Notitie aanpassing bestuursconcept November 2011; versie 4



Dovnload 174.26 Kb.
Pagina7/9
Datum22.07.2016
Grootte174.26 Kb.
1   2   3   4   5   6   7   8   9

1.18De positie van de afdeling en secties

1.18.1De afdeling


De keuze is gemaakt om de huidige drie afdelingen terug te brengen naar één afdeling.

De afdelingsvoorzitter:



  • is integraal verantwoordelijk voor de kwaliteit van alle activiteiten die binnen de afdeling plaatsvinden;

  • heeft een daarbij passend mandaat;

  • legt verantwoording af aan het bestuur (§ 6.2);

  • heeft periodiek bestuurlijk overleg (§ 6.6.2);

  • heeft ten opzichte van het faculteitsbestuur een adviserende rol;

  • en wordt ondersteund door een afdelingsmanager.

De afdelingsmanager:

  • neemt een groot deel van de uitvoerende taken van de afdelingsvoorzitter over;

  • krijgt daarvoor van de afdelingsvoorzitter een groot ondermandaat9;

  • legt verantwoording af aan de afdelingsvoorzitter over het functioneren van de afdeling;

  • en is lid van het MT (§ 6.6.4).

N.B. De wetenschappelijke staf van ACTA is altijd werkzaam binnen de afdeling. Door de hoogleraar in the lead (§ 5.2) te brengen, wordt de kwaliteit en de wetenschappelijke inbedding van onderwijs, onderzoek en patiëntenzorg geborgd. De instituten zijn verantwoordelijk voor de kwaliteitszorg, de afdeling geeft input aan de kwaliteitscriteria.

1.18.2De secties


Er is een aantal redenen om binnen de afdeling met secties te werken. Dit kan bijvoorbeeld te maken hebben met een samenwerking met een externe partner of met de transparantie van de financiën.

Een voorbeeld hiervan is de vormgeving van de sectie Mondheelkunde, Kaak- en Aangezichtschirurgie die door de samenwerking met een AMC-sectie en een VUmc-sectie beiden binnen de academische ziekenhuizen werken. De financiering van de activiteiten van deze sectie ligt deels buiten de invloedsfeer van ACTA. Door een aparte positionering als sectie, kunnen de afdelingsfinanciën transparanter worden vormgegeven.

De secties zijn in hoofdzaak gebaseerd op:


  • de visie ― van de leiding van de afdeling ― op de organisatie van de afdeling;

  • het soort en de plaats van de activiteiten binnen de afdeling;

  • en de financiële transparantie van de afdeling.

De keuze van inrichting van secties wordt in eerste instantie aan de afdeling overgelaten; de decaan stelt deze vast.

1.19Overlegstructuren

1.19.1Bestuur


Het bestuur voert minimaal tweewekelijks intern overleg en wordt daarin bijgestaan door de bestuurssecretaris.

Het overleg dient voor het vertalen van Universitair beleid op de verschillende primaire deelgebieden (Onderwijs, Onderzoek en Patiëntenzorg) naar facultair beleid. En daarnaast dient het overleg voor de afstemming van de bijdrage van de faculteit aan Universitair beleid in de verschillende Universitaire commissies waarin de faculteit is vertegenwoordigd.

1.19.2Bestuurlijk overleg


Het bestuur overlegt met de afdelingsvoorzitter in een bestuurlijk overleg. De afdelingsvoorzitter heeft ten opzichte van het bestuur een adviserende rol. Dit overleg vindt minimaal eenmaal per maand plaats.

Het overleg vervangt de huidige Kernstructuurcommissie. In het bestuurlijk overleg wordt onder andere het hooglerarenbeleid besproken. Dit kan leiden tot de instelling van:

  • structuurcommissies die de decaan adviseren over de ontwikkeling van het wetenschapsgebied;

  • en benoemingsadviescommissies die de decaan adviseren over de benoeming van een hoogleraar/bijzonder hoogleraar/UHD.

1.19.3Hoogleraren en UHD convent


ACTA heeft een Hoogleraren en UHD-convent (voortaan: Convent) waarvan alle hoogleraren en UHD’s qualitate qua lid zijn.

Dit Convent functioneert als een bestuurs-adviesraad.

De bestuurssecretaris (§ 6.3.2) is secretaris van het Convent. Het Convent heeft maandelijks een gezamenlijke lunch en daarnaast 3x per jaar een strategische conferentie waar het instituutsbeleid wordt besproken.

Afhankelijk van het onderwerp wordt het Convent voorgezeten door de decaan of het bestuurslid met de desbetreffende instituutsportefeuille (§ 6.4). Het Convent adviseert het bestuur over het beleid. De rechten en plichten zullen nader worden vastgelegd in een reglement voor het convent.

Het doel van deze verandering is de hoogleraar meer te betrekken bij het faculteitsbeleid en zo in the lead (§ 5.2) te positioneren.


1.19.4Managementteam (MT)


Het nieuwe MT bestaat uit de instituutsmanagers (§ 6.4) en afdelingsmanagers (§ 6.5.1). Het managementteam wordt voorgezeten door de directeur Bedrijfsvoering & Zorg (§ 6.2.3). De deelnemers van het MT hebben de taak om de bestuursbesluiten binnen hun specifieke werkgebied uit te voeren.

De vergaderingen van het MT zijn voornamelijk bedoeld voor het afstemmen van de werkzaamheden binnen de verschillende werkgebieden.

Managementteam:

  • Directeur Bedrijfsvoering & Zorg, voorzitter

  • Manager Onderwijsinstituut

  • Manager Onderzoekinstituut

  • Manager afdeling FRT

  • Manager afdeling CPT

1.19.5Diverse afstemmingsoverleggen


Een aantal organen en commissies hebben een wettelijke basis, de instelling daarvan is verplicht. Daarnaast kent ACTA vele organen, commissies en coördinatoren (§ 5.4.1) waarvan het wenselijk is om het aantal te reduceren dan wel de functie, taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden beter te beschrijven. De hieraan verbonden acties zijn onderdeel van het implementatieplan.

ACTA telt momenteel ± 30 organen & commissies en kent ± 45 onderwijscoördinatoren (§ 5.4.1). De afstemming in het nieuw vormgegeven MT heeft als doel een groot deel van deze organen, commissies en coördinatoren te vervangen.

Deze notitie beperkt zich tot de organisatiestructuur van het middenmanagement. Binnen de afdeling, secties en diensten is ook divers afstemmingsoverleg nodig. Het is aan de afdeling en instituten om daar vorm aan te geven.

1.19.6Kwaliteitsborging en advisering



1.19.6.1Onderwijs




1.19.6.2Onderzoek




1.19.6.3Patiëntenzorg




1.19.6.4Bedrijfsvoering






1   2   3   4   5   6   7   8   9


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina