Oirsbeek; En zijn straatnamen: Opgesteld door Wil Schupp, Uit liefde voor dit wondermooie Limburgs Dorp. Overigens zij opgemerkt, dat Klein Doenrade, altijd heeft behoort onder Oirsbeek a. Inhoud: 1 Voorwoord 2 Doelstelling



Dovnload 75.7 Kb.
Datum27.08.2016
Grootte75.7 Kb.




Oirsbeek;

En zijn straatnamen:



Opgesteld door Wil Schupp,

Uit liefde voor dit wondermooie Limburgs Dorp.

Overigens zij opgemerkt, dat Klein Doenrade, altijd heeft behoort onder Oirsbeek. a).

Inhoud: 1) Voorwoord

2) Doelstelling.

3) Benadering.

4) Literatuurlijst.

5) Kaarten.

6) Alfabetische Lijst van Straatnamen.

1) Voorwoord: Mijn interesse, voor Plaats- en Straatnamen, was er al heel jong, maar is sterk toegenomen toen ik in Oirsbeek kwam wonen.

Dat was op 1 oktober 1992.

Later kwam daar de stimulans bij door het Boekwerk, De Straatnamen in Kerkrade. Samengesteld door de Heren; L. Augustus, J. Driessen en J. Paulissen +.

Als geboren Kerkradenaar, was ik dan ook reuze blij met dat Boekwerk.

Niet alleen blij, maar ook enorm dankbaar, voor de mensen die zorgen dat het nageslacht op de hoogte blijft van zijn verleden.

En de behoefte aan kennis van ons verleden, is vandaag de dag sterk gegroeid.

Dat laatste gaf voor mij de reden, om een poging te wagen, een bijdrage te leveren om in die behoefte te voorzien ten aanzien van Oirsbeek.
2) Doelstelling: Anderen begrip bij te brengen over hun eigen verleden.
3) Benadering: Deze is gebaseerd op het verzamelen van gegevens , uit het verleden en het heden, om te komen tot een zo goed mogelijk interpreteren van de betreffende gegevens.
4) Literatuurlijst:


  1. Franck's Etymologisch woorden-boek der Nederlandse Taal, 2'druk, door Dr. N. Van Wijk. Uit 1929.

  2. Van Dale Etymologisch woordenboek uit 1989. Door P.A.F. v Veen.

  3. Kirchroadsjer Dieksiejoneer.

  4. Gijsseling: Toponymisch Woordenboek van; België, Nederland, Luxemburg, Noord Frankrijk en West Duitsland. Vóór 1226.

  5. Prisma; Nederlandse plaatsnamen, door; G. van Berkel en K. Samplonius.

  6. Publications L.G.O.G. 1949.

  7. Frankisch, Merovingisch, Karolingisch, onder redactie van Prof. A.Weijnen.

  8. Unsere Älteste Flusnamen. Hans Krahe.

  9. Romaans in Limburgse Aardrijkskundige namen. Dr. P.M.L.Tummers.

  10. Mededelingen Bureau voor Naamkunde. 1967. 43' jaargang.


5) Kaarten:

Kaarten, die in deze context van belang zijn;

1) Tranchot-kaarten vanaf ± 1800.

2) Ferraris kaarten uit plusminus 1780.

3) De Gemeente -Atlas van Limburg. Van J. Kuyper.

Uitgeverij de Lijster, Maasbree, onder no. ISBN 90 6486 014 9.

4) Daaruit een afdruk van Oirsbeek in 1867.

5) Daarnaast een afdruk van de gemeente Schinnen uit 1868.

6) Evenals een afdruk van Munstergeleen uit 1869.

7) Natuurlijk, niet te vergeten Amstenrade, op een kaart uit 1869.

8) Grote Provincie Atlas Limburg, 1: 25000. Wolters Noordhoff 2'Editie1995.

9) Platte grond Schinnen 3'druk.


6) Verklaring naam Oirsbeek.

De spelling van de huidige naam, moeten we zoeken in de tijd dat de ( i ) gebruikt werd, om aan te geven dat je de voorgaande letter moest verlengen.

In ons geval, betekent dit, dat je de naam Oirsbeek, MOET uitspreken als, OORSBEEK. Te vergelijken met, Oirschot, uit te spreken als; OORSCHOT.

De volgende stap is, om de omslag te maken van OOR, naar OER.

De naam OORsprong, of dergelijke, heeft in het Nederlands niet de betekenis van OER, oftewel ; ijzerhoudende grond.

In het dialect kan het wel twee betekenissen hebben, en wel zoals bedoeld in oorsprong, maar ook als ijzerhoudende grond.

Belangrijk is daarbij, de acceptatie van het gegeven; dat dialect uitspraken bepalend kunnen zijn voor aanvaarding van bepaalde interpretaties.

Bij de dialect uitspraak van Oirsbeek, "Oesjbich", valt duidelijk waar te nemen, dat hier (met het wegvallen van de "r "), OERSBEEK verstaan zou kunnen worden.

Een tweede verklaring van de naam Oirsbeek, kan gezocht worden in de Keltische naam OER, of OUR, hetgeen van oorsprong gewoon, stromend water betekende, ofwel waterloop.

Zie ook het boekwerkje AUWT AUSTROA, waarin de Oirsbeek vermeld wordt als OU, uit te spreken als de OE in ROERMOND.

Deze bronnen-beek ontsprong ter hoogte van de boerderij, gelegen naast de kerk van Amstenrade.

Een veel voorkomend fenomeen vindt dan plaats, door toevoeging van beek of bach, door het niet meer begrijpen van het oorspronkelijke woord.

Dit noemt men ook wel een Tautologiesche samenstelling.

We mogen gevoeglijk aannemen, dat dit fenomeen zich veelal afspeelde, in de tijd, dat de Germanen de Kelten begonnen te verdringen in onze streken. Tevens houdt dit in, dat gezien de Keltische waternaam, Oirsbeek reeds zijn ontstaan vindt in de Keltische tijd. Waarschijnlijk mogen we dan de Eburonen hier aantreffen

Belangrijk in deze is dan het feit, dat de Romeinen, de Eburonen onder de leiding van hun beroemde Ieider AMBIORIX, bijna volledig hebben uitgeroeid.

Dat op zijn beurt verklaart het verschijnen van de Germanen in onze contreien, nadat de Romeinen in de helft van de vijfde eeuw, het onderspit moesten delven tegen genoemde Germanen.

Niet heel toevallig waren dit de FRANKEN.

Een Germaans volk, dat van grote invloed is geweest, op de ontwikkeling van Europa. Daarbij te denken aan de eerste Christen koning Clovis, maar daarnaast de meest markante figuur, Keizer KAREL DE GROTE.
Voor Oirsbeek komt dan een, Niet meer weten.

Kennelijk in een ver verleden, komt een moment dat men aan de Oorsbeek de naam Vloodt, toekent.

Deze naam blijft gehandhaafd tot in de jaren 60 van de 20'eeuw.

Dan gebeurt hetgeen vaker voorkomt , dat men niet meer weet dat een plaats zijn naam te danken heeft aan, in ons geval de Oersbeek.

Daarom dan ook, dat in latere tijd de Oirsbeek, de naam "de Vloodt ", in zijn maag gesplitst kreeg.

Heden in 2003, weten alleen de ouderen nog, dat deze laatste naam bestond.

Dat heeft alles te maken met het feit, dat in de 20' eeuw, de Vloodt is overkluisd.

En wel tot het punt, waar in 2002 een waterbuffer is geplaatst. Dat is, aan de Kollerweg halverwege Wolfhagen.

Grappig is in dit verband, dat even verderop, richting Schinnen, het "Natuurlijke" bewijs is waar te nemen, dat op de dag van vandaag nog steeds de bruine afscheidingen plaatsvinden, die zouden kunnen wijzen op de verklaring van OER, zijnde IJZERHOUDENDE grond.

Dat gegeven duidt er weer op, waarom men in Schinnen vanaf daar, de naam KAKKERT heeft gegeven aan onze Oirsbeek.

Weer verwijzend, op de bruine kleur van de afscheidingen in ons beekje.

In Schinnen, voegt de Oersbeek zich dan samen met de Geleenbeek.

Schinnen, valt terug te voeren op de Oud-Germaanse waternaam "skin", hetgeen betekent schijnen of schitteren.

Schinnen moet dan ook vertaald worden als, "De Schitterende".

Nog mooier wordt het, als we zien, dat de naam Geleenbeek zich ontwikkeld heeft, uit het Keltische , "Glana", dat zoveel betekent als; Heldere, Glanzende oftewel Schone.

Overbodig te zeggen, dat Geleen dus ook zijn naam te danken heeft aan een en hetzelfde riviertje. Oftewel de huidige Geleenbeek.

Nu komen we op het punt, dat vele plaatsnamen zijn terug te voeren op de plek waar zij aan gelegen waren, oftewel de geologische omstandigheden.

Dit is overigens een keihard gegeven, dat in de oudheid plaats en straatnamen, altijd verwijzen naar plaatselijke omstandigheden.

Dat gegeven zullen we steeds weer opnieuw ontdekken bij onze speurtocht; Naar de herkomst van onze: Plaats- en Straatnamen.

Oirsbeek moet als een Frankische Nederzetting gezien worden.

Dat gegeven moeten we zoeken, bij een artikel van H.J.Beckers, over het ontstaan van de Frankische dorpen in Zuid-Limburg.

Een kenmerk daarvan was een drinkpoel annex bluspoel, gelegen aan een knooppunt van drie of vier wegen, van waaruit zich de latere centra ontwikkelden.

Daarbij te denken aan de kerk, en nog later aan bijvoorbeeld het raadhuis.

Zie Publications, van het L.G.O.G. deel LXXXV 1949, eerste stuk. BIz.23 t/m 28. Dat betekent, dat we bij de ontstaans-geschiedenis van Oirsbeek, moeten denken aan omstreeks de vijfde eeuw.

Dat daarbij de naam van Koning Clovis, als eerste Christen Koning in zicht komt, is dan ook niet verwonderlijk.

Los daarvan, weten oudere Oirsbekenaren, dat er zich een poel bevond, op de plek waar vandaag een drie hoekig pleintje zich bevindt op de drie sprong , Kollerstraat-Grachtstraat­Beukenberg.

Vroeger was dit een zelfstandige gemeenschap met als naam; De Gracht.

In Oirsbeek zelf, is er ook zo een poel aanwezig geweest, namelijk bij de kerk.

Althans volgens voornoemde beer H.J.Beckers, maar ook waar te nemen op de Tranchot kaart uit plusminus 1803. Dat geldt ook voor de poel bij de Gracht.

Dat Oirsbeek, in de loop der eeuwen, van bepaald belang was, blijkt uit het feit dat het een eigen Schepenbank heeft gehad.

Gezien het feit, dat Oirsbeek terug kan zien, op een geschiedenis van meer dan 1500 jaar,

lijkt het mij dan ook logisch, om dit onder andere vast te leggen in het ontstaan van zijn straatnamen.



9) Alfabetische lijst straatnamen in Oirsbeek.

Acaciastraat:

Genoemd naar de gelijknamige witte, of pseudo-acacia, afkomstig uit Noord- Amerika.



Altaarstraat:

Op de plaats waar nu het appartementen complex; Residentie Romenkamp is verrezen, stond tot voor enkele jaren "De Pimpel", een cafe restaurant, behorend aan Jos en Truus Lammers de Winter.

Op die plek heeft vroeger een altaar gestaan.

Daarvandaan de naam Altaarstraat.

Bij de reconstructie van de toenmalige Rijksweg-Zuid, en de bouw van de "Pimpel", kwam daarvoor in de plaats, het huidige Kruisbeeld.

Opmerkelijk is het gegeven, dat in heel Nederland slechts TWEE straatnamen Altaarstraat voorkomen.

En heel toevallig in de Gemeente Schinnen. a).

Bachstraat::

Vernoemd naar de beroemde componist, Johan Sebastiaan Bach. 1685-1750.



Beethovenstraat:

Vernoemd naar de beroemde componist, Ludwig van Beethoven. 1770-1827.



Bellenkampweg:

Nog geen verklaring gevonden.



Berkenstraat:

Genoemd naar de gelijknamige boomsoort, de berk.


Beukenberg:
Genoemd naar de gelijknamige beuken, die op de dag van vandaag, nog steeds aanwezig zijn langs de boorden van de Beukenberg.
Beijlkensweg:
Deze weg is vernoemd, naar een voormalige hoeve, die gelegen moet hebben, ter hoogte van waar zich nu het complex bevindt, van de Jumbo. (Anno 2005).

De toenmalige eigenaar heette waarschijnlijk, Beijlkens.



Boompjesweg;

Voor deze naam nog geen verklaring gevonden.



Burg. Gubbelsstraat:

Nieuwe naam in Oirsbeek, gelegen aan de Dorpstraat, ten behoeve van de daar gepleegde nieuwbouw in de jaren begin de 21' eeuw.



De Leu:
Deze naam is terug te voeren op de naam: Auf die Leu , te vinden bij Wintraak, op de Tranchot kaart uit 1803.

Naamkundig, is er alles voor te zeggen, om de naam "Leu", te vertalen als; Plek in de schaduw. Oftewel plek in de LUWTE. De plek, waar deze naam bij hoort, kan men zien als in de luwte gelegen op de Wintraak.

Een andere verklaring moeten we zoeken in de oude naam "Leuweg", die liep vanaf de huidige Oppovenerweg, richting de TWAALF APOSTELEN. Maar mogelijk moeten wij hierbij ook weer denken aan de eerdere verklaring, in de Luwte gelegen.

Bekijken we de naam Wintraak, dan zien we daarin, de aanduiding dat deze naam aangeeft, dat deze plaatsnaam, zijn ontstaan te danken heeft aan het feit, dat deze plaats gelegen is op een plek, waar ze door de wind geraakt werd.

Vandaar de naam Wintraak.

Interessant in deze is dat Hurpesch bij Epen, en de Franse naam Hurtebise, die beiden dezelfde betekenis hebben van GERAAKT TE WORDEN DOOR EEN BEPAALDE WIND.

Terug te vinden is in het dialect, WAT ING BISE.

In het algemeen wordt bedoelt, een onaangename Noord-Oostelijke luchtstroming, die erg onaangename gevoelens oproept.

Gemakkelijk te plaatsen daar hier deze windrichting in winterse tijden plaatsvindt.
De Vloedsgraaf:
In ± 1800 nog "Vloetgraef" geheten, moeten we opvatten als een weg "gegraven" door water. In Oostelijk Zuid Limburg, en het aangrenzende Duitse gebied, kent men ook de benaming SLAK, voor een soortgelijke "uitgraving", maar dan op te vatten als een "uitwaaierende uitspoeling".
Dorpstraat:

Praktisch elk dorp, heeft wel een straat met deze naam . Is dan ook afgeleid van het woord DORP.

Op deze naam Dorp, is het zinnig om hier dieper op in te gaan.


  1. Een DORP, is een samengaan van enkele boeren huizen. Van oorsprong gesticht door een klein groepje mensen. Daar deze mensen vaak een leider kozen, kreeg zo een gemeenschap dan ook vaak de naam van die leider, in de vorm van; De nederzetting van Trinto, dat werd dan Trintelen. Maar ook kon die gemeenschap aangeven om zich te noemen naar de PLEK (geologische omstandigheden) waar zij zich vestigden. Zo ontstonden namen als,

  2. a) Op de Berg.

  3. b) Rode (gerooid bos), later Hertogenrode.

  4. c) Houthem (het huis bij het bos).

  5. d) Schinnen (gelegen aan de SCINNA, of de schitterende).

  6. Oirsbeek (gelegen aan de OU). Enz. enz..

De weg door, of naar het centrum van zo een dorp kreeg dan ook de naam Dorp(s)straat.

Bij grotere plaatsen zie je dan ook eerder, de naam Hoofdstraat verschijnen.

Persoonlijk bestrijd ik de analogie verklaring van de De Dikke van Dale, die aangeeft dat DORPSSTRAAT met dubbele "S" geschreven zou moeten worden.
Mijn analogie verklaring berust op het feit van talloze namen met (1) één "S", zoals; Kerkstraat, Putstraat, Schoolstraat, Brugstraat, Tunnelstraat, enz. enz., betekenen dat deze weg of straat, voert naar of langs het bedoelde object, en niet daartoe behoort.

Zo ook hoort de straat of weg, die naar een Spoorwegstation leidt, met (1) één "S" geschreven te worden, en niet met twee "SS".

Deze weg (straat), voert naar of langs het station, maar is niet VAN, of behorend BIJ het station.

In tegenstelling daarmee, dat de STATIONSSCHEF en het STATIONSGEBOUW, wel aangeven dat zij daarbij behoren.

In onze eigen gemeente Schinnen, zien we dan ook het verschil van inzicht over naamgevingen.

Schinnen DORPSSTRAAT, Oirsbeek DORPSTRAAT. Schinnen STATIONSTRAAT, elders STATIONSSTRAAT. Talloze voorbeelden in deze, zijn in heel Nederland waar te nemen. Jammer genoeg ten dele veroorzaakt, door het feit dat men kennelijk blind is, voor het feit dat de dikke Van Dale de indruk wekt, dat zei ONFEILBAAR zijn. En dat zijn zij zeker NIET.



Douvenderweg:

Het in Merkelbeek gelegen, Douve, heeft als betekenis, LEEG, denk daarbij aan DOOF NOES, oftewel minder waard.

Daarbij moeten we denken, aan de kwaliteit van de soort hout.

Iedereen weet, dat eikenhout en beukenhout meer waard zijn, dan berken-, els-, populieren-, en dergelijke houtsoorten.

Daarom dan ook het onderscheidt met Hout, zie Hulterweg aldaar.

Onze weg voert dan ook van Oirsbeek naar het gehucht, Douve.

Later komt deze naam terug in de combinatie; DOUVERGENHOUT.

Uit deze naamgeving mogen we gevoeglijk aannemen, dat we hier te doen hebben met een soort bossage.

De naam DOUVE, staat tot op heden nog steeds vermeld, op een officieel naambordje, ter plekke.

Onder Luik vinden het plaatsje Bois et Borsu, oftewel in omgekeerde volgorde de naam Douvergenhout.



Drossaertweide:

Deze naam voert ons naar het rijke verleden van Oisrbeek, toen het nog een Schepenbank had. De DROSSAARD, was de hoogste ambtenaar van deze Schepenbank.

Je mag hem dan ook vergelijken met ons woord Burgermeester.

Ook is mogelijk, om in deze context te spreken, van Schout en Schepenen.

Naar de huidige tijd te vertalen als; Burgermeester en Wethouders.

Het weide in deze, duidt op het in bezit hebben van een bepaald stuk weiland, door de Drossaert.



Grachterhof:

Een nieuwe naam in Oirsbeek, gegeven aan een bebouwing, die voornamelijk bestemd is voor oudere bewoners van Oirsbeek. Gelegen aan de Oirsbeekse Grachtstraat.



Grachtstraat:

Deze naam verwijst naar het woord gegraven.

Hierbij mogen we uitgaan van de betekenis gegraven door het water, maar kan ook gegraven door mensen betekenen.

Gevoeglijk kunnen we aannemen, dat deze naam ontstaan is, door de inwerking van de Oirsbeek.

De Gracht was vroeger een zelfstandige gemeenschap, van Frankische oorsprong. Logisch dat men vanuit Oirsbeek, de weg die naar de Gracht leidde, vernoemde als de Grachtstraat.

Hagendoornweg:

Deze naam valt af te leiden, uit de naam Hagen, of Haag.

We kennen vandaag nog steeds het woord HAAG.

Maar dan als afscheiding van bepaalde stukken grond.

In deze context, waag ik het dan ook , om deze naam te vertalen als, een weg die naar , of langs, een door doornig struikgewas begroeide weg leidde.

Hagerweg:

Vandaag de dag een doodlopende weg, die langs de Camping High Chaparelle voert. Met dezelfde betekenis als hiervoor.


Hulterweg:

Deze weg was voor mij de aanzet voor dit geheel, om inhoud te geven aan de interesse die ik

heb, om andere mensen te interesseren voor hun herkomst.

Deze naam, heeft als element, de naam Hulta, wat in het oud Germaans de betekenis heeft van zowel hout, als wel bos.

De Fransen kennen tot op vandaag, nog wel de dubbele betekenis van deze naam, en wel als zij spreken over Bois, als Hout, en daarnaast als Bois, als zij een BOS bedoelen. Onze naam HOUT, waarvan de naam Hulterweg is afgeleidt, mogen we dus ook terecht terugvoeren op de naam, "Hulta".

Oftewel, de weg die voert naar het BOS.

De onderscheiding vindt plaats, door het fenomeen, dat met Hulta, hoogstammig hout, zoals Eiken en Beuken bedoeld wordt, met een hoogwaardige bestemming.

Zie bij Douve, de tegenstelling.


In den Daal:

De naam van deze straat, heeft men afgeleidt van de naam Langenthal, voorkomend op de Tranchot kaart, uit 1803.

Deze moet men zoeken bij de grensovergang naar Hillensberg, zogenoemd, " aan de Beck".

De naam "Beck" betekent overigens; DRIEHOEKIG STUK.

In deze dan ook een driehoekig stuk land.

In Schimmert kent men deze uitdrukking toe, aan een stuk LIMBURGSCHE VLAAI, Die een driehoekige vorm heeft.

Overigens valt hier waar te nemen, dat de Tranchot kaart volgens huidige bewoners, fout is met de werkelijkheid.

De huidige bewoners zijn de mensen die wonen "Op de Beck", anno 2001.

Als vergelijking het volgende:

Tranchot kaart zegt: Langenthal: moet zijn "Op de Grav".

Tranchot kaart zegt: Op de Grav: moet zijn" Langenthal".

Belangrijk in dit gegeven is, de Duitse interpretatie, met de naam geving van het straten­plan ter plekke.

Verdere studie in deze lijkt mij zeer zinnig.

In den Moel:

Deze naam moeten we zoeken, in het gegeven dat dit een stuk land was, en gelegen was tussen, grofweg beschreven als de grond, ten zuid westen van de huidige Beijlkensweg, en aansluitend aan het Homertvelt.

Het woord moel mogen we vertalen als, MOERASSIG.

Mijn eigen ervaring bij het omspitten van de tuin, samen met mijn vorige buren op de Beijlkensweg, zijn een overtuigend bewijs, dat zich ter plekke een moerassig gebied bevond.



Karel Peulenstraat:

Genoemd naar Karel Peulen,

voormalig Raadslid en Wethouder.

Kastanjestraat:
Genoemd naar de boomsoort Kastanje, en familie van de beuk.

We kennen de "tamme" en de "wilde". De tamme levert ons een lekkere noot, deze is vooral heerlijk als we hem bakken. Wordt ook graag als vulling gebruikt bij diverse bak­sels, bijvoorbeeld kalkoen.


Krekelbergerweg:
Ontleend zijn naam aan het feit dat hij vroeger rechtstreeks leidde naar de Krekelberg. Ook de daar gelegen hoeve dankt hieraan zijn naam.
Limietweg:
Betekenis nog niet kunnen achterhalen.
Linden laan:

Genoemd naar de gelijknamige boomsoort.

Mogelijk volgens sommige geleerden, is deze boomsoort de naamgever van onze provincie-naam; Limburg.

Kort gezegd kwam het neer, op een (Linden)-houten vesting. Deze naam werd Lemburg en uiteindelijk Limburg.

Hierbij was van oorsprong bedoeld, het Limbourg aan de Vesdre.

Hier zetelden de Hertogen van Limburg.

Ons huidige Limburg, had nauwelijks iets van doen met het hertogdom Limburg uit die tijd. Uitgezonderd enkele plaatsen, die via het Graafschap Daelhem, en het land van Herve, deel uitmaakten van genoemd Hertogdom

Een zeer persoonlijke gril van onze Koning Willem de 1', heeft geleid tot de naam LIMBURG.

Maar dan wel voor ons, en ook voor het Belgisch Limburg.

Als deze koning, NIET zijn zin doorgedreven zou hebben, dan zouden wij LIMBURGERS, vandaag de dag allemaal rondlopen met de naam; MAASTRICHTENAAR.


Markt:

De betekenis van deze naam betekent; Openbare handel, gevormd uit het Latijnse "Mercatus", koophandel bij Mercari ( handel drijven, kopen).



Molenweg:
Genoemd naar de aan deze weg gelegen molen, bekend als "De Janssen Meule", Gebouwd 1877-1878.
Mozartstraat:
Genoemd naar de componist Mozart, Wolfgang Amadeus. 1756-1791.
Oirsbekerweg;
Deze weg heette oorspronkelijk, Schinnenderweg.

En dat was ook heel terecht, want wegen werden genoemd, onder andere naar de plaats waar zij naartoe voerden.

In die zin heeft men in het verleden de grote fout gemaakt, om de naam Schinnenderweg, om te dopen in OIRSBEKERWEG, daarbij de nog grotere fout te begaan in de spelling, van de naam, deze had moeten zijn :

Oirsbeekerweg.
Op de Graaf:

Deze naam is ontleend aan de naam "op de Grav", te vinden op de Tranchot kaart, en ligt vlakbij de grensovergang naar Hillensberg.

Volgens de huidige bewoonster van het huis, gelegen aan de weg, genoemd; "aan de Bek", zou dit echter de weg zijn met de huidige naam Kattenberg.

Terwijl de naam Langenthal, zou moeten behoren bij de naam; "op de Grav". Mijn voorkeur gaat uit naar de uitleg van de Tranchot kaart.

Dit ondanks, de aan Duitse zijde bestaande behoefte, om enkele straatnamen aan hun kant, te benoemen met Langenthal, enz..

Bekijk je namelijk, de geologische omstandigheden ter plekke, dan zie je aan de plooien van het landschap, wat bedoeld moet zijn ; met het lange dal.



Op den Bock:

Mogelijk een verkeerd begrijpen van " Aan de Beck ". zie daarvoor de verklaring onder IN DEN DAAL.


Oppevenerweg:
Een van de fascinerende namen in het Oirsbeekse.

En wel om de simpele reden, dat je deze naam via het dialect, direct kunt terugvoeren op het Obhoven, gelegen aan de Oirsbeek. Spreek je deze naam op zijn dialect uit, dan krijg je Oppeven.

De oorspronkelijke bronnen van de Oorsbeek, moeten we zoeken nabij de kasteel hoeve te Amstenrade. Mogelijk ook uit het gebied waar nu Elvira is gevestigd. Dit laatste naar aanleiding van een artikel van Leo Meevers Scholte,

Zie daarvoor de beschrijving in het boekje "Oud Aostroa", en daarnaast de gemeente kaart uit 1867.

Helaas geeft de Tranchot kaart dan weer aan, dat Obhoven gelegen zou hebben beneden de Vloedsgraaf.

Beide veronderstellingen zijn mogelijk.

In ieder geval zegt ons deze naam, dat hij voerde, "naar", Ophoven.

Nog interessanter wordt het, als we zien, dat deze weg voerde naar de Krekelberg, en prec­ies de scheiding vormde , tussen "Int de Moel, en het Homert Velt".

Uit overlevering van de Familie Habets, weet ik dat deze weg ooit de naam heeft gedragen van Schinderweg.

Pastoor Habetsstraat:

Genoemd naar Pastoor Habets, de eerste Rijksarchivaris van Nederland.



Pastoor Meulenbergstraat:

Genoemd naar Pastoor Meulenberg.



Pastoor Sandersstraat:

Genoemd naar pastoor Sanders, die bekend stond om zijn boekwerkjes, en zeer geliefd was onder de mensen.



Peelderpad:

Peel, afgeleid van het Middelnederlands; pedel, oftewel, laagland, broekland hetgeen neerkomt op de betekenis; Pad door het moeras.



Populierenlaan:

Genoemd naar de boomsoort; "Populier".

Er bestaan verschillende soorten populieren, derhalve zijn er ook plaatsnamen ontstaan naar de soort van de populieren.

Hierbij moeten we denken aan: Berg en Terblijt, waarin Terblijt de naam herbergt van; Trilpopulier, net zoals in Trembleur net over de grens in België..


Provinciale weg Noord:

(In de jaren vijftig van de 20' eeuw Rijksweg genoemd).

Deze naam moet ontstaan zijn in de na-Napoleontische tijd. En wel daarom, omdat rond 1800, deze weg nog niet bestond. Zie daarvoor de Tranchot kaarten.

Daarop valt te zien, dat als je van Amstenrade naar Sittard wilde, dat je dat alleen via ( Klein)-Doenrade kon doen.

In 2007 viel mij de eer te beurt, om er achter te komen dat deze weg, in 1839 werd aanbesteedt onder Belgisch beheer. b).
Provinciale Weg Zuid:
Zie omschrijving Noord.
Putstraat:

Vermoedelijk, verband houdend, met een aanwezige waterput.

Maar meer nog moeten we denken aan de verklaring van Put, als zijnde " een moerassige laagte". Dit te meer daar deze straat uitkomt op de laaggelegen Provinciale Weg, alwaar vroeger de Oersbeek stroomde.

Te vergelijken met het Peelderpad dat ook aan dezelfde beek gelegen is. (Was).


Raadhuisstraat:
Toen Oirsbeek nog een zelfstandige gemeente was, lag het gemeente huis aan deze straat. Daarvandaan deze naam.

Heette daarvoor Schoolstraat, totdat de inmiddels weer afgebroken nieuwe school aan de Dorpstraat in gebruik kwam.


Romenkamp: Plusminus 1800, komen we deze naam tegen op de Tranchot kaart uit die tijd.
Deze kaart geeft aan, dat de naam "Romenkamp", gezocht moet worden ten zuiden van de Hulterweg.

De huidige straatnaam, ligt op een andere locatie, dan de Tranchot kaart doet vermoeden.

Of deze naam een verbintenis heeft met de Romijnen, moet nader onderzicht worden.

Vanaf Merkelbeek heet dezelfde weg, Kampgats. Verwijzend naar de Romenkamp.

Inmiddels heb ik van Professor Dr. Schrijnemakers begrepen, dat deze naam niets van doen heeft met de Romeinen, maar gezocht moet worden in de verklaring van het woord "Kamp", dat betekend;

Omheind veld ter bescherming tegen loslopend vee.



Schatsberg:

Nog geen verklaring voor gevonden.



Schoolstraat;
Deze straat dankt zijn naam aan de school, die van 19??, tot 2002 daar gelegen was.

In 2002 is deze school afgebroken , terwijl terzelfder tijd de nieuwe school aan de Pollack gelegen, geopend is.


Schubertstraat:
Genoemd naar de componist Schubert, 1797-1828. Vooral beroemd om zijn Liederen.

Een daarvan, is "Die Schõne Müllerin".



Secretaris Fleischheuerstraat:

Oud Gemeentesecretaris, en verzetsman in de Tweede Wereldoorlog.



Stegelenhof:

Met zijn daaraan gelegen bejaarden woningen, ontleend zijn naam, aan de in die buurt gel­egen weilanden, die je kon doorkruisen, door gebruik te maken van de daar gelegen "STEGELS".

In de volksmond werd daarmee bedoeld; de "Draaikruisen", waar je als mens wel door­heen kon , maar het vee niet.

Overigens, heb ik ontdekt, dat de naam STEGEL, moet slaan op een zogenaamde OVER­STAP, en niet op een draaikruis of iets anders. Daarnaast is mij medegedeeld dat een deel van deze route door weilanden, ook was voorzien van wat men noemt een "VOUWES", oftewel een doorgang waarbij je zogenoemd moest "sla-ommen", om door een afrastering te komen.



Stegelenstraat:
Hiervoor geldt dezelfde afleiding, als voor de Stegelenhof.
Torenstraat:
Genoemd naar het begrip "Toren".
Vaart:
Vermoedelijk valt deze naam te verklaren uit " Voort", oftewel een doorwaadbare plaats bij een stromend water. Hierbij te denken aan de Oirsbeek.
Vaesrader Paadje:
Onbenoemd stukje weg, gelegen aan de Oirsbekerweg.

Deze weg voerde in het verleden, rechtstreeks naar Vaesrade.


Verdistraat:
Genoemd naar de componist Giuseppe Verdi, 1813-1901.

Verlengde Lindelaan:
Voorheen De Gats.
Vloedsgraaf:
Deze naam kunnen we gevoeglijk verklaren als, "een gracht gegraven door (onder) invloed van water".

Is ook een naam, die heel veel voorkomt in heuvelachtige gebieden.

Zie ook de Grachtstraat.
Wijngaardshage:
Vermoedelijk duidend op een HAAG rond een Wijngaard.
Wilgenstraat:

Genoemd naar de boomsoort " de Wilg".


Bijgewerkt op 20-02-2008 Wil Schupp Romenkamp 74 6438 JH Oirsbeek 06-10402218.


  1. Gegevens aangedragen door Hugo Schaffrath.

  2. Gegevens aangedragen door Wim Douven te Oirsbeek.

  3. Aanvulling; St. Lambertusstraat. Nieuwe straatnaam bij de Schoolstraat. Aan de Pollack, deze veldnaam vindt zijn oorsprong in het feit, dat er in de nabijheid van de huidige Populierenlaan, een Pool gewoond moet hebben.

Nieuwe aanvullingen, gedateerd 10-01-09.

Provinciale Weg Noord.

Provinciale Weg Zuid.

Limpensweg.

Boompjesweg.

Hagendoornweg.

Kleine Doenraderweg 2 x >.

Maastrichterweg.

Köllerstraat.

Vaesrader paadje.Voetpad aan de lange Rijn.

Groenhaagweg.

Steenweg.

Krekelbergerweg.

Schinderveldweg.

Koeiegats.

Putherweg.

Köllerstraat.

Krekelbergerweg.









De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina