschappen er allemaal in naam van een religie worden uitgedragen. We moeten strijden tegen de verwarring tussen politiek en godsdienst. Ook in België dringt zich meer controle op, geconfronteerd als we zijn met een ongecontroleerde uitbreiding van moskeeën, of er zullen alleen extremisten op afkomen, fascisten die er zich innestelen. Om ’t even wie noemt zich heden ‘religieuze leider’. Zulke leiders verspreiden een boodschap die afbreuk doet aan waarden als gelijkheid, het gemengd zijn, het niet kerkelijke karakter van de maatschappij.

De overheid doet toch een serieuze inspanning een ernstige dialoog op te bouwen met de moslims? De islam is als godsdienst erkend, en men heeft zelfs verkiezingen georganiseerd om een gesprekspartner te hebben om de subsidiëring van de cultus mee te bespreken.

PE: Ja, maar dit alles gebeurde in de grootste verwarring, en voerde een clerus in die niet bestond en stelde mensen aan die zogezegd praten in de naam van iedereen, alsof ‘dé’ moslimgemeenschap één en onverdeeld is. Wie denkt dat de moslims allemaal klonen van elkaar zijn, beledigt de geest van vrijheid. Men mag imams niet met priesters verwarren. Bij de soennieten zijn er geen priesters : de imams zijn enkel gebedsbegeleiders. Nogal vaak is dit de wijze uit de groep. Het gaat er dus om de grootste bek te hebben of de meest actieve te zijn. Bij de islamisten zijn er veel groepen die zich bezighouden met het organiseren van de wijksolidariteit. Ze hebben aandacht voor de werkloze jongeren, voor de vrouwen met kinderen die alleen staan. Ze beschikken daarbij over veel geld, waarvan de herkomst gekend is. Wat de overheid in België gedaan heeft, is het creëren van een soennitische clerus. Dat is uniek in de wereld. Maar deze verkiezingen representeren slechts een minderheid. De moslimgemeenschap is erg verscheiden. Het wordt tijd dat we eens ons oor te luisteren leggen bij moslims die open staan voor een politieke ‘laïciteit’, zoals Abdelwahab Meddeb, Chemsi Cheref-Khan, Mohammed Arkoun, Mohammed Sifaoui en, waarom niet, onze eigen voorzitster Fadéla Amara, gelovig en vrijzinnig!

FS: In dit land, in Europa is nooit nagedacht over de migratie op lange termijn. Vandaar dat er vandaag allerlei soorten van debatten rijzen. Maar men heeft nooit verwacht dat de migranten zouden blijven, men heeft aanvankelijk niet geïnvesteerd in hun integratie. Een goede integratie vertrekt vanuit economische premissen, men moet de mensen de middelen geven om te integreren. Dat geldt voor alle burgers, niet alleen voor de migranten. In mijn omgeving, op straat zie ik voortdurend slecht geïntegreerde mensen. Het zou niet slecht zijn eerst voor eigen deur te vegen. Wij zijn voor laïciteit (laïcité), gemengdheid (mixité) en gelijkheid (égalité). Ni putes, ni soumises is een maatschappelijk project, dat zich zeker niet enkel richt op migranten of jongeren uit de voorsteden. We willen werken voor elke burger, wij willen elke ongelijkheid aanklagen.

De waarden waarop jullie zich baseren zijn republikeins. Dat is dus vooral Frans. Hoe vertaal je dit naar andere landen?

PE: Voor ons gaat het om humanistische waarden, hoe gedevalueerd al deze begrippen ook mogen zijn, en die zijn universeel. Wij pleiten voor gelijkheid van iedereen, ongeacht sociale positie, herkomst.. De tweede waarde is mixité, gemengdheid. We pleiten voor uitwisseling, mensen mogen zich niet opsluiten in hun eigen cultuur, geslacht – wij zijn niet gewoon feministisch, wij zijn ‘mixistisch’ -, sociale positie… Dan is er de kwestie van de laïciteit. In België hanteert men nogal graag het begrip neutraliteit, maar wat dat inhoudt, staat alleszins niet in de grondwet. Voor ons is neutraliteit alleszins niet gelijk aan passiviteit. Wij willen een actieve neutraliteit, een scheiding tussen openbare – dat is het domein van de staat - en private ruimte – dat is het gebied van de persoon -, scheiding tussen wet en geloof. Wij zijn voor het verbod van religieuze, filosofische en politieke symbolen in de scholen en openbare diensten. En we richten onze pijlen niet enkel op de sluier, een t-shirt met Che Guevara of Le Pen kan volgens ons evenmin. Voor ons zijn in de school alle kinderen gelijk. Onze bekommernis hierover geldt voor het gehele publieke domein. Trouwens, we moeten stoppen met ons blind te staren op de vrouwonvriendelijkheid van het reactionaire deel van de islam. In traditioneel katholieke of orthodoxe landen bestaan er ook de nodige vrouwonvriendelijke situaties en voorschriften.

Waar wij voor pleiten is voor wederzijds respect. Voor ons wil dit zeggen dat ieder het recht heeft andersluidende meningen te verkondigen. Nu zegt men te snel dat men best akkoord kan gaan met bepaalde opvattingen of meningen, maar dat het uiten ervan te schokkend kan zijn. Waar Voltaire pleitte ‘ik ben totaal niet eens met uw mening, maar ik vecht ervoor dat je ze kan uiten’ wordt er nu gezegd ‘uiteraard mag je jouw mening zeggen, maar je schokt de mensen, je zou jezelf beter inhouden’. Maar aldus beperkt men de vrijheid van meningsuiting. Wij zijn voor het debat.

FS: Frankrijk heeft zeker geen monopolie op deze waarden. Alles wat exporteerbaar is om de mensenrechten te verbeteren, mag geëxporteerd worden. We stellen helaas vast dat in België de vrijzinnigheid georganiseerd is en erkend wordt als een cultus van niet-gelovigen. Voor ons zijn de mensen vrij om te geloven en dat vinden wij belangrijk, maar men moet waken over de neutraliteit van de openbare ruimte. Het komt er gewoon op aan de wet toe te passen. In scholen waar de sluier verboden is, zijn er geen problemen. Net zoals het verbod op roken in openbare ruimten doorgaans goed gerespecteerd wordt. De wet moet een algemeen kader creëren, waarbij het uiteraard uitgesloten moet zijn dat er maatregelen volgens geloof worden genomen. De wetten zijn universeel, tellen voor iedereen.



Er zijn nochtans de nodige progressieve organisaties, waarbij diverse feministische, die het recht op eigen cultuur en het aanwenden van de daarbij horende gewoontes en symbolen verdedigen.

FS: De basiseis van elke feminist moet zijn dat de vrouw het recht heeft baas te zijn over het eigen lichaam. Maar ik kant me fel tegen elk cultuurrelativisme, want ik aanvaard niet dat vrouwen omwille van cultuur of religie onderdrukt worden. Geen enkele culturele traditie mag geweld tegen de vrouw rechtvaardigen. Het recht op verschil wil voor mij niet zeggen dat er verschil in recht mag zijn.

PE: Men geeft toe op de sluier, en wat wordt het dan? Zullen we aanvaarden dat er gescheiden wordt gezwommen, dat bepaalde lessen niet meer kunnen worden gegeven, dat het darwinisme en de evolutieleer niet langer worden onderwezen? Er is een moment dat je “stop” moet durven zeggen, dat is de taak van de staat, van de overheid, en dit liefst niet te laat. Maar laat ons eens een ander, even absurd, voorbeeld nemen. Er bestaan 155.000 nudisten in België, mogen die dan in naam van hun nudisme naakt gaan werken? Dit zou door iedereen worden gezien als aanranding van de eerbaarheid. In de openbare ruimte moeten gelijke regels gelden, zowel voor hen die te veel als te weinig gekleed zijn.

In België mogen religieuze overheden onderwijs inrichten. Vandaar een sterk katholiek net, naast diverse joodse en protestantse scholen. Er zijn mensen, tot grote verontwaardiging van delen van de publieke opinie, die pleiten voor de inrichting van Islamonderwijs.

PE: O, maar in Frankrijk bestaan er ook islamscholen, wat niet wil zeggen dat de moslims daar massaal naar toe gaan. Wij pleiten er voor dat het officieel onderwijs op z’n minst strikt neutraal blijft.

FS: Bij de migratie is er nooit rekening gehouden met de islamgemeenschap. Maar ik vind het een zeer slechte zaak dat onderwijs volgens religie wordt georganiseerd, dat de samenleving volgens religie zou worden opgedeeld. Maar als er geen openbaar onderwijs is dat iedereen met respect onthaalt, zijn zulke evoluties onvermijdelijk.

Jullie ontpoppen zich als grote voorstanders van gemengdheid (mixité). Maar indertijd had de feministische beweging ook behoefte aan vergaderingen met alleen maar vrouwen. Moet je er geen rekening mee houden dat er momenten of omstandigheden zijn dat het nuttig en nodig is dat mensen volgens geslacht alleen willen zitten?

FS: Wij proberen ons in te schakelen in een feministische logica en die gaat vandaag verder in de zin van gemengdheid : het is niet mogelijk er de mannen van uit te sluiten. Onze strijd gaat veel verder dan enkel maar wat herrie om religieuze symbolen. We proberen de juiste maatschappelijke vragen te stellen en die gaan verder dan alleen vrouwenproblemen. We moeten vechten tegen obscurantisme, uitsluiting, discriminatie, racisme… en het gaat hier om een en dezelfde strijd voor mannen en vrouwen. Ik weet dat er vrouwen naar alfabetiseringscursussen gaan omdat ze zich daar vrij onder vrouwen voelen. Maar na afloop zijn ze misschien beter gewapend om in gemengde organisaties te werken. Gemengdheid wordt niet opgelegd : het is een vrije keuze. We moeten echter waakzaam zijn. Men stelt vragen rond gemengde scholen. Men pleit bijvoorbeeld voor gescheiden zwembaden…. Voor ons is dat een terugval.



Ik herinner me dat je tijdens onze eerste ontmoeting verklaarde dat het belangrijk is de mannen uit de moskee te houden, ze niet in de handen van de extremistische religieuzen te laten..

FS: Men klaagt dat de jongeren in de wijken rondhangen. Maar er is geen infrastructuur om de jongeren te onthalen, ze een bezigheid te bieden. Bovendien komen die jongeren uit armere gezinnen, met krappe behuizing en zo meer. Willen we eindelijk eens ernstig nadenken over wat er van die jongeren moet worden! Willen we ze enkel in de moskee? Laten we ze over aan criminele organisaties, aan de min of meer zware jongens in de wijken? Moeten ze zich verliezen in drugs? Ik kan enkel vaststellen dat de jongeren verwaarloosd worden. Jongens, net zo goed als meisjes zijn slachtoffer van het systeem. Bovendien blijkt dat jongens en meisjes niet langer weten hoe met elkaar om te gaan. Ik weet dat er bij de vrouwen neigingen bestaan om enkel met elkaar te werken, wij willen dit niet. Wij willen werken met alle geslachten, met alle leeftijden. De strijd die gevoerd moet worden, is niet die van de vrouwen alleen, als de mannen zich niet bij ons voegen, kunnen we het niet halen. Als jongeren hun bruid in hun zogenaamd thuisland gaan zoeken, dan hebben we een kans gemist.

O.m. omdat we vaststellen dat meisjes en jongens uit alle milieus niet meer met elkaar weten om te gaan, omdat we vaststellen dat ze niet weten tot wie of tot welke instelling zich te richten met hun problemen, is er door ons in Frankrijk in 2005 een ‘gids voor respect’ uitgegeven. In dit boekje leggen we uit wat onze waarden zijn, we spreken over seksualiteit, over incest, over verkrachting… Ons boekje mag beschouwd worden als een opvoedingsproject. En als een poging om de stilte te doorbreken. Meisjes mogen niet zwijgen als jongens beweren dat meisjes in minirok hoeren zijn, ‘het’ vragen. Holebi’s en andere jongeren mogen niet zwijgen als er denigrerend over homo’s wordt gesproken. Men moet niet bang zijn om op een choquerende of confronterende manier tussen te komen, als de tussenkomst maar duidelijk is. Men moet durven spreken over seksualiteit, over geweld, over culturele bevrijding. We willen spreken over de rechten, over wat de wet zegt en over waar wij heen willen. Wij werken aan een Belgische aanpassing van de gids om die dan te verspreiden in de scholen. Het Masereelfonds zou ons kunnen helpen bij het oprichten van een Nederlandstalig comité om die gids ook in het Nederlands uit te geven en te verspreiden. Want, het discours over de laïciteit mag bijvoorbeeld zeker niet overgelaten worden aan het Vlaams Belang, dat zou pas het toppunt zijn.

Fadela Amara betreurt dat in de Franse voorsteden extreem-rechts en de integristen ('le fascisme vert’) de plaats van de communisten, van links hebben ingenomen. Zelf is ze geen communiste, maar de communisten voerden volgens haar tenminste een solidair discours en moedigden het verenigingsleven aan, daar waar de anderen opkomen voor uitsluiting, opsplitsing, geen respect opbrengen voor wat anders is en bijzonder vrouwonvriendelijk zijn. In Antwerpen is het Vlaams Belang sterk aanwezig in de wijken, met spreekuren en dies meer. Pleiten jullie ervoor dat de democratische organisaties en partijen ook weer prominenter aanwezig zijn in de wijken, met zitda-gen enz.?

PE: Gangreen woekert waar het lichaam niet verzorgd wordt. In vele wijken is er geen omkadering meer, geen verzorging. Zo weet het Vlaams Belang maar al te goed dat het discours van de laïciteit door de andere partijen werd opgegeven. En we mogen dit discours niet aan hen overlaten. Eigenlijk moeten we kritisch zijn tegenover onszelf : waarom spreken we over dit soort van zaken als democratie, de idee van het volk, laïciteit niet meer?

FS: Extreemrechts gaat vooruit omdat de democratische partijen het terrein openlaten. Mensen worden extreemrechts omdat ze zich in de steek gelaten voelen. Er is geen duidelijk programma meer. Extreemrechts misbruikt onze waarden om er hun programma door te krijgen. Van ver lijken hun thema’s, hun parool op hetgeen wij doen, maar bij hen ontspoort het meteen.

PE : Ze spreken over gelijkheid om in feite ongelijkheid te verdedigen, hun vrijheid betekent in feite onvrijheid, tolerantie wordt onverdraagzaamheid. Maar bij de conservatieve islam is er een Tarik Ramadan die in feite hetzelfde doet. Als hij wordt geïnterpelleerd over steniging, zegt hij niet dat hij er tegen is, maar enkel dat hij een moratorium wil. Hij zegt niet dat steniging een vreselijke misdaad is. Beiden, VB en de islamisten, gebruiken een verhullende taal. Ook Le Pen is in hetzelfde bedje ziek, als hij bijvoorbeeld zegt dat de Jodenuitroeiing maar een detail is : wat zijn zes miljoen doden in een oorlog die meer dan 100 miljoen doden kostte, in zulke walgelijk relativerende logica? En sommige nuttige idioten gaven hem gelijk. In feite suggereert hij : wat gaat de dood van de joden ons aan; misschien is er zelfs niets van waar.



Zijn er niet in elk partijprogramma rechtse elementen aanwezig, zeker met de huidige kartelvorming waarbij elementen van de vroegere Volksunie zich over alle partijen verspreid hebben? Zeker nu elke partij meer en meer een veiligheidsdiscours hanteert.

PE: We moeten onze bekommernissen een juiste inhoud geven. Uiteraard moet iedereen het recht hebben vrij en ongehinderd op straat te kunnen lopen. Maar dit recht mag niet totalitair worden ingevuld, we moeten erover waken woorden hun juiste betekenis terug te geven. Als wij iets vertellen, beginnen wij steeds met een uitleg over de terminologie, de woorden die wij gebruiken.

FS: De mensen vragen zich af of hun stem nog wel iets uithaalt. Ze zien geen verschil meer tussen de partijen.

Fadela Amara schrijft in haar boek dat ze, ik citeer: “Ik kots van het geleuter over het slachtoffer, verborgen achter een masker van generositeit. Maar in werkelijkheid dwingt dit discours, beetje bij beetje, tot een leven naast de andere in plaats van met de andere, in de onderwerping en de verwaarlozing.” Mag er dan niet gesproken worden van een systematische achteruitstelling omwille van huidskleur of geloofsovertuiging?

FS: De mensen zijn slachtoffer van hun eigen systeem. Hier in België is het sinds kort mode “allochtone” kandidaten op de lijsten te zetten, maar in feite stimuleert dit ook dat men de samenleving laat stemmen volgens gemeenschap. Bovendien heeft men soms de lijsten geopend voor mensen die er eigenlijk niet op thuishoren. Men had meer aandacht voor de cultuur of de huidskleur van de kandidaten, dan voor hun bekwaamheden of overtuiging. Willen de partijen echt wel ruimte creëren voor de mensen uit de probleemwijken om hun problemen te vertolken, of worden ze gewoon opgeslorpt? Datzelfde geldt trouwens voor de vrouwen op de lijsten, waarbij men er niet over gewaakt heeft vrouwen te zoeken die op een of andere manier representatief zijn. Men past voor vrouwen quota toe, en daarom passen sommige de nogal mechanische redenering toe om quota voor elke bevolkingsgroep toe te passen. Zonder de wet op de pariteit zouden de vrouwen niet staan waar ze nu zijn. Aangezien ze ruim de helft van de mensheid uitmaken is zulke wet natuurlijk en onmisbaar. Maar het kan zeer gevaarlijk worden, als men dat systeem op andere groepen gaat toepassen, want het bevordert het communautarisme binnen en buiten de partijen. Moet er dan representativiteit toegepast worden voor elk groep die dit opeist? Wij vinden dit absurd. Laten we eerder werken aan een mentaliteitswijziging, gebaseerd op een logica van gelijkheid en gemengdheid.



Men spreekt graag over gelijkheid van kansen in plaats van over gelijkheid.

FS: ‘Kansen’! Wat een paternalisme! Wat nodig is, is een politiek van gelijkheid van rechten en plichten, punt uit. Het ‘kansendiscours’ heeft perverse kantjes. Men lanceert langs alle kanten projecten voor migranten, want dit brengt geld op. En ondertussen bestaat er bij de Belgen een frustratie omdat de migranten alles zouden krijgen. Ik ken het voorbeeld van een alleenstaande Belgische huisvrouw, die niet terecht kan bij het OCMW, die moeite heeft om haar huur te betalen, en meent dat er voor migranten wel kan wat voor haar niet kan. Die vrouw voelt zich in de steek gelaten, en die frustratie is een voedingsbodem voor extreemrechts en verdeelt de mensen, zet ze tegen elkaar op. Eenzelfde frustratie vind je trouwens ook bij de gehandicapten. Er is dringend nood aan een politiek voor iedereen, ook voor die mensen en groepen die geen lawaai maken.

PE : We moeten dus eerder dan een slachtoffervertoog een burgervertoog houden.

Ik maak uit jullie antwoorden op dat jullie eerder tegen quota zijn. Maar is er niet dringend nood aan een inhaaloperatie, is het niet legitiem te maken dat migranten evenredig met hun aantal vertegenwoordigd zijn in bedrijven, in besturen e.d.m.?

PE: Opkomen voor quota betekent het instellen van een systeem van “positieve discriminatie”. Wij zijn eerder voor een politiek van actieve gelijkheid. Ik wil liever werken zoals SOS-racisme in Frankrijk. Zij laten Fransen – migrant, gehandicapt, ‘anders’ - solliciteren voor dezelfde betrekkingen, en spannen processen aan als blijkt dat deze ten onrechte worden buitengesloten. Bovendien kan het geen kwaad bij de bedrijfsleiders aan te dringen op wat gezond verstand. Als er voor één betrekking zich twee mensen aanbieden met dezelfde bekwaamheid, is het dan niet verstandig te opteren voor verscheidenheid, omdat zulke variëteit juist een verrijking betekent voor het bedrijf? Zulke ideeën moeten doordringen in de geesten van de mensen; het vergt een culturele revolutie; dat is wat wij noemen opkomen voor gemengdheid (mixité). En tezelfdertijd moeten we oppassen dat vreemde arbeiders niet misbruikt worden.



Doet de overheid in België eigenlijk niet al veel. Misschien dat Frankrijk de probleemwijken overlaat aan de politiek van de grote broer, in België doet men dat toch niet. Misschien kan men wel ervoor ijveren dat er een begeleidingspolitiek wordt ontwikkeld voor elke gediscrimineerde persoon.

FS: Het probleem is dat de subsidies veel te versnipperd zijn. Wij vragen meer coherentie in de huidige overdreven bevoegdheidsverdeling. Elke minister apart wil scoren, terwijl een betere samenwerking zou leiden tot een betere aanwending van het geld, dat er m.i. voldoende is.

PE: Er bestaat een verontrustende versnippering van de middelen, wat niet wegneemt dat er aan politieke kant ook aanmoedigende doorbraken plaatshebben. De wet op het geweld tegen vrouwen is al een grote vooruitgang, nu nog het parket erbij betrekken. Ik stel een zekere bewustwording vast, maar het is aan het middenveld blijvend de vinger op de wonde te leggen, wantoestanden te blijven aanklagen. Dat is dus wat wij beschouwen als onze taak. Wij willen het debat lanceren, want beschouwen dit als een begin van de oplossing.

FS: De organisaties moeten meer samenwerken, er is nood aan netwerkvorming. Wij willen zeker niet in de plaats komen van al het goede werk dat er al gedaan wordt. Maar de belangstelling van de media voor onze organisatie helpt ons wel om andere organisaties te verzamelen rond een gemeenschappelijk project.



In haar boek spreekt Fadela Amara over ‘feminisme d’urgence’, over ‘feminisme populaire’. Wat bedoelt ze hiermee?

FS: Onze beweging komt voort uit urgentie. De vrouwen willen nu reageren, want ze ondervinden dagelijks mistoestanden. Wij hebben geen behoefte aan theoretisch feminisme, aan salon-feminisme. Volgens ons moet het feminisme zich ontwikkelen op het terrein, aangepast aan de noden van de vrouwen. Wat uiteraard enige reflectie, enig denkwerk niet uitsluit. Maar het feminisme moet reageren op de toestanden zoals ze vandaag bestaan. Ook in de islamitische landen. Er is heden een teruggang, die maakt dat het feminisme aan urgentie toe is. Onze wereld is een dorp geworden, wij zijn allen bij alles betrokken.

PE: Onze beweging is transnationaal, we werken over de grenzen heen, we breiden uit in Europa, we krijgen informatie van alle kanten.

FS: Laat er wel geen misverstanden bestaan over ‘ni putes, ni soumises’. Wij zijn geen beweging met zakken vol geld, wij werken in België voorlopig alleen met vrijwilligers, terwijl men voortdurend een beroep op ons doet voor hulp en ondersteuning. Opeens wil men dat alles snel gaat, en wij breken ons het hoofd hoe al dit potentieel degelijk te coördineren. We zouden graag een secretariaat met permanentie hebben, we zouden graag erkend worden, maar hebben nog niet de tijd gehad hiervoor subsidieaanvragen in te dienen.



Tot slot, wat zijn de prioriteiten voor jullie beweging in België?

PE: Eerst en vooral willen we onze ‘gids voor respect’ uitgegeven krijgen. We zoeken gespecialiseerde ploegen (animatoren, psychologen, dokters, advocaten) om ons op het terrein te helpen.

FS: We willen naar de scholen gaan, we willen vorming organiseren, we hebben behoefte aan een ploeg animatoren. We worden langs alle kanten gecontacteerd over zaken zoals gedwongen huwelijk, scheiding, verkrachting, geweld, incest. Maar we zijn nog niet uitgerust om aan al die vragen te voldoen. In feite willen we een onthaalpool maken, om de mensen naar de bestaande structuren, de bestaande hulpverlening door te sturen. We willen geen extra fragmentering veroorzaken. Maar om die doorverwijzing waar te maken hebben we meer vrijwilligers nodig.

Interview afgenomen en verwerkt door Gerlinda Swillen, Kelly Franceus en Bernard Desmet.





uit AKTIEF –ledenblad van het Masereelfonds – jrg.2007, nr.1 – blz.




De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina