‘Oker’ Clouseau



Dovnload 26.26 Kb.
Datum23.07.2016
Grootte26.26 Kb.
Documenten lesvoorbereiding 1

Bijlage 1

‘Oker’ Clouseau

Alles staat stil


Onder een hemel van Delfts blauw
En de zon kleurt de graven

Oker
En als ik


Bidden kon
Vroeg ik om herfst hier
Waar jij slaapt, heel het jaar
Want daar hield jij van

Sluimer zacht


Ik blijf nog even
Want het is hier zo mooi
En ik wil wat praten
En ik hoor
Nog jouw stem
Lang voor wij afscheid namen
En hoe jij zei:
Alles gaat voorbij

Laat de zondvloed maar komen


Laat het regenen in stromen
Voor altijd voor altijd
Laat de regen maar komen
Ik heb jou in mijn dromen
Voor altijd,voor altijd

Laat de regen maar komen


Laat het gieten in stromen
Voor altijd voor altijd

Alles staat stil


Iets is gebroken
En ik moet nu naar huis
Want de poorten sluiten
En jij lijkt
Zo dichtbij
Thuis wacht er niemand meer op mij
En de zon verft de graven
Rood

Laat de regen maar komen


Laat het gieten in stromen
Voor altijd,voor altijd
Laat de zondvloed maar komen
Ik heb jou in mijn dromen
Voor altijd,voor altijd

Alles wordt stil



Bijlage 2
De soldaat die Jezus Kruisigde
Wij sloegen hem aan 't kruis. Zijn vingers grepen
wild om de spijker toen 'k de hamer hief
maar hij zei zacht mijn naam en: 'Heb mij lief '
en 't groot geheim had ik voorgoed begrepen.
Ik wrong een lach weg dat mijn tanden knarsten,
en werd een gek die bloed van liefde vroeg:
Ik had hem lief - en sloeg en sloeg en sloeg
de spijker door zijn hand in 't hout dat barstte.
Nu als een dwaas, een spijker door mijn hand,
trek ik een vis - zijn naam, zijn monogram -
in ied're muur, in ied're balk of stam,
of in mijn borst of, hurkend, in het zand,
en antwoord als de mensen mij wat vragen:
'Hij heeft een spijker door mijn hand geslagen.'

Marcus 15, 16-39


Kruisiging
     [16] De soldaten leidden hem weg, het paleis (dat wil zeggen het pretorium) in, en riepen de hele cohort bijeen. [17] Ze trokken hem een purperen gewaad aan, vlochten een kroon van doorntakken en zetten hem die op. [18] Daarna brachten ze hem hulde met de woorden: ‘Gegroet, koning van de Joden!’ [19] Ze sloegen hem met een rietstok tegen het hoofd en bespuwden hem, en bogen onderdanig voor hem. [20] Nadat ze hem zo hadden bespot, trokken ze hem het purperen gewaad uit en deden hem zijn kleren weer aan. Toen brachten ze hem naar buiten om hem te kruisigen.
     [21] Ze dwongen een voorbijganger die net de stad binnenkwam, Simon van Cyrene, de vader van Alexander en Rufus, om het kruis te dragen. [22] Ze brachten hem naar Golgota, wat in onze taal ‘schedelplaats’ betekent. [23] Ze wilden hem met mirre vermengde wijn geven, maar hij nam die niet aan. [24] Ze kruisigden hem en verdeelden zijn kleren onder elkaar; ze dobbelden erom wie wat zou krijgen. [25] Het was in het derde uur na zonsopgang toen ze hem kruisigden. [26] Het opschrift met de aanklacht tegen hem luidde: ‘De koning van de Joden’. [27] Samen met hem kruisigden ze twee misdadigers, de een rechts van hem, de ander links.* [29] De voorbijgangers keken hoofdschuddend toe en dreven de spot met hem: ‘Ach, kijk nu toch eens! Jij die de tempel afbreekt en in drie dagen weer opbouwt, [30] red jezelf toch door van het kruis af te komen.’ [31] Ook de hogepriesters en de schriftgeleerden maakten onder elkaar zulke spottende opmerkingen: ‘Anderen heeft hij gered, maar zichzelf redden kan hij niet; [32] laat die messias, die koning van Israël, nu van het kruis afkomen. Als we dat zien, zullen we geloven!’ Ook de twee andere gekruisigden beschimpten hem.
     [33] Op het middaguur viel er een duisternis over het hele land, die drie uur aanhield. [34] Aan het einde daarvan, in het negende uur, riep Jezus met luide stem: ‘Eloï, Eloï, lema sabachtani?’, wat in onze taal betekent: ‘Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten?’ [35] Toen de omstanders dat hoorden, zeiden enkelen van hen: ‘Hoor, hij roept Elia!’ [36] Iemand ging snel een spons halen, doordrenkte die met zure wijn, stak de spons op een stok en probeerde hem te laten drinken, terwijl hij zei: ‘Laten we eens kijken of Elia komt om hem eraf te halen.’ [37] Maar Jezus slaakte een luide kreet en blies de laatste adem uit. [38] En het voorhangsel van de tempel scheurde van boven tot onder in tweeën. [39] Toen de centurio, die recht tegenover hem stond, hem zo zijn laatste adem zag uitblazen, zei hij: ‘Werkelijk, deze mens was Gods Zoon.’

Bijlage 3




Schema: lijden en leven

Christendom -> Jezus christus



  • Gekruisigd

    • Grondslag van verlossing

- Verlossing niet door kruis maar door Christus ‘liefde die

een hoogtepunt kende in zijn kruisdood



    • Heil/redding voor de gehele mensheid

<-> Schandelijke kruisdood: enkel misdadigers werden gekruisigd

    • Kruis symbool van het Christendom: De gekruisigde Jezus staat centraal

    • De wijsheid en kracht van God spreekt door het Kruis

  • Verrezen

    • Dood overwonnen, opgestaan uit het echt dood-zijn.

    • Gaat niet om een biologische maar om een volledige dood

    • Kruisiging (aarde) – hel - hemel

    • Symbool van christelijke hoop

    • Liefde sterker dan de dood!

  • Aanwezig in de gemeenschap door Gods Geest

=> Lijden en dood als doortocht naar het leven

= Lijden en dood zijn niet het eindpunt, er is leven mogelijk nadien!



Bijlage 4

Geloofsbelijdenis


Ik zal niet geloven in het recht van de sterkste,
in de taal van de wapens, in de macht van de machtigen.
Maar ik wil geloven in het recht van de mens,
in de open hand, in de macht der geweldloosheid.
Ik zal niet geloven in ras of rijkdom,
in voorrechten, in de gevestigde orde.
Maar ik wil geloven dat alle mensen ménsen zijn,
dat de orde van de macht en het onrecht wanorde is.
Ik zal niet geloven dat ik niets te maken heb
met wat ver van hier gebeurt.
Maar ik wil geloven dat de hele wereld mijn huis is
en het veld dat ik bezaai, dat allen oogsten van wat allen gezaaid hebben.
Ik zal niet geloven dat ik verdrukking daar kan bestrijden
als ik onrecht hier laat bestaan.
Maar ik wil geloven dat recht één is hier en daar
dat ik niet vrij ben zolang nog één mens slaaf is.
Ik zal niet geloven dat oorlog en honger onvermijdelijk zijn
en vrede onbereikbaar.
Maar ik wil geloven in de kleine daad,
in de schijnbaar machteloze liefde, in de vrede op aarde.
Ik zal niet geloven dat alle moeite vergeefs is.
Ik zal niet geloven dat de droom van de mensheid
een droom zal blijven, dat de dood het einde zal zijn.
Maar ik durf geloven altijd en ondanks alles
in de nieuwe mens.
Ik durf geloven in Gods eigen droom:
Een nieuwe hemel, een nieuwe aarde
Waar gerechtigheid zal wonen.

Bijlage 5: Enkel voor leerkracht









De database wordt beschermd door het auteursrecht ©opleid.info 2017
stuur bericht

    Hoofdpagina