Oefeningen ter ere van het kindje jezus



Dovnload 18.56 Kb.
Datum25.08.2016
Grootte18.56 Kb.
OEFENINGEN TER ERE VAN HET KINDJE JEZUS

Negendaagse voorbereiding op het Hoogfeest van Kerstmis
Van oudsher worden de Kerstdagen in onze Orde met bijzondere godsvrucht gevierd. De Orde schijnt voor enige dagen haar strengheid, vasten en boetvaardigheid te vergeten om enkel vol vreugde te zijn bij de kribbe van de Almachtige God, die uit liefde tot ons een klein kindje geworden is.

Om de noveen met meer godsvrucht te houden begint men met de aanroeping van de H. Geest.
Eerste dag

De oneindige liefde van God in het werk der menswording.

Kom Heilige Geest …enz.

O mijn God, hoever is uw liefde tot ons gegaan, als Gij uw enige Zoon op aarde gezonden hebt om onze Zaligmaker te zijn. Vóór de menswording scheen uw liefde reeds de uiterste grenzen bereikt te hebben. Gij hebt de mensen geschapen naar uw eigen beeld en gelijkenis; Gij hebt hem versierd met de heiligmakende genade, en hem deelachtig gemaakt aan uw goddelijke natuur. Gij hebt hem met overvloedige weldaden overladen en Gij hebt hem bovendien nog het eeuwige geluk van de hemel beloofd, indien hij in uw liefde bleef volharden. Niettegenstaande die vriendelijke goedheid, is de mens U ontrouw geweest en hij beledigde U door de zonde. Was het niet rechtvaardig dat hij voor eeuwig van U verwijderd bleef? Maar Gij heb medelijden met ons. Gij vond een uiterst krachtig middel uit om ons te tonen hoezeer Gij ons bemint om ons te dwingen U liefde voor liefde te schenken. U heeft uw Zoon uit de Hemel naar de aarde gezonden, om onze menselijke natuur aan te nemen. Hij is een klein kind geworden, uit liefde tot ons; Hij heeft onder ons geleefd als een van ons; Hij heeft voor ons geleden; Hij is voor ons gestorven.

O mensgeworden Woord, om de liefde die U op aarde deed neerdalen, die U deed lijden en sterven voor mij, geef mij een oprecht berouw over al mijn zonden en maak dat ik U voortaan getrouw beminnen. O Maria, Moeder van Jezus, bid voor mij opdat ik de vruchten van de menswording van uw Zoon moge deelachtig worden.


Tweede dag

Het verlangen van de aartsvaders naar de komst van Christus.

O mijn goddelijke Verlosser, hoe vurig waren de wensen van de heilige aartsvaders om uw komst te beleven; hoe vurig hun zuchten!. Met welk verlangen, met welke tranen verwachten zij uw geboorte! Want, overstraald van een hemels licht, en ontstoken van uw goddelijke liefde, wisten zij hoe uw verschijning op aarde vrede en vreugde zou brengen in de harten van allen die U zouden volgen. O, hadden zij het geluk genoten U te zien, wat zouden zij niet gedaan hebben om U te behagen, om U hun liefde te betonen! Hoe zouden zij U niet gedankt en gezegend hebben! Getuige daarvan de heilige grijsaard Simeon, die zijn verlangen vervuld zag en vol vreugde uitriep: “ Laat nu o Heer uw dienaar in vrede gaan”.

O mijn God, verlicht mijn geest, opdat ik de grote weldaad van uw komst mag beseffen; ontsteek mijn hart, opdat het moge vlammen van liefde tot U. Bereid zelf dit nog onbereid hart, opdat Gij er een waardige woonplaats in mag vinden. En kom dan,mijn Verlosser, kom met al uw gaven en maak dat mijn liefde tot U steeds groter wordt. O Maria, ik verenig mijn verlangens met de uwe; bid voor mij, opdat mijn gevoelens op de uwe mogen gelijken.
Derde dag

Jezus als een klein kind geboren.

O mijn God! Gij had op de wereld als een volwassen mens kunnen verschijnen, met luister en majesteit omgeven. Maar Gij hebt verkozen onder ons te komen als een arm klein kind en waarom? Om des te gemakkelijker onze harten tot U te trekken. Ach, mijn Jezus, mijn Heer en mijn God, zo hebt Gij willen geboren worden, omdat Gij bemind wilde worden (H. Chrysolog). Hoe schoon, hoe beminnelijk zijt Gij niet, wanneer ik U aanschouw als klein kind, liggende in uw kribbe op een handvol stro? Wat heeft U er toe bewogen uit de hemel in een stal neer te dalen? Waarom heeft U de schoot van uw Vader verlaten om in een kribbe te worden neergelegd? Gij geeft beweging aan de zon en aan de hemel en ik zie U dan machteloos in de armen van uw Moeder! Gij voorziet in de behoefte van mens en dier en Gij hebt weinig melk nodig om te leven! Zeg mij, wat heeft U zo klein gemaakt? De liefde, antwoordt de H. Bernardus, uw liefde tot de mens!

O mijn Jezus, Gij hebt alle middelen gebruikt om mijn hart voor U te winnen, maar hoe heb ik tot nu toe aan uw uitnodiging beantwoordt? Vergeef mij Heer, want het doet mij leed dat ik uw oneindige goedheid miskend; voortaan tenminste wil ik U altijd volmaakt beminnen.

O Maria, Moeder van Jezus, als ik U met uw kindje op uw armen aanschouw, maak mij dan de eindeloze liefde indachtig van een God, klein geworden voor mij!


Vierde dag

De vernedering van de Zoon Gods.

O mijn Goddelijke Verlosser, wat een heerlijk voorbeeld van nederigheid hebt Gij ons in uw menswording gegeven! De hoogmoed is de oorzaak geweest van de jammerlijke val van onze eerste ouders. Om die noodlottige ramp te herstellen en ons de nederigheid te leren kennen en beminnen, hebt Gij Uzelf vernederd. En wat een vernedering, o mijn God! Gij, het opperste wezen, aan wie alle eer en glorie toekomt, heeft onze natuur aangenomen, een menselijke ziel en een menselijk lichaam, aan de kinderen van Adam gelijk. Zo wilt Gij ons, in afwachting van de smaad en de vernedering die Gij in uw leven en uw dood zult te lijden hebben, reeds van uw geboorte af, de schitterendste voorbeelden van nederigheid geven.

De God van hemel en aarde vertoont zich als een klein kind in doeken gewikkeld, liggende in een kribbe! De Koning der koningen komt ter wereld in een stal!

O mijn God, bij het aanschouwen van uw oneindige vernederingen, maak ik het vaste besluit mijn onwaardigheid altijd indachtig te zijn en alle verachting gaarne te lijden uit liefde tot U. O Maria, nederige Maagd, verkrijg mij de genade mijn voornemens te mogen uitvoeren.


Vijfde dag

Het lijden van het Kindje Jezus.

Mijn God, Gij zijt op aarde gekomen om de zonden uit te boeten en ons van de eeuwige dood te verlossen. Het geringste werk dat Gij deed, ja, Uw menswording alleen was daartoe voldoende; maar om ons de grootheid van uw liefde te tonen, hebt Gij ons door de vreselijke en schandelijke dood aan het kruis, willen vrijkopen. Doch het scheen U al te lang drie en dertig jaar naar uw kruis te wachten; van uw kribbe af hebt Gij ons door uw lijden uw liefde willen bewijzen en ons door uw voorbeeld tot boetvaardigheid willen aansporen.

Immers, de omstandigheden reeds van uw geboorte maakte dat uw intrede op de wereld met allerlei lijden gepaard ging. Gij werd geboren op reis, in een stad waar Gij verstoten werd, in een stal waar U alles ontbrak, te midden van de nacht en in hartje winter. Uw heilige Moeder had slechts enige doeken om U er in te wikkelen en geen andere wieg dan een kribbe, waarin Gij op stro moet rusten.

Mijn Jezus, die is gekomen om te lijden voor mijn zonden en mij de liefde tot het lijden te leren, schenk mij de geest van boetvaardigheid en versterving, vooral in de beproevingen die Gij mij overzendt. O Maria, Gij die zo innig aan het lijden van Jezus hebt deelgenomen, bid voor mij, opdat ik edelmoedig de weg van het Kruis mogen bewandelen.


Zesde dag

De H.Maagd Maria met haar pasgeboren Kindje.

O mijn goddelijke Verlosser, aan ons allen heeft Uw menswording en geboorte vreugde en geluk gebracht. Maar hoe groot zal de vreugde geweest zijn van uw allerheiligste Moeder, terwijl zij U in haar gezegende schoot droeg, en vooral toen zij U eindelijk mocht aanschouwen! Vervuld met blijdschap en doordrongen van eerbied bij het zien van Uw aangezichtje, zo goddelijk schoon, knielde zij in hemelse geestvervoering neer vol diepe aanbidding. O Maria, wat ging er om in uw ziel, als gij uw God, uw kind geworden, op uw armen mocht nemen en tegen uw hart drukken? Welke tedere aandoeningen maakte zich van U meester, toen gij het Kindje in doeken wikkelde en de eervolle genade overwoog die u te beurt was gevallen?

O Jezus, ik verheug mij over het geluk van uw heilige Moeder, ik dank U voor de onuitsprekelijke voorrechten die Gij haar verleend hebt. Ook mij hebt Gij met grote genade overladen; hoe dikwijls hebt Gij in mijn hart willen rusten door de H. Communie; maar hoe heb ik tot nu toe aan al uw goedheid beantwoord? Voortaan, o Heer, wil ik u steeds getrouw blijven!

O Maria, kom mij te hulp, opdat ik Jezus, naar uw voorbeeld, altijd vurig zal beminnen.


Zevende dag

De H. Jozef en het Kindje Jezus.

O mijn Jezus, nadat ik het onbegrijpelijk geluk aanschouwd heb van uw maagdelijke Moeder, kan ik niet nalaten ook de vreugde te overwegen van uw heilige Voedstervader. Het was hem gegund met Maria de knie te buigen vóór uw kribbe; ook hij mocht U in zijn armen opnemen, U uit de armen van Maria op de zijne ontvangen, U op zijn hart te laten rusten en met vaderlijke tederheid zijn lippen drukken op het aanbiddelijk voorhoofd van dit Kind, dat hij als God van hemel en aarde erkent! O Jozef, wat een geluk voor u te weten dat dit Kind aan uw vaderlijke zorgen is toevertrouwd, dat het u steeds met de naam van vader zal aanspreken. Hoe zoet en hoe troostrijk zal het voor u zijn, voor het Kind en zijn Moeder te werken en te zwoegen!

O heilige Jozef, verkrijg mij van uw goddelijke pleegzoon de genade om Hem altijd vurig te beminnen en edelmoedig te dienen. Doe mij het geluk waarderen voor God te werken en maak dat ik naar uw voorbeeld, door deze overtuiging bezield, gedurig voortgang mag maken in de deugd.
Achtste dag

De Engelen in de Kerstnacht

O God, terwijl uw enige Zoon zich zo diep vernedert, zult Gij Hem dan niet verheerlijken? Zult Gij geen straal van glorie rond het hoofd van dat goddelijk Kind doen schitteren? Ja, Uw engelen zend Gij uit de hemel om het blijde nieuws van zijn geboorte te verkondigen. Een onder hen mag de eerste aanbidders bij hun Zaligmaker roepen. Nauwelijks heeft hij zijn zending volbracht, of een menigte hemelse geesten, die hierboven onophoudelijk uw lof bezingen, laten hun stemmen ter ere van het pasgeboren Kind, boven het stalletje in Bethlehem weergalmen. Hoe schoon, hoe zinrijk is het loflied dat zij aanheffen “ Glorie aan God in den Hoge, en vrede op aarde aan de mensen van goede wil”. In twee woorden leren zij ons de grote uitwerkingen van de menswording; zij brengt een volmaakte hulde aan uw opperste majesteit; zij brengt ons de voldoening en de vrede.

Heilige engelen, ontvlam ons hart van liefde tot Jezus, help mij de grootheid en de goedheid van de mensgeworden God bezingen.

Maria, Koningin der engelen, bid voor mij!


Negende dag

De Herders bij de kribbe van Jezus.

O mensgeworden God, onze Verlosser, als Gij ter wereld komt, aan wie zult Gij , na Maria en Jozef, het eerst het geluk schenken U te mogen zien en aanbidden? Uw hemelse Vader zendt zijn engelen uit om de geboorte van de Messias bekend te maken, en aan wie? Ach, evenals Gij nederig en arm onder ons komt, zo wilt Gij dat nederige en arme lieden het eerst de vreugde smaken, getuigen te zijn van uw geboorte. Op het woord van de engel komen zij met spoed naar de grot, om de troostrijke geheimen te aanschouwen die hen zijn aangekondigd. Ach, met welk een eerbied verenigen zij zich met Maria en Jozef om U te aanbidden! Welke vrede! Welk onbekend genot vervult hun hart! Hoe graag zouden zij hun kortstondig bezoek langer doen duren, ja, nimmer dat hemels verblijf verlaten! Maar ofschoon zij slechts korte tijd bij U verbleven, met wat een overvloed van genade hebt Gij hun zielen verrijkt!



O Jezus, maak mijn hart eenvoudig en nederig gelijk de harten van uw eerste aanbidders, opdat ik met dezelfde gevoelens als zij uw geboorte mag vieren. O Maria, leer mij die schone nederigheid, waardoor ik het hart van Jezus tot mij kan trekken en aan zijn genaden deelachtig kan worden!


De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2016
stuur bericht

    Hoofdpagina